Het brandofferaltaar, het voorhof en de olie voor de lamp
Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).
Het brandofferaltaar
1Maak het altaar van acaciahout, vijf el lang en vijf el breed; het altaar moet vierkant zijn, en drie el hoog.
וְעָשִׂ֥יתָ
(veasita)
en maak
אֶת
(et)
(obj.)
הַמִּזְבֵּ֖חַ
(hamizbeach)
het altaar
עֲצֵ֣י
(atsei)
hout van
שִׁטִּ֑ים
(shitim)
acacia
חָמֵשׁ֩
(chamesh)
vijf
אַמּ֨וֹת
(amot)
el
אֹ֜רֶךְ
(orekh)
lengte
וְחָמֵ֧שׁ
(vechamesh)
en vijf
אַמּ֣וֹת
(amot)
el
רֹ֗חַב
(rochav)
breedte
רָב֤וּעַ
(ravua)
vierkant
יִהְיֶה֙
(yihye)
zal zijn
הַמִּזְבֵּ֔חַ
(hamizbeach)
het altaar
וְשָׁלֹ֥שׁ
(veshalosh)
en drie
אַמּ֖וֹת
(amot)
el
קֹמָתֽוֹ
(qomato)
zijn hoogte
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
Dit is het brandofferaltaar in het voorhof.
Het meet 5 bij 5 el en is 3 el hoog, ongeveer 2,25 bij 2,25 meter en 1,35 meter hoog.
11Zo ook aan de noordzijde, in de lengte: omhangsels, honderd el lang, met twintig pilaren en twintig koperen voetstukken. De haken van de pilaren en hun staven zijn van zilver.
וְכֵ֨ן
(vekhen)
en zo
לִפְאַ֤ת
(lifat)
aan de kant van
צָפוֹן֙
(tsafon)
noord
בָּאֹ֔רֶךְ
(baorekh)
in de lengte
קְלָעִ֖ים
(qelaim)
omhangsels
מֵ֣אָה
(mea)
honderd
אֹ֑רֶךְ
(orekh)
lengte
וְעַמּוּדָ֣יו
(veamudav)
en zijn pilaren
עֶשְׂרִ֗ים
(esrim)
twintig
וְאַדְנֵיהֶ֤ם
(veadneihem)
en hun voetstukken
עֶשְׂרִים֙
(esrim)
twintig
נְחֹ֔שֶׁת
(nechoshet)
koper
וָוֵ֧י
(vavei)
haken van
הָֽעַמֻּדִ֛ים
(haamudim)
de pilaren
וַחֲשֻׁקֵיהֶ֖ם
(vachashuqeihem)
en hun staven
כָּֽסֶף
(kasef)
zilver
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
12De breedte van het voorhof aan de westzijde: omhangsels van vijftig el, met tien pilaren en tien voetstukken.
וְרֹ֤חַב
(verochav)
en breedte van
הֶֽחָצֵר֙
(hechatser)
het voorhof
לִפְאַת
(lifat)
aan de kant van
יָ֔ם
(yam)
zee
קְלָעִ֖ים
(qelaim)
omhangsels
חֲמִשִּׁ֣ים
(chamishim)
vijftig
אַמָּ֑ה
(ama)
el
עַמֻּדֵיהֶ֣ם
(amudeihem)
hun pilaren
עֲשָׂרָ֔ה
(asara)
tien
וְאַדְנֵיהֶ֖ם
(veadneihem)
en hun voetstukken
עֲשָׂרָֽה
(asara)
tien
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
יָם (yam), ‘zee’, betekent hier ‘westen’, de richting van de Middellandse Zee.
13De breedte van het voorhof aan de oostzijde, naar het oosten, is vijftig el.
וְרֹ֣חַב
(verochav)
en breedte van
הֶֽחָצֵ֗ר
(hechatser)
het voorhof
לִפְאַ֛ת
(lifat)
aan de kant van
קֵ֥דְמָה
(qedema)
voor
מִזְרָ֖חָה
(mizracha)
oostwaarts
חֲמִשִּׁ֥ים
(chamishim)
vijftig
אַמָּֽה
(ama)
el
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
14Vijftien el omhangsels voor de ene zijde van de ingang, met drie pilaren en drie voetstukken,
וַחֲמֵ֨שׁ
(vachamesh)
en vijf
עֶשְׂרֵ֥ה
(esre)
tien
אַמָּ֛ה
(ama)
el
קְלָעִ֖ים
(qelaim)
omhangsels
לַכָּתֵ֑ף
(lakatef)
voor de zijde
עַמֻּדֵיהֶ֣ם
(amudeihem)
hun pilaren
שְׁלֹשָׁ֔ה
(shelosha)
drie
וְאַדְנֵיהֶ֖ם
(veadneihem)
en hun voetstukken
שְׁלֹשָֽׁה
(shelosha)
drie
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
15en voor de andere zijde vijftien el omhangsels, met drie pilaren en drie voetstukken.
וְלַכָּתֵף֙
(velakatef)
en voor de zijde
הַשֵּׁנִ֔ית
(hashenit)
de tweede
חְמֵ֥שׁ
(chemesh)
vijf
עֶשְׂרֵ֖ה
(esre)
tien
קְלָעִ֑ים
(qelaim)
omhangsels
עַמֻּדֵיהֶ֣ם
(amudeihem)
hun pilaren
שְׁלֹשָׁ֔ה
(shelosha)
drie
וְאַדְנֵיהֶ֖ם
(veadneihem)
en hun voetstukken
שְׁלֹשָֽׁה
(shelosha)
drie
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
16Voor de poort van het voorhof een gordijn van twintig el, van blauwpurper, roodpurper en karmozijnrood garen en getweernd fijn linnen, als werk van een borduurder, met vier pilaren en vier voetstukken.
וּלְשַׁ֨עַר
(uleshaar)
en voor de poort van
הֶֽחָצֵ֜ר
(hechatser)
het voorhof
מָסָ֣ךְ
(masakh)
een gordijn
עֶשְׂרִ֣ים
(esrim)
twintig
אַמָּ֗ה
(ama)
el
תְּכֵ֨לֶת
(tekhelet)
blauwpurper
וְאַרְגָּמָ֜ן
(veargaman)
en roodpurper
וְתוֹלַ֧עַת
(vetolaat)
en karmozijn
שָׁנִ֛י
(shani)
scharlaken
וְשֵׁ֥שׁ
(veshesh)
en fijn linnen
מָשְׁזָ֖ר
(mashezar)
getweernd
מַעֲשֵׂ֣ה
(maase)
werk van
רֹקֵ֑ם
(roqem)
een borduurder
עַמֻּֽדֵיהֶם֙
(amudeihem)
hun pilaren
אַרְבָּעָ֔ה
(arbaa)
vier
וְאַדְנֵיהֶ֖ם
(veadneihem)
en hun voetstukken
אַרְבָּעָֽה
(arbaa)
vier
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
De poort van het voorhof is 20 el breed en aan de oostzijde.
21In de tent van samenkomst, buiten de voorhang die voor het getuigenis hangt, moeten Aäron en zijn zonen hem verzorgen van de avond tot de morgen, voor het aangezicht van Yahweh. Dit is een eeuwig voorschrift voor hun generaties, vanwege de zonen van Israël.
בְּאֹ֣הֶל
(beohel)
in de tent van
מוֹעֵד֩
(moed)
samenkomst
מִח֨וּץ
(michuts)
buiten
לַפָּרֹ֜כֶת
(laparokhet)
de voorhang
אֲשֶׁ֣ר
(asher)
die
עַל
(al)
voor
הָעֵדֻ֗ת
(haedut)
het getuigenis
יַעֲרֹךְ֩
(yaarokh)
zal toerichten
אֹת֨וֹ
(oto)
het
אַהֲרֹ֧ן
(aharon)
Aäron
וּבָנָ֛יו
(uvanav)
en zijn zonen
מֵעֶ֥רֶב
(meerev)
van avond
עַד
(ad)
tot
בֹּ֖קֶר
(boqer)
morgen
לִפְנֵ֣י
(lifnei)
voor het aangezicht van
יְהוָ֑ה
(Yahweh)
Yahweh
חֻקַּ֤ת
(chuqat)
een voorschrift van
עוֹלָם֙
(olam)
eeuwigheid
לְדֹ֣רֹתָ֔ם
(ledorotam)
voor hun generaties
מֵאֵ֖ת
(meet)
van
בְּנֵ֥י
(benei)
de zonen van
יִשְׂרָאֵֽל
(yisrael)
Israël
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
אֹהֶל מוֹעֵד (ohel mo‘ed) is ‘tent van samenkomst’: de plaats waar Yahweh Zich met Israël ontmoet.