Elohim Bijbel

2 Korintiërs 13

12345678910111213

Twee of drie getuigen, de Messias in zwakheid en kracht, stel jullie zelf op de proef en de slotgroet

Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).

De derde keer en een waarschuwing vooraf

1Dit is de derde keer dat ik naar jullie kom. „Op het woord van twee getuigen en van drie zal elke zaak vaststaan.”
Τρίτον
(Triton)
derde
τοῦτο
(touto)
dit
ἔρχομαι
(erchomai)
kom ik
πρὸς
(pros)
naar
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
ἐπὶ
(epi)
op
στόματος
(stomatos)
mond
δύο
(dyo)
van twee
μαρτύρων
(martyron)
getuigen
καὶ
(kai)
en
τριῶν
(trion)
van drie
σταθήσεται
(stathesetai)
zal vaststaan
πᾶν
(pan)
elk
ῥῆμα
(rhema)
woord
Bron: SBLGNT
Uitleg

Dit is een citaat uit Deut. 19:15.

Ons Hebreeuws zegt: ‘Op het woord van twee getuigen of op het woord van drie getuigen staat de zaak vast.’

Het Grieks heeft ‘en’ waar het Hebreeuws ‘of’ heeft. ῥῆμα (rhema), ‘woord’ en ook ‘zaak’: wij volgen hier ons Deuteronomium.

Hoe Paulus de regel op zijn bezoek toepast, zegt de tekst niet.

Over ‘de derde keer’ zie 12:14.

Zie ook Deut. 19:15; Matt. 18:16; Joh. 8:17; 2 Kor. 12:14.

2Ik heb het eerder gezegd en ik zeg het vooraf, zoals toen ik de tweede keer aanwezig was, en nu afwezig. Tegen hen die eerder gezondigd hebben en tegen alle anderen: als ik weer kom, zal ik niet sparen.
προείρηκα
(proeireka)
ik heb eerder gezegd
καὶ
(kai)
en
προλέγω
(prolego)
zeg vooraf
ὡς
(hos)
zoals
παρὼν
(paron)
aanwezig zijnde
τὸ
(to)
het
δεύτερον
(deuteron)
tweede
καὶ
(kai)
en
ἀπὼν
(apon)
afwezig zijnde
νῦν
(nyn)
nu
τοῖς
(tois)
aan degenen
προημαρτηκόσιν
(proemartekosin)
die eerder gezondigd hebben
καὶ
(kai)
en
τοῖς
(tois)
aan de
λοιποῖς
(loipois)
overige
πᾶσιν
(pasin)
allen
ὅτι
(hoti)
dat
ἐὰν
(ean)
als
ἔλθω
(eltho)
ik kom
εἰς
(eis)
naar
τὸ
(to)
het
πάλιν
(palin)
opnieuw
οὐ
(ou)
niet
φείσομαι
(pheisomai)
zal ik sparen
Bron: SBLGNT
Uitleg

προλέγω (prolego), ‘vooraf zeggen’.

‘De tweede keer’ wijst op het tweede bezoek van Paulus aan Korinte, of op de tweede keer dat hij waarschuwt; vergelijk 12:14. προαμαρτάνω (proamartano), ‘eerder zondigen’: zie 12:21. φείδομαι (feidomai), ‘sparen’.

Zie ook 2 Kor. 12:21.

3Want jullie zoeken een bewijs dat de Messias in mij spreekt. Hij is tegenover jullie niet zwak, maar machtig onder jullie.
ἐπεὶ
(epei)
omdat
δοκιμὴν
(dokimen)
bewijs
ζητεῖτε
(zeteite)
zoeken jullie
τοῦ
(tou)
van de
ἐν
(en)
in
ἐμοὶ
(emoi)
mij
λαλοῦντος
(lalountos)
sprekende
Χριστοῦ
(Christou)
Messias
ὃς
(hos)
die
εἰς
(eis)
tegenover
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
οὐκ
(ouk)
niet
ἀσθενεῖ
(asthenei)
is zwak
ἀλλὰ
(alla)
maar
δυνατεῖ
(dynatei)
is machtig
ἐν
(en)
onder
ὑμῖν
(hymin)
jullie
Bron: SBLGNT
Uitleg

δοκιμή (dokime), ‘beproefdheid’, hier ‘bewijs’: wat de toets doorstaat; zie 2:9 en 8:2. ἀσθενέω (astheneo), ‘zwak zijn’; δυνατέω (dynateo), ‘machtig zijn’.

‘Hij’ is de Messias.

Zie ook 2 Kor. 12:9.

Zie ook2 Kor 12:9
4Want Hij is gekruisigd uit zwakheid, maar Hij leeft uit de kracht van Elohim. Want ook wij zijn zwak in Hem, maar wij zullen met Hem leven, uit de kracht van Elohim, voor jullie.
καὶ
(kai)
en
γὰρ
(gar)
want
ἐσταυρώθη
(estaurothe)
werd gekruisigd
ἐξ
(ex)
uit
ἀσθενείας
(astheneias)
zwakheid
ἀλλὰ
(alla)
maar
ζῇ
(ze)
leeft
ἐκ
(ek)
uit
δυνάμεως
(dynameos)
kracht
θεοῦ
(theou)
van Elohim
καὶ
(kai)
en
γὰρ
(gar)
want
ἡμεῖς
(hemeis)
wij
ἀσθενοῦμεν
(asthenoumen)
zijn zwak
ἐν
(en)
in
αὐτῷ
(auto)
Hem
ἀλλὰ
(alla)
maar
ζήσομεν
(zesomen)
zullen leven
σὺν
(syn)
met
αὐτῷ
(auto)
Hem
ἐκ
(ek)
uit
δυνάμεως
(dynameos)
kracht
θεοῦ
(theou)
van Elohim
εἰς
(eis)
tot
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἐσταυρώθη ἐξ ἀσθενείας (estaurothe ex astheneias), ‘Hij is gekruisigd uit zwakheid’; ζῇ ἐκ δυνάμεως θεοῦ (ze ek dynameos theou), ‘Hij leeft uit de kracht van Elohim’.

De zwakheid en kracht van de Messias lopen parallel met die van Paulus: ‘zwak in Hem’, ‘met Hem leven’. εἰς ὑμᾶς (eis hymas), ‘voor jullie’: ook ‘tegenover jullie’ of ‘onder jullie’.

Zie ook 2 Kor. 12:9–10.

Stel jullie zelf op de proef

5Stel jullie zelf op de proef, of jullie in het geloof zijn. Toets jullie zelf. Of erkennen jullie niet dat Yeshua de Messias in jullie is? Tenzij jullie afgekeurd zijn.
Ἑαυτοὺς
(Heautous)
jullie zelf
πειράζετε
(peirazete)
stellen op de proef
εἰ
(ei)
of
ἐστὲ
(este)
jullie zijn
ἐν
(en)
in
τῇ
(te)
het
πίστει
(pistei)
geloof
ἑαυτοὺς
(heautous)
jullie zelf
δοκιμάζετε
(dokimazete)
toetsen
ἢ
(e)
of
οὐκ
(ouk)
niet
ἐπιγινώσκετε
(epiginoskete)
erkennen jullie
ἑαυτοὺς
(heautous)
jullie zelf
ὅτι
(hoti)
dat
Ἰησοῦς
(Iesous)
Yeshua
Χριστὸς
(Christos)
de Messias
ἐν
(en)
in
ὑμῖν
(hymin)
jullie
εἰ
(ei)
tenzij
μήτι
(meti)
misschien
ἀδόκιμοί
(adokimoi)
afgekeurd
ἐστε
(este)
jullie zijn
Bron: SBLGNT
Uitleg

πειράζω (peirazo), ‘op de proef stellen’; δοκιμάζω (dokimazo), ‘toetsen’. ἐπιγινώσκω (epiginosko), ‘erkennen’, zoals in 1:13. ἀδόκιμος (adokimos), ‘afgekeurd’: wie de toets niet doorstaat; het tegenovergestelde van δόκιμος, ‘goedgekeurd’ (vers 7).

‘Yeshua de Messias in jullie’ vergelijk Gal. 2:20 en Gal. 4:19.

Zie ook Gal. 2:20; Gal. 4:19.

6Ik hoop dat jullie zullen weten dat wij niet afgekeurd zijn.
ἐλπίζω
(elpizo)
ik hoop
δὲ
(de)
maar
ὅτι
(hoti)
dat
γνώσεσθε
(gnosesthe)
zullen weten
ὅτι
(hoti)
dat
ἡμεῖς
(hemeis)
wij
οὐκ
(ouk)
niet
ἐσμὲν
(esmen)
zijn
ἀδόκιμοι
(adokimoi)
afgekeurd
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἀδόκιμος (adokimos), ‘afgekeurd’: zie vers 5.

Zie ook2 Kor 13:5
7Wij bidden tot Elohim dat jullie niets kwaads doen. Niet opdat wij goedgekeurd lijken, maar opdat jullie het goede doen, ook al zijn wij als afgekeurden.
εὐχόμεθα
(euchometha)
wij bidden
δὲ
(de)
maar
πρὸς
(pros)
tot
τὸν
(ton)
de
θεὸν
(theon)
Elohim
μὴ
(me)
niet
ποιῆσαι
(poiesai)
te doen
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
κακὸν
(kakon)
kwaad
μηδέν
(meden)
niets
οὐχ
(ouch)
niet
ἵνα
(hina)
opdat
ἡμεῖς
(hemeis)
wij
δόκιμοι
(dokimoi)
goedgekeurd
φανῶμεν
(phanomen)
lijken
ἀλλ’
(all’)
maar
ἵνα
(hina)
opdat
ὑμεῖς
(hymeis)
jullie
τὸ
(to)
het
καλὸν
(kalon)
goede
ποιῆτε
(poiete)
doen
ἡμεῖς
(hemeis)
wij
δὲ
(de)
maar
ὡς
(hos)
als
ἀδόκιμοι
(adokimoi)
afgekeurd
ὦμεν
(omen)
zijn
Bron: SBLGNT
Uitleg

δόκιμος (dokimos), ‘goedgekeurd’: wie de toets doorstaan heeft; vergelijk 10:18. ἀδόκιμος (adokimos), ‘afgekeurd’: zie vers 5.

Zie ook 2 Kor. 10:18.

8Want wij kunnen niets tegen de waarheid, maar voor de waarheid.
οὐ
(ou)
niet
γὰρ
(gar)
want
δυνάμεθά
(dynametha)
kunnen wij
τι
(ti)
iets
κατὰ
(kata)
tegen
τῆς
(tes)
de
ἀληθείας
(aletheias)
waarheid
ἀλλὰ
(alla)
maar
ὑπὲρ
(hyper)
voor
τῆς
(tes)
de
ἀληθείας
(aletheias)
waarheid
Bron: SBLGNT
9Want wij verheugen ons wanneer wij zwak zijn en jullie sterk. Dit bidden wij ook: jullie herstel.
χαίρομεν
(chairomen)
verheugen wij ons
γὰρ
(gar)
want
ὅταν
(hotan)
wanneer
ἡμεῖς
(hemeis)
wij
ἀσθενῶμεν
(asthenomen)
zwak zijn
ὑμεῖς
(hymeis)
jullie
δὲ
(de)
maar
δυνατοὶ
(dynatoi)
sterk
ἦτε
(ete)
zijn
τοῦτο
(touto)
dit
καὶ
(kai)
ook
εὐχόμεθα
(euchometha)
bidden wij
τὴν
(ten)
het
ὑμῶν
(hymon)
van jullie
κατάρτισιν
(katartisin)
herstel
Bron: SBLGNT
Uitleg

κατάρτισις (katartisis), ‘herstel’: het in orde brengen; verwant met καταρτίζω (katartizo) in vers 11.

Het werkwoord staat ook voor het herstellen van netten in Matt. 4:21. δυνατός (dynatos), ‘sterk’: vergelijk 12:10.

Zie ook Matt. 4:21.

10Daarom schrijf ik dit terwijl ik afwezig ben. Zo hoef ik, als ik aanwezig ben, niet streng op te treden met het gezag dat de Heer mij gegeven heeft, tot opbouw en niet tot neerhalen.
διὰ
(dia)
daarom
τοῦτο
(touto)
dit
ταῦτα
(tauta)
deze dingen
ἀπὼν
(apon)
afwezig zijnde
γράφω
(grapho)
schrijf ik
ἵνα
(hina)
opdat
παρὼν
(paron)
aanwezig zijnde
μὴ
(me)
niet
ἀποτόμως
(apotomos)
streng
χρήσωμαι
(chresomai)
ik optreed
κατὰ
(kata)
naar
τὴν
(ten)
het
ἐξουσίαν
(exousian)
gezag
ἣν
(hen)
dat
ὁ
(ho)
de
κύριος
(kyrios)
Heer
ἔδωκέν
(edoken)
gaf
μοι
(moi)
mij
εἰς
(eis)
tot
οἰκοδομὴν
(oikodomen)
opbouw
καὶ
(kai)
en
οὐκ
(ouk)
niet
εἰς
(eis)
tot
καθαίρεσιν
(kathairesin)
neerhalen
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἀποτόμως (apotomos), ‘streng’: letterlijk ‘afgesneden’.

Het slot herhaalt de woorden van 10:8: het gezag is gegeven ‘tot opbouw en niet tot neerhalen’. ἐξουσία (exousia), ‘gezag’.

Zie ook 2 Kor. 10:8.

Zie ook2 Kor 10:8

Slotwoorden en groet

11Tot slot, broers: wees verheugd, word hersteld, laat jullie aansporen, wees eensgezind, leef in vrede. En de Elohim van liefde en vrede zal met jullie zijn.
Λοιπόν
(Loipon)
tot slot
ἀδελφοί
(adelphoi)
broers
χαίρετε
(chairete)
wees verheugd
καταρτίζεσθε
(katartizesthe)
word hersteld
παρακαλεῖσθε
(parakaleisthe)
laat jullie aansporen
τὸ
(to)
het
αὐτὸ
(auto)
zelfde
φρονεῖτε
(phroneite)
denk
εἰρηνεύετε
(eireneuete)
leef in vrede
καὶ
(kai)
en
ὁ
(ho)
de
θεὸς
(theos)
Elohim
τῆς
(tes)
van de
ἀγάπης
(agapes)
liefde
καὶ
(kai)
en
εἰρήνης
(eirenes)
vrede
ἔσται
(estai)
zal zijn
μεθ’
(meth’)
met
ὑμῶν
(hymon)
jullie
Bron: SBLGNT
Uitleg

λοιπόν (loipon), ‘tot slot’. χαίρετε (chairete), ‘wees verheugd’: ook een gebruikelijke groet. καταρτίζεσθε (katartizesthe), ‘word hersteld’: vergelijk vers 9. παρακαλεῖσθε (parakaleisthe): ‘laat jullie aansporen’; het Grieks kan ook ‘laat je troosten’ of ‘luister naar mijn oproep’ betekenen. τὸ αὐτὸ φρονεῖτε (to auto froneite), letterlijk ‘denk hetzelfde’. εἰρηνεύω (eireneuo), ‘in vrede leven’.

Zie ook2 Kor 13:9
12Groet elkaar met een heilige kus. Alle heiligen groeten jullie.
ἀσπάσασθε
(aspasasthe)
groet
ἀλλήλους
(allelous)
elkaar
ἐν
(en)
met
ἁγίῳ
(hagio)
heilige
φιλήματι
(philemati)
kus
ἀσπάζονται
(aspazontai)
groeten
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
οἱ
(hoi)
de
ἅγιοι
(hagioi)
heiligen
πάντες
(pantes)
allen
Bron: SBLGNT
Uitleg

φίλημα ἅγιον (filema hagion), ‘heilige kus’: een kus als groet tussen gelovigen.

De kus komt in meer brieven voor als groet.

‘Alle heiligen’: alle gelovigen bij Paulus; wie precies bedoeld is, zegt de tekst niet.

Zie ook Rom. 16:16; 1 Kor. 16:20; 1 Tess. 5:26.

13De genade van de Heer Yeshua de Messias, de liefde van Elohim en de gemeenschap van de Heilige Geest zij met jullie allen.
ἡ
(he)
de
χάρις
(charis)
genade
τοῦ
(tou)
van de
κυρίου
(kyriou)
Heer
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
Χριστοῦ
(Christou)
de Messias
καὶ
(kai)
en
ἡ
(he)
de
ἀγάπη
(agape)
liefde
τοῦ
(tou)
van de
θεοῦ
(theou)
Elohim
καὶ
(kai)
en
ἡ
(he)
de
κοινωνία
(koinonia)
gemeenschap
τοῦ
(tou)
van de
ἁγίου
(hagiou)
Heilige
πνεύματος
(pneumatos)
Geest
μετὰ
(meta)
met
πάντων
(panton)
allen
ὑμῶν
(hymon)
jullie
Bron: SBLGNT
Uitleg

Een zegenbede met de drie: de Heer Yeshua de Messias, Elohim en de Heilige Geest. κοινωνία (koinonia), ‘gemeenschap’: ook ‘deelname aan’; het kan zowel de gemeenschap zijn die de Geest geeft als deelname aan de Geest.

Het Grieks heeft geen werkwoord; ‘zij’ vullen wij aan.

Sommige uitgaven tellen deze zin als vers 14.

Zie ook 2 Kor. 8:4.