Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).
Het leven van de mens is zwaar werk
1„Heeft een mens op aarde niet harde dienst, en zijn zijn dagen niet als die van een dagloner?
הֲלֹא
(halo)
niet?
צָבָ֣א
(tsava)
dienst
לֶאֱנ֣וֹשׁ
(leenosh)
voor de sterveling
עֲלֵי
(alei)
op
אָ֑רֶץ
(arets)
aarde
וְכִימֵ֖י
(vekhimei)
en als dagen van
שָׂכִ֣יר
(sakhir)
een dagloner
יָמָֽיו
(yamav)
zijn dagen
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
צָבָא (tsava) is ‘dienstplicht, krijgsdienst, zware arbeid’.
Het leven van de mens is een verplichte dienst, zonder eigen keuze.
12Ben ik de zee, of het zeemonster, dat U een wacht tegen mij stelt?
הֲֽיָם
(hayam)
de zee
אָ֭נִי
(ani)
ben ik
אִם
(im)
of
תַּנִּ֑ין
(tanin)
het zeemonster
כִּֽי
(ki)
dat
תָשִׂ֖ים
(tasim)
U stelt
עָלַ֣י
(alay)
over mij
מִשְׁמָֽר
(mishmar)
een wacht
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
יָם (yam) is de zee, תַּנִּין (tannin) het zeemonster; in de oudoosterse verhalen zijn zij de machten van de chaos, die door de godheid worden bedwongen (Ps. 74:13).
Job vraagt: ben ik zo gevaarlijk dat U mij moet bewaken?
20Heb ik gezondigd, wat doe ik U daarmee aan, bewaker van de mens? Waarom hebt U mij tot Uw doelwit gemaakt, zodat ik mezelf tot last ben?
חָטָ֡אתִי
(chatati)
ik heb gezondigd
מָ֤ה
(ma)
wat
אֶפְעַ֨ל
(efal)
doe ik
לָךְ֮
(lakh)
U
נֹצֵ֪ר
(notser)
bewaker van
הָאָ֫דָ֥ם
(haadam)
de mens
לָ֤מָה
(lama)
waarom
שַׂמְתַּ֣נִי
(samtani)
hebt U mij gezet
לְמִפְגָּ֣ע
(lemifga)
tot doelwit
לָ֑ךְ
(lakh)
voor U
וָאֶהְיֶ֖ה
(vaehye)
en ben ik
עָלַ֣י
(alay)
voor mij
לְמַשָּֽׂא
(lemasa)
tot last
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Lezing
עָלַי (alay), ‘voor mij’.
Een oude Joodse overlevering (tikkun soferim, ‘verbetering van de schrijvers’) zegt dat er oorspronkelijk ‘voor U’ (עָלֶיךָ) stond, maar dat de schrijvers dat hebben gewijzigd uit eerbied.
21En waarom vergeeft U mijn overtreding niet en neemt U mijn schuld niet weg? Want nu zal ik in het stof liggen. U zult mij zoeken, maar ik ben er niet meer.”
וּמֶ֤ה
(ume)
en waarom
לֹא
(lo)
niet
תִשָּׂ֣א
(tisa)
vergeeft U
פִשְׁעִי֮
(pishi)
mijn overtreding
וְתַעֲבִ֪יר
(vetaavir)
en neemt U weg
אֶת
(et)
(lijdend voorwerp)
עֲוֺ֫נִ֥י
(avoni)
mijn schuld
כִּֽי
(ki)
want
עַ֭תָּה
(ata)
nu
לֶעָפָ֣ר
(leafar)
in het stof
אֶשְׁכָּ֑ב
(eshkav)
zal ik liggen
וְשִׁ֖חֲרְתַּ֣נִי
(veshichartani)
en zult U mij zoeken
וְאֵינֶֽנִּי
(veeineni)
en ik ben er niet
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
De laatste zin keert de gedachte om: Elohim zal Job zoeken, maar niet meer vinden.