Elohim Bijbel

2 Korintiërs 3

12345678910111213

De brief van de Messias, het nieuwe verbond en de sluier van Mozes

Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).

Een brief van de Messias

1Beginnen wij weer onszelf aan te bevelen? Of hebben wij soms, zoals sommigen, aanbevelingsbrieven aan jullie nodig, of van jullie?
Ἀρχόμεθα
(Archometha)
beginnen wij
πάλιν
(palin)
weer
ἑαυτοὺς
(heautous)
onszelf
συνιστάνειν
(synistanein)
aan te bevelen
ἢ
(e)
of
μὴ
(me)
toch niet
χρῄζομεν
(chrezomen)
hebben wij nodig
ὥς
(hos)
zoals
τινες
(tines)
sommigen
συστατικῶν
(systatikon)
aanbevelings-
ἐπιστολῶν
(epistolon)
brieven
πρὸς
(pros)
aan
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
ἢ
(e)
of
ἐξ
(ex)
van
ὑμῶν
(hymon)
jullie
Bron: SBLGNT
Uitleg

συνίστημι (synistemi), ‘aanbevelen’; συστατικαὶ ἐπιστολαί (systatikai epistolai), ‘aanbevelingsbrieven’: brieven waarmee iemand bij een gemeente wordt aangeprezen.

Paulus geeft de vraag een ironische toon: wie bekend is bij de gemeente, heeft zo’n brief niet nodig.

Zie ook Hand. 18:27.

Zie ookHand 18:27
2Jullie zijn onze brief, ingeschreven in onze harten, gekend en gelezen door alle mensen.
ἡ
(he)
de
ἐπιστολὴ
(epistole)
brief
ἡμῶν
(hemon)
onze
ὑμεῖς
(hymeis)
jullie
ἐστε
(este)
zijn
ἐγγεγραμμένη
(engegrammene)
ingeschreven
ἐν
(en)
in
ταῖς
(tais)
de
καρδίαις
(kardiais)
harten
ἡμῶν
(hemon)
onze
γινωσκομένη
(ginoskomene)
gekend wordend
καὶ
(kai)
en
ἀναγινωσκομένη
(anaginoskomene)
gelezen wordend
ὑπὸ
(hypo)
door
πάντων
(panton)
alle
ἀνθρώπων
(anthropon)
mensen
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἐγγράφω (eggrafo), ‘inschrijven’.

De gemeente is de brief; zij is in het hart van Paulus en zijn medewerkers ingeschreven en wordt door allen gelezen, dat wil zeggen: gezien aan haar leven.

3Het is duidelijk dat jullie een brief van de Messias zijn, door ons bediend. Hij is geschreven niet met inkt maar met de Geest van de levende Elohim, niet op stenen tafelen maar op tafelen, op harten van vlees.
φανερούμενοι
(phaneroumenoi)
zichtbaar wordend
ὅτι
(hoti)
dat
ἐστὲ
(este)
jullie zijn
ἐπιστολὴ
(epistole)
brief
Χριστοῦ
(Christou)
van de Messias
διακονηθεῖσα
(diakonetheisa)
bediend
ὑφ’
(hyph’)
door
ἡμῶν
(hemon)
ons
ἐγγεγραμμένη
(engegrammene)
ingeschreven
οὐ
(ou)
niet
μέλανι
(melani)
met inkt
ἀλλὰ
(alla)
maar
πνεύματι
(pneumati)
met Geest
θεοῦ
(theou)
van Elohim
ζῶντος
(zontos)
levende
οὐκ
(ouk)
niet
ἐν
(en)
op
πλαξὶν
(plaxin)
tafelen
λιθίναις
(lithinais)
stenen
ἀλλ’
(all’)
maar
ἐν
(en)
op
πλαξὶν
(plaxin)
tafelen
καρδίαις
(kardiais)
harten
σαρκίναις
(sarkinais)
van vlees
Bron: SBLGNT
Uitleg

πλάξ (plax), ‘tafel’: de stenen tafelen waarop Elohim de woorden schreef.

‘Harten van vlees’: de Griekse woorden σαρκίναις καρδίαις (sarkinais kardiais) betekenen ‘harten van vlees’, het levende hart tegenover het steen.

Hier is ‘vlees’ dus niet iets slechts.

De tegenstelling van een stenen hart en een hart van vlees staat ook bij de profeet Ezechiël.

Zie ook Exod. 31:18; Exod. 34:1; Jer. 31:33; Ezech. 36:26–27; Spr. 3:3.

Dienaren van een nieuw verbond

4Zo’n vertrouwen hebben wij door de Messias op Elohim.
Πεποίθησιν
(Pepoithesin)
vertrouwen
δὲ
(de)
nu
τοιαύτην
(toiauten)
zodanig
ἔχομεν
(echomen)
hebben wij
διὰ
(dia)
door
τοῦ
(tou)
de
Χριστοῦ
(Christou)
Messias
πρὸς
(pros)
jegens
τὸν
(ton)
de
θεόν
(theon)
Elohim
Bron: SBLGNT
Uitleg

πεποίθησις (pepoithesis), ‘vertrouwen’.

Het vertrouwen is niet op Paulus zelf gericht maar op Elohim, door de Messias.

5Niet dat wij van onszelf bekwaam zijn om iets te beschouwen als uit onszelf, maar onze bekwaamheid is uit Elohim.
οὐχ
(ouch)
niet
ὅτι
(hoti)
dat
ἀφ’
(aph’)
van
ἑαυτῶν
(heauton)
onszelf
ἱκανοί
(hikanoi)
bekwaam
ἐσμεν
(esmen)
zijn wij
λογίσασθαί
(logisasthai)
te beschouwen
τι
(ti)
iets
ὡς
(hos)
als
ἐξ
(ex)
uit
αὑτῶν
(hauton)
onszelf
ἀλλ’
(all’)
maar
ἡ
(he)
de
ἱκανότης
(hikanotes)
bekwaamheid
ἡμῶν
(hemon)
onze
ἐκ
(ek)
uit
τοῦ
(tou)
de
θεοῦ
(theou)
Elohim
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἱκανός (hikanos), ‘bekwaam’; ἱκανότης (hikanotes), ‘bekwaamheid’. λογίζομαι (logizomai) betekent hier ‘beschouwen, rekenen’.

Paulus zegt dat zijn bekwaamheid niet uit hemzelf komt maar uit Elohim; zie ook 2:16.

6Hij heeft ons ook bekwaam gemaakt als dienaren van een nieuw verbond, niet van de letter maar van de Geest. Want de letter doodt, maar de Geest maakt levend.
ὃς
(hos)
die
καὶ
(kai)
ook
ἱκάνωσεν
(hikanosen)
bekwaam heeft gemaakt
ἡμᾶς
(hemas)
ons
διακόνους
(diakonous)
dienaren
καινῆς
(kaines)
van een nieuw
διαθήκης
(diathekes)
verbond
οὐ
(ou)
niet
γράμματος
(grammatos)
van letter
ἀλλὰ
(alla)
maar
πνεύματος
(pneumatos)
van Geest
τὸ
(to)
de
γὰρ
(gar)
want
γράμμα
(gramma)
letter
ἀποκτέννει
(apoktennei)
doodt
τὸ
(to)
de
δὲ
(de)
maar
πνεῦμα
(pneuma)
Geest
ζῳοποιεῖ
(zoopoiei)
maakt levend
Bron: SBLGNT
Uitleg

διαθήκη (diatheke), ‘verbond’: in het gewone Grieks ook ‘testament, laatste wil’; wij houden ‘verbond’ (zoals in Gal. 3:15).

‘Nieuw verbond’ is het woord van Jer. 31:31; de belofte daar is gericht aan het huis van Israël en het huis van Juda. διάκονος (diakonos), ‘dienaar’. γράμμα (gramma), ‘letter’: het geschreven voorschrift. πνεῦμα (pneuma), ‘Geest’: de Geest van Elohim. ἀποκτέννω (apokteno), ‘doden’; ζῳοποιέω (zoopoieo), ‘levend maken’, zoals in Gal. 3:21.

Zie ook Jer. 31:31–34; Ezech. 36:26–27; Gal. 3:21.

De heerlijkheid van de twee diensten

7Als de dienst van de dood, in letters op stenen gegrift, in heerlijkheid is gekomen, zodat de zonen van Israël niet naar het gezicht van Mozes konden staren vanwege de heerlijkheid van zijn gezicht, die buiten werking gesteld wordt,
Εἰ
(Ei)
als
δὲ
(de)
nu
ἡ
(he)
de
διακονία
(diakonia)
dienst
τοῦ
(tou)
van de
θανάτου
(thanatou)
dood
ἐν
(en)
in
γράμμασιν
(grammasin)
letters
ἐντετυπωμένη
(entetypomene)
ingegrift
λίθοις
(lithois)
op stenen
ἐγενήθη
(egenethe)
kwam
ἐν
(en)
in
δόξῃ
(doxe)
heerlijkheid
ὥστε
(hoste)
zodat
μὴ
(me)
niet
δύνασθαι
(dynasthai)
kunnen
ἀτενίσαι
(atenisai)
staren
τοὺς
(tous)
de
υἱοὺς
(huious)
zonen
Ἰσραὴλ
(Israel)
van Israël
εἰς
(eis)
naar
τὸ
(to)
het
πρόσωπον
(prosopon)
gezicht
Μωϋσέως
(Moyseos)
van Mozes
διὰ
(dia)
vanwege
τὴν
(ten)
de
δόξαν
(doxan)
heerlijkheid
τοῦ
(tou)
van het
προσώπου
(prosopou)
gezicht
αὐτοῦ
(autou)
zijn
τὴν
(ten)
die
καταργουμένην
(katargoumenen)
buiten werking gesteld wordt
Bron: SBLGNT
Uitleg

De dienst die ‘in letters op stenen gegrift’ is: de tafelen die Mozes ontving.

De Griekse zin loopt door in vers 8: het is één redenering. καταργέω (katargeo), ‘buiten werking stellen’, zoals in Gal. 3:17; het Grieks gebruikt dit woord in 3:7, 3:11, 3:13 en 3:14.

Exod. 34:29–35 vertelt dat het gezicht van Mozes straalde en dat het volk bang was om dicht bij hem te komen (34:30).

Dat de glans verging, of dat dit de reden van de sluier was, zegt Exodus niet; dat is wat Paulus erin ziet. ἀτενίζω (atenizo), ‘strak kijken, staren’.

Zie ook Exod. 34:29–35.

8hoe zal dan de dienst van de Geest niet veeleer in heerlijkheid zijn?
πῶς
(pos)
hoe
οὐχὶ
(ouchi)
niet
μᾶλλον
(mallon)
veeleer
ἡ
(he)
de
διακονία
(diakonia)
dienst
τοῦ
(tou)
van de
πνεύματος
(pneumatos)
Geest
ἔσται
(estai)
zal zijn
ἐν
(en)
in
δόξῃ
(doxe)
heerlijkheid
Bron: SBLGNT
Uitleg

‘De dienst van de Geest’ is de dienst van het nieuwe verbond uit vers 6.

Het Grieks heeft een werkwoord in de toekomende tijd: ‘zal zijn’.

Zie ook2 Kor 3:6
9Want als er voor de dienst van de veroordeling heerlijkheid is, dan is de dienst van de gerechtigheid veel meer overvloedig in heerlijkheid.
εἰ
(ei)
als
γὰρ
(gar)
want
τῇ
(te)
voor de
διακονίᾳ
(diakonia)
dienst
τῆς
(tes)
van de
κατακρίσεως
(katakriseos)
veroordeling
δόξα
(doxa)
heerlijkheid
πολλῷ
(pollo)
veel
μᾶλλον
(mallon)
meer
περισσεύει
(perisseuei)
is overvloedig
ἡ
(he)
de
διακονία
(diakonia)
dienst
τῆς
(tes)
van de
δικαιοσύνης
(dikaiosynes)
gerechtigheid
δόξῃ
(doxe)
in heerlijkheid
Bron: SBLGNT
Uitleg

κατάκρισις (katakrisis), ‘veroordeling’; δικαιοσύνη (dikaiosyne), ‘gerechtigheid’.

Paulus noemt de dienst van het eerste verbond hier ‘de dienst van de veroordeling’ en de dienst van het nieuwe verbond ‘de dienst van de gerechtigheid’.

10Want zelfs het verheerlijkte is in dit opzicht niet verheerlijkt, vanwege de heerlijkheid die dit overtreft.
καὶ
(kai)
ook
γὰρ
(gar)
want
οὐ
(ou)
niet
δεδόξασται
(dedoxastai)
is verheerlijkt
τὸ
(to)
het
δεδοξασμένον
(dedoxasmenon)
verheerlijkte
ἐν
(en)
in
τούτῳ
(touto)
dit
τῷ
(to)
het
μέρει
(merei)
opzicht
εἵνεκεν
(heineken)
vanwege
τῆς
(tes)
de
ὑπερβαλλούσης
(hyperballouses)
overtreffende
δόξης
(doxes)
heerlijkheid
Bron: SBLGNT
Uitleg

δοξάζω (doxazo), ‘verheerlijken’.

Het verheerlijkte, de dienst van Mozes, is in dit opzicht niet verheerlijkt in vergelijking met de overtreffende heerlijkheid van de nieuwe dienst.

11Want als wat buiten werking gesteld wordt, met heerlijkheid is gekomen, dan is wat blijft veel meer in heerlijkheid.
εἰ
(ei)
als
γὰρ
(gar)
want
τὸ
(to)
het
καταργούμενον
(katargoumenon)
buiten werking gesteld wordende
διὰ
(dia)
door
δόξης
(doxes)
heerlijkheid
πολλῷ
(pollo)
veel
μᾶλλον
(mallon)
meer
τὸ
(to)
het
μένον
(menon)
blijvende
ἐν
(en)
in
δόξῃ
(doxe)
heerlijkheid
Bron: SBLGNT
Uitleg

τὸ καταργούμενον (to katargoumenon), ‘wat buiten werking gesteld wordt’, tegenover τὸ μένον (to menon), ‘wat blijft’.

De sluier van Mozes

12Omdat wij dus zo’n hoop hebben, treden wij met veel vrijmoedigheid op,
Ἔχοντες
(Echontes)
hebbend
οὖν
(oun)
dus
τοιαύτην
(toiauten)
zodanige
ἐλπίδα
(elpida)
hoop
πολλῇ
(polle)
met veel
παρρησίᾳ
(parresia)
vrijmoedigheid
χρώμεθα
(chrometha)
maken wij gebruik
Bron: SBLGNT
Uitleg

παρρησία (parresia), ‘vrijmoedigheid’: openlijk spreken zonder terughoudendheid. ἐλπίς (elpis), ‘hoop’.

13en niet zoals Mozes. Hij legde een sluier op zijn gezicht, zodat de zonen van Israël niet zouden staren naar het einde van wat buiten werking gesteld wordt.
καὶ
(kai)
en
οὐ
(ou)
niet
καθάπερ
(kathaper)
zoals
Μωϋσῆς
(Moyses)
Mozes
ἐτίθει
(etithei)
legde
κάλυμμα
(kalymma)
sluier
ἐπὶ
(epi)
op
τὸ
(to)
het
πρόσωπον
(prosopon)
gezicht
αὐτοῦ
(autou)
zijn
πρὸς
(pros)
opdat
τὸ
(to)
het
μὴ
(me)
niet
ἀτενίσαι
(atenisai)
staren
τοὺς
(tous)
de
υἱοὺς
(huious)
zonen
Ἰσραὴλ
(Israel)
van Israël
εἰς
(eis)
naar
τὸ
(to)
het
τέλος
(telos)
einde
τοῦ
(tou)
van het
καταργουμένου
(katargoumenou)
buiten werking gestelde
Bron: SBLGNT
Uitleg

κάλυμμα (kalymma), ‘sluier’: in Exod. 34:33–35 het Hebreeuwse מַסְוֶה (masweh).

Volgens ons Exodus legde Mozes de sluier over zijn gezicht toen hij klaar was met het volk toe te spreken (34:33) en deed hij hem af als hij voor Yahweh kwam (34:34).

De reden die Paulus geeft, namelijk dat Israël het einde van wat vergaat niet zou zien, staat niet in Exodus. τέλος (telos), ‘einde, doel’: het Grieks kan ook ‘doel’ betekenen.

Zie ook Exod. 34:33–35.

14Maar hun gedachten werden verhard. Want tot op de dag van vandaag blijft dezelfde sluier bij het lezen van het oude verbond. Het wordt niet ontsluierd, omdat het in de Messias buiten werking gesteld wordt.
ἀλλὰ
(alla)
maar
ἐπωρώθη
(eporothe)
werd verhard
τὰ
(ta)
de
νοήματα
(noemata)
gedachten
αὐτῶν
(auton)
hun
ἄχρι
(achri)
tot
γὰρ
(gar)
want
τῆς
(tes)
de
σήμερον
(semeron)
van vandaag
ἡμέρας
(hemeras)
dag
τὸ
(to)
de
αὐτὸ
(auto)
dezelfde
κάλυμμα
(kalymma)
sluier
ἐπὶ
(epi)
bij
τῇ
(te)
het
ἀναγνώσει
(anagnosei)
lezen
τῆς
(tes)
van het
παλαιᾶς
(palaias)
oude
διαθήκης
(diathekes)
verbond
μένει
(menei)
blijft
μὴ
(me)
niet
ἀνακαλυπτόμενον
(anakalyptomenon)
ontsluierd wordend
ὅτι
(hoti)
omdat
ἐν
(en)
in
Χριστῷ
(Christo)
de Messias
καταργεῖται
(katargeitai)
buiten werking gesteld wordt
Bron: SBLGNT
Uitleg

πωρόω (poroo), ‘verharden’, zoals in Mark. 6:52. νόημα (noema), ‘gedachte’.

‘Het oude verbond’ (παλαιὰ διαθήκη): de geschriften waaruit bij de lezing voorgelezen wordt; zie vers 15, waar het ‘Mozes’ heet. ἀνακαλύπτω (anakalypto), ‘ontsluieren’.

Het slot kan op twee manieren gelezen worden: de sluier blijft omdat hij alleen in de Messias buiten werking gesteld wordt, of: de sluier blijft, zonder dat bekend wordt dat hij in de Messias buiten werking gesteld wordt.

De Griekse zin is hier niet eenduidig.

Zie ook Mark. 6:52.

15Ja, tot vandaag ligt, telkens wanneer Mozes gelezen wordt, een sluier op hun hart.
ἀλλ’
(all’)
maar
ἕως
(heos)
tot
σήμερον
(semeron)
vandaag
ἡνίκα
(henika)
wanneer
ἂν
(an)
telkens
ἀναγινώσκηται
(anaginosketai)
gelezen wordt
Μωϋσῆς
(Moyses)
Mozes
κάλυμμα
(kalymma)
sluier
ἐπὶ
(epi)
op
τὴν
(ten)
het
καρδίαν
(kardian)
hart
αὐτῶν
(auton)
hun
κεῖται
(keitai)
ligt
Bron: SBLGNT
Uitleg

‘Mozes wordt gelezen’ betekent: de geschriften van Mozes, de tora, worden voorgelezen.

16Maar telkens wanneer iemand zich tot Yahweh wendt, wordt de sluier weggenomen.
ἡνίκα
(henika)
wanneer
δὲ
(de)
nu
ἐὰν
(ean)
telkens
ἐπιστρέψῃ
(epistrepse)
hij zich wendt
πρὸς
(pros)
tot
κύριον
(kyrion)
Yahweh
περιαιρεῖται
(periaireitai)
wordt weggenomen
τὸ
(to)
de
κάλυμμα
(kalymma)
sluier
Bron: SBLGNT
Uitleg

Dit vers sluit aan op Exod. 34:34, waar Mozes voor het aangezicht van Yahweh komt en de sluier afdoet; het Hebreeuws heeft daar יהוה (Yahweh).

Daarom zetten wij κύριος (kyrios) hier als ‘Yahweh’.

Het Grieks heeft geen onderwerp bij ‘zich wendt’: het kan Mozes zijn, of ieder die zich wendt. ἐπιστρέφω (epistrefo), ‘zich wenden, zich omkeren’. περιαιρέω (periaireo), ‘wegnemen’.

Zie ook Exod. 34:34.

Zie ookEx 34:34

Vrijheid en verandering door de Geest

17Yahweh nu is de Geest, en waar de Geest van Yahweh is, daar is vrijheid.
ὁ
(ho)
de
δὲ
(de)
nu
κύριος
(kyrios)
Yahweh
τὸ
(to)
de
πνεῦμά
(pneuma)
Geest
ἐστιν
(estin)
is
οὗ
(hou)
waar
δὲ
(de)
nu
τὸ
(to)
de
πνεῦμα
(pneuma)
Geest
κυρίου
(kyriou)
van Yahweh
ἐλευθερία
(eleutheria)
vrijheid
Bron: SBLGNT
Uitleg

Paulus legt hier de naam uit het citaat uit: ‘Yahweh’ (κύριος, kyrios) uit Exod. 34:34 is hier ‘de Geest’.

‘De Geest van Yahweh’ is de Geest van Elohim.

Het Grieks kan ook gelezen worden als ‘de Heer’ (Yeshua): dan noemt Paulus de Heer ‘de Geest’ en is de Geest de Geest van Yeshua. ἐλευθερία (eleutheria), ‘vrijheid’, zoals in Gal. 5:1 en 5:13.

Zie ook Gal. 5:1; Gal. 5:13.

18Wij allen nu aanschouwen met ontsluierd gezicht de heerlijkheid van Yahweh als in een spiegel. Zo worden wij van gedaante veranderd tot hetzelfde beeld, van heerlijkheid tot heerlijkheid, zoals van Yahweh, de Geest.
ἡμεῖς
(hemeis)
wij
δὲ
(de)
nu
πάντες
(pantes)
allen
ἀνακεκαλυμμένῳ
(anakekalymmeno)
ontsluierd
προσώπῳ
(prosopo)
gezicht
τὴν
(ten)
de
δόξαν
(doxan)
heerlijkheid
κυρίου
(kyriou)
van Yahweh
κατοπτριζόμενοι
(katoptrizomenoi)
als in een spiegel aanschouwend
τὴν
(ten)
de
αὐτὴν
(auten)
dezelfde
εἰκόνα
(eikona)
beeld
μεταμορφούμεθα
(metamorphoumetha)
worden wij van gedaante veranderd
ἀπὸ
(apo)
van
δόξης
(doxes)
heerlijkheid
εἰς
(eis)
tot
δόξαν
(doxan)
heerlijkheid
καθάπερ
(kathaper)
zoals
ἀπὸ
(apo)
van
κυρίου
(kyriou)
Yahweh
πνεύματος
(pneumatos)
Geest
Bron: SBLGNT
Uitleg

κατοπτρίζω (katoptrizo), ‘als in een spiegel aanschouwen’; het werkwoord kan ook ‘weerspiegelen’ betekenen.

Een spiegel was in die tijd gepolijst metaal. μεταμορφόω (metamorfoo), ‘van gedaante veranderen’, zoals in Matt. 17:2. εἰκών (eikon), ‘beeld’: in 4:4 heet de Messias ‘het beeld van Elohim’. ἀπὸ κυρίου πνεύματος (apo kyriou pneumatos) kan ‘van Yahweh, de Geest’, ‘van de Geest van Yahweh’ of ‘van de Heer die Geest is’ betekenen.

Wij houden ‘Yahweh’, zoals in vers 16 en 17.

Zie ook Matt. 17:2; 2 Kor. 4:4.