Elohim Bijbel

Henoch 105

123456789101112131415161718192021222324252627282930313233343536373839404142434445464748495051525354555657585960616263646566676869707172737475767778798081828384858687888990919293949596979899100101102103104105106107108

Yahweh en Zijn Zoon verenigen zich met de rechtvaardigen

Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).

De opdracht aan de kinderen van de aarde

1En in die dagen zei Yahweh dat zij de kinderen van de aarde moesten roepen en over hun wijsheid moesten laten getuigen: „Toon het hun, want jullie zijn hun leiders en een loon over heel de aarde.
ወበእማንቱ
(wäbämantu)
en in die
መዋዕል
(mäwal)
dagen
ይቤ
(yebe)
zei
እግዚእ
(egzi)
Yahweh
ከመ
(kämä)
dat; als
ይጸውዑ
(yetsäwu)
dat zij roepen
ወያስምዑ
(wäyasmu)
en laten getuigen
ለውሉደ
(läwludä)
de kinderen van
ምድር
(medr)
de aarde
በጥበቦሙ
(bätbäbomu)
over hun wijsheid
አርእዩ
(äryu)
toon
ሎሙ
(lomu)
voor hen
እስመ
(esmä)
omdat
አንትሙ
(äntmu)
jullie
መራሕያኒሆሙ
(märahyanihomu)
hun leiders
ወዕሤያተ
(wäseyatä)
en loon
ዲበ
(dibä)
op
ኲላ
(kwila)
heel
ምድር
(medr)
de aarde
Bron: Maṣḥafa Henok (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Enoch, Engelse vertaling uit 1912, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Uitleg

ውሉደ ምድር (‘de kinderen van de aarde’): hier hebben deze woorden volgens de Engelse uitgave van 1912 een goede betekenis, want de boeken van Henoch zijn bedoeld als gids voor hen; in 100:6 zijn zij de zondaars.

Die uitgave rekent dit hoofdstuk daarom niet tot 91–104: ook de Messias, die in vers 2 voorkomt, wordt daar nergens genoemd.

2Want Ik en Mijn Zoon zullen ons voor altijd met hen verenigen op de wegen van de rechtvaardigheid in hun leven; en vrede zal er voor jullie zijn. Verheug jullie, kinderen van de rechtvaardigheid, in waarheid.”
እስመ
(esmä)
omdat
አነ
(änä)
Ik
ወወልድየ
(wäwäldyä)
en Mijn Zoon
ንዴመር
(nedemär)
zullen wij ons verenigen
ምስሌሆሙ
(meslehomu)
met hen
ለዓለም
(läaläm)
voor altijd
በፍናዋተ
(bäfnawatä)
op de wegen van
ርትዕ
(ret)
rechtvaardigheid
በሕይወቶሙ
(bähywätomu)
in hun leven
ወሰላም
(wäsälam)
en vrede
ይከውን
(yekäwn)
zal zijn
ለክሙ
(läkmu)
voor jullie
ተፈሥሑ
(täfäshu)
verheug jullie
ውሉደ
(weludä)
de kinderen van
ርትዕ
(ret)
rechtvaardigheid
በአማን
(bääman)
in waarheid
Bron: Maṣḥafa Henok (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Enoch, Engelse vertaling uit 1912, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Plaats

Zie Ps. 2:7.

Uitleg

ወወልድየ (‘en Mijn Zoon’): volgens de Engelse uitgave van 1912 is dit de Messias; dat de Messias ‘Zoon’ van Elohim heet was in het Jodendom bekend (met verwijzing naar het Vierde boek Ezra) en ligt voor de hand na de vroege messiaanse uitleg van deze psalm. ሰላም (‘vrede’) is volgens die uitgave de bijzondere zegen van de rechtvaardigen, zoals het gemis ervan de vloek van de goddelozen is.

Zie ookPs 2:7