Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).
Yeshua wordt op de proef gesteld
1Yeshua, vol van de Heilige Geest, keerde terug van de Jordaan. Hij werd door de Geest in de woestijn geleid.
Ἰησοῦς
(Iesous)
Yeshua
δὲ
(de)
maar
πλήρης
(pleres)
vol
πνεύματος
(pneumatos)
van Geest
ἁγίου
(hagiou)
Heilige
ὑπέστρεψεν
(hypestrepsen)
keerde terug
ἀπὸ
(apo)
van
τοῦ
(tou)
de
Ἰορδάνου
(Iordanou)
Jordaan
καὶ
(kai)
en
ἤγετο
(egeto)
werd geleid
ἐν
(en)
in
τῷ
(to)
de
πνεύματι
(pneumati)
Geest
ἐν
(en)
in
τῇ
(te)
de
ἐρήμῳ
(eremo)
woestijn
Bron: SBLGNT
Plaats
Zie Jordaan: De Jordaan stroomt van het Hermongebergte door het meer van Galilea naar de Dode Zee.
Uitleg
ἐν τῷ πνεύματι (en to pneumati), letterlijk ‘in de Geest’: wij vertalen ‘door de Geest’, zoals in Matt. 4:1.
2Gedurende 40 dagen werd Hij door de duivel op de proef gesteld. In die dagen at Hij niets, en toen die voorbij waren, kreeg Hij honger.
ἡμέρας
(hemeras)
dagen
τεσσεράκοντα
(tesserakonta)
40
πειραζόμενος
(peirazomenos)
op de proef gesteld wordend
ὑπὸ
(hypo)
door
τοῦ
(tou)
de
διαβόλου
(diabolou)
duivel
καὶ
(kai)
en
οὐκ
(ouk)
niet
ἔφαγεν
(ephagen)
at
οὐδὲν
(ouden)
niets
ἐν
(en)
in
ταῖς
(tais)
de
ἡμέραις
(hemerais)
dagen
ἐκείναις
(ekeinais)
die
καὶ
(kai)
en
συντελεσθεισῶν
(syntelestheison)
voorbij zijnde
αὐτῶν
(auton)
zij
ἐπείνασεν
(epeinasen)
kreeg honger
Bron: SBLGNT
Uitleg
Het Grieks heeft ‘gedurende 40 dagen’ en vermeldt hier niet dat Yeshua vastte; Matt. 4:2 zegt dat wel. 40 dagen komen ook voor bij Mozes (Exod. 34:28) en Elia (1 Kon. 19:8).
6Hij zei tegen Hem: „Aan U zal ik al dit gezag geven, en de heerlijkheid van deze koninkrijken. Want het is aan mij overgegeven, en ik geef het aan wie ik maar wil.
9De duivel bracht Hem naar Jeruzalem en zette Hem op de rand van de tempel. Hij zei tegen Hem: „Als U Zoon van Elohim bent, werp Uzelf van hier naar beneden.
Ἤγαγεν
(Egagen)
bracht
δὲ
(de)
maar
αὐτὸν
(auton)
Hem
εἰς
(eis)
naar
Ἰερουσαλὴμ
(Ierousalem)
Jeruzalem
καὶ
(kai)
en
ἔστησεν
(estesen)
zette
ἐπὶ
(epi)
op
τὸ
(to)
de
πτερύγιον
(pterygion)
rand
τοῦ
(tou)
van de
ἱεροῦ
(hierou)
tempel
καὶ
(kai)
en
εἶπεν
(eipen)
zei
αὐτῷ
(auto)
tot Hem
Εἰ
(Ei)
als
υἱὸς
(huios)
Zoon
εἶ
(ei)
ben
τοῦ
(tou)
van de
θεοῦ
(theou)
Elohim
βάλε
(bale)
werp
σεαυτὸν
(seauton)
Uzelf
ἐντεῦθεν
(enteuthen)
vandaar
κάτω
(kato)
naar beneden
Bron: SBLGNT
Plaats
Zie Jeruzalem: Jeruzalem ligt op het bergland van Juda.
Salem wordt gelezen als Jeruzalem, en Moria en Sion worden van oudsher bij Jeruzalem gezocht.
11en op handen zullen zij U dragen, opdat U Uw voet niet tegen een steen stoot.’”
καὶ
(kai)
en
ὅτι
(hoti)
dat
Ἐπὶ
(Epi)
op
χειρῶν
(cheiron)
handen
ἀροῦσίν
(arousin)
zullen dragen
σε
(se)
U
μήποτε
(mepote)
opdat niet
προσκόψῃς
(proskopses)
U stoot
πρὸς
(pros)
tegen
λίθον
(lithon)
steen
τὸν
(ton)
de
πόδα
(poda)
voet
σου
(sou)
Uw
Bron: SBLGNT
12Yeshua antwoordde en zei tegen hem: „Er is gezegd: ‘Je mag Yahweh, je Elohim, niet op de proef stellen.’”
καὶ
(kai)
en
ἀποκριθεὶς
(apokritheis)
antwoordend
εἶπεν
(eipen)
zei
αὐτῷ
(auto)
tot hem
ὁ
(ho)
de
Ἰησοῦς
(Iesous)
Yeshua
ὅτι
(hoti)
dat
Εἴρηται
(Eiretai)
er is gezegd
Οὐκ
(Ouk)
niet
ἐκπειράσεις
(ekpeiraseis)
zult op de proef stellen
κύριον
(kyrion)
Yahweh
τὸν
(ton)
de
θεόν
(theon)
Elohim
σου
(sou)
je
Bron: SBLGNT
Uitleg
Het citaat is Deut. 6:16. εἴρηται (eiretai) is letterlijk ‘het is gezegd’: Yeshua laat de Schrift spreken. ἐκπειράζω (ekpeirazo) is een sterkere vorm van πειράζω (peirazo), ‘op de proef stellen’ (4:2); wij vertalen beide met ‘op de proef stellen’.
13Toen de duivel alle beproevingen had voltooid, week hij van Hem tot een bepaalde tijd.
καὶ
(kai)
en
συντελέσας
(syntelesas)
voltooid hebbend
πάντα
(panta)
alle
πειρασμὸν
(peirasmon)
beproeving
ὁ
(ho)
de
διάβολος
(diabolos)
duivel
ἀπέστη
(apeste)
week
ἀπ’
(ap’)
van
αὐτοῦ
(autou)
Hem
ἄχρι
(achri)
tot
καιροῦ
(kairou)
tijd
Bron: SBLGNT
Uitleg
πειρασμός (peirasmos), ‘beproeving’: hetzelfde woord als in Matt. 6:13. ἄχρι καιροῦ (achri kairou), ‘tot een bepaalde tijd’: het Grieks zegt niet wanneer die tijd komt.
15Hij onderwees in hun synagogen en werd door allen verheerlijkt.
καὶ
(kai)
en
αὐτὸς
(autos)
Hij
ἐδίδασκεν
(edidasken)
onderwees
ἐν
(en)
in
ταῖς
(tais)
de
συναγωγαῖς
(synagogais)
synagogen
αὐτῶν
(auton)
hun
δοξαζόμενος
(doxazomenos)
verheerlijkt wordend
ὑπὸ
(hypo)
door
πάντων
(panton)
allen
Bron: SBLGNT
Uitleg
δοξάζω (doxazo), ‘verheerlijken’: wij vertalen het overal zo.
Yeshua in de synagoge van Nazaret
16Hij kwam in Nazaret, waar Hij was opgegroeid. Op de sabbat ging Hij, zoals Hij gewend was, de synagoge in en stond op om te lezen.
Καὶ
(Kai)
en
ἦλθεν
(elthen)
kwam
εἰς
(eis)
in
Ναζαρά
(Nazara)
Nazaret
οὗ
(hou)
waar
ἦν
(en)
was
τεθραμμένος
(tethrammenos)
opgegroeid
καὶ
(kai)
en
εἰσῆλθεν
(eiselthen)
ging binnen
κατὰ
(kata)
volgens
τὸ
(to)
het
εἰωθὸς
(eiothos)
gewone
αὐτῷ
(auto)
voor Hem
ἐν
(en)
op
τῇ
(te)
de
ἡμέρᾳ
(hemera)
dag
τῶν
(ton)
van de
σαββάτων
(sabbaton)
sabbatten
εἰς
(eis)
in
τὴν
(ten)
de
συναγωγήν
(synagogen)
synagoge
καὶ
(kai)
en
ἀνέστη
(aneste)
stond op
ἀναγνῶναι
(anagnonai)
om te lezen
Bron: SBLGNT
Plaats
Zie Nazaret: Nazaret (en-Nasira) ligt in Neder-Galilea, ten westen van het meer van Galilea, in het noorden van het huidige Israël.
Uitleg
Ναζαρά (Nazara) is een Griekse vorm van Nazaret; zie Matt. 4:13. κατὰ τὸ εἰωθός (kata to eiothos), ‘zoals Hij gewend was’: Yeshua las gewoonlijk voor in de synagoge.
17Men gaf Hem de boekrol van de profeet Jesaja. Hij rolde de boekrol open en vond de plaats waar geschreven stond:
καὶ
(kai)
en
ἐπεδόθη
(epedothe)
werd gegeven
αὐτῷ
(auto)
aan Hem
βιβλίον
(biblion)
boekrol
τοῦ
(tou)
van de
προφήτου
(prophetou)
profeet
Ἠσαΐου
(Esaiou)
Jesaja
καὶ
(kai)
en
ἀναπτύξας
(anaptyxas)
opengerold hebbend
τὸ
(to)
de
βιβλίον
(biblion)
boekrol
εὗρεν
(heuren)
vond
τὸν
(ton)
de
τόπον
(topon)
plaats
οὗ
(hou)
waar
ἦν
(en)
was
γεγραμμένον
(gegrammenon)
geschreven
Bron: SBLGNT
Uitleg
βιβλίον (biblion) is hier een boekrol, geen boek met bladzijden.
Het is de rol met het boek Jesaja.
18„De Geest van Yahweh is op Mij, omdat Hij Mij gezalfd heeft om aan armen de goede boodschap te brengen. Hij heeft Mij gezonden om aan gevangenen vrijlating te verkondigen en aan blinden het zien terug te geven, om verbrijzelden in vrijheid te zenden,
Πνεῦμα
(Pneuma)
Geest
κυρίου
(kyriou)
van Yahweh
ἐπ’
(ep’)
op
ἐμέ
(eme)
Mij
οὗ
(hou)
waarvan
εἵνεκεν
(heineken)
omwille
ἔχρισέν
(echrisen)
gezalfd heeft
με
(me)
Mij
εὐαγγελίσασθαι
(euangelisasthai)
goede boodschap te brengen
πτωχοῖς
(ptochois)
aan armen
ἀπέσταλκέν
(apestalken)
gezonden heeft
με
(me)
Mij
κηρύξαι
(keryxai)
te verkondigen
αἰχμαλώτοις
(aichmalotois)
aan gevangenen
ἄφεσιν
(aphesin)
vrijlating
καὶ
(kai)
en
τυφλοῖς
(typhlois)
aan blinden
ἀνάβλεψιν
(anablepsin)
zien
ἀποστεῖλαι
(aposteilai)
te zenden
τεθραυσμένους
(tethrausmenous)
verbrijzelden
ἐν
(en)
in
ἀφέσει
(aphesei)
vrijheid
Bron: SBLGNT
Uitleg
Het citaat staat in Jes. 61:1, met een regel uit Jes. 58:6, waar het Hebreeuws zegt: ‘de onderdrukten vrij laten gaan’.
Lucas volgt de Griekse tekst.
Het Hebreeuws van Jes. 61:1 heeft ‘om hen te verbinden die gebroken zijn van hart’ en ‘de gebondenen de opening van de kerker’; ‘aan blinden het zien’ komt uit de Griekse tekst. κυρίου (kyriou), ‘Heer’, is vertaald als Yahweh.
ἔχρισεν (echrisen), ‘heeft gezalfd’, is van dezelfde stam als χριστός (christos), ‘gezalfde, Messias’. ἄφεσις (aphesis) betekent ‘vrijlating’ en ook ‘vergeving’; hier gaat het over vrijlating van gevangenen. Het woord staat twee keer: ‘vrijlating’ en ‘in vrijheid’. ἀποστέλλω (apostello), ‘zenden’: wij vertalen het overal zo.
23Hij zei tegen hen: „Ongetwijfeld zullen jullie dit gezegde tegen Mij aanhalen: ‘Arts, genees jezelf! Alles wat wij hebben horen gebeuren in Kapernaüm, doe dat ook hier in je vaderstad.’”
καὶ
(kai)
en
εἶπεν
(eipen)
zei
πρὸς
(pros)
tot
αὐτούς
(autous)
hen
Πάντως
(Pantos)
in elk geval
ἐρεῖτέ
(ereite)
zullen zeggen
μοι
(moi)
aan mij
τὴν
(ten)
de
παραβολὴν
(parabolen)
gelijkenis
ταύτην
(tauten)
deze
Ἰατρέ
(Iatre)
arts
θεράπευσον
(therapeuson)
genees
σεαυτόν
(seauton)
jezelf
ὅσα
(hosa)
zoveel
ἠκούσαμεν
(ekousamen)
hoorden wij
γενόμενα
(genomena)
geschied
εἰς
(eis)
naar
τὴν
(ten)
de
Καφαρναοὺμ
(Kapharnaoum)
Kapernaüm
ποίησον
(poieson)
doe
καὶ
(kai)
ook
ὧδε
(hode)
hier
ἐν
(en)
in
τῇ
(te)
de
πατρίδι
(patridi)
vaderstad
σου
(sou)
je
Bron: SBLGNT
Plaats
Zie Kapernaüm: Kapernaüm (Tel Hum) lag aan de noordwestkant van het meer van Galilea, in het noorden van het huidige Israël.
Zie Nazaret (uw vaderstad): Met ‘uw vaderstad’ en ‘zijn vaderstad’ wordt Nazaret bedoeld (zie Lucas 4:16), in Neder-Galilea.
De naam staat hier niet in de tekst.
Uitleg
παραβολή (parabole) is hier een gezegde, een spreekwoord; elders vertalen wij ‘gelijkenis’.
Lucas heeft nog niet verteld wat er in Kapernaüm gebeurd is; dat volgt vanaf 4:31. πατρίς (patris), ‘vaderstad’: de stad waar iemand vandaan komt.
24Hij zei: „Voorwaar, Ik zeg jullie: geen profeet is welkom in zijn vaderstad.
εἶπεν
(eipen)
zei
δέ
(de)
maar
Ἀμὴν
(Amen)
voorwaar
λέγω
(lego)
zeg Ik
ὑμῖν
(hymin)
jullie
ὅτι
(hoti)
dat
οὐδεὶς
(oudeis)
niemand
προφήτης
(prophetes)
profeet
δεκτός
(dektos)
welkom
ἐστιν
(estin)
is
ἐν
(en)
in
τῇ
(te)
de
πατρίδι
(patridi)
vaderstad
αὐτοῦ
(autou)
zijn
Bron: SBLGNT
Plaats
Zie Nazaret (uw vaderstad): Met ‘uw vaderstad’ en ‘zijn vaderstad’ wordt Nazaret bedoeld (zie Lucas 4:16), in Neder-Galilea.
De naam staat hier niet in de tekst.
Uitleg
ἀμήν (amen), ‘voorwaar’: een Hebreeuws woord (אָמֵן) dat ‘het is waar, het is zeker’ betekent.
Yeshua zet het vaak vóór Zijn woorden; wij vertalen het overal met ‘voorwaar’.
25Maar in waarheid zeg Ik jullie: in de dagen van Elia waren er veel weduwen in Israël. Toen de hemel 3 jaar en 6 maanden gesloten was, kwam er een grote hongersnood over het hele land.
ἐπ’
(ep’)
in
ἀληθείας
(aletheias)
waarheid
δὲ
(de)
maar
λέγω
(lego)
zeg Ik
ὑμῖν
(hymin)
jullie
πολλαὶ
(pollai)
veel
χῆραι
(cherai)
weduwen
ἦσαν
(esan)
waren
ἐν
(en)
in
ταῖς
(tais)
de
ἡμέραις
(hemerais)
dagen
Ἠλίου
(Eliou)
van Elia
ἐν
(en)
in
τῷ
(to)
het
Ἰσραήλ
(Israel)
Israël
ὅτε
(hote)
toen
ἐκλείσθη
(ekleisthe)
werd gesloten
ὁ
(ho)
de
οὐρανὸς
(ouranos)
hemel
ἐπὶ
(epi)
gedurende
ἔτη
(ete)
jaren
τρία
(tria)
3
καὶ
(kai)
en
μῆνας
(menas)
maanden
ἕξ
(hex)
6
ὡς
(hos)
zoals
ἐγένετο
(egeneto)
kwam
λιμὸς
(limos)
hongersnood
μέγας
(megas)
grote
ἐπὶ
(epi)
over
πᾶσαν
(pasan)
heel
τὴν
(ten)
het
γῆν
(gen)
land
Bron: SBLGNT
Uitleg
De woorden over Elia verwijzen naar 1 Kon. 17:1–18:1. 3 jaar en 6 maanden: 1 Kon. 18:1 spreekt van ‘het derde jaar’; vergelijk Jak. 5:17.
34„Ach, wat hebben wij met U te maken, Yeshua van Nazaret? Bent U gekomen om ons om te brengen? Ik weet wie U bent: de Heilige van Elohim.”
Ἔα
(Ea)
ach
τί
(ti)
wat
ἡμῖν
(hemin)
aan ons
καὶ
(kai)
en
σοί
(soi)
aan U
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
Ναζαρηνέ
(Nazarene)
Nazarener
ἦλθες
(elthes)
bent gekomen
ἀπολέσαι
(apolesai)
om te brengen
ἡμᾶς
(hemas)
ons
οἶδά
(oida)
ik weet
σε
(se)
U
τίς
(tis)
wie
εἶ
(ei)
bent
ὁ
(ho)
de
ἅγιος
(hagios)
Heilige
τοῦ
(tou)
van de
θεοῦ
(theou)
Elohim
Bron: SBLGNT
Plaats
Zie Nazaret: Nazaret (en-Nasira) ligt in Neder-Galilea, ten westen van het meer van Galilea, in het noorden van het huidige Israël.
Uitleg
Ἔα (Ea) is een uitroep van schrik; wij vertalen ‘ach’.
De geest spreekt eerst in het meervoud (‘wij’), daarna in het enkelvoud (‘ik weet’). ὁ ἅγιος τοῦ θεοῦ (ho hagios tou theou), ‘de Heilige van Elohim’: zie Mark. 1:24.
35Yeshua bestrafte hem en zei: „Wees stil en ga uit hem weg.” De demon wierp de man in het midden neer. Toen ging hij uit hem weg, zonder hem enig letsel toe te brengen.
36Verbijstering kwam over allen en zij spraken met elkaar. Zij zeiden: „Wat is dit voor een woord? Met gezag en kracht geeft Hij de onreine geesten bevel, en zij gaan uit.”
37Een gerucht over Hem ging uit naar elke plaats in de omgeving.
καὶ
(kai)
en
ἐξεπορεύετο
(exeporeueto)
ging uit
ἦχος
(echos)
gerucht
περὶ
(peri)
over
αὐτοῦ
(autou)
Hem
εἰς
(eis)
naar
πάντα
(panta)
elke
τόπον
(topon)
plaats
τῆς
(tes)
van de
περιχώρου
(perichorou)
omgeving
Bron: SBLGNT
Yeshua geneest de schoonmoeder van Simon en velen
38Hij stond op, verliet de synagoge en ging het huis van Simon binnen. De schoonmoeder van Simon had hoge koorts, en zij vroegen Hem om haar te helpen.
Ἀναστὰς
(Anastas)
opgestaan
δὲ
(de)
maar
ἀπὸ
(apo)
uit
τῆς
(tes)
de
συναγωγῆς
(synagoges)
synagoge
εἰσῆλθεν
(eiselthen)
ging binnen
εἰς
(eis)
in
τὴν
(ten)
het
οἰκίαν
(oikian)
huis
Σίμωνος
(Simonos)
van Simon
πενθερὰ
(penthera)
schoonmoeder
δὲ
(de)
maar
τοῦ
(tou)
van de
Σίμωνος
(Simonos)
Simon
ἦν
(en)
was
συνεχομένη
(synechomene)
gekweld
πυρετῷ
(pyreto)
door koorts
μεγάλῳ
(megalo)
grote
καὶ
(kai)
en
ἠρώτησαν
(erotesan)
vroegen
αὐτὸν
(auton)
Hem
περὶ
(peri)
over
αὐτῆς
(autes)
haar
Bron: SBLGNT
Uitleg
Simon is Petrus, die in 5:8 Simon Petrus heet.
Lucas noemt de koorts ‘groot’, wij vertalen ‘hoge koorts’.
41Ook gingen demonen uit velen uit. Zij schreeuwden: „U bent de Zoon van Elohim!” Hij bestrafte hen en liet hen niet spreken, omdat zij wisten dat Hij de Messias was.
ἐξήρχετο
(exercheto)
gingen uit
δὲ
(de)
maar
καὶ
(kai)
ook
δαιμόνια
(daimonia)
demonen
ἀπὸ
(apo)
uit
πολλῶν
(pollon)
velen
κραυγάζοντα
(kraugazonta)
schreeuwend
καὶ
(kai)
en
λέγοντα
(legonta)
zeggend
ὅτι
(hoti)
dat
Σὺ
(Sy)
U
εἶ
(ei)
bent
ὁ
(ho)
de
υἱὸς
(huios)
Zoon
τοῦ
(tou)
van de
θεοῦ
(theou)
Elohim
καὶ
(kai)
en
ἐπιτιμῶν
(epitimon)
bestraffend
οὐκ
(ouk)
niet
εἴα
(eia)
liet
αὐτὰ
(auta)
hen
λαλεῖν
(lalein)
spreken
ὅτι
(hoti)
omdat
ᾔδεισαν
(edeisan)
wisten
τὸν
(ton)
de
χριστὸν
(christon)
Messias
αὐτὸν
(auton)
Hem
εἶναι
(einai)
te zijn
Bron: SBLGNT
Uitleg
χριστός (christos), ‘Messias’, de gezalfde: zie 2:11.
De demonen weten wie Hij is, maar Yeshua laat hen niet spreken.
42Toen het dag werd, ging Hij naar buiten en vertrok naar een verlaten plaats. De menigten zochten Hem, kwamen bij Hem en probeerden Hem tegen te houden, zodat Hij niet bij hen wegging.
43Maar Hij zei tegen hen: „Ook aan de andere steden moet Ik de goede boodschap van het koninkrijk van Elohim brengen. Daarvoor ben Ik gezonden.”
ὁ
(ho)
Hij
δὲ
(de)
maar
εἶπεν
(eipen)
zei
πρὸς
(pros)
tot
αὐτοὺς
(autous)
hen
ὅτι
(hoti)
dat
Καὶ
(Kai)
ook
ταῖς
(tais)
aan de
ἑτέραις
(heterais)
andere
πόλεσιν
(polesin)
steden
εὐαγγελίσασθαί
(euangelisasthai)
goede boodschap brengen
με
(me)
mij
δεῖ
(dei)
nodig is
τὴν
(ten)
het
βασιλείαν
(basileian)
koninkrijk
τοῦ
(tou)
van de
θεοῦ
(theou)
Elohim
ὅτι
(hoti)
want
ἐπὶ
(epi)
om
τοῦτο
(touto)
dit
ἀπεστάλην
(apestalen)
ben gezonden
Bron: SBLGNT
Uitleg
βασιλεία τοῦ θεοῦ (basileia tou theou), ‘het koninkrijk van Elohim’: de heerschappij van Elohim, Zijn koningschap dat komt.
Matteüs zegt ‘het koninkrijk van de hemelen’ (Matt. 3:2). δεῖ (dei), ‘het is nodig, Ik moet’: een goddelijke noodzaak. ἀπεστάλην (apestalen), ‘ben Ik gezonden’: van ἀποστέλλω, ‘zenden’.