Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).
Waarom hebt U verworpen?
1Een maskil van Asaf. Waarom, Elohim, verwerpt U voor altijd? Waarom rookt Uw toorn tegen de schapen van Uw weide?
מַשְׂכִּ֗יל
(maskil)
maskil
לְאָ֫סָ֥ף
(leasaf)
van Asaf
לָמָ֣ה
(lama)
waarom
אֱ֭לֹהִים
(Elohim)
Elohim
זָנַ֣חְתָּ
(zanachta)
U verwerpt
לָנֶ֑צַח
(lanetsach)
voor altijd
יֶעְשַׁ֥ן
(yeshan)
rookt
אַ֝פְּךָ֗
(apekha)
Uw toorn
בְּצֹ֣אן
(betson)
tegen de schapen van
מַרְעִיתֶֽךָ
(maritekha)
Uw weide
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
מַשְׂכִּיל (maskil): de betekenis is onzeker; mogelijk ‘onderwijzend lied’ of ‘kunstig lied’.
Wij laten het woord staan.
אָסָף (Asaf): Asaf was een zanger uit de tijd van David (1 Kron. 6:24). Psalm 50 en 73–83 dragen zijn naam.
Het ‘rooken’ van de toorn (letterlijk: van de neus) is een beeld van toorn die hoorbaar en zichtbaar brandt.
2Denk aan Uw gemeenschap, die U lang geleden hebt verworven. Denk aan de stam van Uw erfdeel, die U hebt verlost, aan de berg Sion, waar U gewoond hebt.
זְכֹ֤ר
(zekhor)
denk aan
עֲדָתְךָ֨
(adatekha)
Uw gemeenschap
קָ֘נִ֤יתָ
(qanita)
die U hebt verworven
קֶּ֗דֶם
(qedem)
van oudsher
גָּ֭אַלְתָּ
(gaalta)
U hebt verlost
שֵׁ֣בֶט
(shevet)
stam van
נַחֲלָתֶ֑ךָ
(nachalatekha)
Uw erfdeel
הַר
(har)
berg
צִ֝יּ֗וֹן
(tsiyon)
Sion
זֶ֤ה
(ze)
deze
שָׁכַ֬נְתָּ
(shakhanta)
waar U gewoond hebt
בּֽוֹ
(bo)
in haar
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Plaats
Zie Jeruzalem: Jeruzalem ligt op het bergland van Juda.
Salem wordt gelezen als Jeruzalem, en Moria en Sion worden van oudsher bij Jeruzalem gezocht.
Uitleg
עֵדָה (edah), ‘gemeenschap’: de gemeenschap van Israël, zoals in Exodus en Numeri.
Sion is hier de berg waar Yahweh woont; zie ook vers 7.
15U hebt bron en beek doen opwellen. U hebt altijd stromende rivieren drooggelegd.
אַתָּ֣ה
(ata)
U
בָ֭קַעְתָּ
(baqata)
hebt doen opwellen
מַעְיָ֣ן
(mayan)
bron
וָנָ֑חַל
(vanachal)
en beek
אַתָּ֥ה
(ata)
U
ה֝וֹבַ֗שְׁתָּ
(hovashta)
hebt drooggelegd
נַהֲר֥וֹת
(naharot)
rivieren
אֵיתָֽן
(eitan)
altijd stromend
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
Vers 15 noemt twee kanten van Elohims macht over het water: Hij laat water opwellen (bijvoorbeeld Exod. 17:6) en Hij legt rivieren droog (bijvoorbeeld Joz. 3:13–17).
19Lever het leven van Uw tortelduif niet over aan het wilde dier. Vergeet de schare van Uw ellendigen niet voor altijd.
אַל
(al)
niet
תִּתֵּ֣ן
(titen)
lever over
לְ֭חַיַּת
(lechayat)
aan het wilde dier
נֶ֣פֶשׁ
(nefesh)
leven van
תּוֹרֶ֑ךָ
(torekha)
Uw tortelduif
חַיַּ֥ת
(chayat)
schare van
עֲ֝נִיֶּ֗יךָ
(aniyeikha)
Uw ellendigen
אַל
(al)
niet
תִּשְׁכַּ֥ח
(tishkach)
vergeet
לָנֶֽצַח
(lanetsach)
voor altijd
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
תּוֹר (tor), ‘tortelduif’: een beeld voor het volk van Elohim, zwak en weerloos.
חַיָּה (chayyah), ‘wild dier’, en חַיַּת (chayyat), ‘schare’: hetzelfde Hebreeuwse woord, eerst als ‘dier’ en daarna als ‘groep’. De tweede betekenis is waarschijnlijk, maar niet helemaal zeker.