Elohim Bijbel

Psalmen 76

123456789101112131415161718192021222324252627282930313233343536373839404142434445464748495051525354555657585960616263646566676869707172737475767778798081828384858687888990919293949596979899100101102103104105106107108109110111112113114115116117118119120121122123124125126127128129130131132133134135136137138139140141142143144145146147148149150

Elohim is groot in Sion en spreekt recht

Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).

Opschrift

1Voor de koorleider, met snarenspel. Een psalm van Asaf. Een lied.
לַמְנַצֵּ֥חַ
(lamnatseach)
voor de koorleider
בִּנְגִינֹ֑ת
(binginot)
met snarenspel
מִזְמ֖וֹר
(mizmor)
een psalm
לְאָסָ֣ף
(leasaf)
van Asaf
שִֽׁיר
(shir)
een lied
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

לַמְנַצֵּחַ (lamnatseach), ‘voor de koorleider’: de betekenis is onzeker.

Het woord wijst op iemand die de zang of het spel leidt.

בִּנְגִינֹת (binginot), ‘met snarenspel’: muziek op snaarinstrumenten.

In de Hebreeuwse telling is het opschrift vers 1; Nederlandse bijbels beginnen te tellen na het opschrift.

Elohim is bekend in Juda

2Elohim is bekend in Juda; in Israël is Zijn naam groot.
נוֹדָ֣ע
(noda)
bekend
בִּֽיהוּדָ֣ה
(bihuda)
in Juda
אֱלֹהִ֑ים
(Elohim)
Elohim
בְּ֝יִשְׂרָאֵ֗ל
(beyisrael)
in Israël
גָּד֥וֹל
(gadol)
groot
שְׁמֽוֹ
(shemo)
Zijn naam
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
3In Salem is Zijn hut, en Zijn woning in Sion.
וַיְהִ֣י
(vayhi)
en er is
בְשָׁלֵ֣ם
(beshalem)
in Salem
סֻכּ֑וֹ
(suko)
Zijn hut
וּמְע֖וֹנָת֣וֹ
(umeonato)
en Zijn woning
בְצִיּֽוֹן
(betsiyon)
in Sion
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Plaats

Zie Jeruzalem: Jeruzalem ligt op het bergland van Juda.

Salem wordt gelezen als Jeruzalem, en Moria en Sion worden van oudsher bij Jeruzalem gezocht.

Uitleg

שָׁלֵם (Salem) is een oude naam voor Jeruzalem, zoals in Gen. 14:18.

Sion is de berg van de stad.

4Daar brak Hij de vlammende pijlen van de boog, het schild, het zwaard en de oorlog. Sela.
שָׁ֭מָּה
(shama)
daar
שִׁבַּ֣ר
(shibar)
brak Hij
רִשְׁפֵי
(rishfei)
vlammen van
קָ֑שֶׁת
(qashet)
de boog
מָגֵ֬ן
(magen)
schild
וְחֶ֖רֶב
(vecherev)
en zwaard
וּמִלְחָמָ֣ה
(umilchama)
en oorlog
סֶֽלָה
(sela)
Sela
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

רִשְׁפֵי (rishpe), ‘vlammen van’: vlammende pijlen, pijlen die als vuur raken.

סֶלָה (Sela): de betekenis is onzeker, waarschijnlijk een muzikaal teken of een pauze. Wij laten het woord staan.

De krijgers zijn machteloos

5U bent stralend en machtig, meer dan de bergen van de prooi.
נָ֭אוֹר
(naor)
stralend
אַתָּ֥ה
(ata)
U
אַדִּ֗יר
(adir)
machtig
מֵֽהַרְרֵי
(meharrei)
van de bergen van
טָֽרֶף
(taref)
prooi
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

טָרֶף (taref), ‘prooi’: ‘bergen van de prooi’ zijn bergen waar roofdieren hun prooi verslinden.

De uitdrukking is onzeker.

Lezing

Sommige oude vertalingen lezen hier ‘eeuwige bergen’.

Wij volgen de Masoretische tekst.

6De stouthartigen zijn beroofd; zij zijn in hun slaap weggezonken. Geen van de krijgers kon zijn handen nog vinden.
אֶשְׁתּוֹלְל֨וּ
(eshtolelu)
zijn beroofd
אַבִּ֣ירֵי
(abirei)
stouthartigen
לֵ֭ב
(lev)
hart
נָמ֣וּ
(namu)
zijn weggezonken
שְׁנָתָ֑ם
(shenatam)
hun slaap
וְלֹא
(velo)
en niet
מָצְא֖וּ
(matseu)
vonden
כָל
(kal)
alle
אַנְשֵׁי
(anshei)
mannen van
חַ֣יִל
(chayil)
kracht
יְדֵיהֶֽם
(yedeihem)
hun handen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

‘Zijn handen niet vinden’ betekent: hun kracht om te vechten kwijt zijn.

7Door Uw bestraffing, Elohim van Jakob, zijn wagen en paard in diepe slaap gevallen.
מִ֭גַּעֲרָ֣תְךָ
(migaaratekha)
van Uw bestraffing
אֱלֹהֵ֣י
(elohei)
Elohim van
יַעֲקֹ֑ב
(yaaqov)
Jakob
נִ֝רְדָּ֗ם
(nirdam)
is in diepe slaap gevallen
וְרֶ֣כֶב
(verekhev)
en wagen
וָסֽוּס
(vasus)
en paard
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

רֶכֶב (rekev) betekent ‘wagen’ of ‘wagens’; samen met ‘paard’ staat het voor het hele leger.

8U, ontzagwekkend bent U! Wie kan voor Uw aangezicht standhouden, zodra Uw toorn er is?
אַתָּ֤ה
(ata)
U
נ֥וֹרָא
(nora)
ontzagwekkend
אַ֗תָּה
(ata)
U
וּמִֽי
(umi)
en wie
יַעֲמֹ֥ד
(yaamod)
zal standhouden
לְפָנֶ֗יךָ
(lefaneikha)
voor Uw aangezicht
מֵאָ֥ז
(meaz)
van het moment af
אַפֶּֽךָ
(apekha)
Uw toorn
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

מֵאָז אַפֶּךָ (me’az apecha), ‘van het moment van Uw toorn af’: zodra Uw toorn er is.

Het vonnis uit de hemel

9Vanuit de hemel liet U een vonnis horen; de aarde werd bevreesd en werd stil,
מִ֭שָּׁמַיִם
(mishamayim)
vanuit de hemel
הִשְׁמַ֣עְתָּ
(hishmata)
liet U horen
דִּ֑ין
(din)
vonnis
אֶ֖רֶץ
(erets)
de aarde
יָֽרְאָ֣ה
(yarea)
vreesde
וְשָׁקָֽטָה
(veshaqata)
en werd stil
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
10toen Elohim opstond om recht te spreken, om alle nederigen van de aarde te redden. Sela.
בְּקוּם
(bequm)
bij het opstaan
לַמִּשְׁפָּ֥ט
(lamishpat)
voor recht
אֱלֹהִ֑ים
(Elohim)
Elohim
לְהוֹשִׁ֖יעַ
(lehoshia)
om te redden
כָּל
(kal)
alle
עַנְוֵי
(anvei)
nederigen van
אֶ֣רֶץ
(erets)
de aarde
סֶֽלָה
(sela)
Sela
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
11Want de woede van de mens zal U loven; met wat overblijft van de woede omgordt U zich.
כִּֽי
(ki)
want
חֲמַ֣ת
(chamat)
woede van
אָדָ֣ם
(adam)
mens
תּוֹדֶ֑ךָּ
(todeka)
zal U loven
שְׁאֵרִ֖ית
(sheerit)
wat overblijft van
חֵמֹ֣ת
(chemot)
woede
תַּחְגֹּֽר
(tachgor)
omgordt U zich
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

Dit vers is moeilijk.

Letterlijk staat er: ‘de woede van de mens zal U loven; de rest van de woede omgordt U’.

Wij begrijpen dit zo: ook de woede van mensen komt Elohim ten goede, en wat daarvan overblijft houdt Hij in bedwang als een gordel.

Andere verklaringen zijn mogelijk.

Breng U geloften en geschenken

12Doe geloften aan Yahweh, jullie Elohim, en los ze in. Laat allen rondom Hem een geschenk brengen aan de Ontzagwekkende.
נִֽדֲר֣וּ
(nidaru)
doet geloften
וְשַׁלְּמוּ֮
(veshalemu)
en betaalt
לַיהוָ֪ה
(laYahweh)
aan Yahweh
אֱֽלֹהֵ֫יכֶ֥ם
(eloheikhem)
jullie Elohim
כָּל
(kal)
allen
סְבִיבָ֑יו
(sevivav)
rondom Hem
יוֹבִ֥ילוּ
(yovilu)
laten brengen
שַׁ֝֗י
(shay)
geschenk
לַמּוֹרָֽא
(lamora)
aan de Ontzagwekkende
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

Het gaat om geloften die men Yahweh heeft beloofd, en om geschenken voor de Ontzagwekkende, Yahweh zelf.

13Hij snijdt de geest van de vorsten af; Hij is ontzagwekkend voor de koningen van de aarde.
יִ֭בְצֹר
(yivtsor)
snijdt af
ר֣וּחַ
(ruach)
geest van
נְגִידִ֑ים
(negidim)
vorsten
נ֝וֹרָ֗א
(nora)
ontzagwekkend
לְמַלְכֵי
(lemalkhei)
voor koningen van
אָֽרֶץ
(arets)
de aarde
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

יִבְצֹר (yivtsor), ‘Hij snijdt af’: het werkwoord wordt gebruikt voor het afsnijden van druiven bij de oogst.

Hier gaat het om het wegnemen van de geest en moed van vorsten.