Open in de app Alle boeken Psalmen ← 118 120 → Psalmen 119 Lofzang op de wet van Yahweh, per letter van het alfabet
Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).
Alef (א) 1 Gelukkig zijn zij die onberispelijk zijn in hun weg, die wandelen in de wet van Yahweh.
אַשְׁרֵ֥י
(ashrei)
gelukkig zijn
תְמִֽימֵי
(temimei)
de onberispelijken van
הַֽ֝הֹלְכִ֗ים
(haholekhim)
de wandelenden
בְּתוֹרַ֥ת
(betorat)
in de wet van
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
אַשְׁרֵי (ashre), ‘gelukkig’: ook ‘zalig’ of ‘gezegend is wie’.
תּוֹרָה (torah), ‘wet’: ook ‘onderwijs’, ‘richting’.
Het woord komt in deze psalm vaak voor.
Psalm 119 is een acrostichon. De psalm heeft 22 delen van elk 8 verzen, naar de 22 letters van het Hebreeuwse alfabet. Alle 8 verzen van een deel beginnen met dezelfde letter. Dat is in de vertaling niet te zien; daarom staat boven elk deel de naam van de letter.
De psalm noemt bijna in elk vers Yahweh’s woord met een van acht of tien woorden: wet, getuigenissen, bevelen, geboden, verordeningen, bepalingen, woord, uitspraak. Wij vertalen elk woord steeds hetzelfde.
2 Gelukkig zijn zij die Zijn getuigenissen in acht nemen, die Hem zoeken met heel hun hart.
אַ֭שְׁרֵי
(ashrei)
gelukkig zijn
נֹצְרֵ֥י
(notserei)
de in acht nemers van
עֵדֹתָ֗יו
(edotav)
Zijn getuigenissen
יִדְרְשֽׁוּהוּ
(yidreshuhu)
zij zoeken Hem
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
עֵדוֹת (edot), ‘getuigenissen’: wat Yahweh als getuige over Zijn wil heeft vastgelegd.
Wij vertalen steeds ‘getuigenissen’.
3 Zij doen ook geen onrecht. Zij wandelen op Zijn wegen.
בִּדְרָכָ֥יו
(bidrakhav)
op Zijn wegen
הָלָֽכוּ
(halakhu)
wandelen zij
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
4 U hebt Uw bevelen opgedragen, om ze zeer nauwgezet te bewaren.
צִוִּ֥יתָה
(tsivita)
hebt opgedragen
פִקֻּדֶ֗יךָ
(piqudeikha)
Uw bevelen
לִשְׁמֹ֥ר
(lishmor)
om te bewaren
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
פִּקּוּדִים (pikkudim), ‘bevelen’: opdrachten die Yahweh heeft toevertrouwd.
Wij vertalen steeds ‘bevelen’.
5 Och, mochten mijn wegen vast staan, zodat ik Uw verordeningen bewaar!
יִכֹּ֥נוּ
(yikonu)
mochten vast staan
דְרָכָ֗י
(derakhay)
mijn wegen
לִשְׁמֹ֥ר
(lishmor)
om te bewaren
חֻקֶּֽיךָ
(chuqeikha)
Uw verordeningen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
חֻקִּים (chuqqim), ‘verordeningen’: wat vastgelegd is.
Wij vertalen steeds ‘verordeningen’.
6 Dan word ik niet beschaamd, als ik let op al Uw geboden.
אֵב֑וֹשׁ
(evosh)
word ik beschaamd
בְּ֝הַבִּיטִ֗י
(behabiti)
als ik let
מִצְוֺתֶֽיךָ
(mitsvoteikha)
Uw geboden
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
מִצְוֺת (mitsvot), ‘geboden’: wat Yahweh gebiedt.
Wij vertalen steeds ‘geboden’.
7 Ik zal U loven met een oprecht hart, als ik de bepalingen van Uw gerechtigheid leer.
א֭וֹדְךָ
(odekha)
ik zal U loven
בְּיֹ֣שֶׁר
(beyosher)
met oprechtheid van
בְּ֝לָמְדִ֗י
(belamedi)
als ik leer
מִשְׁפְּטֵ֥י
(mishpetei)
bepalingen van
צִדְקֶֽךָ
(tsidqekha)
Uw gerechtigheid
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
מִשְׁפָּטִים (mishpatim), ‘bepalingen’: Yahweh’s rechterlijke uitspraken en beslissingen.
Wij vertalen het meervoud steeds ‘bepalingen’.
Het enkelvoud (mishpat) vertalen wij ‘recht’.
צֶדֶק (tsedeq), ‘gerechtigheid’: wat in overeenstemming is met Yahweh’s rechtvaardigheid.
8 Uw verordeningen zal ik bewaren. Verlaat mij niet helemaal.
חֻקֶּ֥יךָ
(chuqeikha)
Uw verordeningen
אֶשְׁמֹ֑ר
(eshmor)
ik zal bewaren
תַּעַזְבֵ֥נִי
(taazveni)
verlaat mij
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Bet (ב) 9 Waarmee houdt een jongen zijn pad zuiver? Door het te bewaren volgens Uw woord.
יְזַכֶּה
(yezake)
houdt zuiver
לִ֝שְׁמֹ֗ר
(lishmor)
om te bewaren
כִּדְבָרֶֽךָ
(kidvarekha)
volgens Uw woord
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
אֹרַח (orach), ‘pad’; דֶּרֶךְ (derech), ‘weg’.
Wij houden die twee uit elkaar.
דָּבָר (davar), ‘woord’, en אִמְרָה (imrah), ‘uitspraak’ (vers 11), blijven ook steeds hetzelfde.
10 Met heel mijn hart heb ik U gezocht. Laat mij niet dwalen van Uw geboden.
דְרַשְׁתִּ֑יךָ
(derashtikha)
ik heb U gezocht
תַּ֝שְׁגֵּ֗נִי
(tashgeni)
laat mij dwalen
מִמִּצְוֺתֶֽיךָ
(mimitsvoteikha)
van Uw geboden
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
11 In mijn hart heb ik Uw uitspraak opgeslagen, zodat ik niet tegen U zondig.
בְּ֭לִבִּי
(belibi)
in mijn hart
צָפַ֣נְתִּי
(tsafanti)
ik heb opgeslagen
אִמְרָתֶ֑ךָ
(imratekha)
Uw uitspraak
אֶֽחֱטָא
(echeta)
ik zondig
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
12 Gezegend bent U, Yahweh. Leer mij Uw verordeningen.
בָּר֖וּךְ
(barukh)
gezegend
לַמְּדֵ֥נִי
(lamedeni)
leer mij
חֻקֶּֽיךָ
(chuqeikha)
Uw verordeningen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
13 Met mijn lippen heb ik alle bepalingen van Uw mond verteld.
בִּשְׂפָתַ֥י
(bisfatay)
met mijn lippen
סִפַּ֑רְתִּי
(siparti)
ik heb verteld
מִשְׁפְּטֵי
(mishpetei)
bepalingen van
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
14 Over de weg van Uw getuigenissen verheug ik mij, zoals over alle rijkdom.
בְּדֶ֖רֶךְ
(bederekh)
op de weg van
עֵדְוֺתֶ֥יךָ
(edevoteikha)
Uw getuigenissen
שַׂ֗שְׂתִּי
(sasti)
ik verheug mij
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
כְּעַל (ke’al): de gewone lezing is ‘zoals over’ (kĕ + ‘al).
Wij volgen die lezing.
15 Ik wil Uw bevelen overdenken en letten op Uw paden.
בְּפִקֻּדֶ֥יךָ
(befiqudeikha)
over Uw bevelen
אָשִׂ֑יחָה
(asicha)
ik wil overdenken
וְ֝אַבִּ֗יטָה
(veabita)
en ik let
אֹרְחֹתֶֽיךָ
(orechoteikha)
op Uw paden
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
16 In Uw verordeningen vermaak ik mij. Uw woord vergeet ik niet.
בְּחֻקֹּתֶ֥יךָ
(bechuqoteikha)
in Uw verordeningen
אֶֽשְׁתַּעֲשָׁ֑ע
(eshtaasha)
ik vermaak mij
אֶשְׁכַּ֣ח
(eshkach)
ik vergeet
דְּבָרֶֽךָ
(devarekha)
Uw woord
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Gimel (ג) 17 Bewijs Uw dienaar goed, dan leef ik en bewaar ik Uw woord.
גְּמֹ֖ל
(gemol)
bewijs goed
עַבְדְּךָ֥
(avdekha)
Uw dienaar
אֶֽחְיֶ֗ה
(echye)
ik zal leven
וְאֶשְׁמְרָ֥ה
(veeshmera)
en ik zal bewaren
דְבָרֶֽךָ
(devarekha)
Uw woord
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
18 Open mijn ogen, dan zie ik wonderen in Uw wet.
וְאַבִּ֑יטָה
(veabita)
dan zal ik zien
נִ֝פְלָא֗וֹת
(niflaot)
wonderen
מִתּוֹרָתֶֽךָ
(mitoratekha)
uit Uw wet
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
19 Ik ben een vreemdeling op de aarde. Verberg Uw geboden niet voor mij.
בָאָ֑רֶץ
(baarets)
op de aarde
תַּסְתֵּ֥ר
(taster)
verberg
מִ֝מֶּ֗נִּי
(mimeni)
voor mij
מִצְוֺתֶֽיךָ
(mitsvoteikha)
Uw geboden
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
20 Mijn ziel is verbrijzeld van verlangen naar Uw bepalingen, op elk moment.
גָּרְסָ֣ה
(garesa)
is verbrijzeld
נַפְשִׁ֣י
(nafshi)
mijn ziel
לְתַאֲבָ֑ה
(letaava)
van verlangen
מִשְׁפָּטֶ֥יךָ
(mishpateikha)
Uw bepalingen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
נֶפֶשׁ (nefesh), ‘ziel’: de hele levende mens met zijn verlangen.
Wij houden ‘ziel’ aan, behalve waar de zin ‘leven’ of ‘persoon’ eist.
גָּרְסָה (garsah), ‘is verbrijzeld’: het werkwoord komt alleen hier voor. Het beeld is dat verlangen de ziel fijnmaalt.
21 U hebt de overmoedigen bestraft, de vervloekten, die van Uw geboden dwalen.
גָּ֭עַרְתָּ
(gaarta)
U hebt bestraft
זֵדִ֣ים
(zedim)
overmoedigen
אֲרוּרִ֑ים
(arurim)
vervloekten
הַ֝שֹּׁגִים
(hashogim)
de dwalenden
מִמִּצְוֺתֶֽיךָ
(mimitsvoteikha)
van Uw geboden
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
22 Neem smaad en minachting van mij weg, want ik heb Uw getuigenissen in acht genomen.
וָב֑וּז
(vavuz)
en minachting
עֵדֹתֶ֣יךָ
(edoteikha)
Uw getuigenissen
נָצָֽרְתִּי
(natsarti)
ik heb in acht genomen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
23 Zelfs als vorsten zitten en tegen mij samenspannen, overdenkt Uw dienaar Uw verordeningen.
יָֽשְׁב֣וּ
(yashevu)
zitten
נִדְבָּ֑רוּ
(nidbaru)
spannen samen
עַ֝בְדְּךָ֗
(avdekha)
Uw dienaar
יָשִׂ֥יחַ
(yasiach)
overdenkt
בְּחֻקֶּֽיךָ
(bechuqeikha)
Uw verordeningen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
De ‘vorsten’ zijn machthebbers die tegen de psalmist samenspannen.
Ondanks hen blijft hij Yahweh’s verordeningen overdenken.
24 Ook Uw getuigenissen zijn mijn vermaak. Zij zijn mijn raadgevers.
עֵ֭דֹתֶיךָ
(edoteikha)
Uw getuigenissen
שַׁעֲשֻׁעָ֗י
(shaashuay)
mijn vermaak
אַנְשֵׁ֥י
(anshei)
mannen van
עֲצָתִֽי
(atsati)
mijn raad
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Dalet (ד) 25 Mijn ziel kleeft aan het stof. Geef mij leven volgens Uw woord.
לֶעָפָ֣ר
(leafar)
aan het stof
נַפְשִׁ֑י
(nafshi)
mijn ziel
חַ֝יֵּ֗נִי
(chayeni)
geef mij leven
כִּדְבָרֶֽךָ
(kidvarekha)
volgens Uw woord
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
26 Mijn wegen heb ik verteld en U hebt mij geantwoord. Leer mij Uw verordeningen.
דְּרָכַ֣י
(derakhay)
mijn wegen
סִ֭פַּרְתִּי
(siparti)
ik heb verteld
וַֽתַּעֲנֵ֗נִי
(vataaneni)
en U hebt mij geantwoord
לַמְּדֵ֥נִי
(lamedeni)
leer mij
חֻקֶּֽיךָ
(chuqeikha)
Uw verordeningen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
27 Laat mij de weg van Uw bevelen begrijpen, dan overdenk ik Uw wonderen.
דֶּֽרֶךְ
(derekh)
de weg van
פִּקּוּדֶ֥יךָ
(piqudeikha)
Uw bevelen
הֲבִינֵ֑נִי
(havineni)
laat mij begrijpen
וְ֝אָשִׂ֗יחָה
(veasicha)
en ik wil overdenken
בְּנִפְלְאוֹתֶֽיךָ
(benifleoteikha)
Uw wonderen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
28 Mijn ziel druipt van verdriet. Richt mij op volgens Uw woord.
נַ֭פְשִׁי
(nafshi)
mijn ziel
מִתּוּגָ֑ה
(mituga)
van verdriet
קַ֝יְּמֵ֗נִי
(qayemeni)
richt mij op
כִּדְבָרֶֽךָ
(kidvarekha)
volgens Uw woord
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
דָּלְפָה (dalfah), ‘druipt’: het kan ook ‘is doorgedrupt, vergaat’ betekenen.
29 Houd de weg van leugen ver van mij en wees mij genadig met Uw wet.
דֶּֽרֶךְ
(derekh)
de weg van
מִמֶּ֑נִּי
(mimeni)
van mij
וְֽתוֹרָתְךָ֥
(vetoratekha)
en Uw wet
חָנֵּֽנִי
(chaneni)
wees mij genadig
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
30 De weg van betrouwbaarheid heb ik gekozen. Uw bepalingen heb ik voor mij gelegd.
דֶּֽרֶךְ
(derekh)
de weg van
אֱמוּנָ֥ה
(emuna)
betrouwbaarheid
בָחָ֑רְתִּי
(bacharti)
ik heb gekozen
מִשְׁפָּטֶ֥יךָ
(mishpateikha)
Uw bepalingen
שִׁוִּֽיתִי
(shiviti)
ik heb gelegd
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
31 Ik houd mij vast aan Uw getuigenissen, Yahweh. Laat mij niet beschaamd worden.
דָּבַ֥קְתִּי
(davaqti)
ik klem mij vast
בְעֵֽדְוֺתֶ֑יךָ
(beedevoteikha)
aan Uw getuigenissen
תְּבִישֵֽׁנִי
(tevisheni)
laat mij beschaamd worden
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
32 Ik wil de weg van Uw geboden lopen, want U maakt mijn hart ruim.
דֶּֽרֶךְ
(derekh)
de weg van
מִצְוֺתֶ֥יךָ
(mitsvoteikha)
Uw geboden
אָר֑וּץ
(aruts)
ik zal lopen
תַרְחִ֣יב
(tarchiv)
U maakt wijd
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
He (ה) 33 Wijs mij, Yahweh, de weg van Uw verordeningen, dan neem ik hem in acht tot het einde.
הוֹרֵ֣נִי
(horeni)
wijs mij
דֶּ֥רֶךְ
(derekh)
de weg van
חֻקֶּ֗יךָ
(chuqeikha)
Uw verordeningen
וְאֶצְּרֶ֥נָּה
(veetserena)
en ik zal in acht nemen
עֵֽקֶב
(eqev)
tot het einde
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
34 Geef mij inzicht, dan neem ik Uw wet in acht en bewaar ik haar met heel mijn hart.
הֲ֭בִינֵנִי
(havineni)
geef mij inzicht
וְאֶצְּרָ֥ה
(veetsera)
en ik zal in acht nemen
תֽוֹרָתֶ֗ךָ
(toratekha)
Uw wet
וְאֶשְׁמְרֶ֥נָּה
(veeshmerena)
en ik zal haar bewaren
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
35 Laat mij wandelen op het pad van Uw geboden, want daarin heb ik lust.
הַ֭דְרִיכֵנִי
(hadrikheni)
laat mij wandelen
בִּנְתִ֣יב
(bintiv)
op het pad van
מִצְוֺתֶ֑יךָ
(mitsvoteikha)
Uw geboden
חָפָֽצְתִּי
(chafatsti)
ik heb lust
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
36 Buig mijn hart naar Uw getuigenissen en niet naar winstbejag.
עֵדְוֺתֶ֗יךָ
(edevoteikha)
Uw getuigenissen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
37 Laat mijn ogen niets ijdels zien. Geef mij leven op Uw weg.
הַעֲבֵ֣ר
(haaver)
laat voorbijgaan
מֵרְא֣וֹת
(mereot)
van het zien van
בִּדְרָכֶ֥ךָ
(bidrakhekha)
op Uw weg
חַיֵּֽנִי
(chayeni)
geef mij leven
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
38 Bevestig voor Uw dienaar Uw uitspraak, die bestemd is voor het ontzag voor U.
לְ֭עַבְדְּךָ
(leavdekha)
voor Uw dienaar
אִמְרָתֶ֑ךָ
(imratekha)
Uw uitspraak
לְיִרְאָתֶֽךָ
(leyiratekha)
voor het ontzag voor U
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Lezing
אֲשֶׁר לְיִרְאָתֶךָ (asher leyiratecha), ‘die bestemd is voor het ontzag voor U’, is kort en moeilijk.
Het kan ook ‘Uw dienaar, die U vreest’ betekenen.
Wij volgen de woorden zoals ze staan.
39 Neem mijn smaad weg, waar ik bang voor ben, want Uw bepalingen zijn goed.
הַעֲבֵ֣ר
(haaver)
laat voorbijgaan
חֶ֭רְפָּתִי
(cherpati)
mijn smaad
יָגֹ֑רְתִּי
(yagorti)
ik bang voor ben
מִשְׁפָּטֶ֣יךָ
(mishpateikha)
Uw bepalingen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
40 Zie, ik verlang naar Uw bevelen. Geef mij leven door Uw gerechtigheid.
תָּאַ֣בְתִּי
(taavti)
ik verlang
לְפִקֻּדֶ֑יךָ
(lefiqudeikha)
naar Uw bevelen
בְּצִדְקָתְךָ֥
(betsidqatekha)
door Uw gerechtigheid
חַיֵּֽנִי
(chayeni)
geef mij leven
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Waw (ו) 41 Laat Uw trouw over mij komen, Yahweh, Uw redding volgens Uw uitspraak.
וִֽיבֹאֻ֣נִי
(vivouni)
en laat komen over mij
חֲסָדֶ֣ךָ
(chasadekha)
Uw trouw
תְּ֝שֽׁוּעָתְךָ֗
(teshuatekha)
Uw redding
כְּאִמְרָתֶֽךָ
(keimratekha)
volgens Uw uitspraak
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
42 Dan kan ik hem antwoorden die mij hoont, want ik vertrouw op Uw woord.
וְאֶֽעֱנֶ֣ה
(veeene)
dan zal ik antwoorden
חֹרְפִ֣י
(chorefi)
wie mij hoont
בָ֝טַחְתִּי
(batachti)
ik vertrouw
בִּדְבָרֶֽךָ
(bidvarekha)
op Uw woord
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
43 Ruk het woord van waarheid niet helemaal uit mijn mond, want ik hoop op Uw recht.
מִפִּ֣י
(mipi)
uit mijn mond
לְמִשְׁפָּטֶ֣ךָ
(lemishpatekha)
op Uw recht
יִחָֽלְתִּי
(yichalti)
ik hoop
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
מִשְׁפָּט (mishpat) staat hier in het enkelvoud: wij vertalen ‘recht’, Yahweh’s rechtvaardig bestuur, niet ‘bepaling’.
44 Ik wil Uw wet altijd bewaren, voor eeuwig en altijd.
וְאֶשְׁמְרָ֖ה
(veeshmera)
en ik zal bewaren
תוֹרָתְךָ֥
(toratekha)
Uw wet
לְעוֹלָ֥ם
(leolam)
voor eeuwig
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
45 Dan wandel ik in de ruimte, want ik zoek Uw bevelen.
וְאֶתְהַלְּכָ֥ה
(veethalekha)
en ik zal wandelen
בָרְחָבָ֑ה
(barechava)
in de ruimte
פִקֻּדֶ֣יךָ
(piqudeikha)
Uw bevelen
דָרָֽשְׁתִּי
(darashti)
ik zoek
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
46 Ik wil over Uw getuigenissen spreken voor koningen en word niet beschaamd.
וַאֲדַבְּרָ֣ה
(vaadabera)
en ik zal spreken
בְ֭עֵדֹתֶיךָ
(beedoteikha)
over Uw getuigenissen
מְלָכִ֗ים
(melakhim)
koningen
אֵבֽוֹשׁ
(evosh)
word ik beschaamd
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
47 Ik wil mij vermaken in Uw geboden, die ik liefheb.
וְאֶשְׁתַּֽעֲשַׁ֥ע
(veeshtaasha)
en ik zal mij vermaken
בְּמִצְוֺתֶ֗יךָ
(bemitsvoteikha)
in Uw geboden
אָהָֽבְתִּי
(ahavti)
ik heb lief
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
48 Ik hef mijn handen op naar Uw geboden, die ik liefheb, en ik wil Uw verordeningen overdenken.
וְאֶשָּֽׂא
(veesa)
en ik hef op
כַפַּ֗י
(kapay)
mijn handen
מִ֭צְוֺתֶיךָ
(mitsvoteikha)
Uw geboden
אָהָ֗בְתִּי
(ahavti)
ik heb lief
וְאָשִׂ֥יחָה
(veasicha)
en ik wil overdenken
בְחֻקֶּֽיךָ
(bechuqeikha)
Uw verordeningen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Zajin (ז) 49 Denk aan het woord voor Uw dienaar, waarop U mij hebt laten hopen.
לְעַבְדֶּ֑ךָ
(leavdekha)
aan Uw dienaar
יִֽחַלְתָּֽנִי
(yichaltani)
U liet mij hopen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
50 Dit is mijn troost in mijn ellende: Uw uitspraak geeft mij leven.
נֶחָמָתִ֣י
(nechamati)
mijn troost
בְעָנְיִ֑י
(beaneyi)
in mijn ellende
אִמְרָתְךָ֣
(imratekha)
Uw uitspraak
חִיָּֽתְנִי
(chiyateni)
geeft mij leven
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
51 De overmoedigen hebben mij zeer bespot, maar van Uw wet ben ik niet afgeweken.
זֵ֭דִים
(zedim)
overmoedigen
הֱלִיצֻ֣נִי
(helitsuni)
hebben mij bespot
מִ֝תּֽוֹרָתְךָ֗
(mitoratekha)
van Uw wet
נָטִֽיתִי
(natiti)
ben ik afgeweken
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
52 Ik dacht aan Uw bepalingen van oudsher, Yahweh, en ik vond troost.
זָ֘כַ֤רְתִּי
(zakharti)
ik dacht aan
מִשְׁפָּטֶ֖יךָ
(mishpateikha)
Uw bepalingen
מֵעוֹלָ֥ם
(meolam)
van oudsher
וָֽאֶתְנֶחָֽם
(vaetnecham)
en ik troostte mij
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
53 Gloeiende woede heeft mij gegrepen vanwege de goddelozen, die Uw wet verlaten.
אֲ֭חָזַתְנִי
(achazatni)
heeft mij gegrepen
מֵרְשָׁעִ֑ים
(mereshaim)
vanwege goddelozen
עֹ֝זְבֵ֗י
(ozevei)
verlaters van
תּוֹרָתֶֽךָ
(toratekha)
Uw wet
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
54 Uw verordeningen zijn liederen voor mij geweest in het huis van mijn vreemdelingschap.
זְ֭מִרוֹת
(zemirot)
liederen
חֻקֶּ֗יךָ
(chuqeikha)
Uw verordeningen
בְּבֵ֣ית
(beveit)
in het huis van
מְגוּרָֽי
(meguray)
mijn vreemdelingschap
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
בֵּית מְגוּרַי (beit megurai), ‘het huis van mijn vreemdelingschap’: de plaats waar de psalmist als vreemdeling verblijft.
Zie ook vers 19.
55 In de nacht dacht ik aan Uw naam, Yahweh, en bewaarde ik Uw wet.
זָ֘כַ֤רְתִּי
(zakharti)
ik dacht aan
בַלַּ֣יְלָה
(balayla)
in de nacht
וָֽ֝אֶשְׁמְרָ֗ה
(vaeshmera)
en ik bewaarde
תּוֹרָתֶֽךָ
(toratekha)
Uw wet
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
56 Dit is mij geworden, want ik heb Uw bevelen in acht genomen.
פִקֻּדֶ֣יךָ
(piqudeikha)
Uw bevelen
נָצָֽרְתִּי
(natsarti)
ik heb in acht genomen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Chet (ח) 57 Mijn deel is Yahweh. Ik heb gezegd dat ik Uw woorden zal bewaren.
חֶלְקִ֖י
(chelqi)
mijn deel
אָמַ֗רְתִּי
(amarti)
ik heb gezegd
לִשְׁמֹ֥ר
(lishmor)
om te bewaren
דְּבָרֶֽיךָ
(devareikha)
Uw woorden
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
חֶלְקִי יְהוָה (chelqi Yahweh), ‘mijn deel is Yahweh’: een uitdrukking uit de erfverdeling.
Yahweh Zelf is het erfdeel.
Zie ook Num. 18:20 en Ps. 16:5.
58 Ik heb Uw aangezicht gesmeekt met heel mijn hart. Wees mij genadig volgens Uw uitspraak.
חִלִּ֣יתִי
(chiliti)
ik heb gesmeekt
פָנֶ֣יךָ
(paneikha)
Uw aangezicht
חָ֝נֵּ֗נִי
(chaneni)
wees mij genadig
כְּאִמְרָתֶֽךָ
(keimratekha)
volgens Uw uitspraak
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
59 Ik overwoog mijn wegen en keerde mijn voeten terug naar Uw getuigenissen.
חִשַּׁ֥בְתִּי
(chishavti)
ik overwoog
דְרָכָ֑י
(derakhay)
mijn wegen
וָאָשִׁ֥יבָה
(vaashiva)
en ik keerde terug
רַ֝גְלַ֗י
(raglay)
mijn voeten
עֵדֹתֶֽיךָ
(edoteikha)
Uw getuigenissen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
60 Ik heb haast gemaakt en niet getreuzeld om Uw geboden te bewaren.
חַ֭שְׁתִּי
(chashti)
ik heb haast gemaakt
הִתְמַהְמָ֑הְתִּי
(hitmahmahti)
getreuzeld
לִ֝שְׁמֹ֗ר
(lishmor)
om te bewaren
מִצְוֺתֶֽיךָ
(mitsvoteikha)
Uw geboden
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
61 De touwen van de goddelozen hebben mij omstrengeld, maar Uw wet vergat ik niet.
חֶבְלֵ֣י
(chevlei)
touwen van
רְשָׁעִ֣ים
(reshaim)
goddelozen
עִוְּדֻ֑נִי
(iveduni)
hebben mij omstrengeld
תּֽ֝וֹרָתְךָ֗
(toratekha)
Uw wet
שָׁכָֽחְתִּי
(shakhachti)
ik vergat
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
62 Midden in de nacht sta ik op om U te loven om de bepalingen van Uw gerechtigheid.
חֲצֽוֹת
(chatsot)
het midden van
לְהוֹד֣וֹת
(lehodot)
om te loven
מִשְׁפְּטֵ֥י
(mishpetei)
bepalingen van
צִדְקֶֽךָ
(tsidqekha)
Uw gerechtigheid
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
63 Ik ben een metgezel van allen die ontzag voor U hebben en van wie Uw bevelen bewaren.
יְרֵא֑וּךָ
(yereukha)
ontzag hebben voor U
וּ֝לְשֹׁמְרֵ֗י
(uleshomerei)
en van de bewaarders van
פִּקּוּדֶֽיךָ
(piqudeikha)
Uw bevelen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
64 Van Uw trouw, Yahweh, is de aarde vol. Leer mij Uw verordeningen.
חַסְדְּךָ֣
(chasdekha)
Uw trouw
הָאָ֗רֶץ
(haarets)
de aarde
חֻקֶּ֥יךָ
(chuqeikha)
Uw verordeningen
לַמְּדֵֽנִי
(lamedeni)
leer mij
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Tet (ט) 65 U hebt goed gedaan aan Uw dienaar, Yahweh, volgens Uw woord.
עָשִׂ֣יתָ
(asita)
U hebt gedaan
עַבְדְּךָ֑
(avdekha)
Uw dienaar
כִּדְבָרֶֽךָ
(kidvarekha)
volgens Uw woord
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
66 Leer mij goed oordeel en kennis, want ik vertrouw op Uw geboden.
וָדַ֣עַת
(vadaat)
en kennis
לַמְּדֵ֑נִי
(lamedeni)
leer mij
בְמִצְוֺתֶ֣יךָ
(bemitsvoteikha)
op Uw geboden
הֶאֱמָֽנְתִּי
(heemanti)
ik vertrouw
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
טַעַם (ta’am), ‘oordeel’: letterlijk ‘smaak’, het vermogen om te beoordelen wat goed is.
67 Voordat ik werd vernederd, dwaalde ik af, maar nu bewaar ik Uw uitspraak.
אֶ֭עֱנֶה
(eene)
ik werd vernederd
שֹׁגֵ֑ג
(shogeg)
dwaalde af
אִמְרָתְךָ֥
(imratekha)
Uw uitspraak
שָׁמָֽרְתִּי
(shamarti)
ik bewaar
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
68 U bent goed en doet goed. Leer mij Uw verordeningen.
וּמֵטִ֗יב
(umetiv)
en U doet goed
לַמְּדֵ֥נִי
(lamedeni)
leer mij
חֻקֶּֽיךָ
(chuqeikha)
Uw verordeningen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
69 De overmoedigen smeren leugen over mij uit. Ik neem Uw bevelen in acht met heel mijn hart.
טָפְל֬וּ
(tafelu)
smeren uit
זֵדִ֑ים
(zedim)
overmoedigen
אֱצֹּ֬ר
(etsor)
ik neem in acht
פִּקּוּדֶֽיךָ
(piqudeikha)
Uw bevelen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
70 Hun hart is gevoelloos als vet. Ik vermaak mij in Uw wet.
טָפַ֣שׁ
(tafash)
gevoelloos
כַּחֵ֣לֶב
(kachelev)
als vet
תּוֹרָתְךָ֥
(toratekha)
Uw wet
שִֽׁעֲשָֽׁעְתִּי
(shiashati)
ik vermaak mij
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
71 Het was goed voor mij dat ik werd vernederd, zodat ik Uw verordeningen leer.
עֻנֵּ֑יתִי
(uneiti)
ik werd vernederd
חֻקֶּֽיךָ
(chuqeikha)
Uw verordeningen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
72 De wet van Uw mond is mij beter dan duizenden stukken goud en zilver.
מֵ֝אַלְפֵ֗י
(mealfei)
dan duizenden
וָכָֽסֶף
(vakhasef)
en zilver
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Jod (י) 73 Uw handen hebben mij gemaakt en gevormd. Geef mij inzicht, dan leer ik Uw geboden.
יָדֶ֣יךָ
(yadeikha)
Uw handen
עָ֭שׂוּנִי
(asuni)
hebben mij gemaakt
וַֽיְכוֹנְנ֑וּנִי
(vaykhonenuni)
en gevormd
הֲ֝בִינֵ֗נִי
(havineni)
geef mij inzicht
וְאֶלְמְדָ֥ה
(veelmeda)
en ik zal leren
מִצְוֺתֶֽיךָ
(mitsvoteikha)
Uw geboden
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
74 Wie ontzag voor U hebben, zien mij en zijn blij, want ik hoop op Uw woord.
יְ֭רֵאֶיךָ
(yereeikha)
die ontzag hebben voor U
יִרְא֣וּנִי
(yiruni)
zien mij
וְיִשְׂמָ֑חוּ
(veyismachu)
en zijn blij
לִדְבָרְךָ֣
(lidvarekha)
op Uw woord
יִחָֽלְתִּי
(yichalti)
ik hoop
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
75 Ik weet, Yahweh, dat Uw bepalingen gerechtigheid zijn, en dat U mij vernederd hebt in betrouwbaarheid.
יָדַ֣עְתִּי
(yadati)
ik weet
צֶ֣דֶק
(tsedeq)
gerechtigheid
מִשְׁפָּטֶ֑יךָ
(mishpateikha)
Uw bepalingen
וֶ֝אֱמוּנָ֗ה
(veemuna)
en in betrouwbaarheid
עִנִּיתָֽנִי
(initani)
U hebt mij vernederd
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
76 Laat Uw trouw mij toch troosten, volgens Uw uitspraak aan Uw dienaar.
חַסְדְּךָ֣
(chasdekha)
Uw trouw
לְנַחֲמֵ֑נִי
(lenachameni)
om mij te troosten
כְּאִמְרָתְךָ֥
(keimratekha)
volgens Uw uitspraak
לְעַבְדֶּֽךָ
(leavdekha)
aan Uw dienaar
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
77 Laat Uw ontferming over mij komen, dan leef ik, want Uw wet is mijn vermaak.
יְבֹא֣וּנִי
(yevouni)
laten komen over mij
רַחֲמֶ֣יךָ
(rachameikha)
Uw ontferming
וְאֶֽחְיֶ֑ה
(veechye)
en ik zal leven
תֽ֝וֹרָתְךָ֗
(toratekha)
Uw wet
שַֽׁעֲשֻׁעָֽי
(shaashuay)
mijn vermaak
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
78 Laat de overmoedigen beschaamd worden, want zij hebben mij met leugen onrecht aangedaan. Ik overdenk Uw bevelen.
יֵבֹ֣שׁוּ
(yevoshu)
laten beschaamd worden
זֵ֭דִים
(zedim)
overmoedigen
שֶׁ֣קֶר
(sheqer)
met leugen
עִוְּת֑וּנִי
(ivetuni)
hebben mij onrecht aangedaan
אָשִׂ֥יחַ
(asiach)
ik overdenk
בְּפִקּוּדֶֽיךָ
(befiqudeikha)
Uw bevelen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
עִוְּתוּנִי (ivvetuni), ‘zij hebben mij onrecht aangedaan’: letterlijk ‘krom gemaakt’.
Het woord wordt gebruikt voor het verdraaien van het recht.
79 Laten zij die ontzag voor U hebben zich tot mij keren, en wie Uw getuigenissen kennen.
יָשׁ֣וּבוּ
(yashuvu)
laten zich keren
יְרֵאֶ֑יךָ
(yereeikha)
die ontzag hebben voor U
וְ֝יֹדְעֵ֗י
(veyodeei)
en die kennen
עֵדֹתֶֽיךָ
(edoteikha)
Uw getuigenissen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Lezing
Het geschreven woord (ketiv) is וידעו (veyedu), ‘en laat hen kennen’.
De leestraditie (qere) is וְיֹדְעֵי (veyod’ei), ‘en wie kennen’.
Wij volgen de leestraditie.
80 Laat mijn hart onberispelijk zijn in Uw verordeningen, zodat ik niet beschaamd word.
תָמִ֣ים
(tamim)
onberispelijk
בְּחֻקֶּ֑יךָ
(bechuqeikha)
in Uw verordeningen
אֵבֽוֹשׁ
(evosh)
ik beschaamd word
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Kaf (כ) 81 Mijn ziel versmacht naar Uw redding. Op Uw woord hoop ik.
כָּלְתָ֣ה
(kaleta)
is versmacht
לִתְשׁוּעָתְךָ֣
(litshuatekha)
naar Uw redding
נַפְשִׁ֑י
(nafshi)
mijn ziel
לִדְבָרְךָ֥
(lidvarekha)
op Uw woord
יִחָֽלְתִּי
(yichalti)
ik hoop
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
82 Mijn ogen versmachten naar Uw uitspraak. Ik zeg: „Wanneer troost U mij?”
כָּל֣וּ
(kalu)
zijn versmacht
לְאִמְרָתֶ֑ךָ
(leimratekha)
naar Uw uitspraak
תְּֽנַחֲמֵֽנִי
(tenachameni)
troost U mij
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
83 Want ik ben geworden als een leren zak in de rook. Uw verordeningen vergeet ik niet.
הָ֭יִיתִי
(hayiti)
ik ben geworden
כְּנֹ֣אד
(kenod)
als een leren zak
בְּקִיט֑וֹר
(beqitor)
in de rook
חֻ֝קֶּ֗יךָ
(chuqeikha)
Uw verordeningen
שָׁכָֽחְתִּי
(shakhachti)
ik vergat
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
נֹאד (no’d), ‘leren zak’: een zak van dierenhuid voor wijn of water.
In de rook wordt hij hard en rimpelig.
84 Hoeveel zijn de dagen van Uw dienaar? Wanneer doet U recht over wie mij achtervolgen?
יְמֵֽי
(yemei)
de dagen van
עַבְדֶּ֑ךָ
(avdekha)
Uw dienaar
בְרֹדְפַ֣י
(berodefay)
over wie mij achtervolgen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
כַּמָּה (kammah), ‘hoeveel’: de vraag is hoe lang de dienaar nog moet wachten en lijden.
Wij vertalen letterlijk ‘hoeveel’.
85 De overmoedigen hebben kuilen voor mij gegraven, wat niet is volgens Uw wet.
כָּֽרוּ
(karu)
hebben gegraven
זֵדִ֣ים
(zedim)
overmoedigen
כְתוֹרָתֶֽךָ
(ketoratekha)
volgens Uw wet
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Lezing
שִׁיחוֹת (shichot) kan ‘kuilen’ (van שׁוּחָה , shuchah) betekenen, maar het kan ook ‘gesprekken’ zijn.
Wij kiezen ‘kuilen’, omdat het werkwoord ‘graven’ is.
86 Al Uw geboden zijn betrouwbaar. Met leugen vervolgen zij mij. Help mij.
מִצְוֺתֶ֥יךָ
(mitsvoteikha)
Uw geboden
אֱמוּנָ֑ה
(emuna)
betrouwbaar
רְדָפ֣וּנִי
(redafuni)
zij vervolgen mij
עָזְרֵֽנִי
(azereni)
help mij
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
87 Bijna hadden zij mij op de aarde vernietigd, maar ik heb Uw bevelen niet verlaten.
כִּלּ֣וּנִי
(kiluni)
hadden zij mij vernietigd
בָאָ֑רֶץ
(baarets)
op de aarde
עָזַ֥בְתִּי
(azavti)
ik verliet
פִקֻּודֶֽיךָ
(piquvdeikha)
Uw bevelen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
88 Geef mij leven volgens Uw trouw, dan bewaar ik het getuigenis van Uw mond.
כְּחַסְדְּךָ֥
(kechasdekha)
volgens Uw trouw
חַיֵּ֑נִי
(chayeni)
geef mij leven
וְ֝אֶשְׁמְרָ֗ה
(veeshmera)
en ik zal bewaren
עֵד֥וּת
(edut)
getuigenis van
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Lamed (ל) 89 Voor eeuwig, Yahweh, staat Uw woord vast in de hemel.
לְעוֹלָ֥ם
(leolam)
voor eeuwig
דְּ֝בָרְךָ֗
(devarekha)
Uw woord
נִצָּ֥ב
(nitsav)
staat vast
בַּשָּׁמָֽיִם
(bashamayim)
in de hemel
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
De verzen 89–91 spreken over wat blijft: Yahweh’s woord in de hemel, Zijn betrouwbaarheid op aarde, en alles wat Hem dient.
90 Van geslacht tot geslacht duurt Uw betrouwbaarheid. U hebt de aarde gegrondvest en zij blijft staan.
לְדֹ֣ר
(ledor)
van geslacht
וָ֭דֹר
(vador)
tot geslacht
אֱמֽוּנָתֶ֑ךָ
(emunatekha)
Uw betrouwbaarheid
כּוֹנַ֥נְתָּ
(konanta)
U hebt gegrondvest
וַֽתַּעֲמֹֽד
(vataamod)
en zij blijft staan
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
91 Naar Uw bepalingen staan zij er vandaag, want alles zijn Uw dienaren.
לְֽ֭מִשְׁפָּטֶיךָ
(lemishpateikha)
naar Uw bepalingen
עֲבָדֶֽיךָ
(avadeikha)
Uw dienaren
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
92 Als Uw wet mijn vermaak niet was geweest, dan was ik omgekomen in mijn ellende.
ת֭וֹרָתְךָ
(toratekha)
Uw wet
שַׁעֲשֻׁעָ֑י
(shaashuay)
mijn vermaak
אָבַ֥דְתִּי
(avadti)
zou ik omgekomen zijn
בְעָנְיִֽי
(beaneyi)
in mijn ellende
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
93 Voor eeuwig zal ik Uw bevelen niet vergeten, want daarmee hebt U mij leven gegeven.
לְ֭עוֹלָם
(leolam)
voor eeuwig
אֶשְׁכַּ֣ח
(eshkach)
ik zal vergeten
פִּקּוּדֶ֑יךָ
(piqudeikha)
Uw bevelen
חִיִּיתָֽנִי
(chiyitani)
U hebt mij leven gegeven
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
94 Ik ben van U. Red mij, want ik heb Uw bevelen gezocht.
הוֹשִׁיעֵ֑נִי
(hoshieni)
red mij
פִקּוּדֶ֣יךָ
(piqudeikha)
Uw bevelen
דָרָֽשְׁתִּי
(darashti)
ik heb gezocht
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
95 Goddelozen wachten op mij om mij te vernietigen. Ik let op Uw getuigenissen.
רְשָׁעִ֣ים
(reshaim)
goddelozen
לְאַבְּדֵ֑נִי
(leabedeni)
om mij te vernietigen
עֵ֝דֹתֶ֗יךָ
(edoteikha)
Uw getuigenissen
אֶתְבּוֹנָֽן
(etbonan)
ik let op
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
96 Aan alle volmaaktheid heb ik een einde gezien, maar Uw gebod is zeer wijd.
תִּ֭כְלָה
(tikhla)
volmaaktheid
רָאִ֣יתִי
(raiti)
ik heb gezien
מִצְוָתְךָ֣
(mitsvatekha)
Uw gebod
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
תִּכְלָה (tichlah), ‘volmaaktheid’: letterlijk ‘afronding, het einde van iets’.
Het gaat om alles wat mensen als volmaakt zien.
Het woord ‘gebod’ staat in het enkelvoud (mitsvah).
Mem (מ) 97 Hoe lief heb ik Uw wet! De hele dag is zij mijn overdenking.
אָהַ֥בְתִּי
(ahavti)
ik heb lief
תוֹרָתֶ֑ךָ
(toratekha)
Uw wet
שִׂיחָתִֽי
(sichati)
mijn overdenking
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
98 Uw gebod maakt mij wijzer dan mijn vijanden, want het is voor eeuwig bij mij.
מֵ֭אֹ֣יְבַי
(meoyevay)
dan mijn vijanden
תְּחַכְּמֵ֣נִי
(techakemeni)
maakt mij wijzer
מִצְוֺתֶ֑ךָ
(mitsvotekha)
Uw gebod
לְעוֹלָ֣ם
(leolam)
voor eeuwig
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
99 Ik ben verstandiger dan al mijn leraren, want Uw getuigenissen zijn mijn overdenking.
מְלַמְּדַ֥י
(melameday)
mijn leraren
הִשְׂכַּ֑לְתִּי
(hiskalti)
ben ik verstandiger
עֵ֝דְוֺתֶ֗יךָ
(edevoteikha)
Uw getuigenissen
שִׂ֣יחָה
(sicha)
overdenking
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
100 Ik heb meer begrip dan de oudsten, want ik neem Uw bevelen in acht.
מִזְּקֵנִ֥ים
(mizeqenim)
dan oudsten
אֶתְבּוֹנָ֑ן
(etbonan)
ik heb begrip
פִקּוּדֶ֣יךָ
(piqudeikha)
Uw bevelen
נָצָֽרְתִּי
(natsarti)
ik heb in acht genomen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
101 Van elk kwaad pad heb ik mijn voeten teruggehouden, om Uw woord te bewaren.
כָּלִ֣אתִי
(kaliti)
ik heb tegengehouden
רַגְלָ֑י
(raglay)
mijn voeten
אֶשְׁמֹ֥ר
(eshmor)
ik bewaar
דְּבָרֶֽךָ
(devarekha)
Uw woord
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
102 Van Uw bepalingen ben ik niet afgeweken, want U hebt mij onderwezen.
מִמִּשְׁפָּטֶ֥יךָ
(mimishpateikha)
van Uw bepalingen
סָ֑רְתִּי
(sarti)
ben ik afgeweken
הוֹרֵתָֽנִי
(horetani)
hebt mij onderwezen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
103 Hoe zoet is Uw uitspraak voor mijn gehemelte, zoeter dan honing voor mijn mond!
נִּמְלְצ֣וּ
(nimletsu)
zijn zoet
לְ֭חִכִּי
(lechiki)
voor mijn gehemelte
אִמְרָתֶ֗ךָ
(imratekha)
Uw uitspraak
מִדְּבַ֥שׁ
(midevash)
meer dan honing
לְפִֽי
(lefi)
voor mijn mond
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
104 Door Uw bevelen krijg ik begrip. Daarom haat ik elk pad van leugen.
מִפִּקּוּדֶ֥יךָ
(mipiqudeikha)
door Uw bevelen
אֶתְבּוֹנָ֑ן
(etbonan)
krijg ik begrip
שָׂנֵ֤אתִי
(saneti)
ik haat
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Noen (נ) 105 Uw woord is een lamp voor mijn voet en een licht voor mijn pad.
לְרַגְלִ֥י
(leragli)
voor mijn voet
דְבָרֶ֑ךָ
(devarekha)
Uw woord
לִנְתִיבָתִֽי
(lintivati)
voor mijn pad
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
106 Ik heb gezworen, en ik zal het waarmaken: de bepalingen van Uw gerechtigheid te bewaren.
נִשְׁבַּ֥עְתִּי
(nishbati)
ik heb gezworen
וָאֲקַיֵּ֑מָה
(vaaqayema)
en ik zal het waarmaken
לִ֝שְׁמֹ֗ר
(lishmor)
om te bewaren
מִשְׁפְּטֵ֥י
(mishpetei)
bepalingen van
צִדְקֶֽךָ
(tsidqekha)
Uw gerechtigheid
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
107 Ik ben zeer vernederd, Yahweh. Geef mij leven volgens Uw woord.
נַעֲנֵ֥יתִי
(naaneiti)
ik ben vernederd
חַיֵּ֥נִי
(chayeni)
geef mij leven
כִדְבָרֶֽךָ
(kidvarekha)
volgens Uw woord
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
108 Heb toch behagen in de vrijwillige offers van mijn mond, Yahweh, en leer mij Uw bepalingen.
נִדְב֣וֹת
(nidvot)
vrijwillige offers van
וּֽמִשְׁפָּטֶ֥יךָ
(umishpateikha)
en Uw bepalingen
לַמְּדֵֽנִי
(lamedeni)
leer mij
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
נִדְבוֹת (nidvot), ‘vrijwillige offers’: offers die men uit eigen beweging brengt.
Hier zijn het de woorden van lof uit de mond van de psalmist.
109 Mijn ziel is altijd in mijn hand, maar Uw wet vergeet ik niet.
נַפְשִׁ֣י
(nafshi)
mijn ziel
בְכַפִּ֣י
(bekhapi)
in mijn hand
וְ֝תֽוֹרָתְךָ֗
(vetoratekha)
en Uw wet
שָׁכָֽחְתִּי
(shakhachti)
ik vergat
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
‘Mijn ziel is in mijn hand’: een uitdrukking voor een leven dat voortdurend in gevaar is (zie ook Richt. 12:3 en 1 Sam. 19:5).
Hier staat ‘ziel’ voor het leven.
110 De goddelozen hebben een strik voor mij gezet, maar van Uw bevelen ben ik niet afgedwaald.
נָתְנ֬וּ
(natenu)
hebben gezet
רְשָׁעִ֣ים
(reshaim)
goddelozen
וּ֝מִפִּקּוּדֶ֗יךָ
(umipiqudeikha)
en van Uw bevelen
תָעִֽיתִי
(taiti)
ben ik afgedwaald
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
111 Uw getuigenissen heb ik voor eeuwig als erfdeel gekregen, want zij zijn de blijdschap van mijn hart.
נָחַ֣לְתִּי
(nachalti)
ik heb tot erfdeel gekregen
עֵדְוֺתֶ֣יךָ
(edevoteikha)
Uw getuigenissen
לְעוֹלָ֑ם
(leolam)
voor eeuwig
שְׂשׂ֖וֹן
(seson)
blijdschap van
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
112 Ik heb mijn hart gericht op het doen van Uw verordeningen, voor eeuwig, tot het einde.
נָטִ֣יתִי
(natiti)
ik heb gericht
לַעֲשׂ֥וֹת
(laasot)
om te doen
חֻקֶּ֗יךָ
(chuqeikha)
Uw verordeningen
לְעוֹלָ֥ם
(leolam)
voor eeuwig
עֵֽקֶב
(eqev)
tot het einde
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Samech (ס) 113 Weifelaars haat ik, maar Uw wet heb ik lief.
סֵעֲפִ֥ים
(seafim)
weifelaars
שָׂנֵ֑אתִי
(saneti)
ik haat
וְֽתוֹרָתְךָ֥
(vetoratekha)
maar Uw wet
אָהָֽבְתִּי
(ahavti)
ik heb lief
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
סֵעֲפִים (se’afim), ‘weifelaars’: mensen die tussen twee meningen heen en weer zwalken, verdeeld in hun hart.
Het woord komt alleen hier voor.
114 U bent mijn schuilplaats en mijn schild. Op Uw woord hoop ik.
סִתְרִ֣י
(sitri)
mijn schuilplaats
וּמָגִנִּ֣י
(umagini)
en mijn schild
לִדְבָרְךָ֥
(lidvarekha)
op Uw woord
יִחָֽלְתִּי
(yichalti)
ik hoop
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
115 Wijk van mij, kwaaddoeners, dan neem ik de geboden van mijn Elohim in acht.
מִמֶּ֥נִּי
(mimeni)
van mij
מְרֵעִ֑ים
(mereim)
kwaaddoeners
וְ֝אֶצְּרָ֗ה
(veetsera)
en ik zal in acht nemen
מִצְוֺ֥ת
(mitsvot)
geboden van
אֱלֹהָֽי
(elohay)
mijn Elohim
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
116 Ondersteun mij volgens Uw uitspraak, dan leef ik. Laat mij niet beschaamd worden in mijn hoop.
סָמְכֵ֣נִי
(samekheni)
ondersteun mij
כְאִמְרָתְךָ֣
(keimratekha)
volgens Uw uitspraak
וְאֶֽחְיֶ֑ה
(veechye)
en ik zal leven
תְּ֝בִישֵׁ֗נִי
(tevisheni)
laat mij beschaamd worden
מִשִּׂבְרִֽי
(misivri)
in mijn hoop
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
שִׂבְרִי (sivri), ‘mijn hoop’: een woord dat verwant is aan ‘hopen, uitzien’.
Zie ook vers 166.
117 Steun mij, dan word ik gered, en ik zal altijd op Uw verordeningen letten.
סְעָדֵ֥נִי
(seadeni)
steun mij
וְאִוָּשֵׁ֑עָה
(veivashea)
en ik zal gered worden
וְאֶשְׁעָ֖ה
(veesha)
en ik zal letten
בְחֻקֶּ֣יךָ
(bechuqeikha)
op Uw verordeningen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
118 U verwerpt allen die van Uw verordeningen afdwalen, want hun bedrog is leugen.
סָ֭לִיתָ
(salita)
U verwerpt
שׁוֹגִ֣ים
(shogim)
die dwalen
מֵחֻקֶּ֑יךָ
(mechuqeikha)
van Uw verordeningen
תַּרְמִיתָֽם
(tarmitam)
hun bedrog
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
סָלִיתָ (salita), ‘U verwerpt’: het werkwoord komt alleen hier voor.
Het beeld is: iets wegwerpen als waardeloos.
119 Als slakken ruimt U alle goddelozen van de aarde op. Daarom heb ik Uw getuigenissen lief.
סִגִ֗ים
(sigim)
als slakken
הִשְׁבַּ֥תָּ
(hishbata)
U doet ophouden
רִשְׁעֵי
(rishei)
goddelozen van
אָהַ֥בְתִּי
(ahavti)
ik heb lief
עֵדֹתֶֽיךָ
(edoteikha)
Uw getuigenissen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
סִגִים (sigim), ‘slakken’: het afval dat bij het smelten van metaal bovenkomt en wordt weggehaald.
De betekenis ‘slakken’ is de gangbare; het woord komt alleen hier voor in deze vorm.
120 Mijn vlees huivert van angst voor U. Voor Uw bepalingen ben ik bevreesd.
מִפַּחְדְּךָ֣
(mipachdekha)
van angst voor U
בְשָׂרִ֑י
(besari)
mijn vlees
וּֽמִמִּשְׁפָּטֶ֥יךָ
(umimishpateikha)
en voor Uw bepalingen
יָרֵֽאתִי
(yareti)
ik ben bevreesd
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Ajin (ע) 121 Ik heb recht en gerechtigheid gedaan. Laat mij niet over aan wie mij onderdrukken.
עָ֭שִׂיתִי
(asiti)
ik heb gedaan
וָצֶ֑דֶק
(vatsedeq)
en gerechtigheid
תַּ֝נִּיחֵ֗נִי
(tanicheni)
laat mij over
לְעֹֽשְׁקָֽי
(leosheqay)
aan wie mij onderdrukken
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
122 Sta borg voor Uw dienaar ten goede. Laat de overmoedigen mij niet onderdrukken.
עַבְדְּךָ֣
(avdekha)
voor Uw dienaar
יַעַשְׁקֻ֥נִי
(yaashquni)
laat onderdrukken mij
זֵדִֽים
(zedim)
overmoedigen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
123 Mijn ogen versmachten naar Uw redding en naar de uitspraak van Uw gerechtigheid.
כָּל֣וּ
(kalu)
zijn versmacht
לִֽישׁוּעָתֶ֑ךָ
(lishuatekha)
naar Uw redding
וּלְאִמְרַ֥ת
(uleimrat)
en naar de uitspraak van
צִדְקֶֽךָ
(tsidqekha)
Uw gerechtigheid
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
124 Handel met Uw dienaar volgens Uw trouw en leer mij Uw verordeningen.
עַבְדְּךָ֥
(avdekha)
Uw dienaar
כְחַסְדֶּ֗ךָ
(kechasdekha)
volgens Uw trouw
וְחֻקֶּ֥יךָ
(vechuqeikha)
en Uw verordeningen
לַמְּדֵֽנִי
(lamedeni)
leer mij
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
125 Ik ben Uw dienaar. Geef mij inzicht, dan ken ik Uw getuigenissen.
עַבְדְּךָ
(avdekha)
Uw dienaar
הֲבִינֵ֑נִי
(havineni)
geef mij inzicht
וְ֝אֵדְעָ֗ה
(veedea)
en ik zal kennen
עֵדֹתֶֽיךָ
(edoteikha)
Uw getuigenissen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
126 Het is tijd voor Yahweh om te handelen: zij hebben Uw wet verbroken.
לַעֲשׂ֣וֹת
(laasot)
om te handelen
לַיהוָ֑ה
(laYahweh)
voor Yahweh
הֵ֝פֵ֗רוּ
(heferu)
zij hebben verbroken
תּוֹרָתֶֽךָ
(toratekha)
Uw wet
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
עֵת לַעֲשׂוֹת לַיהוָה (et la’asot laYahweh) kan ook ‘het is tijd om te doen voor Yahweh’ betekenen.
Wij volgen ‘het is tijd voor Yahweh om te handelen’.
127 Daarom heb ik Uw geboden lief, meer dan goud, ja, meer dan fijn goud.
אָהַ֣בְתִּי
(ahavti)
ik heb lief
מִצְוֺתֶ֑יךָ
(mitsvoteikha)
Uw geboden
מִזָּהָ֥ב
(mizahav)
meer dan goud
וּמִפָּֽז
(umipaz)
en dan fijn goud
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
128 Daarom houd ik al Uw bevelen, alle, voor recht. Elk pad van leugen haat ik.
פִּקּ֣וּדֵי
(piqudei)
bevelen van
יִשָּׁ֑רְתִּי
(yisharti)
ik houd voor recht
שָׂנֵֽאתִי
(saneti)
ik haat
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Lezing
כָּל פִּקּוּדֵי כֹל יִשָּׁרְתִּי (kol pikkudei kol yishshar’ti) is moeilijk.
Letterlijk staat er: ‘alle bevelen van alles houd ik voor recht’.
Wij vertalen ‘al Uw bevelen, alle, houd ik voor recht’.
De zin is onzeker.
Pe (פ) 129 Wonderlijk zijn Uw getuigenissen. Daarom neemt mijn ziel ze in acht.
פְּלָא֥וֹת
(pelaot)
wonderlijk
עֵדְוֺתֶ֑יךָ
(edevoteikha)
Uw getuigenissen
נְצָרָ֥תַם
(netsaratam)
neemt ze in acht
נַפְשִֽׁי
(nafshi)
mijn ziel
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
130 De ontsluiting van Uw woorden geeft licht. Zij geeft inzicht aan de eenvoudigen.
פֵּ֖תַח
(petach)
ontsluiting van
דְּבָרֶ֥יךָ
(devareikha)
Uw woorden
מֵבִ֥ין
(mevin)
geeft inzicht
פְּתָיִֽים
(petayim)
aan eenvoudigen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
פֵּתַח (petach), ‘ontsluiting’: ook ‘opening’.
Het kan ook ‘ingang’ zijn: de ingang van Uw woorden brengt licht.
131 Ik heb mijn mond wijd geopend en gehijgd, want ik verlang naar Uw geboden.
פָ֭עַרְתִּי
(paarti)
ik heb wijd geopend
וָאֶשְׁאָ֑פָה
(vaeshafa)
en ik hijgde
לְמִצְוֺתֶ֣יךָ
(lemitsvoteikha)
naar Uw geboden
יָאָֽבְתִּי
(yaavti)
ik verlang
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
132 Wend U tot mij en wees mij genadig, zoals het recht is voor wie Uw naam liefhebben.
וְחָנֵּ֑נִי
(vechaneni)
en wees mij genadig
כְּ֝מִשְׁפָּ֗ט
(kemishpat)
zoals het recht is
לְאֹהֲבֵ֥י
(leohavei)
voor wie liefhebben
שְׁמֶֽךָ
(shemekha)
Uw naam
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
133 Maak mijn stappen vast in Uw uitspraak en laat geen onrecht over mij heersen.
פְּ֭עָמַי
(peamay)
mijn stappen
בְּאִמְרָתֶ֑ךָ
(beimratekha)
in Uw uitspraak
תַּשְׁלֶט
(tashlet)
laat heersen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
134 Koop mij vrij van de onderdrukking door mensen, dan bewaar ik Uw bevelen.
פְּ֭דֵנִי
(pedeni)
koop mij vrij
מֵעֹ֣שֶׁק
(meosheq)
van onderdrukking door
וְ֝אֶשְׁמְרָ֗ה
(veeshmera)
en ik zal bewaren
פִּקּוּדֶֽיךָ
(piqudeikha)
Uw bevelen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
135 Laat Uw aangezicht schijnen over Uw dienaar en leer mij Uw verordeningen.
פָּ֭נֶיךָ
(paneikha)
Uw aangezicht
הָאֵ֣ר
(haer)
laat schijnen
בְּעַבְדֶּ֑ךָ
(beavdekha)
over Uw dienaar
וְ֝לַמְּדֵ֗נִי
(velamedeni)
en leer mij
חֻקֶּֽיךָ
(chuqeikha)
Uw verordeningen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
136 Waterbeken stromen uit mijn ogen, omdat zij Uw wet niet bewaren.
פַּלְגֵי
(palgei)
beken van
שָׁמְר֥וּ
(shameru)
zij bewaren
תוֹרָתֶֽךָ
(toratekha)
Uw wet
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Tsade (צ) 137 U bent rechtvaardig, Yahweh, en Uw bepalingen zijn recht.
צַדִּ֣יק
(tsadiq)
rechtvaardig
וְ֝יָשָׁ֗ר
(veyashar)
en recht
מִשְׁפָּטֶֽיךָ
(mishpateikha)
Uw bepalingen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
138 U hebt Uw getuigenissen opgedragen in gerechtigheid en in grote betrouwbaarheid.
צִ֭וִּיתָ
(tsivita)
U hebt opgedragen
צֶ֣דֶק
(tsedeq)
gerechtigheid
עֵדֹתֶ֑יךָ
(edoteikha)
Uw getuigenissen
וֶֽאֱמוּנָ֥ה
(veemuna)
en betrouwbaarheid
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
139 Mijn ijver heeft mij uitgeput, want mijn tegenstanders vergeten Uw woorden.
צִמְּתַ֥תְנִי
(tsimetatni)
heeft mij uitgeput
קִנְאָתִ֑י
(qinati)
mijn ijver
שָׁכְח֖וּ
(shakhechu)
vergeten
דְבָרֶ֣יךָ
(devareikha)
Uw woorden
צָרָֽי
(tsaray)
mijn tegenstanders
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
140 Uw uitspraak is zeer gelouterd, en Uw dienaar heeft haar lief.
צְרוּפָ֖ה
(tserufa)
gelouterd
אִמְרָתְךָ֥
(imratekha)
Uw uitspraak
וְֽעַבְדְּךָ֥
(veavdekha)
en Uw dienaar
אֲהֵבָֽהּ
(ahevah)
heeft haar lief
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
141 Ik ben klein en veracht, maar Uw bevelen vergeet ik niet.
וְנִבְזֶ֑ה
(venivze)
en veracht
פִּ֝קֻּדֶ֗יךָ
(piqudeikha)
Uw bevelen
שָׁכָֽחְתִּי
(shakhachti)
ik vergat
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
142 Uw gerechtigheid is eeuwige gerechtigheid, en Uw wet is waarheid.
צִדְקָתְךָ֣
(tsidqatekha)
Uw gerechtigheid
צֶ֣דֶק
(tsedeq)
gerechtigheid
לְעוֹלָ֑ם
(leolam)
voor eeuwig
וְֽתוֹרָתְךָ֥
(vetoratekha)
en Uw wet
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
143 Nood en benauwdheid hebben mij getroffen. Uw geboden zijn mijn vermaak.
וּמָצ֥וֹק
(umatsoq)
en benauwdheid
מְצָא֑וּנִי
(metsauni)
hebben mij getroffen
מִ֝צְוֺתֶ֗יךָ
(mitsvoteikha)
Uw geboden
שַׁעֲשֻׁעָֽי
(shaashuay)
mijn vermaak
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
144 Uw getuigenissen zijn voor eeuwig gerechtigheid. Geef mij inzicht, dan leef ik.
צֶ֖דֶק
(tsedeq)
gerechtigheid
עֵדְוֺתֶ֥יךָ
(edevoteikha)
Uw getuigenissen
לְעוֹלָ֗ם
(leolam)
voor eeuwig
הֲבִינֵ֥נִי
(havineni)
geef mij inzicht
וְאֶחְיֶֽה
(veechye)
en ik zal leven
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Qof (ק) 145 Ik riep met heel mijn hart: „Antwoord mij, Yahweh!” Uw verordeningen zal ik in acht nemen.
עֲנֵ֥נִי
(aneni)
antwoord mij
חֻקֶּ֥יךָ
(chuqeikha)
Uw verordeningen
אֶצֹּֽרָה
(etsora)
ik zal in acht nemen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
146 Ik riep tot U: „Red mij!” Dan bewaar ik Uw getuigenissen.
קְרָאתִ֥יךָ
(qeratikha)
ik riep tot U
הוֹשִׁיעֵ֑נִי
(hoshieni)
red mij
וְ֝אֶשְׁמְרָ֗ה
(veeshmera)
en ik zal bewaren
עֵדֹתֶֽיךָ
(edoteikha)
Uw getuigenissen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
147 Ik ging de schemering vooruit en riep om hulp. Op Uw woord hoop ik.
קִדַּ֣מְתִּי
(qidamti)
ik ging vooruit
בַ֭נֶּשֶׁף
(baneshef)
in de schemering
וָאֲשַׁוֵּ֑עָה
(vaashavea)
en ik riep om hulp
לִדְבָרְךָ֥
(lidvarekha)
op Uw woord
יִחָֽלְתִּי
(yichalti)
ik hoop
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Lezing
Het geschreven woord (ketiv) is לדבריך (lidvarekha), ‘op Uw woorden’.
De leestraditie (qere) is לדברך (lidvarcha), ‘op Uw woord’.
Wij volgen de leestraditie.
148 Mijn ogen gingen de nachtwaken vooruit, om Uw uitspraak te overdenken.
קִדְּמ֣וּ
(qidemu)
gingen vooruit
אַשְׁמֻר֑וֹת
(ashmurot)
de nachtwaken
לָ֝שִׂ֗יחַ
(lasiach)
om te overdenken
בְּאִמְרָתֶֽךָ
(beimratekha)
Uw uitspraak
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
149 Hoor mijn stem volgens Uw trouw, Yahweh. Geef mij leven volgens Uw recht.
כְחַסְדֶּ֑ךָ
(kechasdekha)
volgens Uw trouw
כְּֽמִשְׁפָּטֶ֥ךָ
(kemishpatekha)
volgens Uw recht
חַיֵּֽנִי
(chayeni)
geef mij leven
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
150 Wie schandelijke plannen najagen, zijn dichtbij gekomen. Van Uw wet zijn zij ver.
קָ֭רְבוּ
(qarevu)
zijn dichtbij gekomen
רֹדְפֵ֣י
(rodefei)
die najagen
זִמָּ֑ה
(zima)
schandelijk plan
מִתּוֹרָתְךָ֥
(mitoratekha)
van Uw wet
רָחָֽקוּ
(rachaqu)
zijn ver
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
זִמָּה (zimmah), ‘schandelijk plan’: een plan met slechte bedoelingen, vaak ook seksuele schande.
151 U bent nabij, Yahweh, en al Uw geboden zijn waarheid.
מִצְוֺתֶ֥יךָ
(mitsvoteikha)
Uw geboden
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
152 Al lang geleden heb ik uit Uw getuigenissen geleerd dat U ze voor eeuwig hebt gegrondvest.
קֶ֣דֶם
(qedem)
lang geleden
יָ֭דַעְתִּי
(yadati)
ik heb geleerd
מֵעֵדֹתֶ֑יךָ
(meedoteikha)
uit Uw getuigenissen
לְעוֹלָ֣ם
(leolam)
voor eeuwig
יְסַדְתָּֽם
(yesadtam)
U hebt ze gegrondvest
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Resj (ר) 153 Zie mijn ellende en bevrijd mij, want Uw wet vergeet ik niet.
עָנְיִ֥י
(aneyi)
mijn ellende
וְחַלְּצֵ֑נִי
(vechaletseni)
en bevrijd mij
תֽ֝וֹרָתְךָ֗
(toratekha)
Uw wet
שָׁכָֽחְתִּי
(shakhachti)
ik vergat
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
154 Voer mijn rechtszaak en verlos mij. Geef mij leven door Uw uitspraak.
רִ֭יבִי
(rivi)
mijn rechtszaak
וּגְאָלֵ֑נִי
(ugealeni)
en verlos mij
לְאִמְרָתְךָ֥
(leimratekha)
door Uw uitspraak
חַיֵּֽנִי
(chayeni)
geef mij leven
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
גְּאָלֵנִי (ge’aleni), ‘verlos mij’: het werkwoord hoort bij de losser (goel), die een familielid vrijkoopt of zijn zaak voert.
Zie ook Ruth 4:4.
155 Redding is ver van de goddelozen, want zij zoeken Uw verordeningen niet.
מֵרְשָׁעִ֣ים
(mereshaim)
van goddelozen
יְשׁוּעָ֑ה
(yeshua)
redding
חֻ֝קֶּיךָ
(chuqeikha)
Uw verordeningen
דָרָֽשׁוּ
(darashu)
zij zoeken
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
156 Uw ontferming is groot, Yahweh. Geef mij leven volgens Uw bepalingen.
רַחֲמֶ֖יךָ
(rachameikha)
Uw ontferming
כְּֽמִשְׁפָּטֶ֥יךָ
(kemishpateikha)
volgens Uw bepalingen
חַיֵּֽנִי
(chayeni)
geef mij leven
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
157 Velen vervolgen mij en benauwen mij, maar van Uw getuigenissen ben ik niet afgeweken.
רֹדְפַ֣י
(rodefay)
vervolgen mij
וְצָרָ֑י
(vetsaray)
en benauwen mij
מֵ֝עֵדְוֺתֶ֗יךָ
(meedevoteikha)
van Uw getuigenissen
נָטִֽיתִי
(natiti)
ben ik afgeweken
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
158 Ik zag de trouwelozen en walgde, omdat zij Uw uitspraak niet bewaren.
בֹ֭גְדִים
(bogedim)
trouwelozen
וָֽאֶתְקוֹטָ֑טָה
(vaetqotata)
en ik walgde
אִ֝מְרָתְךָ֗
(imratekha)
Uw uitspraak
שָׁמָֽרוּ
(shamaru)
zij bewaren
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
159 Zie dat ik Uw bevelen liefheb. Yahweh, geef mij leven volgens Uw trouw.
פִקּוּדֶ֣יךָ
(piqudeikha)
Uw bevelen
אָהָ֑בְתִּי
(ahavti)
ik heb lief
כְּֽחַסְדְּךָ֥
(kechasdekha)
volgens Uw trouw
חַיֵּֽנִי
(chayeni)
geef mij leven
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
160 De som van Uw woord is waarheid, en elk recht van Uw gerechtigheid is voor eeuwig.
דְּבָרְךָ֥
(devarekha)
Uw woord
וּ֝לְעוֹלָ֗ם
(uleolam)
en voor eeuwig
מִשְׁפַּ֥ט
(mishpat)
recht van
צִדְקֶֽךָ
(tsidqekha)
Uw gerechtigheid
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
רֹאשׁ (rosh), ‘de som, het hoofd’: de hele inhoud van Uw woord is waarheid, van het begin af.
Sjin (ש) 161 Vorsten vervolgen mij zonder reden, maar mijn hart beeft voor Uw woord.
רְדָפ֣וּנִי
(redafuni)
vervolgen mij
חִנָּ֑ם
(chinam)
zonder reden
וּ֝מִדְּבָרְךָ֗
(umidevarekha)
en voor Uw woord
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Lezing
Het geschreven woord (ketiv) is ומדבריך (umiddivrekha), ‘en van Uw woorden’.
De leestraditie (qere) is וּמִדְּבָרְךָ (umiddevarcha), ‘en van Uw woord’.
Wij volgen de leestraditie.
162 Ik verheug mij over Uw uitspraak, zoals iemand die veel buit vindt.
אִמְרָתֶ֑ךָ
(imratekha)
Uw uitspraak
כְּ֝מוֹצֵ֗א
(kemotse)
als wie vindt
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
163 Leugen haat ik en verafschuw ik. Uw wet heb ik lief.
שָׂ֭נֵאתִי
(saneti)
ik haat
וַאֲתַעֵ֑בָה
(vaataeva)
en ik verafschuw
תּוֹרָתְךָ֥
(toratekha)
Uw wet
אָהָֽבְתִּי
(ahavti)
ik heb lief
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
164 Zevenmaal per dag prijs ik U om de bepalingen van Uw gerechtigheid.
הִלַּלְתִּ֑יךָ
(hilaltikha)
ik prijs U
מִשְׁפְּטֵ֥י
(mishpetei)
bepalingen van
צִדְקֶֽךָ
(tsidqekha)
Uw gerechtigheid
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
‘Zevenmaal’ kan een vast aantal zijn, maar ook ‘volledig, steeds opnieuw’.
165 Veel vrede hebben zij die Uw wet liefhebben, en voor hen is er geen struikelblok.
לְאֹהֲבֵ֣י
(leohavei)
voor wie liefhebben
תוֹרָתֶ֑ךָ
(toratekha)
Uw wet
מִכְשֽׁוֹל
(mikhshol)
struikelblok
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
166 Ik heb uitgezien naar Uw redding, Yahweh, en Uw geboden gedaan.
שִׂבַּ֣רְתִּי
(sibarti)
ik heb uitgezien
לִֽישׁוּעָתְךָ֣
(lishuatekha)
naar Uw redding
וּֽמִצְוֺתֶ֥יךָ
(umitsvoteikha)
en Uw geboden
עָשִֽׂיתִי
(asiti)
ik heb gedaan
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
שִׂבַּרְתִּי (sibbarti), ‘ik heb uitgezien’: het woord is verwant aan ‘hoop’ (zie vers 116).
167 Mijn ziel bewaart Uw getuigenissen, en ik heb ze zeer lief.
שָֽׁמְרָ֣ה
(shamera)
bewaart
נַ֭פְשִׁי
(nafshi)
mijn ziel
עֵדֹתֶ֑יךָ
(edoteikha)
Uw getuigenissen
וָאֹהֲבֵ֥ם
(vaohavem)
en ik heb ze lief
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
168 Ik bewaar Uw bevelen en Uw getuigenissen, want al mijn wegen liggen open voor U.
שָׁמַ֣רְתִּי
(shamarti)
ik bewaar
פִ֭קּוּדֶיךָ
(piqudeikha)
Uw bevelen
וְעֵדֹתֶ֑יךָ
(veedoteikha)
en Uw getuigenissen
דְּרָכַ֣י
(derakhay)
mijn wegen
נֶגְדֶּֽךָ
(negdekha)
voor U
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Taw (ת) 169 Laat mijn roep tot U komen, Yahweh. Geef mij inzicht volgens Uw woord.
תִּקְרַ֤ב
(tiqrav)
laat naderen
רִנָּתִ֣י
(rinati)
mijn roep
לְפָנֶ֣יךָ
(lefaneikha)
tot U
כִּדְבָרְךָ֥
(kidvarekha)
volgens Uw woord
הֲבִינֵֽנִי
(havineni)
geef mij inzicht
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
170 Laat mijn smeking voor Uw aangezicht komen. Bevrijd mij volgens Uw uitspraak.
תְּחִנָּתִ֣י
(techinati)
mijn smeking
לְפָנֶ֑יךָ
(lefaneikha)
voor Uw aangezicht
כְּ֝אִמְרָתְךָ֗
(keimratekha)
volgens Uw uitspraak
הַצִּילֵֽנִי
(hatsileni)
bevrijd mij
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
171 Mijn lippen laten lof opborrelen, want U leert mij Uw verordeningen.
תַּבַּ֣עְנָה
(tabana)
laten opborrelen
שְׂפָתַ֣י
(sefatay)
mijn lippen
תְלַמְּדֵ֣נִי
(telamedeni)
U leert mij
חֻקֶּֽיךָ
(chuqeikha)
Uw verordeningen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
172 Mijn tong zal zingen over Uw uitspraak, want al Uw geboden zijn gerechtigheid.
לְ֭שׁוֹנִי
(leshoni)
mijn tong
אִמְרָתֶ֑ךָ
(imratekha)
over Uw uitspraak
מִצְוֺתֶ֣יךָ
(mitsvoteikha)
Uw geboden
צֶּֽדֶק
(tsedeq)
gerechtigheid
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
תַּעַן (ta’an), ‘zal zingen’: het werkwoord kan ‘antwoorden’ of ‘zingen’ betekenen.
Wij kiezen ‘zingen over’.
173 Laat Uw hand mij te hulp komen, want ik heb Uw bevelen gekozen.
לְעָזְרֵ֑נִי
(leazereni)
om mij te helpen
פִקּוּדֶ֣יךָ
(piqudeikha)
Uw bevelen
בָחָֽרְתִּי
(bacharti)
ik heb gekozen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
174 Ik verlang naar Uw redding, Yahweh, en Uw wet is mijn vermaak.
תָּאַ֣בְתִּי
(taavti)
ik verlang
לִֽישׁוּעָתְךָ֣
(lishuatekha)
naar Uw redding
וְ֝תֽוֹרָתְךָ֗
(vetoratekha)
en Uw wet
שַׁעֲשֻׁעָֽי
(shaashuay)
mijn vermaak
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
175 Laat mijn ziel leven en U prijzen, en laat Uw recht mij helpen.
נַ֭פְשִׁי
(nafshi)
mijn ziel
וּֽתְהַֽלְלֶ֑ךָּ
(utehalleka)
en zij zal U prijzen
וּֽמִשְׁפָּטֶ֥ךָ
(umishpatekha)
en Uw recht
יַעֲזְרֻֽנִי
(yaazruni)
laat mij helpen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
176 Ik ben dwaalgegaan als een verloren schaap. Zoek Uw dienaar, want Uw geboden vergeet ik niet.
תָּעִ֗יתִי
(taiti)
ik ben dwaalgegaan
כְּשֶׂ֣ה
(kese)
als een schaap
עַבְדֶּ֑ךָ
(avdekha)
Uw dienaar
מִ֝צְוֺתֶ֗יךָ
(mitsvoteikha)
Uw geboden
שָׁכָֽחְתִּי
(shakhachti)
ik vergat
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
Het slot keert terug naar het begin: de psalmist is een dwalend schaap, maar hij vergeet Yahweh’s geboden niet.
Zie ook Jes. 53:6.