Elohim Bijbel

Efeziërs 1

123456

Aanhef, de lofprijzing op de zegen in de Messias, dank en gebed, de Messias boven alle machten

Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).

Aanhef en groet

1Paulus, apostel van de Messias Yeshua door de wil van Elohim, aan de heiligen die in Efeze zijn en gelovig zijn in de Messias Yeshua:
Παῦλος
(Paulos)
Paulus
ἀπόστολος
(apostolos)
apostel
Χριστοῦ
(Christou)
van de Messias
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
διὰ
(dia)
door
θελήματος
(thelematos)
wil
θεοῦ
(theou)
van Elohim
τοῖς
(tois)
aan de
ἁγίοις
(hagiois)
heiligen
τοῖς
(tois)
die
οὖσιν
(ousin)
zijn
ἐν
(en)
in
Ἐφέσῳ
(Epheso)
Efeze
καὶ
(kai)
en
πιστοῖς
(pistois)
gelovigen
ἐν
(en)
in
Χριστῷ
(Christo)
de Messias
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
Bron: SBLGNT
Plaats

Zie Efeze: Efeze lag aan de westkust van Turkije, bij het huidige Selçuk.

Het was de grootste stad van de Romeinse provincie Asia.

Uitleg

ἀπόστολος (apostolos), ‘apostel’: iemand die gezonden is. ἅγιοι (hagioi), ‘heiligen’: de toegewijden, mensen die voor Elohim zijn afgezonderd; wij gebruiken ‘heiligen’ in heel de brief. Χριστός (Christos), ‘Messias’: de gezalfde, Hebr. mashiach. ἐν Χριστῷ Ἰησοῦ (en Christo Iesou), ‘in de Messias Yeshua’.

Efeze was een grote stad in Asia (zie Hand. 19:10, 19:26).

Lezing

De woorden ‘in Efeze’ (ἐν Ἐφέσῳ) staan in de SBLGNT tussen rechte haken: sommige oude handschriften verschillen hier.

Wij vertalen de tekst zoals de SBLGNT hem geeft, met ‘in Efeze’.

Ook de woorden Χριστοῦ Ἰησοῦ (Christou Iesou), ‘van de Messias Yeshua’, aan het begin van het vers zijn in de SBLGNT als variant gemarkeerd.

Zie ook Hand. 18:19–21; Hand. 19:1; Hand. 20:17.

2genade aan jullie en vrede van Elohim, onze Vader, en van de Heer Yeshua de Messias.
χάρις
(charis)
genade
ὑμῖν
(hymin)
aan jullie
καὶ
(kai)
en
εἰρήνη
(eirene)
vrede
ἀπὸ
(apo)
van
θεοῦ
(theou)
Elohim
πατρὸς
(patros)
Vader
ἡμῶν
(hemon)
onze
καὶ
(kai)
en
κυρίου
(kyriou)
van de Heer
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
Χριστοῦ
(Christou)
de Messias
Bron: SBLGNT
Uitleg

χάρις (charis), ‘genade’; εἰρήνη (eirene), ‘vrede’: het Hebreeuwse shalom, heelheid en welzijn. κύριος (kyrios), ‘Heer’: hier Yeshua.

De groet lijkt sterk op die in Gal. 1:3.

Zie ook Gal. 1:3.

Zie ookGal 1:3

Geprezen zij Elohim: de zegen in de Messias

3Geprezen is Elohim en Vader van onze Heer Yeshua de Messias. Hij heeft ons gezegend met alle geestelijke zegen in de hemelse gewesten, in de Messias.
Εὐλογητὸς
(Eulogetos)
geprezen
ὁ
(ho)
de
θεὸς
(theos)
Elohim
καὶ
(kai)
en
πατὴρ
(pater)
Vader
τοῦ
(tou)
van de
κυρίου
(kyriou)
Heer
ἡμῶν
(hemon)
onze
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
Χριστοῦ
(Christou)
de Messias
ὁ
(ho)
die
εὐλογήσας
(eulogesas)
gezegend heeft
ἡμᾶς
(hemas)
ons
ἐν
(en)
met
πάσῃ
(pase)
alle
εὐλογίᾳ
(eulogia)
zegen
πνευματικῇ
(pneumatike)
geestelijke
ἐν
(en)
in
τοῖς
(tois)
de
ἐπουρανίοις
(epouraniois)
hemelse gewesten
ἐν
(en)
in
Χριστῷ
(Christo)
de Messias
Bron: SBLGNT
Uitleg

εὐλογητός (eulogetos), ‘geprezen’; εὐλογέω (eulogeo), ‘zegenen’: letterlijk ‘goed spreken’. τὰ ἐπουράνια (ta epourania), ‘de hemelse gewesten’: letterlijk ‘de dingen/plaatsen bij de hemel’, het gebied waar Elohim is en waar ook de machten zijn (1:20, 2:6, 3:10, 6:12); wij gebruiken dit woord overal. ἐν Χριστῷ (en Christo), ‘in de Messias’: een formule die in deze brief steeds terugkeert (1:1, 1:10, 1:12, 2:6, 2:7, 2:10, 2:13, 3:6).

Zij zegt dat wat Elohim geeft, in verbondenheid met de Messias gegeven wordt; het Grieks kan ook ‘door’ bedoelen, wij houden ‘in’.

In de verzen 3–14 loopt één lange Griekse zin; wij splitsen hem zonder iets toe te voegen.

Zie ook Ef. 1:20; Ef. 2:6; Ef. 3:10; Ef. 6:12.

4Zoals Hij ons in Hem heeft uitgekozen vóór de grondlegging van de wereld, om heilig en onberispelijk te zijn voor Zijn aangezicht, in liefde.
καθὼς
(kathos)
zoals
ἐξελέξατο
(exelexato)
heeft uitgekozen
ἡμᾶς
(hemas)
ons
ἐν
(en)
in
αὐτῷ
(auto)
Hem
πρὸ
(pro)
vóór
καταβολῆς
(kataboles)
grondlegging
κόσμου
(kosmou)
van de wereld
εἶναι
(einai)
te zijn
ἡμᾶς
(hemas)
ons
ἁγίους
(hagious)
heilig
καὶ
(kai)
en
ἀμώμους
(amomous)
onberispelijk
κατενώπιον
(katenopion)
voor het aangezicht
αὐτοῦ
(autou)
van Hem
ἐν
(en)
in
ἀγάπῃ
(agape)
liefde
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἐκλέγομαι (eklegomai), ‘uitkiezen’. καταβολή (katabole), ‘grondlegging’: het leggen van het fundament van de wereld. ἄμωμος (amomos), ‘onberispelijk’: zonder gebrek, zoals een offerdier zonder gebrek. ἐν ἀγάπῃ (en agape), ‘in liefde’: kan bij het eind van vers 4 horen (‘heilig en onberispelijk in liefde’) of bij het begin van vers 5 (‘in liefde heeft Hij ons vooraf bestemd’); wij laten het bij vers 4 staan.

Zie ookEf 1:5
5Hij heeft ons vooraf bestemd tot aanneming als zoon, door Yeshua de Messias, voor Zichzelf, volgens het welbehagen van Zijn wil,
προορίσας
(proorisas)
vooraf bestemd hebbend
ἡμᾶς
(hemas)
ons
εἰς
(eis)
tot
υἱοθεσίαν
(huiothesian)
aanneming als zoon
διὰ
(dia)
door
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
Χριστοῦ
(Christou)
de Messias
εἰς
(eis)
tot
αὐτόν
(auton)
Hem
κατὰ
(kata)
volgens
τὴν
(ten)
het
εὐδοκίαν
(eudokian)
welbehagen
τοῦ
(tou)
van de
θελήματος
(thelematos)
wil
αὐτοῦ
(autou)
van Hem
Bron: SBLGNT
Uitleg

προορίζω (proorizo), ‘vooraf bestemmen’: tevoren een doel of bestemming vaststellen; wij gebruiken dit woord ook in vers 11. υἱοθεσία (huiothesia), ‘aanneming als zoon’: zoals in Gal. 4:5. εὐδοκία (eudokia), ‘welbehagen’: wat Hem goeddunkt. εἰς αὐτόν (eis auton), ‘tot Hem’: naar Hem toe, voor Hem.

Zie ook Gal. 4:5.

6tot lof van de heerlijkheid van Zijn genade, waarmee Hij ons begenadigd heeft in de Geliefde.
εἰς
(eis)
tot
ἔπαινον
(epainon)
lof
δόξης
(doxes)
van heerlijkheid
τῆς
(tes)
van de
χάριτος
(charitos)
genade
αὐτοῦ
(autou)
van Hem
ἧς
(hes)
waarmee
ἐχαρίτωσεν
(echaritosen)
begenadigd heeft
ἡμᾶς
(hemas)
ons
ἐν
(en)
in
τῷ
(to)
de
ἠγαπημένῳ
(egapemeno)
Geliefde
Bron: SBLGNT
Uitleg

χαριτόω (charitoo), ‘begenadigen’: genade schenken; het woord heeft dezelfde stam als χάρις (charis), ‘genade’. ὁ ἠγαπημένος (ho egapemenos), ‘de Geliefde’: Yeshua, de Zoon; vergelijk Matt. 3:17.

De SBLGNT markeert bij ‘ἧς’ een variant.

Zie ook Matt. 3:17.

Zie ookMat 3:17
7In Hem hebben wij de loskoping door Zijn bloed, de vergeving van de overtredingen, naar de rijkdom van Zijn genade,
ἐν
(en)
in
ᾧ
(ho)
Wie
ἔχομεν
(echomen)
hebben wij
τὴν
(ten)
de
ἀπολύτρωσιν
(apolytrosin)
loskoping
διὰ
(dia)
door
τοῦ
(tou)
het
αἵματος
(haimatos)
bloed
αὐτοῦ
(autou)
van Hem
τὴν
(ten)
de
ἄφεσιν
(aphesin)
vergeving
τῶν
(ton)
van de
παραπτωμάτων
(paraptomaton)
overtredingen
κατὰ
(kata)
naar
τὸ
(to)
de
πλοῦτος
(ploutos)
rijkdom
τῆς
(tes)
van de
χάριτος
(charitos)
genade
αὐτοῦ
(autou)
van Hem
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἀπολύτρωσις (apolytrosis), ‘loskoping’: het vrijkopen met een losprijs, zoals een slaaf of gevangene; hier door Zijn bloed. ἄφεσις (aphesis), ‘vergeving’: letterlijk ‘loslaten, wegsturen’. παράπτωμα (paraptoma), ‘overtreding’: een misstap, een val. πλοῦτος (ploutos), ‘rijkdom’.

Het woord staat in de SBLGNT in onzijdige vorm; de SBLGNT markeert hier een variant.

Zie ook Kol. 1:14

Zie ookKol 1:14
8die overvloedig tot ons gekomen is, in alle wijsheid en inzicht.
ἧς
(hes)
waarvan
ἐπερίσσευσεν
(eperisseusen)
was overvloedig
εἰς
(eis)
tot
ἡμᾶς
(hemas)
ons
ἐν
(en)
in
πάσῃ
(pase)
alle
σοφίᾳ
(sophia)
wijsheid
καὶ
(kai)
en
φρονήσει
(phronesei)
inzicht
Bron: SBLGNT
Uitleg

περισσεύω (perisseuo), ‘overvloedig zijn’, ‘meer dan genoeg zijn’. φρόνησις (phronesis), ‘inzicht’.

De woorden ‘in alle wijsheid en inzicht’ kunnen bij vers 8 horen (de genade is overvloedig in alle wijsheid) of bij vers 9 (Hij maakte bekend in alle wijsheid); wij laten ze bij vers 8 staan.

Zie ookEf 1:9
9Hij heeft ons het geheimenis van Zijn wil bekendgemaakt, naar Zijn welbehagen, dat Hij Zich in Hem had voorgenomen,
γνωρίσας
(gnorisas)
bekendgemaakt hebbend
ἡμῖν
(hemin)
aan ons
τὸ
(to)
het
μυστήριον
(mysterion)
geheimenis
τοῦ
(tou)
van de
θελήματος
(thelematos)
wil
αὐτοῦ
(autou)
van Hem
κατὰ
(kata)
volgens
τὴν
(ten)
het
εὐδοκίαν
(eudokian)
welbehagen
αὐτοῦ
(autou)
van Hem
ἣν
(hen)
dat
προέθετο
(proetheto)
Hij zich voornam
ἐν
(en)
in
αὐτῷ
(auto)
Hem
Bron: SBLGNT
Uitleg

μυστήριον (mysterion), ‘geheimenis’: iets wat verborgen was en nu bekendgemaakt wordt; wij gebruiken dit woord overal in de brief (3:3, 3:4, 3:9, 5:32, 6:19). προτίθεμαι (protithemai), ‘zich voornemen’: vooraf plaatsen of besluiten.

Zie ook Ef. 3:3; Ef. 3:9.

10tot een beheer van de volheid van de tijden: om alles onder één hoofd samen te brengen in de Messias, wat in de hemelen is en wat op de aarde is, in Hem.
εἰς
(eis)
tot
οἰκονομίαν
(oikonomian)
beheer
τοῦ
(tou)
van de
πληρώματος
(pleromatos)
volheid
τῶν
(ton)
van de
καιρῶν
(kairon)
tijden
ἀνακεφαλαιώσασθαι
(anakephalaiosasthai)
onder één hoofd samen te brengen
τὰ
(ta)
het
πάντα
(panta)
alles
ἐν
(en)
in
τῷ
(to)
de
Χριστῷ
(Christo)
Messias
τὰ
(ta)
het
ἐπὶ
(epi)
op
τοῖς
(tois)
de
οὐρανοῖς
(ouranois)
hemelen
καὶ
(kai)
en
τὰ
(ta)
het
ἐπὶ
(epi)
op
τῆς
(tes)
de
γῆς
(ges)
aarde
ἐν
(en)
in
αὐτῷ
(auto)
Hem
Bron: SBLGNT
Uitleg

οἰκονομία (oikonomia), ‘beheer’: het beheer van een huishouden (οἶκος, oikos, ‘huis’); wij gebruiken ‘beheer’ ook in 3:2 en 3:9. πλήρωμα (pleroma), ‘volheid’: dat wat vol gemaakt is; zie ook 1:23 en 3:19. καιροί (kairoi), ‘tijden’: bepaalde, passende tijdstippen. ἀνακεφαλαιόω (anakefalaioo), ‘onder één hoofd samenbrengen’: ook ‘samenvatten’; het woord heeft dezelfde stam als κεφαλή (kefale), ‘hoofd’, zie 1:22.

Zie ook Ef. 1:22.

Zie ookEf 1:22
11In Hem zijn wij ook tot erfdeel geworden, vooraf bestemd volgens het voornemen van Hem die alles werkt naar het raadsbesluit van Zijn wil,
ἐν
(en)
in
ᾧ
(ho)
Wie
καὶ
(kai)
ook
ἐκληρώθημεν
(eklerothemen)
werden wij tot erfdeel
προορισθέντες
(prooristhentes)
vooraf bestemd
κατὰ
(kata)
volgens
πρόθεσιν
(prothesin)
voornemen
τοῦ
(tou)
van Hem
τὰ
(ta)
het
πάντα
(panta)
alles
ἐνεργοῦντος
(energountos)
die werkt
κατὰ
(kata)
naar
τὴν
(ten)
het
βουλὴν
(boulen)
raadsbesluit
τοῦ
(tou)
van de
θελήματος
(thelematos)
wil
αὐτοῦ
(autou)
van Hem
Bron: SBLGNT
Uitleg

κληρόω (kleroo), ‘een erfdeel toewijzen’: de Griekse vorm ἐκληρώθημεν kan betekenen ‘wij zijn tot erfgenamen gemaakt’ of ‘wij zijn tot erfdeel (van Elohim) gemaakt’; ons ‘tot erfdeel geworden’ laat beide toe. πρόθεσις (prothesis), ‘voornemen’; βουλή (boule), ‘raadsbesluit’.

Zie ook κληρονομία (kleronomia), ‘erfenis’, in de verzen 14 en 18.

12opdat wij tot lof van Zijn heerlijkheid zouden zijn, wij die tevoren hun hoop op de Messias gesteld hebben.
εἰς
(eis)
tot
τὸ
(to)
het
εἶναι
(einai)
zijn
ἡμᾶς
(hemas)
ons
εἰς
(eis)
tot
ἔπαινον
(epainon)
lof
δόξης
(doxes)
van heerlijkheid
αὐτοῦ
(autou)
van Hem
τοὺς
(tous)
die
προηλπικότας
(proelpikotas)
tevoren hebben gehoopt
ἐν
(en)
in
τῷ
(to)
de
Χριστῷ
(Christo)
Messias
Bron: SBLGNT
Uitleg

προελπίζω (proelpizo), ‘tevoren hopen’: eerder dan anderen de hoop op de Messias stellen.

Wie met ‘wij’ in vers 12 en met ‘jullie’ in vers 13 bedoeld wordt, zegt de tekst niet; het wordt op verschillende manieren verstaan.

Zie ookEf 1:13
13In Hem hebben ook jullie het woord van de waarheid gehoord, de goede boodschap van jullie redding. In Hem hebben jullie ook geloofd en zijn jullie verzegeld met de Heilige Geest van de belofte.
ἐν
(en)
in
ᾧ
(ho)
Wie
καὶ
(kai)
ook
ὑμεῖς
(hymeis)
jullie
ἀκούσαντες
(akousantes)
gehoord hebbend
τὸν
(ton)
het
λόγον
(logon)
woord
τῆς
(tes)
van de
ἀληθείας
(aletheias)
waarheid
τὸ
(to)
de
εὐαγγέλιον
(euangelion)
goede boodschap
τῆς
(tes)
van de
σωτηρίας
(soterias)
redding
ὑμῶν
(hymon)
jullie
ἐν
(en)
in
ᾧ
(ho)
Wie
καὶ
(kai)
ook
πιστεύσαντες
(pisteusantes)
geloofd hebbend
ἐσφραγίσθητε
(esphragisthete)
werden jullie verzegeld
τῷ
(to)
met de
πνεύματι
(pneumati)
Geest
τῆς
(tes)
van de
ἐπαγγελίας
(epangelias)
belofte
τῷ
(to)
de
ἁγίῳ
(hagio)
Heilige
Bron: SBLGNT
Uitleg

λόγος τῆς ἀληθείας (logos tes aletheias), ‘het woord van de waarheid’. εὐαγγέλιον (euangelion), ‘goede boodschap’. σφραγίζω (sphragizo), ‘verzegelen’: een zegel zetten als teken van eigendom en echtheid.

‘De Geest van de belofte’: de beloofde Geest, zoals in Gal. 3:14.

Zie ook Gal. 3:14.

Zie ookGal 3:14
14Dat is het onderpand van onze erfenis, tot loskoping van wat Zijn bezit is, tot lof van Zijn heerlijkheid.
ὅ
(ho)
dat
ἐστιν
(estin)
is
ἀρραβὼν
(arrabon)
onderpand
τῆς
(tes)
van de
κληρονομίας
(kleronomias)
erfenis
ἡμῶν
(hemon)
ons
εἰς
(eis)
tot
ἀπολύτρωσιν
(apolytrosin)
loskoping
τῆς
(tes)
van het
περιποιήσεως
(peripoieseos)
bezit
εἰς
(eis)
tot
ἔπαινον
(epainon)
lof
τῆς
(tes)
van de
δόξης
(doxes)
heerlijkheid
αὐτοῦ
(autou)
van Hem
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἀρραβών (arrabon), ‘onderpand’: een eerste betaling die de rest waarborgt, zoals in 2 Kor. 1:22 en 5:5. περιποίησις (peripoiesis), ‘bezit’: wat Elohim voor Zichzelf verworven heeft.

Het Griekse ὅ (ho), ‘dat’, is onzijdig, zoals πνεῦμα (pneuma), ‘Geest’; de SBLGNT markeert hier een variant.

Zie ook 2 Kor. 1:22; 2 Kor. 5:5.

Dank en gebed om inzicht

15Daarom houd ook ik, nu ik gehoord heb van het geloof bij jullie in de Heer Yeshua en van de liefde voor alle heiligen,
Διὰ
(Dia)
om
τοῦτο
(touto)
dit
κἀγώ
(kago)
ook ik
ἀκούσας
(akousas)
gehoord hebbend
τὴν
(ten)
het
καθ’
(kath’)
bij
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
πίστιν
(pistin)
geloof
ἐν
(en)
in
τῷ
(to)
de
κυρίῳ
(kyrio)
Heer
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
καὶ
(kai)
en
τὴν
(ten)
de
ἀγάπην
(agapen)
liefde
τὴν
(ten)
die
εἰς
(eis)
tot
πάντας
(pantas)
alle
τοὺς
(tous)
de
ἁγίους
(hagious)
heiligen
Bron: SBLGNT
Uitleg

τὴν καθ᾿ ὑμᾶς πίστιν (ten kath’ humas pistin), ‘het geloof bij jullie’: letterlijk ‘het geloof naar jullie toe’.

De SBLGNT markeert in dit vers een variant bij ‘de liefde’.

Zie ook Kol. 1:3–4.

16niet op met danken voor jullie. Ik maak melding van jullie in mijn gebeden,
οὐ
(ou)
niet
παύομαι
(pauomai)
houd op
εὐχαριστῶν
(euchariston)
dankend
ὑπὲρ
(hyper)
voor
ὑμῶν
(hymon)
jullie
μνείαν
(mneian)
melding
ποιούμενος
(poioumenos)
makend
ἐπὶ
(epi)
bij
τῶν
(ton)
de
προσευχῶν
(proseuchon)
gebeden
μου
(mou)
mijn
Bron: SBLGNT
Uitleg

μνείαν ποιέομαι (mneian poieomai), ‘melding maken’, ‘gedenken’.

De SBLGNT markeert hier een variant.

17opdat de Elohim van onze Heer Yeshua de Messias, de Vader van de heerlijkheid, jullie een geest van wijsheid en onthulling geeft in de volle kennis van Hem.
ἵνα
(hina)
opdat
ὁ
(ho)
de
θεὸς
(theos)
Elohim
τοῦ
(tou)
van de
κυρίου
(kyriou)
Heer
ἡμῶν
(hemon)
onze
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
Χριστοῦ
(Christou)
de Messias
ὁ
(ho)
de
πατὴρ
(pater)
Vader
τῆς
(tes)
van de
δόξης
(doxes)
heerlijkheid
δώῃ
(doe)
moge geven
ὑμῖν
(hymin)
aan jullie
πνεῦμα
(pneuma)
geest
σοφίας
(sophias)
van wijsheid
καὶ
(kai)
en
ἀποκαλύψεως
(apokalypseos)
van onthulling
ἐν
(en)
in
ἐπιγνώσει
(epignosei)
volle kennis
αὐτοῦ
(autou)
van Hem
Bron: SBLGNT
Uitleg

πνεῦμα (pneuma), ‘geest’: ‘een geest van wijsheid en onthulling’ kan een houding of gave zijn; het kan ook de Geest van Elohim zijn die wijsheid en onthulling geeft. ἀποκάλυψις (apokalypsis), ‘onthulling’. ἐπίγνωσις (epignosis), ‘volle kennis’: ook ‘nauwkeurige, doorleefde kennis’; wij gebruiken deze weergave ook in 4:13, zoals in Kol. 1:9–10.

‘De Vader van de heerlijkheid’: de Vader aan wie de heerlijkheid toebehoort.

18Dat de ogen van jullie hart verlicht zijn, zodat jullie weten: wat is de hoop van Zijn roeping? Wat is de rijkdom van de heerlijkheid van Zijn erfenis onder de heiligen?
πεφωτισμένους
(pephotismenous)
verlicht zijnde
τοὺς
(tous)
de
ὀφθαλμοὺς
(ophthalmous)
ogen
τῆς
(tes)
van het
καρδίας
(kardias)
hart
ὑμῶν
(hymon)
jullie
εἰς
(eis)
tot
τὸ
(to)
het
εἰδέναι
(eidenai)
weten
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
τίς
(tis)
wat
ἐστιν
(estin)
is
ἡ
(he)
de
ἐλπὶς
(elpis)
hoop
τῆς
(tes)
van de
κλήσεως
(kleseos)
roeping
αὐτοῦ
(autou)
van Hem
τίς
(tis)
wat
ὁ
(ho)
de
πλοῦτος
(ploutos)
rijkdom
τῆς
(tes)
van de
δόξης
(doxes)
heerlijkheid
τῆς
(tes)
van de
κληρονομίας
(kleronomias)
erfenis
αὐτοῦ
(autou)
van Hem
ἐν
(en)
onder
τοῖς
(tois)
de
ἁγίοις
(hagiois)
heiligen
Bron: SBLGNT
Uitleg

De verzen 18–19 zijn in het Grieks één lange zin met driemaal τίς (tis), ‘wat’; wij schrijven die als drie vragen. κλῆσις (klesis), ‘roeping’.

‘Onder de heiligen’ (ἐν τοῖς ἁγίοις, en tois hagiois): ook ‘in de heiligen’.

‘Zijn erfenis’ kan de erfenis zijn die Elohim geeft of het erfdeel dat Hij zelf bezit.

De SBLGNT markeert hier een variant.

19En wat is de overweldigende grootheid van Zijn kracht voor ons die geloven, naar de werking van de macht van Zijn sterkte?
καὶ
(kai)
en
τί
(ti)
wat
τὸ
(to)
de
ὑπερβάλλον
(hyperballon)
overweldigende
μέγεθος
(megethos)
grootheid
τῆς
(tes)
van de
δυνάμεως
(dynameos)
kracht
αὐτοῦ
(autou)
van Hem
εἰς
(eis)
tot
ἡμᾶς
(hemas)
ons
τοὺς
(tous)
die
πιστεύοντας
(pisteuontas)
geloven
κατὰ
(kata)
naar
τὴν
(ten)
de
ἐνέργειαν
(energeian)
werking
τοῦ
(tou)
van de
κράτους
(kratous)
macht
τῆς
(tes)
van de
ἰσχύος
(ischyos)
sterkte
αὐτοῦ
(autou)
van Hem
Bron: SBLGNT
Uitleg

Vier woorden voor kracht: δύναμις (dynamis), ‘kracht’; ἐνέργεια (energeia), ‘werking’; κράτος (kratos), ‘macht’; ἰσχύς (ischys), ‘sterkte’.

Wij houden ze in het Nederlands uit elkaar. ὑπερβάλλω (hyperballo), ‘overtreffen’: ‘overweldigend’.

De Messias boven alle machten

20Die heeft Hij gewerkt in de Messias, toen Hij Hem uit de doden opwekte en Hem liet zitten aan Zijn rechterhand in de hemelse gewesten,
ἣν
(hen)
die
ἐνήργηκεν
(energeken)
heeft gewerkt
ἐν
(en)
in
τῷ
(to)
de
Χριστῷ
(Christo)
Messias
ἐγείρας
(egeiras)
opgewekt hebbend
αὐτὸν
(auton)
Hem
ἐκ
(ek)
uit
νεκρῶν
(nekron)
doden
καὶ
(kai)
en
καθίσας
(kathisas)
doen zitten hebbend
ἐν
(en)
aan
δεξιᾷ
(dexia)
rechterhand
αὐτοῦ
(autou)
van Hem
ἐν
(en)
in
τοῖς
(tois)
de
ἐπουρανίοις
(epouraniois)
hemelse gewesten
Bron: SBLGNT
Uitleg

‘Aan Zijn rechterhand zitten’ spreekt over het zitten naast Elohim: vergelijk Ps. 110:1 (‘Zit aan Mijn rechterhand’). τὰ ἐπουράνια: zie 1:3.

De SBLGNT markeert hier drie varianten, bij ‘ἐνήργηκεν’, ‘ἐκ’ en ‘καθίσας’.

Zie ook Ps. 110:1.

Zie ookPs 110:1
21ver boven alle heerschappij, gezag, kracht en oppermacht en boven elke naam die genoemd wordt, niet alleen in deze eeuw, maar ook in de komende.
ὑπεράνω
(hyperano)
ver boven
πάσης
(pases)
alle
ἀρχῆς
(arches)
heerschappij
καὶ
(kai)
en
ἐξουσίας
(exousias)
gezag
καὶ
(kai)
en
δυνάμεως
(dynameos)
kracht
καὶ
(kai)
en
κυριότητος
(kyriotetos)
oppermacht
καὶ
(kai)
en
παντὸς
(pantos)
elke
ὀνόματος
(onomatos)
naam
ὀνομαζομένου
(onomazomenou)
die genoemd wordt
οὐ
(ou)
niet
μόνον
(monon)
alleen
ἐν
(en)
in
τῷ
(to)
de
αἰῶνι
(aioni)
eeuw
τούτῳ
(touto)
deze
ἀλλὰ
(alla)
maar
καὶ
(kai)
ook
ἐν
(en)
in
τῷ
(to)
de
μέλλοντι
(mellonti)
komende
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἀρχή (arche), ‘heerschappij’; ἐξουσία (exousia), ‘gezag’; δύναμις (dynamis), ‘kracht’; κυριότης (kyriotes), ‘oppermacht’: namen voor machten, hemelse en aardse, zonder dat de tekst hun rang uitlegt.

Wij gebruiken dezelfde woorden in 3:10 en 6:12 en in Kol. 1:16, 2:10 en 2:15. αἰών (aion), ‘eeuw’: een tijdperk, een wereldtijd; ‘deze eeuw’ en ‘de komende’.

Zie ook Ef. 3:10; Ef. 6:12; Kol. 1:16; Kol. 2:15.

22En Hij heeft alles onder Zijn voeten onderschikt en Hem als hoofd over alles aan de gemeente gegeven.
καὶ
(kai)
en
πάντα
(panta)
alles
ὑπέταξεν
(hypetaxen)
heeft onderschikt
ὑπὸ
(hypo)
onder
τοὺς
(tous)
de
πόδας
(podas)
voeten
αὐτοῦ
(autou)
van Hem
καὶ
(kai)
en
αὐτὸν
(auton)
Hem
ἔδωκεν
(edoken)
gaf
κεφαλὴν
(kephalen)
als hoofd
ὑπὲρ
(hyper)
over
πάντα
(panta)
alles
τῇ
(te)
aan de
ἐκκλησίᾳ
(ekklesia)
gemeente
Bron: SBLGNT
Uitleg

ὑποτάσσω (hypotasso), ‘onderschikken’: wij gebruiken dit woord overal in de brief (ook 5:21–24).

De woorden spelen op Ps. 8:7 aan, waar ons Hebreeuws zegt: ‘Alles hebt U onder zijn voeten gelegd’. κεφαλή (kefale), ‘hoofd’: het Griekse woord kan ook ‘bron’ betekenen, zoals in 1 Kor. 11:3. ἐκκλησία (ekklesia), ‘gemeente’.

Zie ook Ps. 8:7; Ps. 110:1; 1 Kor. 11:3.

23Zij is Zijn lichaam, de volheid van Hem die alles in allen vervult.
ἥτις
(hetis)
die
ἐστὶν
(estin)
is
τὸ
(to)
het
σῶμα
(soma)
lichaam
αὐτοῦ
(autou)
van Hem
τὸ
(to)
de
πλήρωμα
(pleroma)
volheid
τοῦ
(tou)
van Hem die
τὰ
(ta)
het
πάντα
(panta)
alles
ἐν
(en)
in
πᾶσιν
(pasin)
allen
πληρουμένου
(pleroumenou)
vervult
Bron: SBLGNT
Uitleg

πλήρωμα (pleroma), ‘volheid’. πληρουμένου (pleroumenou) kan een middelvorm zijn (‘die alles in allen vervult’) of een lijdende vorm (‘die in alles en allen vervuld wordt’); het vers is moeilijk en wordt verschillend verstaan.

Wij vertalen ‘vervult’.

Zie ook Kol. 1:18–19 en 2:9–10.

Zie ook Kol. 1:19; Kol. 2:9.