Elohim Bijbel

Matteüs 1

12345678910111213141516171819202122232425262728

Yeshua de Messias

Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).

De afstamming van Yeshua

1Dit is het boek van de geschiedenis van Yeshua de Messias, zoon van David, zoon van Abraham.
Βίβλος
(Biblos)
boek
γενέσεως
(geneseos)
van oorsprong
Ἰησοῦ
(Iesou)
van Yeshua
χριστοῦ
(christou)
van de Messias
υἱοῦ
(huiou)
zoon van
Δαυὶδ
(Dauid)
David
υἱοῦ
(huiou)
zoon van
Ἀβραάμ
(Abraam)
Abraham
Bron: SBLGNT
Uitleg

βίβλος γενέσεως (biblos geneseos), ‘boek van de oorsprong’, zijn dezelfde woorden als in de Griekse vertaling van Genesis 2:4 en 5:1.

Matteüs begint zo met een nieuw begin. Χριστός (christos), ‘gezalfde’, is het Griekse woord voor het Hebreeuwse מָשִׁיחַ (mashiach), ‘Messias’.

David en Abraham zijn de twee mensen aan wie Elohim een belofte deed (2 Sam. 7:12–16 en Gen. 12:3).

2Abraham werd de vader van Isaak. Isaak werd de vader van Jakob. Jakob werd de vader van Juda en zijn broers.
Ἀβραὰμ
(Abraam)
Abraham
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ἰσαάκ
(Isaak)
Isaak
Ἰσαὰκ
(Isaak)
Isaak
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ἰακώβ
(Iakob)
Jakob
Ἰακὼβ
(Iakob)
Jakob
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ἰούδαν
(Ioudan)
Juda
καὶ
(kai)
en
τοὺς
(tous)
(de)
ἀδελφοὺς
(adelphous)
broers
αὐτοῦ
(autou)
zijn
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἐγέννησεν (egennesen), ‘verwekte’, is vertaald als ‘werd de vader van’, zoals in Genesis 5.

Het kan ook ‘voorvader van’ betekenen: niet elke schakel hoeft de directe zoon te zijn.

3Juda werd de vader van Peres en Zerach, bij Tamar. Peres werd de vader van Chezron. Chezron werd de vader van Ram.
Ἰούδας
(Ioudas)
Juda
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Φαρὲς
(Phares)
Peres
καὶ
(kai)
en
τὸν
(ton)
(de)
Ζάρα
(Zara)
Zerach
ἐκ
(ek)
uit
τῆς
(tes)
(de)
Θαμάρ
(Thamar)
Tamar
Φαρὲς
(Phares)
Peres
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ἑσρώμ
(Hesrom)
Chezron
Ἑσρὼμ
(Hesrom)
Chezron
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ἀράμ
(Aram)
Ram
Bron: SBLGNT
Uitleg

Θαμάρ (Tamar): zie Gen. 38.

Matteüs noemt in de lijst vier vrouwen: Tamar, Rachab, Rut en de vrouw van Uria.

4Ram werd de vader van Amminadab. Amminadab werd de vader van Nachsjon. Nachsjon werd de vader van Salmon.
Ἀρὰμ
(Aram)
Ram
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ἀμιναδάβ
(Aminadab)
Amminadab
Ἀμιναδὰβ
(Aminadab)
Amminadab
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ναασσών
(Naasson)
Nachsjon
Ναασσὼν
(Naasson)
Nachsjon
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Σαλμών
(Salmon)
Salmon
Bron: SBLGNT
5Salmon werd de vader van Boaz, bij Rachab. Boaz werd de vader van Obed, bij Rut. Obed werd de vader van Isaï.
Σαλμὼν
(Salmon)
Salmon
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Βόες
(Boes)
Boaz
ἐκ
(ek)
uit
τῆς
(tes)
(de)
Ῥαχάβ
(Rhachab)
Rachab
Βόες
(Boes)
Boaz
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ἰωβὴδ
(Iobed)
Obed
ἐκ
(ek)
uit
τῆς
(tes)
(de)
Ῥούθ
(Rhouth)
Rut
Ἰωβὴδ
(Iobed)
Obed
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ἰεσσαί
(Iessai)
Isaï
Bron: SBLGNT
Uitleg

Ῥαχάβ (Rachab) is de vrouw uit Jericho (Joz. 2:1). Ῥούθ (Rut) is de Moabitische vrouw van wie het boek Rut vertelt (Rut 4:13–22).

6Isaï werd de vader van koning David. David werd de vader van Salomo, bij de vrouw van Uria.
Ἰεσσαὶ
(Iessai)
Isaï
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Δαυὶδ
(Dauid)
David
τὸν
(ton)
(de)
βασιλέα
(basilea)
koning
Δαυὶδ
(Dauid)
David
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Σολομῶνα
(Solomona)
Salomo
ἐκ
(ek)
uit
τῆς
(tes)
(de)
τοῦ
(tou)
(die) van
Οὐρίου
(Ouriou)
Uria
Bron: SBLGNT
Uitleg

Het Grieks heeft ‘bij die van Uria’; ‘vrouw’ is aangevuld.

Bathseba wordt niet bij naam genoemd (2 Sam. 11:3; 12:24).

7Salomo werd de vader van Rehabeam. Rehabeam werd de vader van Abia. Abia werd de vader van Asaf.
Σολομὼν
(Solomon)
Salomo
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ῥοβοάμ
(Rhoboam)
Rehabeam
Ῥοβοὰμ
(Rhoboam)
Rehabeam
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ἀβιά
(Abia)
Abia
Ἀβιὰ
(Abia)
Abia
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ἀσάφ
(Asaph)
Asaf
Bron: SBLGNT
Uitleg

Ἀσάφ (Asaf) is de lezing van de oudste handschriften (SBLGNT).

De Textus Receptus en de Byzantijnse tekst lezen Ἀσά (Asa), de koning (1 Kron. 3:10).

8Asaf werd de vader van Josafat. Josafat werd de vader van Joram. Joram werd de vader van Uzzia.
Ἀσὰφ
(Asaph)
Asaf
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ἰωσαφάτ
(Iosaphat)
Josafat
Ἰωσαφὰτ
(Iosaphat)
Josafat
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ἰωράμ
(Ioram)
Joram
Ἰωρὰμ
(Ioram)
Joram
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ὀζίαν
(Ozian)
Uzzia
Bron: SBLGNT
Uitleg

Tussen Joram en Uzzia laat Matteüs drie koningen weg: Achazia, Joas en Amazia (1 Kron. 3:11–12).

Dat past bij ἐγέννησεν als ‘voorvader van’.

9Uzzia werd de vader van Jotam. Jotam werd de vader van Achaz. Achaz werd de vader van Hizkia.
Ὀζίας
(Ozias)
Uzzia
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ἰωαθάμ
(Ioatham)
Jotam
Ἰωαθὰμ
(Ioatham)
Jotam
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ἀχάζ
(Achaz)
Achaz
Ἀχὰζ
(Achaz)
Achaz
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ἑζεκίαν
(Hezekian)
Hizkia
Bron: SBLGNT
10Hizkia werd de vader van Manasse. Manasse werd de vader van Amos. Amos werd de vader van Josia.
Ἑζεκίας
(Hezekias)
Hizkia
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Μανασσῆ
(Manasse)
Manasse
Μανασσῆς
(Manasses)
Manasse
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ἀμώς
(Amos)
Amos
Ἀμὼς
(Amos)
Amos
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ἰωσίαν
(Iosian)
Josia
Bron: SBLGNT
Uitleg

Ἀμώς (Amos) is de lezing van de oudste handschriften (SBLGNT).

De Textus Receptus en de Byzantijnse tekst lezen Ἀμών (Amon), de koning (1 Kron. 3:14).

11Josia werd de vader van Jechonia en zijn broers, ten tijde van de ballingschap in Babel.
Ἰωσίας
(Iosias)
Josia
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ἰεχονίαν
(Iechonian)
Jechonia
καὶ
(kai)
en
τοὺς
(tous)
(de)
ἀδελφοὺς
(adelphous)
broers
αὐτοῦ
(autou)
zijn
ἐπὶ
(epi)
bij
τῆς
(tes)
de
μετοικεσίας
(metoikesias)
ballingschap
Βαβυλῶνος
(Babylonos)
van Babel
Bron: SBLGNT
Uitleg

μετοικεσία (metoikesia) is ‘wegvoering, verplaatsing naar een ander land’; hier de ballingschap in Babel (2 Kon. 24:14–16).

Tussen Josia en Jechonia laat Matteüs Jojakim weg (1 Kron. 3:15–16).

12Na de ballingschap in Babel werd Jechonia de vader van Sealtiël. Sealtiël werd de vader van Zerubbabel.
Μετὰ
(Meta)
na
δὲ
(de)
maar
τὴν
(ten)
de
μετοικεσίαν
(metoikesian)
ballingschap
Βαβυλῶνος
(Babylonos)
van Babel
Ἰεχονίας
(Iechonias)
Jechonia
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Σαλαθιήλ
(Salathiel)
Sealtiël
Σαλαθιὴλ
(Salathiel)
Sealtiël
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ζοροβαβέλ
(Zorobabel)
Zerubbabel
Bron: SBLGNT
13Zerubbabel werd de vader van Abiud. Abiud werd de vader van Eljakim. Eljakim werd de vader van Azor.
Ζοροβαβὲλ
(Zorobabel)
Zerubbabel
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ἀβιούδ
(Abioud)
Abiud
Ἀβιοὺδ
(Abioud)
Abiud
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ἐλιακίμ
(Eliakim)
Eljakim
Ἐλιακὶμ
(Eliakim)
Eljakim
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ἀζώρ
(Azor)
Azor
Bron: SBLGNT
14Azor werd de vader van Sadok. Sadok werd de vader van Achim. Achim werd de vader van Eliud.
Ἀζὼρ
(Azor)
Azor
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Σαδώκ
(Sadok)
Sadok
Σαδὼκ
(Sadok)
Sadok
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ἀχίμ
(Achim)
Achim
Ἀχὶμ
(Achim)
Achim
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ἐλιούδ
(Elioud)
Eliud
Bron: SBLGNT
15Eliud werd de vader van Eleazar. Eleazar werd de vader van Mattan. Mattan werd de vader van Jakob.
Ἐλιοὺδ
(Elioud)
Eliud
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ἐλεάζαρ
(Eleazar)
Eleazar
Ἐλεάζαρ
(Eleazar)
Eleazar
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ματθάν
(Matthan)
Mattan
Ματθὰν
(Matthan)
Mattan
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ἰακώβ
(Iakob)
Jakob
Bron: SBLGNT
16Jakob werd de vader van Jozef, de man van Maria. Uit haar werd Yeshua geboren, die de Messias wordt genoemd.
Ἰακὼβ
(Iakob)
Jakob
δὲ
(de)
maar
ἐγέννησεν
(egennesen)
verwekte
τὸν
(ton)
(de)
Ἰωσὴφ
(Ioseph)
Jozef
τὸν
(ton)
(de)
ἄνδρα
(andra)
man
Μαρίας
(Marias)
van Maria
ἐξ
(ex)
uit
ἧς
(hes)
wie
ἐγεννήθη
(egennethe)
werd geboren
Ἰησοῦς
(Iesous)
Yeshua
ὁ
(ho)
de
λεγόμενος
(legomenos)
genoemd
χριστός
(christos)
Messias
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἐξ ἧς (ex hes), ‘uit wie’, is vrouwelijk: Yeshua wordt geboren uit Maria.

Jozef wordt hier niet als vader van Yeshua genoemd, maar als ‘de man van Maria’.

17Alle generaties zijn dus: van Abraham tot David 14 generaties, van David tot de ballingschap in Babel 14 generaties en van de ballingschap in Babel tot de Messias 14 generaties.
Πᾶσαι
(Pasai)
alle
οὖν
(oun)
dus
αἱ
(hai)
de
γενεαὶ
(geneai)
generaties
ἀπὸ
(apo)
van
Ἀβραὰμ
(Abraam)
Abraham
ἕως
(heos)
tot
Δαυὶδ
(Dauid)
David
γενεαὶ
(geneai)
generaties
δεκατέσσαρες
(dekatessares)
14
καὶ
(kai)
en
ἀπὸ
(apo)
van
Δαυὶδ
(Dauid)
David
ἕως
(heos)
tot
τῆς
(tes)
de
μετοικεσίας
(metoikesias)
ballingschap
Βαβυλῶνος
(Babylonos)
van Babel
γενεαὶ
(geneai)
generaties
δεκατέσσαρες
(dekatessares)
14
καὶ
(kai)
en
ἀπὸ
(apo)
van
τῆς
(tes)
de
μετοικεσίας
(metoikesias)
ballingschap
Βαβυλῶνος
(Babylonos)
van Babel
ἕως
(heos)
tot
τοῦ
(tou)
de
χριστοῦ
(christou)
Messias
γενεαὶ
(geneai)
generaties
δεκατέσσαρες
(dekatessares)
14
Bron: SBLGNT
Uitleg

Matteüs telt drie keer 14 generaties.

Dat lukt als men één naam twee keer telt: David (eind van de eerste en begin van de tweede reeks) of Jechonia (eind van de tweede en begin van de derde reeks).

Het getal 14 is ook de waarde van de Hebreeuwse letters van de naam David (דוד: 4 + 6 + 4).

De geboorte van Yeshua

18De geboorte van Yeshua de Messias ging zo. Zijn moeder Maria was verloofd met Jozef. Voordat ze samenkwamen, bleek ze zwanger te zijn door de Heilige Geest.
Τοῦ
(Tou)
van de
δὲ
(de)
maar
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
χριστοῦ
(christou)
Messias
ἡ
(he)
de
γένεσις
(genesis)
geboorte
οὕτως
(houtos)
zo
ἦν
(en)
was
μνηστευθείσης
(mnesteutheises)
verloofd zijnde
τῆς
(tes)
de
μητρὸς
(metros)
moeder
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
Μαρίας
(Marias)
Maria
τῷ
(to)
aan
Ἰωσήφ
(Ioseph)
Jozef
πρὶν
(prin)
voordat
ἢ
(e)
of
συνελθεῖν
(synelthein)
samenkomen
αὐτοὺς
(autous)
zij
εὑρέθη
(heurethe)
werd gevonden
ἐν
(en)
in
γαστρὶ
(gastri)
buik
ἔχουσα
(echousa)
hebbend
ἐκ
(ek)
uit
πνεύματος
(pneumatos)
Geest
ἁγίου
(hagiou)
heilige
Bron: SBLGNT
Uitleg

μνηστευθείσης (mnesteutheises), ‘verloofd’: een verloving was bij de Joden al bindend; er was een scheidingsbrief nodig om haar te laten gaan. συνελθεῖν (synelthein), ‘samenkomen’: het samengaan van een verloofd paar, waaronder gemeenschap.

Zie 1:25. ἐκ πνεύματος ἁγίου (ek pneumatos hagiou) is ‘uit de Heilige Geest’.

De Heilige Geest is de Geest van Elohim uit Genesis 1:2.

Zie ookGen 1:2
19Jozef, haar man, was een rechtvaardig mens en wilde haar niet openlijk te schande maken. In het geheim besloot hij haar weg te sturen.
Ἰωσὴφ
(Ioseph)
Jozef
δὲ
(de)
maar
ὁ
(ho)
de
ἀνὴρ
(aner)
man
αὐτῆς
(autes)
haar
δίκαιος
(dikaios)
rechtvaardig
ὢν
(on)
zijnde
καὶ
(kai)
en
μὴ
(me)
niet
θέλων
(thelon)
willend
αὐτὴν
(auten)
haar
δειγματίσαι
(deigmatisai)
te schande maken
ἐβουλήθη
(eboulethe)
hij besloot
λάθρᾳ
(lathra)
in het geheim
ἀπολῦσαι
(apolysai)
wegsturen
αὐτήν
(auten)
haar
Bron: SBLGNT
Uitleg

δίκαιος (dikaios), ‘rechtvaardig’, is een man die de wet van Elohim trouw volgt. δειγματίσαι (deigmatisai) is ‘openlijk te schande maken’.

20Terwijl hij hierover nadacht, zie: een engel van Yahweh verscheen hem in een droom en zei: „Jozef, zoon van David, wees niet bang om Maria als je vrouw bij je te nemen. Want wat in haar verwekt is, is uit de Heilige Geest.
ταῦτα
(tauta)
dit
δὲ
(de)
maar
αὐτοῦ
(autou)
zijn
ἐνθυμηθέντος
(enthymethentos)
nadenkend
ἰδοὺ
(idou)
zie
ἄγγελος
(angelos)
engel
κυρίου
(kyriou)
van Yahweh
κατ’
(kat’)
in
ὄναρ
(onar)
droom
ἐφάνη
(ephane)
verscheen
αὐτῷ
(auto)
hem
λέγων
(legon)
zeggend
Ἰωσὴφ
(Ioseph)
Jozef
υἱὸς
(huios)
zoon
Δαυίδ
(Dauid)
van David
μὴ
(me)
niet
φοβηθῇς
(phobethes)
wees bang
παραλαβεῖν
(paralabein)
tot je nemen
Μαρίαν
(Marian)
Maria
τὴν
(ten)
de
γυναῖκά
(gynaika)
vrouw
σου
(sou)
jouw
τὸ
(to)
wat
γὰρ
(gar)
want
ἐν
(en)
in
αὐτῇ
(aute)
haar
γεννηθὲν
(gennethen)
verwekt
ἐκ
(ek)
uit
πνεύματός
(pneumatos)
Geest
ἐστιν
(estin)
is
ἁγίου
(hagiou)
heilige
Bron: SBLGNT
Uitleg

κυρίου (kyriou), ‘van de Heer’, is vertaald als Yahweh: zo geeft de Griekse Bijbel het Hebreeuwse JHWH weer.

21Ze zal een zoon baren en jij moet Hem de naam Yeshua geven. Want Hij zal Zijn volk redden van hun zonden.”
τέξεται
(texetai)
zij zal baren
δὲ
(de)
maar
υἱὸν
(huion)
zoon
καὶ
(kai)
en
καλέσεις
(kaleseis)
jij zult geven
τὸ
(to)
de
ὄνομα
(onoma)
naam
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
Ἰησοῦν
(Iesoun)
Yeshua
αὐτὸς
(autos)
Hij
γὰρ
(gar)
want
σώσει
(sosei)
zal redden
τὸν
(ton)
het
λαὸν
(laon)
volk
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
ἀπὸ
(apo)
van
τῶν
(ton)
de
ἁμαρτιῶν
(hamartion)
zonden
αὐτῶν
(auton)
hun
Bron: SBLGNT
Uitleg

Ἰησοῦς (Iesous) is het Griekse woord voor het Hebreeuwse יְהוֹשֻׁעַ (Yehoshua) of יֵשׁוּעַ (Yeshua): ‘Yahweh redt’.

Dat past bij σώσει (sosei), ‘zal redden’: de naam legt uit wat Hij zal doen.

22Dit alles is gebeurd, opdat vervuld zou worden wat Yahweh door de profeet gezegd heeft:
τοῦτο
(touto)
dit
δὲ
(de)
maar
ὅλον
(holon)
alles
γέγονεν
(gegonen)
is gebeurd
ἵνα
(hina)
opdat
πληρωθῇ
(plerothe)
vervuld wordt
τὸ
(to)
het
ῥηθὲν
(rhethen)
gesprokene
ὑπὸ
(hypo)
door
κυρίου
(kyriou)
Yahweh
διὰ
(dia)
via
τοῦ
(tou)
de
προφήτου
(prophetou)
profeet
λέγοντος
(legontos)
zeggend
Bron: SBLGNT
23„Zie, de maagd zal zwanger worden en een zoon baren, en ze zullen Hem Immanuël noemen.” Vertaald betekent dat: „Elohim is met ons.”
Ἰδοὺ
(Idou)
zie
ἡ
(he)
de
παρθένος
(parthenos)
maagd
ἐν
(en)
in
γαστρὶ
(gastri)
buik
ἕξει
(hexei)
zal hebben
καὶ
(kai)
en
τέξεται
(texetai)
zal baren
υἱόν
(huion)
zoon
καὶ
(kai)
en
καλέσουσιν
(kalesousin)
ze zullen noemen
τὸ
(to)
de
ὄνομα
(onoma)
naam
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
Ἐμμανουήλ
(Emmanouel)
Immanuël
ὅ
(ho)
wat
ἐστιν
(estin)
is
μεθερμηνευόμενον
(methermeneuomenon)
vertaald
Μεθ’
(Meth’)
met
ἡμῶν
(hemon)
ons
ὁ
(ho)
de
θεός
(theos)
Elohim
Bron: SBLGNT
Uitleg

Het is een citaat uit Jesaja 7:14.

In het Hebreeuws staat daar הָעַלְמָה (ha’almah), ‘de jonge vrouw’; de Griekse vertaling (Septuaginta) heeft παρθένος (parthenos), ‘maagd’, en Matteüs volgt die.

עִמָּנוּ אֵל (immanu El), ‘Elohim is met ons’, staat ook in Jesaja 8:8 en 8:10.

Letterlijk staat er: ‘ze zullen zijn naam Immanuël noemen’.

Immanuël is een naam met een betekenis, in dit geval een titel; de persoonlijke naam van het kind is Yeshua (1:21, 1:25).

24Jozef werd wakker uit de slaap, deed wat de engel van Yahweh hem had opgedragen en nam zijn vrouw bij zich.
ἐγερθεὶς
(egertheis)
wakker geworden
δὲ
(de)
maar
ὁ
(ho)
de
Ἰωσὴφ
(Ioseph)
Jozef
ἀπὸ
(apo)
uit
τοῦ
(tou)
de
ὕπνου
(hypnou)
slaap
ἐποίησεν
(epoiesen)
deed
ὡς
(hos)
zoals
προσέταξεν
(prosetaxen)
droeg op
αὐτῷ
(auto)
hem
ὁ
(ho)
de
ἄγγελος
(angelos)
engel
κυρίου
(kyriou)
van Yahweh
καὶ
(kai)
en
παρέλαβεν
(parelaben)
nam bij zich
τὴν
(ten)
de
γυναῖκα
(gynaika)
vrouw
αὐτοῦ
(autou)
zijn
Bron: SBLGNT
25Jozef had geen gemeenschap met haar, totdat ze een zoon gebaard had. En hij gaf Hem de naam Yeshua.
καὶ
(kai)
en
οὐκ
(ouk)
niet
ἐγίνωσκεν
(eginosken)
hij kende
αὐτὴν
(auten)
haar
ἕως
(heos)
tot
οὗ
(hou)
dat
ἔτεκεν
(eteken)
zij baarde
υἱόν
(huion)
zoon
καὶ
(kai)
en
ἐκάλεσεν
(ekalesen)
hij noemde
τὸ
(to)
de
ὄνομα
(onoma)
naam
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
Ἰησοῦν
(Iesoun)
Yeshua
Bron: SBLGNT
Uitleg

Het Grieks heeft geen onderwerp; ‘Jozef’ is aangevuld.

In de Textus Receptus en de Byzantijnse tekst staat hier ‘haar eerstgeboren zoon’ (τὸν υἱὸν αὐτῆς τὸν πρωτότοκον); de oudste handschriften (SBLGNT) hebben alleen ‘een zoon’.