1 Johannes 1
Het Woord van het leven; wandelen in het licht
Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).
Het Woord van het leven
ὁ λόγος τῆς ζωῆς (ho logos tes zoes), ‘het Woord van het leven’: dit doet denken aan het begin van het evangelie, waar het Woord leven is (Joh. 1:1–4). ἀπ’ ἀρχῆς (ap’ arches), ‘vanaf het begin’: vergelijk Joh. 1:1 (ἐν ἀρχῇ) en Joh. 15:27. ψηλαφάω (psilafao), ‘betasten’: aanraken met de handen, zoals in Luc. 24:39.
De Griekse zin loopt van vers 1 tot vers 3; de verzen 1 en 2 worden daarna in vers 3 hernomen. Wij splitsen ze en laten het streepje staan.
Zie ook Joh. 1:1; Joh. 1:4; Joh. 1:14; Joh. 15:27; Luc. 24:39.
φανερόω (faneroo), ‘zichtbaar worden’ of ‘zichtbaar maken’: wat verborgen was, komt aan het licht. μαρτυρέω (martyreo), ‘getuigen’: wij houden dezelfde weergave als in het evangelie. ἀπαγγέλλω (apangello), ‘verkondigen’: berichten wat men zelf heeft gezien en gehoord.
Zie ook Joh. 1:14.
κοινωνία (koinonia), ‘gemeenschap’: samen delen en samen hoorders zijn, hier met de Vader en de Zoon.
Wij houden ‘gemeenschap’ in de hele brief.
De SBLGNT markeert hier een variant bij het woord ‘ook’ (καί); wij volgen de SBLGNT.
χαρά (chara), ‘vreugde’: vergelijk Joh. 15:11 en Joh. 16:24. πεπληρωμένη (pepleromene), ‘vervuld’: volledig gemaakt.
De brief schrijft ‘onze vreugde’; ‘wij’ is hier het ‘wij’ van de verzen 1–3.
De SBLGNT markeert hier een variant bij het woord ‘wij’ (ἡμεῖς); wij volgen de SBLGNT.
Zie ook Joh. 15:11; Joh. 16:24.
Elohim is licht
ἀγγελία (angelia), ‘boodschap’: wat men doorgeeft. φῶς (fos), ‘licht’, en σκοτία (skotia), ‘duisternis’: de twee beelden uit het evangelie, zie Joh. 1:5 en Joh. 8:12.
‘Helemaal geen duisternis’ is letterlijk ‘duisternis is er in Hem niet, geen enkele’.
De SBLGNT markeert hier een variant bij de woorden ‘in Hem is niet’; wij volgen de SBLGNT.
Zie ook Joh. 1:5; Joh. 8:12.
περιπατέω (peripateo), ‘wandelen’: het dagelijks gedrag en de levenswijze.
‘De waarheid doen’ (ποιέω τὴν ἀλήθειαν) staat ook in Joh. 3:21.
Zie ook Joh. 3:21.
‘Zoals Hij in het licht is’: Elohim (vers 5). καθαρίζω (katharizo), ‘reinigen’.
Bloed komt in de brief ook voor in 5:6 en 5:8.
De SBLGNT markeert hier een variant bij het woord ‘Yeshua’; wij volgen de SBLGNT.
Zonde belijden
ἁμαρτία (hamartia), ‘zonde’: wij houden ‘zonde’ in de hele brief; ἁμαρτάνω (hamartano) is ‘zondigen’. πλανάω (planao), ‘misleiden’: laten dwalen.
De SBLGNT markeert hier een variant bij de woorden ‘is niet in ons’; wij volgen de SBLGNT.
ὁμολογέω (homologeo), ‘belijden’: letterlijk ‘hetzelfde zeggen’. πιστὸς καὶ δίκαιος (pistos kai dikaios), ‘trouw en rechtvaardig’: eigenschappen die ook in het Oude Testament van Yahweh gezegd worden, vergelijk Deut. 32:4. ἀδικία (adikia), ‘onrecht’: wat niet rechtvaardig is.
Zie ook Deut. 32:4.
ὁ λόγος αὐτοῦ (ho logos autou), ‘Zijn woord’: wat Elohim gezegd heeft.
Wij schrijven ‘woord’ met een kleine letter; het is niet het Woord uit vers 1.