Elohim Bijbel

Hebreeën 4

12345678910111213

De rust van Elohim, het levende woord en de grote hogepriester

Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).

De belofte van de rust blijft

1Laten wij dus vrezen, opdat niet ooit iemand van jullie, terwijl een belofte om in Zijn rust in te gaan nog overblijft, tekort gekomen lijkt te zijn.
Φοβηθῶμεν
(Phobethomen)
laten wij vrezen
οὖν
(oun)
dus
μήποτε
(mepote)
opdat niet ooit
καταλειπομένης
(kataleipomenes)
overblijvend
ἐπαγγελίας
(epangelias)
belofte
εἰσελθεῖν
(eiselthein)
in te gaan
εἰς
(eis)
in
τὴν
(ten)
de
κατάπαυσιν
(katapausin)
rust
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
δοκῇ
(doke)
het lijkt
τις
(tis)
iemand
ἐξ
(ex)
uit
ὑμῶν
(hymon)
jullie
ὑστερηκέναι
(hysterekenai)
tekort te zijn gekomen
Bron: SBLGNT
Uitleg

φοβέομαι (fobeomai), ‘vrezen’: ontzag en bezorgdheid; met μήποτε (mepote), ‘opdat niet ooit’, noemt het de vrees dat iemand tekortkomt. καταλείπομαι (kataleipomai), ‘overblijven’: de belofte staat nog open.

‘Zijn rust’: de rust van Elohim, uit Ps. 95:11 (3:11). ὑστερέω (hystereo), ‘tekortkomen, achterblijven’: het doel niet bereiken.

Zie ookPs 95:11
2Want ook aan ons is de goede boodschap gebracht, net als aan hen. Maar het woord van het horen heeft hen niet geholpen, omdat zij door het geloof niet verenigd waren met hen die het gehoord hadden.
καὶ
(kai)
ook
γάρ
(gar)
want
ἐσμεν
(esmen)
zijn wij
εὐηγγελισμένοι
(euengelismenoi)
de goede boodschap gebracht
καθάπερ
(kathaper)
net zoals
κἀκεῖνοι
(kakeinoi)
ook aan hen
ἀλλ’
(all’)
maar
οὐκ
(ouk)
niet
ὠφέλησεν
(ophelesen)
heeft geholpen
ὁ
(ho)
het
λόγος
(logos)
woord
τῆς
(tes)
van het
ἀκοῆς
(akoes)
horen
ἐκείνους
(ekeinous)
hen
μὴ
(me)
niet
συγκεκερασμένους
(synkekerasmenous)
verenigd zijnde
τῇ
(te)
door het
πίστει
(pistei)
geloof
τοῖς
(tois)
met hen die
ἀκούσασιν
(akousasin)
gehoord hebben
Bron: SBLGNT
Uitleg

εὐαγγελίζομαι (euangelizomai), ‘de goede boodschap brengen’: de goede boodschap van de belofte van de rust is zowel aan de woestijngeneratie als aan ons gebracht.

‘Het woord van het horen’ (ὁ λόγος τῆς ἀκοῆς): het woord dat gehoord werd. συγκεράννυμι (sygkerannymi), ‘vermengen, verenigen’.

Het Grieks noemt niet wie ‘hen die het gehoord hadden’ zijn.

Lezing

De SBLGNT markeert bij ‘verenigd zijnde’ (συγκεκερασμένους) een variant.

Wij volgen de SBLGNT.

3Want wij die geloofd hebben, gaan binnen in rust, zoals Hij gezegd heeft: „Zo zwoer Ik in Mijn toorn: ‘Nooit zullen zij in Mijn rust ingaan’”, hoewel de werken sinds de grondlegging van de wereld tot stand gekomen waren.
εἰσερχόμεθα
(eiserchometha)
gaan binnen
γὰρ
(gar)
want
εἰς
(eis)
in
κατάπαυσιν
(katapausin)
rust
οἱ
(hoi)
wij die
πιστεύσαντες
(pisteusantes)
geloofd hebben
καθὼς
(kathos)
zoals
εἴρηκεν
(eireken)
Hij heeft gezegd
Ὡς
(Hos)
zo
ὤμοσα
(omosa)
Ik zwoer
ἐν
(en)
in
τῇ
(te)
de
ὀργῇ
(orge)
toorn
μου
(mou)
Mijn
Εἰ
(Ei)
nooit
εἰσελεύσονται
(eiseleusontai)
zullen zij ingaan
εἰς
(eis)
in
τὴν
(ten)
de
κατάπαυσίν
(katapausin)
rust
μου
(mou)
Mijn
καίτοι
(kaitoi)
hoewel
τῶν
(ton)
de
ἔργων
(ergon)
werken
ἀπὸ
(apo)
sinds
καταβολῆς
(kataboles)
grondlegging
κόσμου
(kosmou)
van de wereld
γενηθέντων
(genethenton)
tot stand gekomen
Bron: SBLGNT
Uitleg

Aanhaling van Ps. 95:11 (zie 3:11).

Het Grieks heeft bij ‘in rust’ (εἰς κατάπαυσιν) geen lidwoord; het gaat om de rust waarover de aanhaling spreekt. εἴρηκεν (eireken), ‘Hij heeft gezegd’: een voltooide tijd; wat gezegd is, blijft gelden.

De Griekse woorden εἰ εἰσελεύσονται zijn een eedformule: ‘zij zullen zeker niet ingaan’. καταβολή (katabole), ‘grondlegging’: ‘sinds de grondlegging van de wereld’.

De werken waren dus al gedaan; vers 4 noemt de rust van de zevende dag.

Zie ook Ps. 95:11.

Lezing

De SBLGNT markeert bij ‘in’ (εἰς) een variant.

Wij volgen de SBLGNT.

4Want ergens heeft Hij over de zevende dag aldus gezegd: „En Elohim rustte op de zevende dag van al Zijn werken.”
εἴρηκεν
(eireken)
Hij heeft gezegd
γάρ
(gar)
want
που
(pou)
ergens
περὶ
(peri)
over
τῆς
(tes)
de
ἑβδόμης
(hebdomes)
zevende
οὕτως
(houtos)
aldus
Καὶ
(Kai)
en
κατέπαυσεν
(katepausen)
rustte
ὁ
(ho)
de
θεὸς
(theos)
Elohim
ἐν
(en)
op
τῇ
(te)
de
ἡμέρᾳ
(hemera)
dag
τῇ
(te)
de
ἑβδόμῃ
(hebdome)
zevende
ἀπὸ
(apo)
van
πάντων
(panton)
al
τῶν
(ton)
de
ἔργων
(ergon)
werken
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
Bron: SBLGNT
Uitleg

Het Grieks zegt niet waar: ‘ergens’ (που, pou).

Het citaat is Gen. 2:2.

Ons Hebreeuws heeft: ‘Op de zevende dag rustte Hij van al het werk dat Hij gedaan had’; Hebreeën heeft ‘Elohim rustte … van al Zijn werken’.

Zie ook Exod. 20:11 en 31:17.

‘Over de zevende’ is: over de zevende dag.

De woorden staan zwart: Elohim wordt in de derde persoon genoemd.

Zie ook Gen. 2:2; Exod. 20:11.

5En op deze plaats weer: „Nooit zullen zij in Mijn rust ingaan.”
καὶ
(kai)
en
ἐν
(en)
op
τούτῳ
(touto)
deze plaats
πάλιν
(palin)
weer
Εἰ
(Ei)
nooit
εἰσελεύσονται
(eiseleusontai)
zullen zij ingaan
εἰς
(eis)
in
τὴν
(ten)
de
κατάπαυσίν
(katapausin)
rust
μου
(mou)
Mijn
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἐν τούτῳ (en touto), ‘op deze plaats, hierin’: in deze tekst, namelijk Ps. 95:11.

De woorden zijn die van Yahweh uit Ps. 95:11; zie 3:11.

Zie ook Ps. 95:11.

Zie ookPs 95:11
6Omdat het dus nog overblijft dat sommigen daarin ingaan, en zij die eerst de goede boodschap hoorden niet zijn ingegaan vanwege ongehoorzaamheid,
ἐπεὶ
(epei)
omdat
οὖν
(oun)
dus
ἀπολείπεται
(apoleipetai)
blijft over
τινὰς
(tinas)
sommigen
εἰσελθεῖν
(eiselthein)
in te gaan
εἰς
(eis)
in
αὐτήν
(auten)
haar
καὶ
(kai)
en
οἱ
(hoi)
zij die
πρότερον
(proteron)
eerst
εὐαγγελισθέντες
(euangelisthentes)
de goede boodschap hoorden
οὐκ
(ouk)
niet
εἰσῆλθον
(eiselthon)
zijn ingegaan
δι’
(di’)
vanwege
ἀπείθειαν
(apeitheian)
ongehoorzaamheid
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἀπολείπεται (apoleipetai), ‘het blijft over’: zoals in vers 9. πρότερον (proteron), ‘eerder’. εὐαγγελίζομαι (euangelizomai), ‘de goede boodschap hoorden’: letterlijk ‘de goede boodschap gebracht kregen’. ἀπείθεια (apeitheia), ‘ongehoorzaamheid’: zoals in vers 11 en 3:18.

De zin loopt door in vers 7.

7bepaalt Hij opnieuw een zekere dag, ‘Vandaag’, als Hij na zo lange tijd in David zegt, zoals eerder gezegd is: „Vandaag, als jullie Zijn stem horen, verhard jullie harten niet.”
πάλιν
(palin)
weer
τινὰ
(tina)
een zekere
ὁρίζει
(horizei)
bepaalt Hij
ἡμέραν
(hemeran)
dag
Σήμερον
(Semeron)
vandaag
ἐν
(en)
in
Δαυὶδ
(Dauid)
David
λέγων
(legon)
zeggend
μετὰ
(meta)
na
τοσοῦτον
(tosouton)
zo lange
χρόνον
(chronon)
tijd
καθὼς
(kathos)
zoals
προείρηται
(proeiretai)
eerder gezegd is
Σήμερον
(Semeron)
vandaag
ἐὰν
(ean)
als
τῆς
(tes)
van de
φωνῆς
(phones)
stem
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
ἀκούσητε
(akousete)
jullie horen
μὴ
(me)
niet
σκληρύνητε
(sklerynete)
verhardt
τὰς
(tas)
de
καρδίας
(kardias)
harten
ὑμῶν
(hymon)
jullie
Bron: SBLGNT
Uitleg

ὁρίζω (horizo), ‘bepalen’: Elohim bepaalt een dag, ‘Vandaag’.

‘In David’ (ἐν Δαυίδ, en Dauid): in het woord van David; Hebreeën noemt David als spreker van de psalm.

Ons Hebreeuws heeft bij Ps. 95 geen opschrift.

De woorden zijn die van 3:7–8; hier staan ze zwart, omdat zij als woorden van David worden aangehaald.

Zie ook Ps. 95:7–8.

Lezing

De SBLGNT markeert bij ‘zoals eerder gezegd is’ (προείρηται) een variant.

Wij volgen de SBLGNT.

8Want als Jozua hen tot rust had gebracht, zou Hij daarna niet over een andere dag gesproken hebben.
εἰ
(ei)
als
γὰρ
(gar)
want
αὐτοὺς
(autous)
hen
Ἰησοῦς
(Iesous)
Jozua
κατέπαυσεν
(katepausen)
tot rust had gebracht
οὐκ
(ouk)
niet
ἂν
(an)
zou
περὶ
(peri)
over
ἄλλης
(alles)
een andere
ἐλάλει
(elalei)
sprak Hij
μετὰ
(meta)
daarna
ταῦτα
(tauta)
deze dingen
ἡμέρας
(hemeras)
dag
Bron: SBLGNT
Uitleg

Ἰησοῦς (Iesous) is hier Jozua, de opvolger van Mozes: dezelfde naam als Yeshua; zo ook in Hand. 7:45. καταπαύω (katapauo), ‘tot rust brengen’: Jozua gaf het volk rust in het land.

Het argument is dat Ps. 95, ver na Jozua, nog over een andere dag spreekt.

Zie ook Joz. 21:44; Joz. 22:4; Hand. 7:45.

Een sabbatsrust voor het volk van Elohim

9Er blijft dus een sabbatsrust over voor het volk van Elohim.
ἄρα
(ara)
dus
ἀπολείπεται
(apoleipetai)
blijft over
σαββατισμὸς
(sabbatismos)
sabbatsrust
τῷ
(to)
voor het
λαῷ
(lao)
volk
τοῦ
(tou)
van de
θεοῦ
(theou)
Elohim
Bron: SBLGNT
Uitleg

σαββατισμός (sabbatismos), ‘sabbatsrust’: een woord dat in het Nieuwe Testament alleen hier voorkomt; het hangt samen met het werkwoord ‘sabbat houden’ en met het Hebreeuwse שַׁבָּת (shabbat), ‘rust’.

De rust van de zevende dag (vers 4) en de rust van Ps. 95 komen hier samen. λαός (laos), ‘volk’.

Zie ook Gen. 2:2–3; Exod. 20:8–11.

10Want wie in Zijn rust is ingegaan, heeft ook zelf van zijn werken gerust, zoals Elohim van de Zijne.
ὁ
(ho)
hij die
γὰρ
(gar)
want
εἰσελθὼν
(eiselthon)
is ingegaan
εἰς
(eis)
in
τὴν
(ten)
de
κατάπαυσιν
(katapausin)
rust
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
καὶ
(kai)
ook
αὐτὸς
(autos)
zelf
κατέπαυσεν
(katepausen)
heeft gerust
ἀπὸ
(apo)
van
τῶν
(ton)
de
ἔργων
(ergon)
werken
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
ὥσπερ
(hosper)
zoals
ἀπὸ
(apo)
van
τῶν
(ton)
de
ἰδίων
(idion)
eigen
ὁ
(ho)
de
θεός
(theos)
Elohim
Bron: SBLGNT
Uitleg

‘Zijn rust’ (τὴν κατάπαυσιν αὐτοῦ): de rust van Elohim.

‘Zijn werken’ (τῶν ἔργων αὐτοῦ): de werken van de mens; ‘de Zijne’ (τῶν ἰδίων) zijn de eigen werken van Elohim.

Het Grieks heeft ‘zoals van de eigen, Elohim’.

11Laten wij dus ons best doen om in die rust in te gaan, opdat niemand valt naar hetzelfde voorbeeld van ongehoorzaamheid.
σπουδάσωμεν
(spoudasomen)
laten wij ons best doen
οὖν
(oun)
dus
εἰσελθεῖν
(eiselthein)
in te gaan
εἰς
(eis)
in
ἐκείνην
(ekeinen)
die
τὴν
(ten)
de
κατάπαυσιν
(katapausin)
rust
ἵνα
(hina)
opdat
μὴ
(me)
niet
ἐν
(en)
in
τῷ
(to)
het
αὐτῷ
(auto)
zelfde
τις
(tis)
iemand
ὑποδείγματι
(hypodeigmati)
voorbeeld
πέσῃ
(pese)
valt
τῆς
(tes)
van de
ἀπειθείας
(apeitheias)
ongehoorzaamheid
Bron: SBLGNT
Uitleg

σπουδάζω (spoudazo), ‘zich beijveren, zijn best doen’. ὑπόδειγμα (hypodeigma), ‘voorbeeld’: hier het voorbeeld van de ongehoorzaamheid van de woestijngeneratie (3:16–19); elders in de brief (8:5, 9:23) heeft hetzelfde woord de betekenis ‘afbeelding’.

Zie ook Hebr. 3:18–19.

Het woord van Elohim

12Want het woord van Elohim is levend en werkzaam en scherper dan elk tweesnijdend zwaard. Het dringt door tot de scheiding van ziel en geest, van gewrichten en merg, en het oordeelt over de overwegingen en gedachten van het hart.
Ζῶν
(Zon)
levend
γὰρ
(gar)
want
ὁ
(ho)
het
λόγος
(logos)
woord
τοῦ
(tou)
van de
θεοῦ
(theou)
Elohim
καὶ
(kai)
en
ἐνεργὴς
(energes)
werkzaam
καὶ
(kai)
en
τομώτερος
(tomoteros)
scherper
ὑπὲρ
(hyper)
dan
πᾶσαν
(pasan)
elk
μάχαιραν
(machairan)
zwaard
δίστομον
(distomon)
tweesnijdend
καὶ
(kai)
en
διϊκνούμενος
(diiknoumenos)
doordringend
ἄχρι
(achri)
tot
μερισμοῦ
(merismou)
scheiding
ψυχῆς
(psyches)
van ziel
καὶ
(kai)
en
πνεύματος
(pneumatos)
geest
ἁρμῶν
(harmon)
van gewrichten
τε
(te)
zowel
καὶ
(kai)
en
μυελῶν
(myelon)
merg
καὶ
(kai)
en
κριτικὸς
(kritikos)
oordelend
ἐνθυμήσεων
(enthymeseon)
over overwegingen
καὶ
(kai)
en
ἐννοιῶν
(ennoion)
gedachten
καρδίας
(kardias)
van het hart
Bron: SBLGNT
Uitleg

λόγος τοῦ θεοῦ (logos tou theou), ‘het woord van Elohim’: het gesproken woord dat in de aanhalingen van de vorige verzen klinkt.

In vers 13 gaat ‘het woord’ over in ‘Hem’; het Grieks laat die overgang open. ἐνεργής (energes), ‘werkzaam’; τομώτερος (tomoteros), ‘scherper’; δίστομος (distomos), ‘tweesnijdend’, letterlijk ‘met twee monden’. μερισμός (merismos), ‘scheiding’. ψυχή (psyche), ‘ziel’; πνεῦμα (pneuma), ‘geest’. ἁρμός (harmos), ‘gewricht’; μυελός (myelos), ‘merg’. κριτικός (kritikos), ‘in staat te oordelen’. ἐνθύμησις (enthymesis), ‘overweging’; ἔννοια (ennoia), ‘gedachte’.

Zie ook Jes. 49:2; Ef. 6:17.

Lezing

De SBLGNT markeert bij ‘en’ (καί) voor ‘geest’ een variant.

Wij volgen de SBLGNT.

13En er is geen schepsel dat voor Hem verborgen is, maar alles is naakt en blootgelegd voor Zijn ogen, aan wie wij rekenschap moeten geven.
καὶ
(kai)
en
οὐκ
(ouk)
niet
ἔστιν
(estin)
is
κτίσις
(ktisis)
schepsel
ἀφανὴς
(aphanes)
verborgen
ἐνώπιον
(enopion)
voor
αὐτοῦ
(autou)
Hem
πάντα
(panta)
alles
δὲ
(de)
maar
γυμνὰ
(gymna)
naakt
καὶ
(kai)
en
τετραχηλισμένα
(tetrachelismena)
blootgelegd
τοῖς
(tois)
voor de
ὀφθαλμοῖς
(ophthalmois)
ogen
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
πρὸς
(pros)
aan
ὃν
(hon)
wie
ἡμῖν
(hemin)
voor ons
ὁ
(ho)
het
λόγος
(logos)
woord
Bron: SBLGNT
Uitleg

κτίσις (ktisis), ‘schepsel’. ἀφανής (afanes), ‘onzichtbaar, verborgen’. τραχηλίζω (trachelizo), ‘blootleggen’: het komt van τράχηλος, ‘nek’; een zeldzaam woord. αὐτοῦ (autou), ‘Hem, Zijn’: Elohim; het Grieks laat het verband met ‘het woord’ van vers 12 open. πρὸς ὃν ἡμῖν ὁ λόγος (pros hon hemin ho logos), letterlijk ‘tot wie voor ons het woord’: λόγος is ‘woord’ en ook ‘rekenschap’; het kan dus ‘aan wie wij rekenschap moeten geven’ of ‘met wie wij te maken hebben’ betekenen.

Zie ookHeb 4:12

Een grote hogepriester

14Omdat wij dus een grote hogepriester hebben, die door de hemelen is heengegaan, Yeshua, de Zoon van Elohim, laten wij de belijdenis vasthouden.
Ἔχοντες
(Echontes)
hebbend
οὖν
(oun)
dus
ἀρχιερέα
(archierea)
hogepriester
μέγαν
(megan)
grote
διεληλυθότα
(dielelythota)
die is heengegaan
τοὺς
(tous)
door de
οὐρανούς
(ouranous)
hemelen
Ἰησοῦν
(Iesoun)
Yeshua
τὸν
(ton)
de
υἱὸν
(huion)
Zoon
τοῦ
(tou)
van de
θεοῦ
(theou)
Elohim
κρατῶμεν
(kratomen)
laten wij vasthouden
τῆς
(tes)
de
ὁμολογίας
(homologias)
belijdenis
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἀρχιερεύς (archiereus), ‘hogepriester’: zie 2:17. διέρχομαι (dierchomai), ‘heengaan door’: Hij is door de hemelen heen naar de plaats van Elohim gegaan, zoals de hogepriester door de voorhang het heiligdom inging (Lev. 16:2–3). ὁμολογία (homologia), ‘belijdenis’: zie 3:1.

Zie ook Lev. 16:2–3.

15Want wij hebben geen hogepriester die niet met onze zwakheden kan meevoelen, maar een die in alles op gelijke wijze op de proef gesteld is, zonder zonde.
οὐ
(ou)
niet
γὰρ
(gar)
want
ἔχομεν
(echomen)
hebben wij
ἀρχιερέα
(archierea)
hogepriester
μὴ
(me)
niet
δυνάμενον
(dynamenon)
kunnende
συμπαθῆσαι
(sympathesai)
meevoelen
ταῖς
(tais)
met de
ἀσθενείαις
(astheneiais)
zwakheden
ἡμῶν
(hemon)
onze
πεπειρασμένον
(pepeirasmenon)
op de proef gesteld
δὲ
(de)
maar
κατὰ
(kata)
in
πάντα
(panta)
alles
καθ’
(kath’)
naar
ὁμοιότητα
(homoioteta)
gelijkheid
χωρὶς
(choris)
zonder
ἁμαρτίας
(hamartias)
zonde
Bron: SBLGNT
Uitleg

συμπαθέω (sympatheo), ‘meevoelen’; ἀσθένεια (astheneia), ‘zwakheid’. πειράζω (peirazo), ‘op de proef stellen’: zie 2:18. καθ᾽ ὁμοιότητα (kath homoioteta), ‘op gelijke wijze’: letterlijk ‘naar gelijkheid’. χωρὶς ἁμαρτίας (choris hamartias), ‘zonder zonde’.

Zie ook Hebr. 2:17–18.

Lezing

De SBLGNT markeert bij ‘op de proef gesteld’ (πεπειρασμένον) een variant.

Wij volgen de SBLGNT.

16Laten wij dus met vrijmoedigheid naderen tot de troon van de genade, opdat wij barmhartigheid ontvangen en genade vinden tot hulp op het juiste moment.
προσερχώμεθα
(proserchometha)
laten wij naderen
οὖν
(oun)
dus
μετὰ
(meta)
met
παρρησίας
(parresias)
vrijmoedigheid
τῷ
(to)
tot de
θρόνῳ
(throno)
troon
τῆς
(tes)
van de
χάριτος
(charitos)
genade
ἵνα
(hina)
opdat
λάβωμεν
(labomen)
wij ontvangen
ἔλεος
(eleos)
barmhartigheid
καὶ
(kai)
en
χάριν
(charin)
genade
εὕρωμεν
(heuromen)
wij vinden
εἰς
(eis)
tot
εὔκαιρον
(eukairon)
juist op tijd
βοήθειαν
(boetheian)
hulp
Bron: SBLGNT
Uitleg

προσέρχομαι (proserchomai), ‘naderen’: het werkwoord voor wie Elohim nadert.

‘De troon van de genade’: de plaats waar Elohim als koning genade geeft. ἔλεος (eleos), ‘barmhartigheid’; εὔκαιρος (eukairos), ‘juist op tijd, op het goede moment’; βοήθεια (boetheia), ‘hulp’.

Zie ook 7:19, 10:22.

Zie ook Hebr. 7:19.

Zie ookHeb 7:19