Elohim Bijbel

Romeinen 5

12345678910111213141516

Vrede met Elohim, de liefde van de Messias, en Adam en de Messias

Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).

Vrede met Elohim

1Rechtvaardig verklaard uit geloof, hebben wij dus vrede met Elohim door onze Heer Yeshua de Messias.
Δικαιωθέντες
(Dikaiothentes)
rechtvaardig verklaard
οὖν
(oun)
dus
ἐκ
(ek)
uit
πίστεως
(pisteos)
geloof
εἰρήνην
(eirenen)
vrede
ἔχομεν
(echomen)
hebben wij
πρὸς
(pros)
met
τὸν
(ton)
de
θεὸν
(theon)
Elohim
διὰ
(dia)
door
τοῦ
(tou)
de
κυρίου
(kyriou)
Heer
ἡμῶν
(hemon)
onze
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
Χριστοῦ
(Christou)
de Messias
Bron: SBLGNT
Uitleg

δικαιόω (dikaioo), ‘rechtvaardig verklaren’: een woord uit de rechtszaal, ‘vrijspreken, in het gelijk stellen’; wij vertalen zo in heel de brief en in Gal. 2:16. δικαιοσύνη (dikaiosyne) is ‘gerechtigheid’. εἰρήνη (eirene), ‘vrede’: ook ‘heelheid, welzijn’, zoals het Hebreeuwse שָׁלוֹם (shalom).

Zie ook Gal. 2:16.

Lezing

De SBLGNT markeert bij ἔχομεν (echomen) een variant.

Wij volgen de SBLGNT: ‘wij hebben’.

Zie ookGal 2:16
2Door Hem hebben wij ook door het geloof toegang gekregen tot deze genade. Daarin staan wij, en wij roemen in de hoop op de heerlijkheid van Elohim.
δι’
(di’)
door
οὗ
(hou)
wie
καὶ
(kai)
ook
τὴν
(ten)
de
προσαγωγὴν
(prosagogen)
toegang
ἐσχήκαμεν
(eschekamen)
hebben wij gekregen
τῇ
(te)
het
πίστει
(pistei)
geloof
εἰς
(eis)
tot
τὴν
(ten)
de
χάριν
(charin)
genade
ταύτην
(tauten)
deze
ἐν
(en)
in
ᾗ
(he)
welke
ἑστήκαμεν
(hestekamen)
staan wij
καὶ
(kai)
en
καυχώμεθα
(kauchometha)
roemen wij
ἐπ’
(ep’)
in
ἐλπίδι
(elpidi)
hoop
τῆς
(tes)
de
δόξης
(doxes)
heerlijkheid
τοῦ
(tou)
van
θεοῦ
(theou)
Elohim
Bron: SBLGNT
Uitleg

προσαγωγή (prosagoge), ‘toegang’: de toegang tot een koning of tot een heiligdom. ἑστήκαμεν (hestekamen), ‘wij staan’: de Griekse vorm zegt dat wij gaan staan en nu staan. καυχάομαι (kauchaomai), ‘roemen’: zich beroemen, zich laten voorstaan op, trots zijn op; zo ook in Gal. 6:14.

De ‘heerlijkheid van Elohim’ is hier iets waarop wij hopen.

Zie ook Gal. 6:14.

Zie ookGal 6:14
3Niet alleen dat, maar wij roemen ook in de verdrukkingen. Wij weten immers dat verdrukking volharding voortbrengt.
οὐ
(ou)
niet
μόνον
(monon)
alleen
δέ
(de)
maar
ἀλλὰ
(alla)
maar
καὶ
(kai)
ook
καυχώμεθα
(kauchometha)
roemen wij
ἐν
(en)
in
ταῖς
(tais)
de
θλίψεσιν
(thlipsesin)
verdrukkingen
εἰδότες
(eidotes)
wetend
ὅτι
(hoti)
dat
ἡ
(he)
de
θλῖψις
(thlipsis)
verdrukking
ὑπομονὴν
(hypomonen)
volharding
κατεργάζεται
(katergazetai)
voortbrengt
Bron: SBLGNT
Uitleg

θλῖψις (thlipsis), ‘verdrukking’: druk, benauwdheid. ὑπομονή (hypomone), ‘volharding’: standhouden onder druk. κατεργάζομαι (katergazomai), ‘voortbrengen, tot stand brengen’.

Het Grieks heeft ‘wetend dat’ (εἰδότες); wij maken er een eigen zin van.

Zie ook Jak. 1:2–4.

Lezing

De SBLGNT markeert bij καυχώμεθα (kauchometha) een variant.

Wij volgen de SBLGNT: ‘wij roemen’.

4De volharding brengt bewezen echtheid voort en de bewezen echtheid hoop.
ἡ
(he)
de
δὲ
(de)
en
ὑπομονὴ
(hypomone)
volharding
δοκιμήν
(dokimen)
bewezen echtheid
ἡ
(he)
de
δὲ
(de)
en
δοκιμὴ
(dokime)
bewezen echtheid
ἐλπίδα
(elpida)
hoop
Bron: SBLGNT
Uitleg

δοκιμή (dokime), ‘bewezen echtheid’: het resultaat van een beproeving, zoals goud dat in het vuur getest is en echt blijkt.

Het woord komt ook in 2 Kor. 2:9 en 8:2 voor.

Zie ook Jak. 1:3; 2 Kor. 8:2.

5En de hoop beschaamt niet, omdat de liefde van Elohim in onze harten is uitgegoten door de Heilige Geest die ons gegeven is.
ἡ
(he)
de
δὲ
(de)
en
ἐλπὶς
(elpis)
hoop
οὐ
(ou)
niet
καταισχύνει
(kataischynei)
beschaamt
ὅτι
(hoti)
omdat
ἡ
(he)
de
ἀγάπη
(agape)
liefde
τοῦ
(tou)
van
θεοῦ
(theou)
Elohim
ἐκκέχυται
(ekkechytai)
is uitgegoten
ἐν
(en)
in
ταῖς
(tais)
de
καρδίαις
(kardiais)
harten
ἡμῶν
(hemon)
onze
διὰ
(dia)
door
πνεύματος
(pneumatos)
Geest
ἁγίου
(hagiou)
Heilige
τοῦ
(tou)
die
δοθέντος
(dothentos)
gegeven is
ἡμῖν
(hemin)
aan ons
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἀγάπη τοῦ θεοῦ (agape tou theou), ‘de liefde van Elohim’: het Grieks kan de liefde van Elohim voor ons bedoelen of onze liefde voor Elohim; vers 8 wijst op het eerste. ἐκχέω (ekcheo), ‘uitgieten’: zo spreken de profeten over de Geest (Joël 3:1, in de Nederlandse telling 2:28). καταισχύνω (kataischyno), ‘beschamen’: te schande maken, teleurstellen.

Zie ook Joël 3:1; Rom. 8:15–16.

De Messias stierf voor ons

6Want toen wij nog zwak waren, is de Messias op de bestemde tijd gestorven voor goddelozen.
Ἔτι
(Eti)
nog
γὰρ
(gar)
want
Χριστὸς
(Christos)
de Messias
ὄντων
(onton)
zijnde
ἡμῶν
(hemon)
wij
ἀσθενῶν
(asthenon)
zwak
ἔτι
(eti)
nog
κατὰ
(kata)
op
καιρὸν
(kairon)
bestemde tijd
ὑπὲρ
(hyper)
voor
ἀσεβῶν
(asebon)
goddelozen
ἀπέθανεν
(apethanen)
is gestorven
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἀσθενής (asthenes), ‘zwak’: machteloos. ἀσεβής (asebes), ‘goddeloos’: wie Elohim niet eert. κατὰ καιρόν (kata kairon), ‘op de bestemde tijd’: op het door Elohim gekozen moment.

Lezing

De SBLGNT markeert in het begin van het vers een variant.

Het Grieks heeft tweemaal ἔτι (eti), ‘nog’; wij laten dat in de vertaling samenvallen in ‘toen wij nog zwak waren’.

7Want nauwelijks zal iemand sterven voor een rechtvaardige. Voor de goede durft misschien iemand zelfs te sterven.
μόλις
(molis)
nauwelijks
γὰρ
(gar)
want
ὑπὲρ
(hyper)
voor
δικαίου
(dikaiou)
een rechtvaardige
τις
(tis)
iemand
ἀποθανεῖται
(apothaneitai)
zal sterven
ὑπὲρ
(hyper)
voor
γὰρ
(gar)
immers
τοῦ
(tou)
de
ἀγαθοῦ
(agathou)
goede
τάχα
(tacha)
misschien
τις
(tis)
iemand
καὶ
(kai)
zelfs
τολμᾷ
(tolma)
durft
ἀποθανεῖν
(apothanein)
te sterven
Bron: SBLGNT
Uitleg

δίκαιος (dikaios), ‘rechtvaardige’: iemand die doet wat recht is. ἀγαθός (agathos), ‘goede’: met het lidwoord, ‘de goede’; wie goed is voor anderen.

Paulus zet hier het zeldzame tegenover het ongehoorde van het volgende vers. τολμάω (tolmao), ‘durven’.

8Maar Elohim bewijst Zijn eigen liefde voor ons: toen wij nog zondaars waren, is de Messias voor ons gestorven.
συνίστησιν
(synistesin)
bewijst
δὲ
(de)
maar
τὴν
(ten)
de
ἑαυτοῦ
(heautou)
eigen
ἀγάπην
(agapen)
liefde
εἰς
(eis)
voor
ἡμᾶς
(hemas)
ons
ὁ
(ho)
de
θεὸς
(theos)
Elohim
ὅτι
(hoti)
dat
ἔτι
(eti)
nog
ἁμαρτωλῶν
(hamartolon)
zondaars
ὄντων
(onton)
zijnde
ἡμῶν
(hemon)
wij
Χριστὸς
(Christos)
de Messias
ὑπὲρ
(hyper)
voor
ἡμῶν
(hemon)
ons
ἀπέθανεν
(apethanen)
is gestorven
Bron: SBLGNT
Uitleg

συνίστημι (synistemi), ‘bewijzen, aantonen’: laten zien dat iets waar is.

‘Zondaars’ (ἁμαρτωλοί, hamartoloi): mensen die in de macht van de zonde leven.

Gered en verzoend

9Veel meer dus zullen wij, nu wij door Zijn bloed rechtvaardig verklaard zijn, door Hem van de toorn gered worden.
πολλῷ
(pollo)
veel
οὖν
(oun)
dus
μᾶλλον
(mallon)
meer
δικαιωθέντες
(dikaiothentes)
rechtvaardig verklaard
νῦν
(nyn)
nu
ἐν
(en)
door
τῷ
(to)
het
αἵματι
(haimati)
bloed
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
σωθησόμεθα
(sothesometha)
zullen wij gered worden
δι’
(di’)
door
αὐτοῦ
(autou)
Hem
ἀπὸ
(apo)
van
τῆς
(tes)
de
ὀργῆς
(orges)
toorn
Bron: SBLGNT
Uitleg

ὀργή (orge), ‘toorn’: de toorn van Elohim, Zijn oordeel over het onrecht.

‘Door Zijn bloed’: Zijn bloed staat voor Zijn gegeven leven in de dood. σῴζω (sozo), ‘redden’.

Zie ook Rom. 1:18.

Zie ookRom 1:18
10Want als wij, toen wij vijanden waren, met Elohim verzoend zijn door de dood van Zijn Zoon, dan zullen wij, nu wij verzoend zijn, veel meer gered worden door Zijn leven.
εἰ
(ei)
als
γὰρ
(gar)
want
ἐχθροὶ
(echthroi)
vijanden
ὄντες
(ontes)
zijnde
κατηλλάγημεν
(katellagemen)
zijn wij verzoend
τῷ
(to)
met
θεῷ
(theo)
Elohim
διὰ
(dia)
door
τοῦ
(tou)
de
θανάτου
(thanatou)
dood
τοῦ
(tou)
van
υἱοῦ
(huiou)
Zoon
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
πολλῷ
(pollo)
veel
μᾶλλον
(mallon)
meer
καταλλαγέντες
(katallagentes)
verzoend zijnde
σωθησόμεθα
(sothesometha)
zullen wij gered worden
ἐν
(en)
door
τῇ
(te)
het
ζωῇ
(zoe)
leven
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἐχθρός (echthros), ‘vijand’. καταλλάσσω (katallasso), ‘verzoenen’, en καταλλαγή (katallage), ‘verzoening’: van vijand tot vriend maken; zo ook in 2 Kor. 5:18–20.

Het Grieks zegt niet dat Elohim de vijand was: de verzoening gaat van Elohim uit.

‘Door Zijn leven’: door het leven van de opgestane Messias.

Zie ook 2 Kor. 5:18–20.

11Niet alleen dat, maar wij roemen ook in Elohim door onze Heer Yeshua de Messias, door wie wij nu de verzoening hebben ontvangen.
οὐ
(ou)
niet
μόνον
(monon)
alleen
δέ
(de)
maar
ἀλλὰ
(alla)
maar
καὶ
(kai)
ook
καυχώμενοι
(kauchomenoi)
roemend
ἐν
(en)
in
τῷ
(to)
de
θεῷ
(theo)
Elohim
διὰ
(dia)
door
τοῦ
(tou)
de
κυρίου
(kyriou)
Heer
ἡμῶν
(hemon)
onze
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
Χριστοῦ
(Christou)
de Messias
δι’
(di’)
door
οὗ
(hou)
wie
νῦν
(nyn)
nu
τὴν
(ten)
de
καταλλαγὴν
(katallagen)
verzoening
ἐλάβομεν
(elabomen)
ontvingen wij
Bron: SBLGNT
Uitleg

καυχώμενοι (kauchomenoi), ‘roemend’: zie vers 2.

De zin loopt in het Grieks door vanuit vers 10; wij maken er een nieuwe zin van.

Door één mens: de zonde en de dood

12Daarom: zoals door één mens de zonde in de wereld is gekomen en door de zonde de dood, zo is de dood tot alle mensen doorgedrongen, omdat allen gezondigd hebben.
Διὰ
(Dia)
om
τοῦτο
(touto)
dit
ὥσπερ
(hosper)
zoals
δι’
(di’)
door
ἑνὸς
(henos)
één
ἀνθρώπου
(anthropou)
mens
ἡ
(he)
de
ἁμαρτία
(hamartia)
zonde
εἰς
(eis)
in
τὸν
(ton)
de
κόσμον
(kosmon)
wereld
εἰσῆλθεν
(eiselthen)
is gekomen
καὶ
(kai)
en
διὰ
(dia)
door
τῆς
(tes)
de
ἁμαρτίας
(hamartias)
zonde
ὁ
(ho)
de
θάνατος
(thanatos)
dood
καὶ
(kai)
en
οὕτως
(houtos)
zo
εἰς
(eis)
tot
πάντας
(pantas)
alle
ἀνθρώπους
(anthropous)
mensen
ὁ
(ho)
de
θάνατος
(thanatos)
dood
διῆλθεν
(dielthen)
drong door
ἐφ’
(eph’)
omdat
ᾧ
(ho)
(wat)
πάντες
(pantes)
allen
ἥμαρτον
(hemarton)
zondigden
Bron: SBLGNT
Uitleg

Met dit vers begint een lange zin die in het Grieks niet afgemaakt wordt: ‘zoals … zo’ wordt in vers 18 opnieuw opgenomen.

Wij vertalen zo letterlijk als het Nederlands toelaat. ἁμαρτία (hamartia), ‘zonde’: Paulus spreekt hier over de zonde als een macht die de wereld binnenkomt en daarna met de dood heerst; zo ook in hoofdstuk 6 en 7.

‘Één mens’ is Adam (vers 14). ἐφ᾽ ᾧ (ef ho): wij vertalen ‘omdat’; het kan ook ‘waarop’ of ‘in wie’ betekenen.

Het Grieks zegt niet hoe de zonde door Adam bij allen komt.

Zie ook Gen. 3:1–19; 1 Kor. 15:21–22.

13Want tot de wet was er zonde in de wereld. Maar zonde wordt niet aangerekend als er geen wet is.
ἄχρι
(achri)
tot
γὰρ
(gar)
want
νόμου
(nomou)
wet
ἁμαρτία
(hamartia)
zonde
ἦν
(en)
was
ἐν
(en)
in
κόσμῳ
(kosmo)
wereld
ἁμαρτία
(hamartia)
zonde
δὲ
(de)
maar
οὐκ
(ouk)
niet
ἐλλογεῖται
(ellogeitai)
wordt aangerekend
μὴ
(me)
niet
ὄντος
(ontos)
zijnde
νόμου
(nomou)
wet
Bron: SBLGNT
Uitleg

νόμος (nomos), ‘wet’: zonder lidwoord; het Hebreeuwse tora betekent ‘onderwijs, instructie’.

Vers 14 noemt Mozes: bedoeld is de wet die door Mozes gegeven is. ἐλλογέω (ellogeo), ‘op rekening zetten, aanrekenen’: een boekhoudterm.

Zie ook Exod. 20:1–17.

14Toch heerste de dood van Adam tot Mozes, ook over hen die niet gezondigd hadden naar de gelijkenis van de overtreding van Adam. Hij is een voorafbeelding van Hem die komen zou.
ἀλλὰ
(alla)
maar
ἐβασίλευσεν
(ebasileusen)
heerste
ὁ
(ho)
de
θάνατος
(thanatos)
dood
ἀπὸ
(apo)
van
Ἀδὰμ
(Adam)
Adam
μέχρι
(mechri)
tot
Μωϋσέως
(Moyseos)
Mozes
καὶ
(kai)
ook
ἐπὶ
(epi)
over
τοὺς
(tous)
(hen)
μὴ
(me)
niet
ἁμαρτήσαντας
(hamartesantas)
gezondigd hebbenden
ἐπὶ
(epi)
naar
τῷ
(to)
de
ὁμοιώματι
(homoiomati)
gelijkenis
τῆς
(tes)
van de
παραβάσεως
(parabaseos)
overtreding
Ἀδάμ
(Adam)
Adam
ὅς
(hos)
die
ἐστιν
(estin)
is
τύπος
(typos)
voorafbeelding
τοῦ
(tou)
van de
μέλλοντος
(mellontos)
komende
Bron: SBLGNT
Uitleg

Ἀδάμ (Adam): de eerste mens (Gen. 2–3).

‘Naar de gelijkenis van de overtreding van Adam’: Adam overtrad een uitdrukkelijk gebod (Gen. 2:16–17); wie na Adam en vóór Mozes leefde, kreeg zo’n gebod niet. παράβασις (parabasis), ‘overtreding’: letterlijk ‘een grens overschrijden’; in vers 15 staat een ander woord, παράπτωμα (paraptoma), ‘misstap, val’, dat wij ook met ‘overtreding’ vertalen. τύπος (typos), ‘voorafbeelding’: een afdruk, een model; Adam wijst vooruit naar ‘de komende’, de Messias.

De verzen 15–19 zetten Adam en de Messias naast en tegenover elkaar.

Zie ook Gen. 2:16–17; 1 Kor. 15:21–22; 1 Kor. 15:45–49.

Overtreding en genadegave

15Maar met de genadegave is het niet zoals met de overtreding. Want als de velen gestorven zijn door de overtreding van die ene, dan zijn de genade van Elohim en de gave veel overvloediger geworden voor de velen: de gave in de genade van die ene mens, Yeshua de Messias.
Ἀλλ’
(All’)
maar
οὐχ
(ouch)
niet
ὡς
(hos)
zoals
τὸ
(to)
de
παράπτωμα
(paraptoma)
overtreding
οὕτως
(houtos)
zo
καὶ
(kai)
ook
τὸ
(to)
de
χάρισμα
(charisma)
genadegave
εἰ
(ei)
als
γὰρ
(gar)
want
τῷ
(to)
door de
τοῦ
(tou)
van
ἑνὸς
(henos)
die ene
παραπτώματι
(paraptomati)
overtreding
οἱ
(hoi)
de
πολλοὶ
(polloi)
velen
ἀπέθανον
(apethanon)
zijn gestorven
πολλῷ
(pollo)
veel
μᾶλλον
(mallon)
meer
ἡ
(he)
de
χάρις
(charis)
genade
τοῦ
(tou)
van
θεοῦ
(theou)
Elohim
καὶ
(kai)
en
ἡ
(he)
de
δωρεὰ
(dorea)
gave
ἐν
(en)
in
χάριτι
(chariti)
genade
τῇ
(te)
die
τοῦ
(tou)
van
ἑνὸς
(henos)
die ene
ἀνθρώπου
(anthropou)
mens
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
Χριστοῦ
(Christou)
de Messias
εἰς
(eis)
voor
τοὺς
(tous)
de
πολλοὺς
(pollous)
velen
ἐπερίσσευσεν
(eperisseusen)
is overvloedig geworden
Bron: SBLGNT
Uitleg

χάρισμα (charisma), ‘genadegave’: een gave die voortkomt uit χάρις (charis), ‘genade’. δωρεά (dorea), ‘gave’: een vrije, onverdiende schenking. οἱ πολλοί (hoi polloi), ‘de velen’: het Grieks zet ‘de velen’ en ‘alle mensen’ (vers 18) naast elkaar en zegt niet hoe ze zich tot elkaar verhouden.

Het Grieks heeft in de tweede helft geen tweede werkwoord; ἐπερίσσευσεν (eperisseusen), ‘is overvloedig geworden’, staat in het enkelvoud.

‘Die ene mens’ is Yeshua de Messias.

Zie ookRom 5:18
16En met de gave is het niet zoals met wat door die ene kwam die gezondigd heeft. Want het oordeel kwam uit één tot veroordeling, maar de genadegave uit vele overtredingen tot vrijspraak.
καὶ
(kai)
en
οὐχ
(ouch)
niet
ὡς
(hos)
zoals
δι’
(di’)
door
ἑνὸς
(henos)
één
ἁμαρτήσαντος
(hamartesantos)
gezondigd hebbende
τὸ
(to)
de
δώρημα
(dorema)
gave
τὸ
(to)
het
μὲν
(men)
wel
γὰρ
(gar)
want
κρίμα
(krima)
oordeel
ἐξ
(ex)
uit
ἑνὸς
(henos)
één
εἰς
(eis)
tot
κατάκριμα
(katakrima)
veroordeling
τὸ
(to)
de
δὲ
(de)
maar
χάρισμα
(charisma)
genadegave
ἐκ
(ek)
uit
πολλῶν
(pollon)
vele
παραπτωμάτων
(paraptomaton)
overtredingen
εἰς
(eis)
tot
δικαίωμα
(dikaioma)
vrijspraak
Bron: SBLGNT
Uitleg

δώρημα (dorema), ‘gave’. κρίμα (krima), ‘oordeel, vonnis’; κατάκριμα (katakrima), ‘veroordeling’. δικαίωμα (dikaioma), ‘rechtvaardig vonnis, vrijspraak’: de uitkomst van het rechtvaardig verklaren; in vers 18 betekent hetzelfde woord ‘rechtvaardige daad’.

Het Grieks heeft in dit vers geen werkwoord; wij vullen ‘kwam’ aan. ἑνός (henos), ‘één’: mannelijk of onzijdig; ‘uit één’ kan ‘uit één mens’ of ‘uit één overtreding’ zijn.

Zie ookRom 5:18
17Want als door de overtreding van die ene de dood heeft geheerst door die ene, dan zullen zij die de overvloed van de genade en van de gave van de gerechtigheid ontvangen, veel meer in het leven heersen door de ene, Yeshua de Messias.
εἰ
(ei)
als
γὰρ
(gar)
want
τῷ
(to)
door de
τοῦ
(tou)
van
ἑνὸς
(henos)
die ene
παραπτώματι
(paraptomati)
overtreding
ὁ
(ho)
de
θάνατος
(thanatos)
dood
ἐβασίλευσεν
(ebasileusen)
heeft geheerst
διὰ
(dia)
door
τοῦ
(tou)
die
ἑνός
(henos)
ene
πολλῷ
(pollo)
veel
μᾶλλον
(mallon)
meer
οἱ
(hoi)
zij die
τὴν
(ten)
de
περισσείαν
(perisseian)
overvloed
τῆς
(tes)
van de
χάριτος
(charitos)
genade
καὶ
(kai)
en
τῆς
(tes)
van de
δωρεᾶς
(doreas)
gave
τῆς
(tes)
van de
δικαιοσύνης
(dikaiosynes)
gerechtigheid
λαμβάνοντες
(lambanontes)
ontvangen
ἐν
(en)
in
ζωῇ
(zoe)
leven
βασιλεύσουσιν
(basileusousin)
zullen heersen
διὰ
(dia)
door
τοῦ
(tou)
de
ἑνὸς
(henos)
ene
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
Χριστοῦ
(Christou)
de Messias
Bron: SBLGNT
Uitleg

βασιλεύω (basileuo), ‘als koning heersen’.

‘De dood heeft geheerst’: de dood als macht, die door Adam begon te regeren.

‘Door die ene’ is Adam; ‘door de ene, Yeshua de Messias’.

De Griekse zin is een voorwaardelijke zin met ‘veel meer’; wij houden hem als één zin.

Het Grieks heeft ‘de overvloed van de genade en van de gave van de gerechtigheid’: de gerechtigheid is een gave.

De dood heerst dus niet meer over hen: zij zelf ‘zullen heersen in het leven’.

Één overtreding, één rechtvaardige daad

18Dus, zoals het door één overtreding voor alle mensen tot veroordeling kwam, zo komt het ook door één rechtvaardige daad voor alle mensen tot rechtvaardigverklaring die leven geeft.
Ἄρα
(Ara)
dus
οὖν
(oun)
dan
ὡς
(hos)
zoals
δι’
(di’)
door
ἑνὸς
(henos)
één
παραπτώματος
(paraptomatos)
overtreding
εἰς
(eis)
tot
πάντας
(pantas)
alle
ἀνθρώπους
(anthropous)
mensen
εἰς
(eis)
tot
κατάκριμα
(katakrima)
veroordeling
οὕτως
(houtos)
zo
καὶ
(kai)
ook
δι’
(di’)
door
ἑνὸς
(henos)
één
δικαιώματος
(dikaiomatos)
rechtvaardige daad
εἰς
(eis)
tot
πάντας
(pantas)
alle
ἀνθρώπους
(anthropous)
mensen
εἰς
(eis)
tot
δικαίωσιν
(dikaiosin)
rechtvaardigverklaring
ζωῆς
(zoes)
van leven
Bron: SBLGNT
Uitleg

Het Grieks heeft in dit vers geen werkwoord; wij vullen ‘kwam’ en ‘komt’ aan.

Hier komt de zin van vers 12 tot zijn einde: ‘zoals … zo’. δικαίωμα (dikaioma), ‘rechtvaardige daad’: ook ‘rechtvaardig vonnis’ (vers 16); de daad van de ene is de gehoorzaamheid van de Messias in Zijn dood. δικαίωσις ζωῆς (dikaiosis zoes), ‘rechtvaardigverklaring die leven geeft’: letterlijk ‘rechtvaardigverklaring van leven’.

‘Alle mensen’ volgt het Grieks; het Grieks zegt niet in dit vers wie aan de rechtvaardigverklaring deel krijgen.

19Want zoals door de ongehoorzaamheid van die ene mens de velen tot zondaars zijn gesteld, zo zullen ook door de gehoorzaamheid van die ene de velen tot rechtvaardigen gesteld worden.
ὥσπερ
(hosper)
zoals
γὰρ
(gar)
want
διὰ
(dia)
door
τῆς
(tes)
de
παρακοῆς
(parakoes)
ongehoorzaamheid
τοῦ
(tou)
van die
ἑνὸς
(henos)
ene
ἀνθρώπου
(anthropou)
mens
ἁμαρτωλοὶ
(hamartoloi)
zondaars
κατεστάθησαν
(katestathesan)
zijn gesteld
οἱ
(hoi)
de
πολλοί
(polloi)
velen
οὕτως
(houtos)
zo
καὶ
(kai)
ook
διὰ
(dia)
door
τῆς
(tes)
de
ὑπακοῆς
(hypakoes)
gehoorzaamheid
τοῦ
(tou)
van die
ἑνὸς
(henos)
ene
δίκαιοι
(dikaioi)
rechtvaardigen
κατασταθήσονται
(katastathesontai)
zullen worden gesteld
οἱ
(hoi)
de
πολλοί
(polloi)
velen
Bron: SBLGNT
Uitleg

παρακοή (parakoe), ‘ongehoorzaamheid’: letterlijk ‘slecht horen’; ὑπακοή (hypakoe), ‘gehoorzaamheid’: ‘luisteren onder’. καθίστημι (kathistemi), ‘stellen, aanstellen’: ‘tot zondaars gesteld’ is: in de positie van zondaars gebracht.

Het Grieks heeft ‘de velen’ (zie vers 15).

Zie ook Filip. 2:8.

De wet en de genade

20De wet kwam er echter bij, opdat de overtreding zou toenemen. Maar waar de zonde toenam, werd de genade nog veel overvloediger.
νόμος
(nomos)
wet
δὲ
(de)
maar
παρεισῆλθεν
(pareiselthen)
kwam erbij
ἵνα
(hina)
opdat
πλεονάσῃ
(pleonase)
toeneemt
τὸ
(to)
de
παράπτωμα
(paraptoma)
overtreding
οὗ
(hou)
waar
δὲ
(de)
maar
ἐπλεόνασεν
(epleonasen)
toenam
ἡ
(he)
de
ἁμαρτία
(hamartia)
zonde
ὑπερεπερίσσευσεν
(hypereperisseusen)
werd nog veel overvloediger
ἡ
(he)
de
χάρις
(charis)
genade
Bron: SBLGNT
Uitleg

παρεισέρχομαι (pareiserchomai), ‘erbij komen, ernaast binnenkomen’: de wet kwam er later bij, na de zonde (vers 13–14). ἵνα (hina), ‘opdat’: het Grieks laat open of het een doel of een gevolg is. πλεονάζω (pleonazo), ‘toenemen’; ὑπερπερισσεύω (hyperperisseuo), ‘nog veel overvloediger worden’.

In Rom. 7:7–13 spreekt Paulus verder over de wet en de zonde.

Zie ook Rom. 7:7–13; Gal. 3:19.

21Opdat, zoals de zonde in de dood heerste, zo ook de genade zou heersen door gerechtigheid tot eeuwig leven, door Yeshua de Messias, onze Heer.
ἵνα
(hina)
opdat
ὥσπερ
(hosper)
zoals
ἐβασίλευσεν
(ebasileusen)
heerste
ἡ
(he)
de
ἁμαρτία
(hamartia)
zonde
ἐν
(en)
in
τῷ
(to)
de
θανάτῳ
(thanato)
dood
οὕτως
(houtos)
zo
καὶ
(kai)
ook
ἡ
(he)
de
χάρις
(charis)
genade
βασιλεύσῃ
(basileuse)
zou heersen
διὰ
(dia)
door
δικαιοσύνης
(dikaiosynes)
gerechtigheid
εἰς
(eis)
tot
ζωὴν
(zoen)
leven
αἰώνιον
(aionion)
eeuwig
διὰ
(dia)
door
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
Χριστοῦ
(Christou)
de Messias
τοῦ
(tou)
de
κυρίου
(kyriou)
Heer
ἡμῶν
(hemon)
onze
Bron: SBLGNT
Uitleg

Dit vers is in het Grieks één zin met vers 20; wij hebben ze gesplitst.

‘De zonde heerste in de dood’: de dood is het gebied waarin de zonde regeert; ‘de genade zal heersen door gerechtigheid’. ζωὴ αἰώνιος (zoe aionios), ‘eeuwig leven’.

Zie ook Rom. 6:23.