Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).
1Voor de koorleider. Op „Lelies”. Van de zonen van Korach. Een maskil. Een lied van liefde.
לַמְנַצֵּ֣חַ
(lamnatseach)
voor de koorleider
עַל
(al)
op
שֹׁ֭שַׁנִּים
(shoshanim)
lelies
לִבְנֵי
(livnei)
van de zonen van
קֹ֑רַח
(qorach)
Korach
מַ֝שְׂכִּ֗יל
(maskil)
maskil
שִׁ֣יר
(shir)
lied van
יְדִידֹֽת
(yedidot)
liefde
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
עַל־שֹׁשַׁנִּים (al shoshannim), ‘op Lelies’: waarschijnlijk de naam van een melodie of een instrument; de betekenis is onzeker.
שִׁיר יְדִידֹת (shir yedidot), ‘een lied van liefde’: ook dit is onzeker; het kan ook ‘lied van geliefden’ betekenen.
In de Hebreeuwse telling is het opschrift vers 1; Nederlandse bijbels beginnen te tellen na het opschrift.
Dit lied is gericht tot een koning op zijn bruiloft. In de verzen 2–10 spreekt de dichter tot de koning, in 11–16 tot de bruid, en in 17–18 weer tot de koning. Wij schrijven ‘u’ voor de koning en ‘je’ voor de bruid.
5En in uw pracht, wees voorspoedig: rijd voor de zaak van waarheid, nederigheid en gerechtigheid. Laat uw rechterhand u ontzagwekkende daden leren.
וַהֲדָ֬רְךָ֨
(vahadarekha)
en uw pracht
צְלַ֬ח
(tselach)
wees voorspoedig
רְכַ֗ב
(rekhav)
rijd
עַֽל
(al)
voor
דְּבַר
(devar)
zaak van
אֱ֭מֶת
(emet)
waarheid
וְעַנְוָה
(veanva)
en nederigheid
צֶ֑דֶק
(tsedeq)
gerechtigheid
וְתוֹרְךָ֖
(vetorekha)
en laat u leren
נוֹרָא֣וֹת
(noraot)
ontzagwekkende daden
יְמִינֶֽךָ
(yeminekha)
uw rechterhand
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
וְעַנְוָה־צֶדֶק (ve’anvah-tsedek), ‘nederigheid, gerechtigheid’: de woorden staan zo kort naast elkaar dat ook ‘rechtvaardige nederigheid’ mogelijk is.
Het Hebreeuws is hier moeilijk; de betekenis is onzeker.
7Uw troon, Elohim, blijft voor eeuwig en altijd. De scepter van uw koningschap is een scepter van rechtheid.
כִּסְאֲךָ֣
(kisakha)
uw troon
אֱ֭לֹהִים
(Elohim)
Elohim
עוֹלָ֣ם
(olam)
eeuwig
וָעֶ֑ד
(vaed)
en altijd
שֵׁ֥בֶט
(shevet)
scepter van
מִ֝ישֹׁ֗ר
(mishor)
rechtheid
שֵׁ֣בֶט
(shevet)
scepter van
מַלְכוּתֶֽךָ
(malkhutekha)
uw koningschap
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
כִּסְאֲךָ אֱלֹהִים (kis’acha Elohim), ‘uw troon, Elohim’: het Hebreeuws laat meer dan één lezing toe.
Mogelijk spreekt de dichter de koning aan met ‘Elohim’ (ook omdat de koning Elohim vertegenwoordigt); of het is ‘Uw troon is van Elohim’, of ‘uw goddelijke troon’.