Elohim Bijbel

Filippenzen 4

1234

Standvastig in de Heer, wees niet bezorgd, tevreden in alles, dank voor de gift en de groeten

Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).

Sta vast in de Heer

1Daarom, mijn broers, geliefd en verlangd, mijn vreugde en krans: sta zo vast in de Heer, geliefden.
ὥστε
(hoste)
zodat
ἀδελφοί
(adelphoi)
broers
μου
(mou)
mijn
ἀγαπητοὶ
(agapetoi)
geliefde
καὶ
(kai)
en
ἐπιπόθητοι
(epipothetoi)
verlangde
χαρὰ
(chara)
vreugde
καὶ
(kai)
en
στέφανός
(stephanos)
krans
μου
(mou)
mijn
οὕτως
(houtos)
zo
στήκετε
(stekete)
staat vast
ἐν
(en)
in
κυρίῳ
(kyrio)
de Heer
ἀγαπητοί
(agapetoi)
geliefden
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἐπιπόθητος (epipothetos), ‘verlangd’: naar wie men verlangt. στέφανος (stefanos), ‘krans’: de krans van de winnaar in een wedstrijd, zoals in 1 Kor. 9:25. στήκω (steko), ‘vastberaden staan’: zie 1:27.

Zie ook 1 Kor. 9:25; Filip. 1:27.

Euodia en Syntyche

2Euodia spoor ik aan en Syntyche spoor ik aan om hetzelfde te denken in de Heer.
Εὐοδίαν
(Euodian)
Euodia
παρακαλῶ
(parakalo)
ik spoor aan
καὶ
(kai)
en
Συντύχην
(Syntychen)
Syntyche
παρακαλῶ
(parakalo)
ik spoor aan
τὸ
(to)
het
αὐτὸ
(auto)
hetzelfde
φρονεῖν
(phronein)
denken
ἐν
(en)
in
κυρίῳ
(kyrio)
de Heer
Bron: SBLGNT
Uitleg

Euodia en Syntyche zijn vrouwennamen.

De brief zegt niet wat er tussen hen was; Paulus spoort hen aan tot hetzelfde denken. παρακαλέω (parakaleo), ‘aansporen’: ook ‘vragen, oproepen’; zoals in Ef. 4:1 en 2 Kor. 5:20. φρονέω (froneo), ‘denken’: zie 2:2.

Zie ook Filip. 2:2; 2 Kor. 5:20.

3Ja, ik vraag ook jou, trouwe Syzygos: help hen die met mij gestreden hebben in de goede boodschap, samen ook met Clemens en mijn andere medewerkers. Hun namen staan in het boek van het leven.
ναὶ
(nai)
ja
ἐρωτῶ
(eroto)
ik vraag
καὶ
(kai)
ook
σέ
(se)
jou
γνήσιε
(gnesie)
trouwe
σύζυγε
(syzyge)
Syzygos
συλλαμβάνου
(syllambanou)
help
αὐταῖς
(autais)
hen
αἵτινες
(haitines)
die
ἐν
(en)
in
τῷ
(to)
de
εὐαγγελίῳ
(euangelio)
goede boodschap
συνήθλησάν
(synethlesan)
streden samen
μοι
(moi)
met mij
μετὰ
(meta)
samen met
καὶ
(kai)
ook
Κλήμεντος
(Klementos)
Clemens
καὶ
(kai)
en
τῶν
(ton)
de
λοιπῶν
(loipon)
overige
συνεργῶν
(synergon)
medewerkers
μου
(mou)
mijn
ὧν
(hon)
van wie
τὰ
(ta)
de
ὀνόματα
(onomata)
namen
ἐν
(en)
in
βίβλῳ
(biblo)
boek
ζωῆς
(zoes)
van leven
Bron: SBLGNT
Uitleg

σύζυγε (syzyge): de aanspreekvorm van σύζυγος (syzygos).

Dit kan een eigennaam zijn, ‘Syzygos’, of een woord, ‘metgezel’ (letterlijk ‘wie met mij onder hetzelfde juk loopt’).

Wij schrijven ‘trouwe Syzygos’; de brief zegt niet wie bedoeld wordt.

Bij dit woord staat in de SBLGNT een variantmarkering.

De brief zegt verder niets over Clemens. συναθλέω (synatheleo), ‘samen strijden’: zoals in 1:27.

‘Hun namen’ slaat in elk geval op Clemens en de andere medewerkers; het Grieks laat open of ook de twee vrouwen erbij horen.

‘Het boek van het leven’: een beeld voor wie bij Elohim bekend en opgeschreven is.

Zie ook Filip. 1:27; Exod. 32:32; Ps. 69:29; Dan. 12:1.

Verheug jullie en wees niet bezorgd

4Verheug jullie altijd in de Heer. Nogmaals zal ik zeggen: verheug jullie.
Χαίρετε
(Chairete)
verheugt jullie
ἐν
(en)
in
κυρίῳ
(kyrio)
de Heer
πάντοτε
(pantote)
altijd
πάλιν
(palin)
opnieuw
ἐρῶ
(ero)
ik zal zeggen
χαίρετε
(chairete)
verheugt jullie
Bron: SBLGNT
Uitleg

χαίρετε (chairete), ‘verheug jullie’: zie 3:1.

Het gebod wordt herhaald: ‘nogmaals zal ik zeggen’.

5Laat jullie mildheid bekend worden aan alle mensen. De Heer is nabij.
τὸ
(to)
de
ἐπιεικὲς
(epieikes)
mildheid
ὑμῶν
(hymon)
jullie
γνωσθήτω
(gnostheto)
laat bekend worden
πᾶσιν
(pasin)
aan alle
ἀνθρώποις
(anthropois)
mensen
ὁ
(ho)
de
κύριος
(kyrios)
Heer
ἐγγύς
(engys)
nabij
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἐπιεικές (epieikes), ‘mildheid’: ook ‘redelijkheid, inschikkelijkheid, billijkheid’.

‘De Heer is nabij’: het Grieks laat open of het om de tijd gaat (Hij komt spoedig) of om de plaats (Hij is dichtbij).

Vergelijk Ps. 145:18, waar Yahweh nabij is allen die Hem aanroepen, en de roep Marana tha in 1 Kor. 16:22.

Zie ook Ps. 145:18; 1 Kor. 16:22.

6Maak jullie over niets zorgen, maar laat in alles jullie verzoeken met gebed en smeking, met dankzegging, bekend worden bij Elohim.
μηδὲν
(meden)
niets
μεριμνᾶτε
(merimnate)
maakt zorgen
ἀλλ’
(all’)
maar
ἐν
(en)
in
παντὶ
(panti)
alles
τῇ
(te)
het
προσευχῇ
(proseuche)
gebed
καὶ
(kai)
en
τῇ
(te)
de
δεήσει
(deesei)
smeking
μετ’
(met’)
met
εὐχαριστίας
(eucharistias)
dankzegging
τὰ
(ta)
de
αἰτήματα
(aitemata)
verzoeken
ὑμῶν
(hymon)
jullie
γνωριζέσθω
(gnorizestho)
laat bekend worden
πρὸς
(pros)
bij
τὸν
(ton)
de
θεόν
(theon)
Elohim
Bron: SBLGNT
Uitleg

μεριμνάω (merimnao), ‘zich zorgen maken’: het woord betekent ook ‘zorg dragen’, zoals in 2:20. προσευχή (proseuche), ‘gebed’; δέησις (deesis), ‘smeking’: een dringend verzoek. αἴτημα (aitema), ‘verzoek’.

7En de vrede van Elohim, die alle verstand te boven gaat, zal jullie harten en jullie gedachten bewaken in Yeshua de Messias.
καὶ
(kai)
en
ἡ
(he)
de
εἰρήνη
(eirene)
vrede
τοῦ
(tou)
van de
θεοῦ
(theou)
Elohim
ἡ
(he)
die
ὑπερέχουσα
(hyperechousa)
overtreft
πάντα
(panta)
al
νοῦν
(noun)
verstand
φρουρήσει
(phrouresei)
zal bewaken
τὰς
(tas)
de
καρδίας
(kardias)
harten
ὑμῶν
(hymon)
jullie
καὶ
(kai)
en
τὰ
(ta)
de
νοήματα
(noemata)
gedachten
ὑμῶν
(hymon)
jullie
ἐν
(en)
in
Χριστῷ
(Christo)
de Messias
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
Bron: SBLGNT
Uitleg

φρουρέω (phroureo), ‘bewaken’: zoals een wacht een stad bewaakt; hetzelfde woord staat in Gal. 3:23. νοῦς (nous), ‘verstand’. νόημα (noema), ‘gedachte’.

Zie ook Gal. 3:23.

Zie ookGal 3:23

Overweeg het goede

8Verder, broers: alles wat waar is, alles wat eerbaar, alles wat rechtvaardig, alles wat zuiver, alles wat beminnelijk, alles wat welluidend, als er enige deugd en als er enige lof is: overweeg dat.
Τὸ
(To)
het
λοιπόν
(loipon)
overige
ἀδελφοί
(adelphoi)
broers
ὅσα
(hosa)
alles wat
ἐστὶν
(estin)
is
ἀληθῆ
(alethe)
waar
ὅσα
(hosa)
alles wat
σεμνά
(semna)
eerbaar
ὅσα
(hosa)
alles wat
δίκαια
(dikaia)
rechtvaardig
ὅσα
(hosa)
alles wat
ἁγνά
(hagna)
zuiver
ὅσα
(hosa)
alles wat
προσφιλῆ
(prosphile)
beminnelijk
ὅσα
(hosa)
alles wat
εὔφημα
(euphema)
welluidend
εἴ
(ei)
als
τις
(tis)
enige
ἀρετὴ
(arete)
deugd
καὶ
(kai)
en
εἴ
(ei)
als
τις
(tis)
enige
ἔπαινος
(epainos)
lof
ταῦτα
(tauta)
dit
λογίζεσθε
(logizesthe)
overweegt
Bron: SBLGNT
Uitleg

Zes woorden met ‘alles wat’: ἀληθής (alethes), ‘waar’; σεμνός (semnos), ‘eerbaar’; δίκαιος (dikaios), ‘rechtvaardig’; ἁγνός (hagnos), ‘zuiver’; προσφιλής (prosfiles), ‘beminnelijk’; εὔφημος (eufemos), ‘welluidend’: wat goed klinkt of waarover goed gesproken wordt. ἀρετή (arete), ‘deugd’. λογίζομαι (logizomai), ‘overwegen’: ook ‘rekenen, in rekening brengen’.

9Wat jullie ook geleerd en aangenomen en gehoord en gezien hebben bij mij, doe dat. En de Elohim van de vrede zal met jullie zijn.
ἃ
(ha)
wat
καὶ
(kai)
ook
ἐμάθετε
(emathete)
jullie leerden
καὶ
(kai)
en
παρελάβετε
(parelabete)
jullie namen aan
καὶ
(kai)
en
ἠκούσατε
(ekousate)
jullie hoorden
καὶ
(kai)
en
εἴδετε
(eidete)
jullie zagen
ἐν
(en)
in
ἐμοί
(emoi)
mij
ταῦτα
(tauta)
dit
πράσσετε
(prassete)
doet
καὶ
(kai)
en
ὁ
(ho)
de
θεὸς
(theos)
Elohim
τῆς
(tes)
van de
εἰρήνης
(eirenes)
vrede
ἔσται
(estai)
zal zijn
μεθ’
(meth’)
met
ὑμῶν
(hymon)
jullie
Bron: SBLGNT
Uitleg

παραλαμβάνω (paralambano), ‘aannemen’: ontvangen wat doorgegeven wordt.

‘De Elohim van de vrede’ sluit aan bij ‘de vrede van Elohim’ in vers 7.

Zie ook Filip. 4:7.

Zie ookFil 4:7

Dank voor de gift van de gemeente

10Ik heb mij zeer verheugd in de Heer dat jullie nu eindelijk weer opgebloeid zijn in het denken aan mij. Daaraan dachten jullie ook wel, maar jullie hadden geen gelegenheid.
Ἐχάρην
(Echaren)
ik verheugde mij
δὲ
(de)
maar
ἐν
(en)
in
κυρίῳ
(kyrio)
de Heer
μεγάλως
(megalos)
zeer
ὅτι
(hoti)
dat
ἤδη
(ede)
nu
ποτὲ
(pote)
eindelijk
ἀνεθάλετε
(anethalete)
jullie bloeiden weer op
τὸ
(to)
het
ὑπὲρ
(hyper)
voor
ἐμοῦ
(emou)
mij
φρονεῖν
(phronein)
denken
ἐφ’
(eph’)
in
ᾧ
(ho)
wat
καὶ
(kai)
ook
ἐφρονεῖτε
(ephroneite)
jullie dachten
ἠκαιρεῖσθε
(ekaireisthe)
jullie hadden geen gelegenheid
δέ
(de)
maar
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἀναθάλλω (anathallo), ‘weer opbloeien’: wat is verdord en weer groen wordt. φρονέω (froneo), ‘denken’: hier ‘denken aan’; zie 2:2. ἀκαιρέομαι (akaireomai), ‘geen gelegenheid hebben’: de brief zegt niet waarom het jullie ontbrak.

11Ik zeg dit niet vanwege een tekort, want ik heb geleerd tevreden te zijn in de omstandigheden waarin ik ben.
οὐχ
(ouch)
niet
ὅτι
(hoti)
dat
καθ’
(kath’)
vanwege
ὑστέρησιν
(hysteresin)
tekort
λέγω
(lego)
ik zeg
ἐγὼ
(ego)
ik
γὰρ
(gar)
want
ἔμαθον
(emathon)
ik leerde
ἐν
(en)
in
οἷς
(hois)
waarin
εἰμι
(eimi)
ik ben
αὐτάρκης
(autarkes)
tevreden
εἶναι
(einai)
te zijn
Bron: SBLGNT
Uitleg

αὐτάρκης (autarkes), ‘tevreden’: letterlijk ‘zichzelf genoeg’. ὑστέρησις (hysteresis), ‘tekort’.

Het Grieks heeft ‘in wat ik ben’; ‘omstandigheden’ is ons aanvulling.

12Ik weet wat vernederd worden is en ik weet wat overvloed hebben is. In alles en bij alles ben ik ingewijd: zowel verzadigd te worden als honger te lijden, zowel overvloed te hebben als tekort te hebben.
οἶδα
(oida)
ik weet
καὶ
(kai)
ook
ταπεινοῦσθαι
(tapeinousthai)
vernederd te worden
οἶδα
(oida)
ik weet
καὶ
(kai)
ook
περισσεύειν
(perisseuein)
overvloed te hebben
ἐν
(en)
in
παντὶ
(panti)
alles
καὶ
(kai)
en
ἐν
(en)
in
πᾶσιν
(pasin)
alles
μεμύημαι
(memyemai)
ik ben ingewijd
καὶ
(kai)
zowel
χορτάζεσθαι
(chortazesthai)
verzadigd te worden
καὶ
(kai)
als
πεινᾶν
(peinan)
honger te lijden
καὶ
(kai)
zowel
περισσεύειν
(perisseuein)
overvloed te hebben
καὶ
(kai)
als
ὑστερεῖσθαι
(hystereisthai)
tekort te hebben
Bron: SBLGNT
Uitleg

μυέω (myeo), ‘inwijden’: ingewijd worden in een geheim; Paulus gebruikt het beeldend voor wat hij geleerd heeft. ταπεινόω (tapeinoo), ‘vernederen’: zoals in 2:8. χορτάζω (chortazo), ‘verzadigen’. περισσεύω (perisseuo), ‘overvloed hebben’.

13Ik kan alles in Hem die mij kracht geeft.
πάντα
(panta)
alles
ἰσχύω
(ischyo)
ik kan
ἐν
(en)
in
τῷ
(to)
Hem die
ἐνδυναμοῦντί
(endynamounti)
kracht geeft
με
(me)
mij
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἐνδυναμόω (endynamoo), ‘kracht geven’.

Het Grieks noemt geen naam bij ‘Hem die mij kracht geeft’; wij schrijven ‘Hem’ met hoofdletter, omdat Elohim of de Messias bedoeld is.

14Toch hebben jullie goed gedaan door deelgenoot te worden in mijn verdrukking.
πλὴν
(plen)
toch
καλῶς
(kalos)
goed
ἐποιήσατε
(epoiesate)
jullie deden
συγκοινωνήσαντές
(synkoinonesantes)
deelgenoot geworden
μου
(mou)
van mij
τῇ
(te)
de
θλίψει
(thlipsei)
verdrukking
Bron: SBLGNT
Uitleg

συγκοινωνέω (sygkoinoneo), ‘deelgenoot worden’: zie 1:7. θλῖψις (thlipsis), ‘verdrukking’.

15Jullie weten ook zelf, Filippenzen, dat in het begin van de goede boodschap, toen ik uit Macedonië wegging, geen enkele gemeente met mij gemeenschap had in de rekening van geven en ontvangen, behalve jullie alleen.
Οἴδατε
(Oidate)
jullie weten
δὲ
(de)
maar
καὶ
(kai)
ook
ὑμεῖς
(hymeis)
jullie
Φιλιππήσιοι
(Philippesioi)
Filippenzen
ὅτι
(hoti)
dat
ἐν
(en)
in
ἀρχῇ
(arche)
begin
τοῦ
(tou)
van de
εὐαγγελίου
(euangeliou)
goede boodschap
ὅτε
(hote)
toen
ἐξῆλθον
(exelthon)
ik ging weg
ἀπὸ
(apo)
uit
Μακεδονίας
(Makedonias)
Macedonië
οὐδεμία
(oudemia)
geen enkele
μοι
(moi)
voor mij
ἐκκλησία
(ekklesia)
gemeente
ἐκοινώνησεν
(ekoinonesen)
had gemeenschap
εἰς
(eis)
in
λόγον
(logon)
rekening
δόσεως
(doseos)
van geven
καὶ
(kai)
en
λήμψεως
(lempseos)
ontvangen
εἰ
(ei)
als
μὴ
(me)
niet
ὑμεῖς
(hymeis)
jullie
μόνοι
(monoi)
alleen
Bron: SBLGNT
Plaats

Zie Macedonië (ongeveer): Macedonië was een Romeinse provincie in het noorden van Griekenland, met Tessalonica en Filippi als steden.

De grenzen zijn bij benadering.

Uitleg

Φιλιππήσιοι (Filippesioi), ‘Filippenzen’: de inwoners van Filippi. δόσις καὶ λῆμψις (dosis kai lempsis), ‘geven en ontvangen’: woorden uit de boekhouding; λόγος (logos), ‘rekening’. κοινωνέω (koinoneo), ‘gemeenschap hebben’: zie 1:5.

‘Het begin van de goede boodschap’: de tijd waarin de goede boodschap Macedonië bereikte, zie Hand. 16.

De Griekse zin is lang; splitsen zou de redenering breken.

Zie ook Hand. 16:12–40; Hand. 17:1; 2 Kor. 11:9.

16Want ook in Tessalonica hebben jullie mij zowel eenmaal als tweemaal voor mijn behoefte gestuurd.
ὅτι
(hoti)
omdat
καὶ
(kai)
ook
ἐν
(en)
in
Θεσσαλονίκῃ
(Thessalonike)
Tessalonica
καὶ
(kai)
en
ἅπαξ
(hapax)
eenmaal
καὶ
(kai)
en
δὶς
(dis)
tweemaal
εἰς
(eis)
voor
τὴν
(ten)
de
χρείαν
(chreian)
behoefte
μοι
(moi)
mij
ἐπέμψατε
(epempsate)
jullie stuurden
Bron: SBLGNT
Plaats

Zie Tessalonica (nu Thessaloniki): Tessalonica was de hoofdstad van de Romeinse provincie Macedonië, aan de Thermaïsche Golf in het noorden van Griekenland.

De stad heet nu Thessaloniki.

Zij lag aan de grote weg van oost naar west, de Via Egnatia.

Uitleg

Tessalonica ligt in Macedonië (Hand. 17:1). ἅπαξ καὶ δίς (hapax kai dis), ‘zowel eenmaal als tweemaal’: meer dan eens. χρεία (chreia), ‘behoefte’.

Het Grieks noemt niet wat zij stuurden.

Zie ook Hand. 17:1; 2 Kor. 11:9.

17Niet dat ik de gave zoek, maar ik zoek de vrucht die overvloedig wordt op jullie rekening.
οὐχ
(ouch)
niet
ὅτι
(hoti)
dat
ἐπιζητῶ
(epizeto)
ik zoek
τὸ
(to)
de
δόμα
(doma)
gave
ἀλλὰ
(alla)
maar
ἐπιζητῶ
(epizeto)
ik zoek
τὸν
(ton)
de
καρπὸν
(karpon)
vrucht
τὸν
(ton)
die
πλεονάζοντα
(pleonazonta)
overvloedig wordt
εἰς
(eis)
op
λόγον
(logon)
rekening
ὑμῶν
(hymon)
jullie
Bron: SBLGNT
Uitleg

δόμα (doma), ‘gave’; καρπός (karpos), ‘vrucht’. λόγος (logos), ‘rekening’: de vrucht wordt aan jullie bijgeschreven, als winst op jullie rekening.

18Ik heb alles en heb overvloed. Ik ben vervuld nu ik van Epafroditus ontvangen heb wat van jullie komt: een geur van welriekendheid, een aanvaardbaar offer, welgevallig aan Elohim.
ἀπέχω
(apecho)
ik heb
δὲ
(de)
maar
πάντα
(panta)
alles
καὶ
(kai)
en
περισσεύω
(perisseuo)
ik heb overvloed
πεπλήρωμαι
(pepleromai)
ik ben vervuld
δεξάμενος
(dexamenos)
ontvangen hebbend
παρὰ
(para)
van
Ἐπαφροδίτου
(Epaphroditou)
Epafroditus
τὰ
(ta)
wat
παρ’
(par’)
van
ὑμῶν
(hymon)
jullie
ὀσμὴν
(osmen)
geur
εὐωδίας
(euodias)
van welriekendheid
θυσίαν
(thysian)
offer
δεκτήν
(dekten)
aanvaardbaar
εὐάρεστον
(euareston)
welgevallig
τῷ
(to)
aan de
θεῷ
(theo)
Elohim
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἀπέχω (apecho), ‘ontvangen hebben, helemaal hebben’: een woord uit de handel. ὀσμὴ εὐωδίας (osme euodias), ‘geur van welriekendheid’, en θυσία (thysia), ‘offer’: taal van het offer; vergelijk Lev. 1:9, ‘een aangename geur voor Yahweh’.

Zo noemt Paulus de gift een offer voor Elohim.

Epafroditus: zie 2:25–30.

Zie ook Filip. 2:25–30; Lev. 1:9.

19Mijn Elohim zal elke behoefte van jullie vervullen, naar Zijn rijkdom, in heerlijkheid, in Yeshua de Messias.
ὁ
(ho)
de
δὲ
(de)
maar
θεός
(theos)
Elohim
μου
(mou)
mijn
πληρώσει
(plerosei)
zal vervullen
πᾶσαν
(pasan)
elke
χρείαν
(chreian)
behoefte
ὑμῶν
(hymon)
jullie
κατὰ
(kata)
naar
τὸ
(to)
de
πλοῦτος
(ploutos)
rijkdom
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
ἐν
(en)
in
δόξῃ
(doxe)
heerlijkheid
ἐν
(en)
in
Χριστῷ
(Christo)
de Messias
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
Bron: SBLGNT
Uitleg

πληρόω (pleroo), ‘vervullen’. πλοῦτος (ploutos), ‘rijkdom’. ἐν δόξῃ (en doxe), ‘in heerlijkheid’: kan bij ‘rijkdom’ horen (‘Zijn rijkdom in heerlijkheid’) of bij ‘vervullen’.

‘Mijn Elohim’: Paulus spreekt persoonlijk, zoals in 1:3.

20Aan onze Elohim en Vader zij de heerlijkheid tot in de eeuwen van de eeuwen. Amen.
τῷ
(to)
aan de
δὲ
(de)
maar
θεῷ
(theo)
Elohim
καὶ
(kai)
en
πατρὶ
(patri)
Vader
ἡμῶν
(hemon)
onze
ἡ
(he)
de
δόξα
(doxa)
heerlijkheid
εἰς
(eis)
tot
τοὺς
(tous)
de
αἰῶνας
(aionas)
eeuwen
τῶν
(ton)
van de
αἰώνων
(aionon)
eeuwen
ἀμήν
(amen)
amen
Bron: SBLGNT
Uitleg

Slotlofprijs. ἀμήν (amen): Hebreeuws ‘zo is het’; zoals in Gal. 1:5.

Zie ook Gal. 1:5.

Zie ookGal 1:5

Groeten en zegen

21Groet ieder heilige in Yeshua de Messias. De broers die bij mij zijn, groeten jullie.
Ἀσπάσασθε
(Aspasasthe)
groet
πάντα
(panta)
elke
ἅγιον
(hagion)
heilige
ἐν
(en)
in
Χριστῷ
(Christo)
de Messias
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
ἀσπάζονται
(aspazontai)
groeten
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
οἱ
(hoi)
de
σὺν
(syn)
met
ἐμοὶ
(emoi)
mij
ἀδελφοί
(adelphoi)
broers
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἅγιος (hagios), ‘heilige’: zie 1:1.

Het Grieks heeft ‘ieder heilige’ in het enkelvoud; wij houden dat.

22Alle heiligen groeten jullie, vooral zij die tot het huis van de keizer behoren.
ἀσπάζονται
(aspazontai)
groeten
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
πάντες
(pantes)
alle
οἱ
(hoi)
de
ἅγιοι
(hagioi)
heiligen
μάλιστα
(malista)
vooral
δὲ
(de)
maar
οἱ
(hoi)
zij
ἐκ
(ek)
uit
τῆς
(tes)
het
Καίσαρος
(Kaisaros)
van de keizer
οἰκίας
(oikias)
huis
Bron: SBLGNT
Uitleg

‘Het huis van de keizer’: de keizerlijke huishouding, de mensen die in dienst van de keizer stonden.

Het Grieks noemt de keizer niet bij naam en de brief noemt de stad van waaruit Paulus schrijft niet.

Vergelijk het pretorium in 1:13.

Zie ook Filip. 1:13.

Zie ookFil 1:13
23De genade van de Heer Yeshua de Messias zij met jullie geest.
ἡ
(he)
de
χάρις
(charis)
genade
τοῦ
(tou)
van de
κυρίου
(kyriou)
Heer
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
Χριστοῦ
(Christou)
de Messias
μετὰ
(meta)
met
τοῦ
(tou)
de
πνεύματος
(pneumatos)
geest
ὑμῶν
(hymon)
jullie
Bron: SBLGNT
Uitleg

‘Met jullie geest’: de geest van de lezers staat voor henzelf, zoals in Gal. 6:18.

Zie ook Gal. 6:18.

Zie ookGal 6:18