Elohim Bijbel

Psalmen 58

123456789101112131415161718192021222324252627282930313233343536373839404142434445464748495051525354555657585960616263646566676869707172737475767778798081828384858687888990919293949596979899100101102103104105106107108109110111112113114115116117118119120121122123124125126127128129130131132133134135136137138139140141142143144145146147148149150

Er is een Elohim die recht spreekt op de aarde

Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).

Opschrift

1Voor de koorleider. ‘Verwoest niet.’ Van David. Een Michtam.
לַמְנַצֵּ֥חַ
(lamnatseach)
voor de koorleider
אַל
(al)
verwoest
תַּשְׁחֵ֗ת
(tashchet)
niet
לְדָוִ֥ד
(ledavid)
van David
מִכְתָּֽם
(mikhtam)
Michtam
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

In de Hebreeuwse telling is het opschrift vers 1; Nederlandse bijbels beginnen te tellen na het opschrift.

אַל תַּשְׁחֵת (al tashchet), ‘verwoest niet’: waarschijnlijk de naam van een melodie. De betekenis is onzeker. Zie ook Ps. 57:1.

מִכְתָּם (michtam), ‘Michtam’: de betekenis is onzeker.

Aan de machtigen die recht moeten spreken

2Spreken jullie werkelijk gerechtigheid, jullie machtigen? Oordelen jullie rechtschapen, mensenkinderen?
הַֽאֻמְנָ֗ם
(haumnam)
is het werkelijk
אֵ֣לֶם
(elem)
machtigen
צֶ֭דֶק
(tsedeq)
gerechtigheid
תְּדַבֵּר֑וּן
(tedaberun)
spreken jullie
מֵישָׁרִ֥ים
(meisharim)
rechtschapen
תִּ֝שְׁפְּט֗וּ
(tishpetu)
oordelen jullie
בְּנֵ֣י
(benei)
zonen van
אָדָֽם
(adam)
mensen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

Dit is een psalm tegen onrechtvaardige machthebbers, zoals rechters en bestuurders.

Lezing

Het woord אֵלֶם (elem) is moeilijk.

Het kan ‘stilte’ betekenen: dan staat er ‘spreken jullie in stilte gerechtigheid?’ of ‘u zwijgers’.

Het kan ook gelezen worden als אֵלִים (elim), ‘machtigen’, of ‘goden’.

Wij kiezen ‘machtigen’.

De tekst is onzeker.

3Integendeel, in jullie hart verrichten jullie onrecht. Op de aarde wegen jullie handen geweld toe.
אַף
(af)
integendeel
בְּלֵב֮
(belev)
in het hart
עוֹלֹ֪ת
(olot)
onrecht
תִּפְעָ֫ל֥וּן
(tifalun)
verrichten jullie
בָּאָ֡רֶץ
(baarets)
op de aarde
חֲמַ֥ס
(chamas)
geweld
יְ֝דֵיכֶ֗ם
(yedeikhem)
jullie handen
תְּפַלֵּֽסֽוּן
(tefalesun)
wegen toe
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)

De goddelozen zijn als slangen

4De goddelozen zijn afvallig vanaf de moederschoot. Vanaf de buik dwalen zij, zij die leugens spreken.
זֹ֣רוּ
(zoru)
zijn afvallig
רְשָׁעִ֣ים
(reshaim)
goddelozen
מֵרָ֑חֶם
(merachem)
vanaf de schoot
תָּע֥וּ
(tau)
dwalen
מִ֝בֶּ֗טֶן
(mibeten)
vanaf de buik
דֹּבְרֵ֥י
(doverei)
sprekers van
כָזָֽב
(kazav)
leugen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

‘Vanaf de moederschoot’: de dichter zegt dat het kwaad in hen zit sinds hun geboorte.

5Zij hebben gif, zoals het gif van een slang, zoals een dove adder die zijn oor dichtstopt,
חֲמַת
(chamat)
gif
לָ֗מוֹ
(lamo)
voor hen
כִּדְמ֥וּת
(kidmut)
als gelijkenis van
חֲמַת
(chamat)
gif van
נָחָ֑שׁ
(nachash)
slang
כְּמוֹ
(kemo)
zoals
פֶ֥תֶן
(peten)
adder
חֵ֝רֵ֗שׁ
(cheresh)
doof
יַאְטֵ֥ם
(yatem)
stopt dicht
אָזְנֽוֹ
(azeno)
zijn oor
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

חֵמָה (chemah), ‘gif’: het woord betekent ook ‘gloed’ of ‘woede’.

Bij een slang is het het vergif.

פֶּתֶן (peten), ‘adder’: een gifslang. De doofheid van de adder is een beeld van mensen die niet willen horen.

6die niet luistert naar de stem van de bezweerders, van de bekwame bezweerder van bezweringen.
אֲשֶׁ֣ר
(asher)
die
לֹא
(lo)
niet
יִ֭שְׁמַע
(yishma)
luistert
לְק֣וֹל
(leqol)
naar de stem van
מְלַחֲשִׁ֑ים
(melachashim)
bezweerders
חוֹבֵ֖ר
(chover)
bezweerder van
חֲבָרִ֣ים
(chavarim)
bezweringen
מְחֻכָּֽם
(mechukam)
bekwame
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

Slangenbezweerders gebruikten klanken en bezweringen om slangen te sussen.

Deze adder luistert niet.

Een bede om het oordeel

7Elohim, breek hun tanden in hun mond. Sla de kiezen van de jonge leeuwen stuk, Yahweh.
אֱֽלֹהִ֗ים
(Elohim)
Elohim
הֲרָס
(haras)
breek
שִׁנֵּ֥ימוֹ
(shineimo)
hun tanden
בְּפִ֑ימוֹ
(befimo)
in hun mond
מַלְתְּע֥וֹת
(malteot)
kiezen van
כְּ֝פִירִ֗ים
(kefirim)
jonge leeuwen
נְתֹ֣ץ
(netots)
sla stuk
יְהוָֽה
(Yahweh)
Yahweh
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

Dit is een bede om Elohims oordeel over wie geweld pleegt.

Wij vertalen de woorden letterlijk, zonder verzachting.

כְּפִירִים (kefirim), ‘jonge leeuwen’: sterke, jonge dieren; een beeld van de machtigen.

8Laat hen wegvloeien als water dat wegstroomt. Spant hij zijn pijlen, laat ze dan zijn als afgeknot.
יִמָּאֲס֣וּ
(yimaasu)
laat wegvloeien
כְמוֹ
(kemo)
als
מַ֭יִם
(mayim)
water
יִתְהַלְּכוּ
(yithalekhu)
laat wegstromen
לָ֑מוֹ
(lamo)
zij
יִדְרֹ֥ךְ
(yidrokh)
hij spant
חִ֝צָּ֗יו
(chitsav)
zijn pijlen
כְּמ֣וֹ
(kemo)
als
יִתְמֹלָֽלוּ
(yitmolalu)
afgeknot
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Lezing

Dit vers is moeilijk en de betekenis is onzeker.

Het werkwoord יִתְמֹלָלוּ (yitmolalu) komt maar één keer voor.

Wij lezen het als ‘zij zijn afgeknot’: de pijlen van de vijand hebben geen kracht meer.

Wie ‘hij’ is die de pijlen spant, is niet duidelijk: Elohim of de goddeloze.

De geschreven vorm (ketiv) is חִצּוֹ (chitso), ‘zijn pijl’. De te lezen vorm (qere) is חִצָּיו (chitsav), ‘zijn pijlen’. Wij volgen de qere.

9Laat hen zijn als een slak die wegsmelt terwijl hij voortgaat, als de misgeboorte van een vrouw, die de zon niet heeft gezien.
כְּמ֣וֹ
(kemo)
als
שַׁ֭בְּלוּל
(shabelul)
slak
תֶּ֣מֶס
(temes)
wegsmelt
יַהֲלֹ֑ךְ
(yahalokh)
voortgaat
נֵ֥פֶל
(nefel)
misgeboorte van
אֵ֝֗שֶׁת
(eshet)
een vrouw
בַּל
(bal)
niet
חָ֥זוּ
(chazu)
zij hebben gezien
שָֽׁמֶשׁ
(shamesh)
de zon
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

שַׁבְּלוּל (shabbelul), ‘slak’: een slak laat een glibberig spoor achter en lijkt weg te smelten.

De hele zin is een wens dat de goddelozen verdwijnen.

10Voordat jullie potten de doornen voelen, vaagt Hij het weg met een storm, levend en brandend van toorn.
בְּטֶ֤רֶם
(beterem)
voordat
יָבִ֣ינוּ
(yavinu)
zij voelen
סִּֽירֹתֵיכֶ֣ם
(siroteikhem)
jullie potten
אָטָ֑ד
(atad)
de doornen
כְּמוֹ
(kemo)
als
חַ֥י
(chay)
levend
כְּמוֹ
(kemo)
als
חָ֝ר֗וֹן
(charon)
brandend van toorn
יִשְׂעָרֶֽנּוּ
(yisarenu)
vaagt Hij weg
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Lezing

Dit vers is moeilijk en de betekenis is onzeker.

Letterlijk staat er: ‘Voordat jullie potten de doorn voelen, zoals levend, zoals brandend, vaagt Hij hem weg.’

Het beeld is waarschijnlijk dat een storm de doornen wegvaagt voordat ze onder de potten zijn aangestoken.

Zo snel komt het oordeel.

De rechtvaardige verheugt zich

11De rechtvaardige zal zich verheugen, want hij ziet de wraak. Zijn voeten wast hij in het bloed van de goddeloze.
יִשְׂמַ֣ח
(yismach)
verheugt zich
צַ֭דִּיק
(tsadiq)
rechtvaardige
כִּי
(ki)
want
חָזָ֣ה
(chaza)
hij ziet
נָקָ֑ם
(naqam)
wraak
פְּעָמָ֥יו
(peamav)
zijn voeten
יִ֝רְחַ֗ץ
(yirchats)
wast hij
בְּדַ֣ם
(bedam)
in het bloed van
הָרָשָֽׁע
(harasha)
de goddeloze
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

נָקָם (naqam), ‘wraak’: vergelding van het kwaad door Elohim.

De rechtvaardige verheugt zich niet over het kwaad zelf, maar over het recht dat Elohim herstelt.

Wij vertalen de woorden letterlijk.

12Dan zal een mens zeggen: „Er is zeker vrucht voor de rechtvaardige. Er is zeker een Elohim die recht spreekt op de aarde.”
וְיֹאמַ֣ר
(veyomar)
en zal zeggen
אָ֭דָם
(adam)
een mens
אַךְ
(akh)
zeker
פְּרִ֣י
(peri)
vrucht
לַצַּדִּ֑יק
(latsadiq)
voor de rechtvaardige
אַ֥ךְ
(akh)
zeker
יֵשׁ
(yesh)
er is
אֱ֝לֹהִ֗ים
(Elohim)
Elohim
שֹׁפְטִ֥ים
(shofetim)
recht sprekend
בָּאָֽרֶץ
(baarets)
op de aarde
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

שֹׁפְטִים (shofetim), ‘recht sprekend’: dit is een meervoud bij Elohim.

Een meervoud bij Elohim staat ook in Gen. 20:13, waar het werkwoord meervoud is.

De psalm begint met machtigen die geen recht spreken. Hij eindigt met de zekerheid dat er een rechter is.