Elohim Bijbel

Romeinen 12

12345678910111213141516

Een levend offer, één lichaam met vele gaven, de liefde en geen wraak

Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).

Een levend offer

1Ik roep jullie dan op, broers, bij de ontferming van Elohim: stel jullie lichamen beschikbaar als offer, levend, heilig en welgevallig aan Elohim. Dat is jullie redelijke eredienst.
Παρακαλῶ
(Parakalo)
ik roep op
οὖν
(oun)
dan
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
ἀδελφοί
(adelphoi)
broers
διὰ
(dia)
door
τῶν
(ton)
de
οἰκτιρμῶν
(oiktirmon)
ontfermingen
τοῦ
(tou)
van
θεοῦ
(theou)
Elohim
παραστῆσαι
(parastesai)
voor te stellen
τὰ
(ta)
de
σώματα
(somata)
lichamen
ὑμῶν
(hymon)
jullie
θυσίαν
(thysian)
als offer
ζῶσαν
(zosan)
levend
ἁγίαν
(hagian)
heilig
εὐάρεστον
(euareston)
welgevallig
τῷ
(to)
aan de
θεῷ
(theo)
Elohim
τὴν
(ten)
de
λογικὴν
(logiken)
redelijke
λατρείαν
(latreian)
eredienst
ὑμῶν
(hymon)
jullie
Bron: SBLGNT
Uitleg

παρακαλέω (parakaleo), ‘oproepen’: ook ‘bemoedigen, vermanen’. ἀδελφοί (adelfoi), ‘broers’: het Griekse woord omvat ook de zusters in de gemeente. οἰκτιρμοί (oiktirmoi), ‘ontferming’: het meervoud, ‘ontfermingen’. παρίστημι (paristemi), ‘beschikbaar stellen’: ook ‘voor Elohim neerzetten’, zoals een offer wordt aangeboden. θυσία (thysia), ‘offer’.

Het offer is hier geen dier, maar levende mensen met hun lichaam. λογικὴ λατρεία (logike latreia): λογικός (logikos) komt van λόγος (logos), ‘woord, verstand, rede’ en kan ‘redelijk’, ‘verstandig’ of ‘geestelijk’ betekenen; λατρεία (latreia) is ‘eredienst’, ook de dienst van de tempel.

Wij kiezen ‘redelijke eredienst’.

De laatste woorden zijn in het Grieks een bijstelling bij het offer; wij maken er een korte zin van met ‘Dat is’.

2Word niet gelijkgevormd aan deze eeuw, maar word veranderd door de vernieuwing van jullie verstand. Zo kunnen jullie beproeven wat de wil van Elohim is, het goede, welgevallige en volmaakte.
καὶ
(kai)
en
μὴ
(me)
niet
συσχηματίζεσθε
(syschematizesthe)
word gelijkgevormd
τῷ
(to)
aan de
αἰῶνι
(aioni)
eeuw
τούτῳ
(touto)
deze
ἀλλὰ
(alla)
maar
μεταμορφοῦσθε
(metamorphousthe)
word veranderd
τῇ
(te)
door de
ἀνακαινώσει
(anakainosei)
vernieuwing
τοῦ
(tou)
van het
νοός
(noos)
verstand
εἰς
(eis)
tot
τὸ
(to)
het
δοκιμάζειν
(dokimazein)
beproeven
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
τί
(ti)
wat
τὸ
(to)
de
θέλημα
(thelema)
wil
τοῦ
(tou)
van
θεοῦ
(theou)
Elohim
τὸ
(to)
het
ἀγαθὸν
(agathon)
goede
καὶ
(kai)
en
εὐάρεστον
(euareston)
welgevallige
καὶ
(kai)
en
τέλειον
(teleion)
volmaakte
Bron: SBLGNT
Uitleg

αἰών (aion), ‘eeuw’: de tijd en wereldorde van nu; zo ook in 1 Kor. 1:20. συσχηματίζω (syschematizo), ‘gelijkvormig maken aan’; μεταμορφόω (metamorfoo), ‘van gedaante veranderen’: de Griekse vormen kunnen ook lijdend zijn: ‘word gelijkgevormd’, ‘word veranderd’. νοῦς (nous), ‘verstand, denken’. δοκιμάζω (dokimazo), ‘beproeven’: toetsen en goedkeuren.

Zie ook1 Kor 1:20

Eén lichaam, vele gaven

3Want door de genade die mij gegeven is, zeg ik tegen ieder onder jullie: denk niet hoger van jezelf dan je moet denken. Denk zo dat je bezonnen blijft, ieder naar de maat van geloof die Elohim hem heeft toebedeeld.
Λέγω
(Lego)
ik zeg
γὰρ
(gar)
want
διὰ
(dia)
door
τῆς
(tes)
de
χάριτος
(charitos)
genade
τῆς
(tes)
de
δοθείσης
(dotheises)
gegeven
μοι
(moi)
aan mij
παντὶ
(panti)
aan ieder
τῷ
(to)
die
ὄντι
(onti)
zijnde
ἐν
(en)
onder
ὑμῖν
(hymin)
jullie
μὴ
(me)
niet
ὑπερφρονεῖν
(hyperphronein)
hoog te denken
παρ’
(par’)
boven
ὃ
(ho)
wat
δεῖ
(dei)
nodig is
φρονεῖν
(phronein)
te denken
ἀλλὰ
(alla)
maar
φρονεῖν
(phronein)
te denken
εἰς
(eis)
tot
τὸ
(to)
het
σωφρονεῖν
(sophronein)
bezonnen te zijn
ἑκάστῳ
(hekasto)
aan ieder
ὡς
(hos)
zoals
ὁ
(ho)
de
θεὸς
(theos)
Elohim
ἐμέρισεν
(emerisen)
deelde toe
μέτρον
(metron)
maat
πίστεως
(pisteos)
van geloof
Bron: SBLGNT
Uitleg

μέτρον πίστεως (metron pisteos), ‘maat van geloof’: wat de maat is, zegt de tekst niet; het kan de hoeveelheid of de aard van het geloof zijn die Elohim aan ieder gaf.

Het Grieks heeft een speling met het werkwoord φρονέω (fronoeo), ‘denken, gezind zijn’: ὑπερφρονέω (hyperfronoeo), ‘te hoog denken’, en σωφρονέω (sofronoeo), ‘bezonnen zijn’.

De Griekse zin is lang; wij splitsen hem in twee zinnen.

4Want zoals wij in één lichaam vele leden hebben, maar alle leden niet dezelfde taak hebben,
καθάπερ
(kathaper)
zoals
γὰρ
(gar)
want
ἐν
(en)
in
ἑνὶ
(heni)
één
σώματι
(somati)
lichaam
πολλὰ
(polla)
vele
μέλη
(mele)
leden
ἔχομεν
(echomen)
wij hebben
τὰ
(ta)
de
δὲ
(de)
maar
μέλη
(mele)
leden
πάντα
(panta)
alle
οὐ
(ou)
niet
τὴν
(ten)
de
αὐτὴν
(auten)
zelfde
ἔχει
(echei)
heeft
πρᾶξιν
(praxin)
taak
Bron: SBLGNT
Uitleg

De zin van de verzen 4–5 is één Griekse zin: ‘zoals … zo’. πρᾶξις (praxis), ‘taak, functie’: wat een lid doet.

Zie ook 1 Kor. 12:12–27.

5zo zijn wij, de velen, één lichaam in de Messias, en afzonderlijk zijn wij leden van elkaar.
οὕτως
(houtos)
zo
οἱ
(hoi)
de
πολλοὶ
(polloi)
velen
ἓν
(hen)
één
σῶμά
(soma)
lichaam
ἐσμεν
(esmen)
zijn wij
ἐν
(en)
in
Χριστῷ
(Christo)
de Messias
τὸ
(to)
wat betreft
δὲ
(de)
maar
καθ’
(kath’)
afzonderlijk
εἷς
(heis)
ieder
ἀλλήλων
(allelon)
van elkaar
μέλη
(mele)
leden
Bron: SBLGNT
Uitleg

οἱ πολλοί (hoi polloi), ‘de velen’: de gemeente. τὸ δὲ καθ᾽ εἷς (to de kath heis), ‘en wat ieder afzonderlijk betreft’: een Griekse uitdrukking; ‘leden van elkaar’ betekent dat ze bij elkaar horen.

Zie ook 1 Kor. 12:27; Ef. 4:25.

6Wij hebben genadegaven die verschillen naar de genade die ons gegeven is. Is het profetie: laat die zijn in overeenstemming met het geloof.
ἔχοντες
(echontes)
hebbend
δὲ
(de)
nu
χαρίσματα
(charismata)
genadegaven
κατὰ
(kata)
volgens
τὴν
(ten)
de
χάριν
(charin)
genade
τὴν
(ten)
de
δοθεῖσαν
(dotheisan)
gegeven
ἡμῖν
(hemin)
aan ons
διάφορα
(diaphora)
verschillende
εἴτε
(eite)
of
προφητείαν
(propheteian)
profetie
κατὰ
(kata)
volgens
τὴν
(ten)
de
ἀναλογίαν
(analogian)
overeenstemming
τῆς
(tes)
van het
πίστεως
(pisteos)
geloof
Bron: SBLGNT
Uitleg

χάρισμα (charisma), ‘genadegave’: een gave die voortkomt uit de genade (χάρις, charis).

De verzen 6–8 hebben in het Grieks geen werkwoorden: ‘of profetie … of dienst …’.

Wij vullen niets in dan de laatste woorden ‘laat die zijn’ in de eerste twee zinnen; daarna laten wij de korte vorm staan. προφητεία (profeteia), ‘profetie’. ἀναλογία (analogia), ‘overeenstemming, verhouding’: ‘in de verhouding van het geloof’.

Wat het geloof hier is (het geloof van de profeet of de leer van het geloof), zegt de tekst niet.

Zie ook 1 Kor. 12:4–11; 1 Kor. 14:1–5.

7Is het dienst: laat die zijn in de dienst. Wie onderwijst: in het onderwijs.
εἴτε
(eite)
of
διακονίαν
(diakonian)
dienst
ἐν
(en)
in
τῇ
(te)
de
διακονίᾳ
(diakonia)
dienst
εἴτε
(eite)
of
ὁ
(ho)
wie
διδάσκων
(didaskon)
onderwijst
ἐν
(en)
in
τῇ
(te)
het
διδασκαλίᾳ
(didaskalia)
onderwijs
Bron: SBLGNT
Uitleg

διακονία (diakonia), ‘dienst’: dienen, bijvoorbeeld door praktische hulp. διδάσκω (didasko), ‘onderwijzen’; διδασκαλία (didaskalia), ‘onderwijs’.

8Wie bemoedigt: in de bemoediging. Wie geeft: in eenvoud. Wie leiding geeft: met ijver. Wie zich ontfermt: met blijdschap.
εἴτε
(eite)
of
ὁ
(ho)
wie
παρακαλῶν
(parakalon)
bemoedigt
ἐν
(en)
in
τῇ
(te)
de
παρακλήσει
(paraklesei)
bemoediging
ὁ
(ho)
wie
μεταδιδοὺς
(metadidous)
geeft
ἐν
(en)
in
ἁπλότητι
(haploteti)
eenvoud
ὁ
(ho)
wie
προϊστάμενος
(proistamenos)
leiding geeft
ἐν
(en)
in
σπουδῇ
(spoude)
ijver
ὁ
(ho)
wie
ἐλεῶν
(eleon)
zich ontfermt
ἐν
(en)
in
ἱλαρότητι
(hilaroteti)
blijdschap
Bron: SBLGNT
Uitleg

παρακαλέω (parakaleo), ‘bemoedigen’: ook ‘vermanen, troosten’; zie vers 1. μεταδίδωμι (metadidomi), ‘geven, delen’; ἁπλότης (haplotes), ‘eenvoud, ongedeeldheid’: vrijgevig zonder bijbedoeling. προΐστημι (proistemi), ‘leiding geven’: ook ‘zich inzetten voor, zorg dragen’. ἐλεέω (eleeo), ‘zich ontfermen’, zoals in 9:15–18; ἱλαρότης (hilarotes), ‘blijdschap’.

Zie ookRom 12:1

De liefde in het dagelijks leven

9De liefde zij ongeveinsd. Verafschuw het kwade, houd vast aan het goede.
Ἡ
(He)
de
ἀγάπη
(agape)
liefde
ἀνυπόκριτος
(anypokritos)
ongeveinsd
ἀποστυγοῦντες
(apostygountes)
verafschuwend
τὸ
(to)
het
πονηρόν
(poneron)
kwade
κολλώμενοι
(kollomenoi)
zich vastklevend
τῷ
(to)
aan het
ἀγαθῷ
(agatho)
goede
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἀγάπη (agape), ‘liefde’. ἀνυπόκριτος (anypokritos), ‘ongeveinsd’: zonder toneelspel.

Het Grieks heeft in de verzen 9–13 vooral deelwoorden, zonder eigen werkwoord; wij vertalen ze als opdrachten. ἀποστυγέω (apostygeo), ‘verafschuwen’; κολλάω (kollao), ‘vastkleven’: zoals een man aan zijn vrouw in Gen. 2:24.

Zie ook Gen. 2:24.

Zie ookGen 2:24
10Wees in broederliefde innig aan elkaar gehecht. Ga elkaar voor in eerbetoon.
τῇ
(te)
in de
φιλαδελφίᾳ
(philadelphia)
broederliefde
εἰς
(eis)
naar
ἀλλήλους
(allelous)
elkaar
φιλόστοργοι
(philostorgoi)
innig toegenegen
τῇ
(te)
in de
τιμῇ
(time)
eer
ἀλλήλους
(allelous)
elkaar
προηγούμενοι
(proegoumenoi)
voorgaand
Bron: SBLGNT
Uitleg

φιλαδελφία (filadelfia), ‘broederliefde’, en φιλόστοργος (filostorgos), ‘innig toegenegen’ (zoals in een gezin): twee woorden met φιλ- (fil-), ‘liefhebben’. προηγέομαι (proegeomai), ‘voorgaan’: ook ‘overtreffen’; het kan betekenen ‘elkaar voorgaan in eerbetoon’ of ‘elkaar hoger achten’.

11Wees in ijver niet lui. Gloei in de geest. Dien de Heer.
τῇ
(te)
in de
σπουδῇ
(spoude)
ijver
μὴ
(me)
niet
ὀκνηροί
(okneroi)
lui
τῷ
(to)
in de
πνεύματι
(pneumati)
geest
ζέοντες
(zeontes)
gloeiend
τῷ
(to)
de
κυρίῳ
(kyrio)
Heer
δουλεύοντες
(douleuontes)
dienend
Bron: SBLGNT
Uitleg

τῷ πνεύματι (to pneumati), ‘in de geest’: wij schrijven ‘geest’ met een kleine letter, de geest van de mens; het Grieks kan ook de Geest van Elohim bedoelen, ‘gloeiend door de Geest’. ζέω (zeo), ‘gloeien, koken’. δουλεύω (douleuo), ‘als knecht dienen’.

‘De Heer’ (κύριος, kyrios): Yeshua.

12Wees blij in de hoop, houd stand in de verdrukking, volhard in het gebed.
τῇ
(te)
in de
ἐλπίδι
(elpidi)
hoop
χαίροντες
(chairontes)
blij zijnd
τῇ
(te)
in de
θλίψει
(thlipsei)
verdrukking
ὑπομένοντες
(hypomenontes)
standhoudend
τῇ
(te)
in het
προσευχῇ
(proseuche)
gebed
προσκαρτεροῦντες
(proskarterountes)
volhardend
Bron: SBLGNT
13Draag bij aan de behoeften van de heiligen. Zoek de gastvrijheid na.
ταῖς
(tais)
aan de
χρείαις
(chreiais)
behoeften
τῶν
(ton)
van de
ἁγίων
(hagion)
heiligen
κοινωνοῦντες
(koinonountes)
bijdragend
τὴν
(ten)
de
φιλοξενίαν
(philoxenian)
gastvrijheid
διώκοντες
(diokontes)
nastrevend
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἅγιοι (hagioi), ‘heiligen’: de toegewijden, de leden van de gemeente die aan Elohim gewijd zijn. χρεία (chreia), ‘behoefte, nood’. κοινωνέω (koinoneo), ‘deel hebben aan’: ook ‘bijdragen aan’; zie 15:26. φιλοξενία (filoxenia), ‘gastvrijheid’: letterlijk ‘liefde voor vreemdelingen’. διώκω (dioko), ‘najagen’, hetzelfde woord als ‘vervolgen’ in vers 14: hier achter de gastvrijheid aan, daar achter de gelovigen aan.

Zie ookRom 12:14

Zegen en vrede

14Zegen de vervolgers. Zegen en vloek niet.
εὐλογεῖτε
(eulogeite)
zegen
τοὺς
(tous)
de
διώκοντας
(diokontas)
vervolgers
εὐλογεῖτε
(eulogeite)
zegen
καὶ
(kai)
en
μὴ
(me)
niet
καταρᾶσθε
(katarasthe)
vloek
Bron: SBLGNT
Uitleg

De woorden komen overeen met de woorden van Yeshua in Matt. 5:44 en Luc. 6:27–28. διώκω (dioko), ‘vervolgen’: zie vers 13.

Zie ook Matt. 5:44; Luc. 6:27–28.

15Wees blij met wie blij zijn. Huil met wie huilen.
χαίρειν
(chairein)
blij te zijn
μετὰ
(meta)
met
χαιρόντων
(chaironton)
blijden
κλαίειν
(klaiein)
te huilen
μετὰ
(meta)
met
κλαιόντων
(klaionton)
huilenden
Bron: SBLGNT
Uitleg

De Griekse werkwoorden staan in de onbepaalde wijs (‘blij zijn, huilen’) en gelden hier als opdrachten.

16Wees eensgezind met elkaar. Richt je niet op wat hoog is, maar laat je meevoeren met de nederigen. Wees niet verstandig in eigen ogen.
τὸ
(to)
het
αὐτὸ
(auto)
zelfde
εἰς
(eis)
naar
ἀλλήλους
(allelous)
elkaar
φρονοῦντες
(phronountes)
gezind zijnd
μὴ
(me)
niet
τὰ
(ta)
de
ὑψηλὰ
(hypsela)
hoge dingen
φρονοῦντες
(phronountes)
denkend
ἀλλὰ
(alla)
maar
τοῖς
(tois)
de
ταπεινοῖς
(tapeinois)
nederigen
συναπαγόμενοι
(synapagomenoi)
meegevoerd
μὴ
(me)
niet
γίνεσθε
(ginesthe)
word
φρόνιμοι
(phronimoi)
verstandig
παρ’
(par’)
bij
ἑαυτοῖς
(heautois)
jezelf
Bron: SBLGNT
Uitleg

τὸ αὐτὸ φρονέω (to auto fronoeo), ‘hetzelfde gezind zijn’: eensgezind. ταπεινοῖς (tapeinois), ‘nederigen’: het Griekse woord kan mannelijk (‘de nederigen’) of onzijdig (‘wat nederig is’) zijn. συναπάγω (synapago), ‘meevoeren’: ook ‘zich laten meetrekken’.

‘Wees niet verstandig in eigen ogen’ (φρόνιμος, fronimos, ‘verstandig’, zoals in 11:25): vergelijk Spr. 3:7, waar ons Hebreeuws ‘Wees niet wijs in je eigen ogen’ heeft.

Zie ook Spr. 3:7.

Zie ookSpr 3:7
17Vergeld aan niemand kwaad met kwaad. Zorg voor wat goed is in het oog van alle mensen.
μηδενὶ
(medeni)
aan niemand
κακὸν
(kakon)
kwaad
ἀντὶ
(anti)
in plaats van
κακοῦ
(kakou)
kwaad
ἀποδιδόντες
(apodidontes)
vergeldend
προνοούμενοι
(pronooumenoi)
voorzorg nemend
καλὰ
(kala)
goede dingen
ἐνώπιον
(enopion)
voor
πάντων
(panton)
alle
ἀνθρώπων
(anthropon)
mensen
Bron: SBLGNT
Uitleg

Vergelijk Spr. 3:4, ‘Zo vind je gunst en goed doorzicht in de ogen van Elohim en van mensen’. προνοέω (pronoeo), ‘vooruitzien, zorgen voor’.

Zie ook Spr. 3:4; 1 Tess. 5:15.

18Leef, als het mogelijk is, voor zover het van jullie afhangt, in vrede met alle mensen.
εἰ
(ei)
als
δυνατόν
(dynaton)
mogelijk
τὸ
(to)
wat betreft
ἐξ
(ex)
uit
ὑμῶν
(hymon)
jullie
μετὰ
(meta)
met
πάντων
(panton)
alle
ἀνθρώπων
(anthropon)
mensen
εἰρηνεύοντες
(eireneuontes)
in vrede levend
Bron: SBLGNT
Uitleg

εἰρηνεύω (eirenevo), ‘in vrede leven’.

‘Als het mogelijk is, voor zover het van jullie afhangt’: het Grieks houdt open dat de ander ook meewerkt.

Geen wraak, maar het goede

19Neem geen wraak, geliefden, maar laat ruimte aan de toorn. Er staat immers geschreven: „Mij komt de wraak toe, Ik zal vergelden”, zegt Yahweh.
μὴ
(me)
niet
ἑαυτοὺς
(heautous)
uzelf
ἐκδικοῦντες
(ekdikountes)
wraak nemend
ἀγαπητοί
(agapetoi)
geliefden
ἀλλὰ
(alla)
maar
δότε
(dote)
geef
τόπον
(topon)
plaats
τῇ
(te)
aan de
ὀργῇ
(orge)
toorn
γέγραπται
(gegraptai)
geschreven staat
γάρ
(gar)
want
Ἐμοὶ
(Emoi)
aan Mij
ἐκδίκησις
(ekdikesis)
wraak
ἐγὼ
(ego)
Ik
ἀνταποδώσω
(antapodoso)
zal vergelden
λέγει
(legei)
zegt
κύριος
(kyrios)
Yahweh
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἐκδικέω (ekdikeo), ‘wraak nemen’; ἐκδίκησις (ekdikesis), ‘wraak’. ὀργή (orge), ‘toorn’: het Grieks zegt niet wiens toorn; uit het citaat en uit 13:4 blijkt dat het de toorn van Elohim is.

‘Laat ruimte aan de toorn’ betekent dat de vergelding aan Elohim wordt overgelaten.

Aanhaling van Deut. 32:35.

Ons Hebreeuws heeft: ‘Mij komen wraak en vergelding toe, voor de tijd dat hun voet wankelt’.

De Griekse tekst heeft: ‘Mij komt wraak toe, Ik zal vergelden’.

De Griekse tekst voegt ‘zegt de Heer’ toe; omdat Yahweh in de eerste persoon spreekt, schrijven wij ‘zegt Yahweh’ en zetten wij het citaat rood.

Zie ook Deut. 32:35; Hebr. 10:30.

20Maar als je vijand honger heeft, geef hem te eten. Als hij dorst heeft, geef hem te drinken. Want door dat te doen schep je gloeiende kolen op zijn hoofd.
ἀλλὰ
(alla)
maar
ἐὰν
(ean)
als
πεινᾷ
(peina)
honger heeft
ὁ
(ho)
de
ἐχθρός
(echthros)
vijand
σου
(sou)
jouw
ψώμιζε
(psomize)
voed
αὐτόν
(auton)
hem
ἐὰν
(ean)
als
διψᾷ
(dipsa)
dorst heeft
πότιζε
(potize)
geef te drinken
αὐτόν
(auton)
hem
τοῦτο
(touto)
dit
γὰρ
(gar)
want
ποιῶν
(poion)
doend
ἄνθρακας
(anthrakas)
kolen
πυρὸς
(pyros)
van vuur
σωρεύσεις
(soreuseis)
zul je ophopen
ἐπὶ
(epi)
op
τὴν
(ten)
het
κεφαλὴν
(kephalen)
hoofd
αὐτοῦ
(autou)
zijn
Bron: SBLGNT
Uitleg

Aanhaling van Spr. 25:21–22.

Ons Hebreeuws heeft: ‘Als wie je haat honger heeft, geef hem brood te eten; en als hij dorst heeft, geef hem water te drinken.

Want je schept gloeiende kolen op zijn hoofd, en Yahweh zal het je vergelden.’

De Griekse tekst heeft ‘je vijand’ en laat de slotzin over Yahweh weg.

Paulus haalt het aan; het citaat staat daarom zwart. ἄνθρακες πυρός (anthrakes pyros), ‘kolen van vuur’: gloeiende kolen.

Het beeld ‘gloeiende kolen op het hoofd’ is niet uitgelegd; men verstaat het als beschaming of als berouw; de tekst zegt het niet. ψωμίζω (psomizo), ‘te eten geven’.

Zie ook Spr. 25:21–22.

21Laat je niet overwinnen door het kwade, maar overwin het kwade met het goede.
μὴ
(me)
niet
νικῶ
(niko)
word overwonnen
ὑπὸ
(hypo)
door
τοῦ
(tou)
het
κακοῦ
(kakou)
kwade
ἀλλὰ
(alla)
maar
νίκα
(nika)
overwin
ἐν
(en)
met
τῷ
(to)
het
ἀγαθῷ
(agatho)
goede
τὸ
(to)
het
κακόν
(kakon)
kwade
Bron: SBLGNT
Uitleg

νικάω (nikao), ‘overwinnen’: dezelfde drie keer.

De Griekse vorm van het eerste ‘overwonnen worden’ is lijdend.