Elohim Bijbel

Psalmen 100

123456789101112131415161718192021222324252627282930313233343536373839404142434445464748495051525354555657585960616263646566676869707172737475767778798081828384858687888990919293949596979899100101102103104105106107108109110111112113114115116117118119120121122123124125126127128129130131132133134135136137138139140141142143144145146147148149150

Een psalm van dankzegging: dien Yahweh met vreugde

Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).

Juich voor Yahweh

1Een psalm bij de dankzegging. Juich voor Yahweh, heel de aarde.
מִזְמ֥וֹר
(mizmor)
psalm
לְתוֹדָ֑ה
(letoda)
bij dankzegging
הָרִ֥יעוּ
(hariu)
juicht
לַ֝יהוָ֗ה
(laYahweh)
voor Yahweh
כָּל
(kal)
heel
הָאָֽרֶץ
(haarets)
de aarde
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

לְתוֹדָה (letodah), ‘bij de dankzegging’: het woord betekent ‘dank’ en ook ‘dankoffer’ (Lev. 7:12).

Het opschrift zegt waarschijnlijk dat de psalm hoort bij het danken of bij het dankoffer.

2Dien Yahweh met vreugde. Kom voor Zijn aangezicht met gejubel.
עִבְד֣וּ
(ivdu)
dient
אֶת
(et)
(obj.)
יְהוָ֣ה
(Yahweh)
Yahweh
בְּשִׂמְחָ֑ה
(besimcha)
met vreugde
בֹּ֥אוּ
(bou)
komt
לְ֝פָנָ֗יו
(lefanav)
voor Zijn aangezicht
בִּרְנָנָֽה
(birnana)
met gejubel
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)

Weet dat Yahweh Elohim is

3Weet dat Yahweh Elohim is. Hij heeft ons gemaakt, en wij zijn van Hem: Zijn volk en de schapen van Zijn weide.
דְּע֗וּ
(deu)
weet
כִּֽי
(ki)
dat
יְהוָה֮
(Yahweh)
Yahweh
ה֤וּא
(hu)
Hij
אֱלֹ֫הִ֥ים
(Elohim)
Elohim
הֽוּא
(hu)
Hij
עָ֭שָׂנוּ
(asanu)
heeft ons gemaakt
וְל֣וֹ
(velo)
en van Hem
אֲנַ֑חְנוּ
(anachnu)
wij
עַ֝מּ֗וֹ
(amo)
Zijn volk
וְצֹ֣אן
(vetson)
en schapen van
מַרְעִיתֽוֹ
(marito)
Zijn weide
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

Zie ook Ps. 95:7, waar hetzelfde beeld van het volk als schapen voorkomt.

Lezing

In de geschreven tekst (ketiv) staat לֹא (lo), ‘niet’: ‘Hij heeft ons gemaakt, en niet wijzelf’.

De voorgelezen tekst (qere) leest לוֹ (lo), ‘van Hem’: ‘wij zijn van Hem’.

Wij volgen de qere.

Beide lezingen passen bij het vers.

Ga Zijn poorten binnen

4Ga Zijn poorten binnen met dank, Zijn voorhoven met lofzang. Loof Hem, zegen Zijn naam.
בֹּ֤אוּ
(bou)
gaat binnen
שְׁעָרָ֨יו
(shearav)
Zijn poorten
בְּתוֹדָ֗ה
(betoda)
met dank
חֲצֵרֹתָ֥יו
(chatserotav)
Zijn voorhoven
בִּתְהִלָּ֑ה
(bithila)
met lofzang
הֽוֹדוּ
(hodu)
looft
ל֝֗וֹ
(lo)
Hem
בָּרֲכ֥וּ
(barakhu)
zegent
שְׁמֽוֹ
(shemo)
Zijn naam
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
5Want Yahweh is goed. Zijn trouw is voor eeuwig, en van generatie op generatie Zijn betrouwbaarheid.
כִּי
(ki)
want
ט֣וֹב
(tov)
goed
יְ֭הֹוָה
(Yahweh)
Yahweh
לְעוֹלָ֣ם
(leolam)
voor eeuwig
חַסְדּ֑וֹ
(chasdo)
Zijn trouw
וְעַד
(vead)
en tot
דֹּ֥ר
(dor)
generatie
וָ֝דֹ֗ר
(vador)
en generatie
אֱמוּנָתֽוֹ
(emunato)
Zijn betrouwbaarheid
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

חֶסֶד (chesed), ‘trouw’: verbondstrouw, goedertierenheid.

אֱמוּנָה (emunah), ‘betrouwbaarheid’: wat vast en te vertrouwen is. Zie ook 98:3.