Elohim Bijbel

Jakobus 5

12345

Tegen de rijken, geduld tot de komst van de Heer, gebed en terugbrengen

Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).

Tegen de rijken

1Kom nu, jullie rijken: huil en jammer luid over de ellende die over jullie komt.
Ἄγε
(Age)
kom
νῦν
(nyn)
nu
οἱ
(hoi)
de
πλούσιοι
(plousioi)
rijken
κλαύσατε
(klausate)
huil
ὀλολύζοντες
(ololyzontes)
luid jammerend
ἐπὶ
(epi)
over
ταῖς
(tais)
de
ταλαιπωρίαις
(talaiporiais)
ellende
ὑμῶν
(hymon)
jullie
ταῖς
(tais)
die
ἐπερχομέναις
(eperchomenais)
komende
Bron: SBLGNT
Uitleg

Ἄγε νῦν (age nyn), ‘kom nu’: zie 4:13. ὀλολύζω (ololyzo), ‘luid jammeren’: de klacht bij een ramp; vergelijk Jes. 13:6, ‘Jammer, want de dag van Yahweh is nabij’. ταλαιπωρία (talaipooria), ‘ellende’: hoort bij ταλαιπωρέω in 4:9.

Zie ook Jes. 13:6.

Zie ookJes 13:6
2Jullie rijkdom is verrot en jullie kleren zijn door de mot aangevreten.
ὁ
(ho)
de
πλοῦτος
(ploutos)
rijkdom
ὑμῶν
(hymon)
jullie
σέσηπεν
(sesepen)
is verrot
καὶ
(kai)
en
τὰ
(ta)
de
ἱμάτια
(himatia)
kleren
ὑμῶν
(hymon)
jullie
σητόβρωτα
(setobrota)
door motten aangevreten
γέγονεν
(gegonen)
zijn geworden
Bron: SBLGNT
Uitleg

σήπω (sepo), ‘verrotten’, en σητόβρωτος (setobrotos), ‘door de mot aangevreten’: rijkdom bestond in voorraden en kleding.

Vergelijk Matt. 6:19.

Zie ook Matt. 6:19.

Zie ookMat 6:19
3Jullie goud en zilver zijn verroest. Hun roest zal een getuigenis tegen jullie zijn en jullie vlees opeten als vuur. Jullie hebben schatten verzameld in de laatste dagen.
ὁ
(ho)
het
χρυσὸς
(chrysos)
goud
ὑμῶν
(hymon)
jullie
καὶ
(kai)
en
ὁ
(ho)
het
ἄργυρος
(argyros)
zilver
κατίωται
(katiotai)
zijn verroest
καὶ
(kai)
en
ὁ
(ho)
de
ἰὸς
(ios)
roest
αὐτῶν
(auton)
ervan
εἰς
(eis)
tot
μαρτύριον
(martyrion)
getuigenis
ὑμῖν
(hymin)
tegen jullie
ἔσται
(estai)
zal zijn
καὶ
(kai)
en
φάγεται
(phagetai)
zal opeten
τὰς
(tas)
het
σάρκας
(sarkas)
vlees
ὑμῶν
(hymon)
jullie
ὡς
(hos)
als
πῦρ
(pyr)
vuur
ἐθησαυρίσατε
(ethesaurisate)
jullie hebben schatten verzameld
ἐν
(en)
in
ἐσχάταις
(eschatais)
laatste
ἡμέραις
(hemerais)
dagen
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἰός (ios), ‘roest’: hetzelfde woord betekent in 3:8 ‘gif’. εἰς μαρτύριον ὑμῖν (eis martyrion hymin): de datief kan ‘voor jullie’ of ‘tegen jullie’ betekenen; hier past ‘tegen’.

ὡς πῦρ (hos pyr), ‘als vuur’: de SBLGNT zet er een punt voor, zodat het bij het volgende hoort (‘als vuur hebben jullie schatten verzameld’). Wij verbinden het met het voorgaande: de roest eet jullie vlees op als vuur. ἐν ἐσχάταις ἡμέραις (en eschatais hemerais), ‘in de laatste dagen’: de tijd waarin het oordeel nabij is.

4Zie, het loon van de arbeiders die jullie velden hebben gemaaid, het loon dat door jullie is achtergehouden, schreeuwt. De kreten van de oogsters zijn in de oren van Yahweh van de legermachten gekomen.
ἰδοὺ
(idou)
zie
ὁ
(ho)
het
μισθὸς
(misthos)
loon
τῶν
(ton)
van de
ἐργατῶν
(ergaton)
arbeiders
τῶν
(ton)
die
ἀμησάντων
(amesanton)
maaiden
τὰς
(tas)
de
χώρας
(choras)
velden
ὑμῶν
(hymon)
jullie
ὁ
(ho)
het
ἀφυστερημένος
(aphysteremenos)
achtergehouden
ἀφ’
(aph’)
door
ὑμῶν
(hymon)
jullie
κράζει
(krazei)
schreeuwt
καὶ
(kai)
en
αἱ
(hai)
de
βοαὶ
(boai)
kreten
τῶν
(ton)
van de
θερισάντων
(therisanton)
oogsters
εἰς
(eis)
in
τὰ
(ta)
de
ὦτα
(ota)
oren
Κυρίου
(Kyriou)
van Yahweh
Σαβαὼθ
(Sabaoth)
van de legermachten
εἰσεληλύθασιν
(eiselelythasin)
zijn gekomen
Bron: SBLGNT
Uitleg

Σαβαώθ (Sabaoth) is de Griekse weergave van het Hebreeuwse צְבָאוֹת (tsevaot), ‘legers, legermachten’.

Wij schrijven ‘Yahweh van de legermachten’, zoals in Jes. 1:9.

In Jes. 5:9 staat dezelfde naam bij een eed: ‘In mijn oren heeft Yahweh van de legermachten gezworen’.

Het loon van de dagloner mocht niet worden achtergehouden; zie Lev. 19:13 en Deut. 24:14–15, waar de arbeider tot Yahweh roept. κράζω (krazo), ‘schreeuwen’; βοή (boe), ‘kreet’.

Zie ook Jes. 1:9; Jes. 5:9; Lev. 19:13; Deut. 24:14–15.

5Jullie hebben op aarde in weelde geleefd en uitbundig genoten. Jullie hebben jullie harten gevoed op een dag van slachting.
ἐτρυφήσατε
(etryphesate)
jullie leefden in weelde
ἐπὶ
(epi)
op
τῆς
(tes)
de
γῆς
(ges)
aarde
καὶ
(kai)
en
ἐσπαταλήσατε
(espatalesate)
jullie genoten uitbundig
ἐθρέψατε
(ethrepsate)
jullie voedden
τὰς
(tas)
de
καρδίας
(kardias)
harten
ὑμῶν
(hymon)
jullie
ἐν
(en)
op
ἡμέρᾳ
(hemera)
dag
σφαγῆς
(sphages)
van slachting
Bron: SBLGNT
Uitleg

τρυφάω (tryfao), ‘in weelde leven’, en σπαταλάω (spatalao), ‘uitbundig genieten’. ἐθρέψατε (ethrepsate), ‘voeden’: de harten zijn vetgemest, zoals vee vóór de slacht.

‘Een dag van slachting’ is beeld van het oordeel; vergelijk Jer. 12:3, ‘Zet hen apart voor de dag van het doden’.

Zie ook Jer. 12:3.

Zie ookJer 12:3
6Jullie hebben de rechtvaardige veroordeeld en gemoord. Verzet hij zich niet tegen jullie?
κατεδικάσατε
(katedikasate)
jullie veroordeelden
ἐφονεύσατε
(ephoneusate)
jullie moordden
τὸν
(ton)
de
δίκαιον
(dikaion)
rechtvaardige
οὐκ
(ouk)
niet
ἀντιτάσσεται
(antitassetai)
verzet hij zich
ὑμῖν
(hymin)
tegen jullie
Bron: SBLGNT
Uitleg

δίκαιος (dikaios), ‘rechtvaardige’: de tekst zegt niet wie; het kan elke rechtvaardige zijn, zoals de arme arbeider. ἀντιτάσσεται (antitassetai), ‘zich verzetten’: hetzelfde werkwoord als in 4:6, waar Elohim zich tegen de hoogmoedigen verzet.

De SBLGNT zet een vraagteken: ‘Verzet hij zich niet tegen jullie?’ Zonder vraagteken is het een mededeling: ‘Hij verzet zich niet tegen jullie.’ Het onderwerp (de rechtvaardige of Elohim) is dan niet zeker.

Geduld tot de komst van de Heer

7Heb dus geduld, broers, tot de komst van de Heer. Zie, de boer wacht op de kostbare vrucht van de aarde. Hij heeft er geduld mee, totdat hij de vroege en de late regen ontvangt.
Μακροθυμήσατε
(Makrothymesate)
heb geduld
οὖν
(oun)
dus
ἀδελφοί
(adelphoi)
broers
ἕως
(heos)
tot
τῆς
(tes)
de
παρουσίας
(parousias)
komst
τοῦ
(tou)
van de
κυρίου
(kyriou)
Heer
ἰδοὺ
(idou)
zie
ὁ
(ho)
de
γεωργὸς
(georgos)
boer
ἐκδέχεται
(ekdechetai)
wacht op
τὸν
(ton)
de
τίμιον
(timion)
kostbare
καρπὸν
(karpon)
vrucht
τῆς
(tes)
van de
γῆς
(ges)
aarde
μακροθυμῶν
(makrothymon)
geduld hebbend
ἐπ’
(ep’)
over
αὐτῷ
(auto)
het
ἕως
(heos)
totdat
λάβῃ
(labe)
hij ontvangt
πρόϊμον
(proimon)
vroege
καὶ
(kai)
en
ὄψιμον
(opsimon)
late
Bron: SBLGNT
Uitleg

παρουσία (parousia), ‘komst’: letterlijk ‘aanwezigheid’; het woord voor de komst van een koning.

Het staat ook in Matt. 24:3 voor de komst van de Heer.

κύριος (kyrios): ‘de Heer’ is hier Yeshua. γεωργός (georgos), ‘boer’. πρόϊμον καὶ ὄψιμον (proimon kai opsimon), ‘de vroege en de late’: het woord ‘regen’ staat niet in de SBLGNT, maar wordt bedoeld; vergelijk Deut. 11:14, ‘de vroege en de late regen’.

Zie ook Matt. 24:3; Deut. 11:14.

8Heb ook jullie geduld. Versterk jullie harten, want de komst van de Heer is nabij.
μακροθυμήσατε
(makrothymesate)
heb geduld
καὶ
(kai)
ook
ὑμεῖς
(hymeis)
jullie
στηρίξατε
(sterixate)
versterk
τὰς
(tas)
de
καρδίας
(kardias)
harten
ὑμῶν
(hymon)
jullie
ὅτι
(hoti)
want
ἡ
(he)
de
παρουσία
(parousia)
komst
τοῦ
(tou)
van de
κυρίου
(kyriou)
Heer
ἤγγικεν
(engiken)
is nabij
Bron: SBLGNT
Uitleg

στηρίζω (sterizo), ‘versterken’. ἤγγικεν (engiken), ‘is nabij gekomen’: het werkwoord uit Matt. 3:2.

Zie ookMat 3:2
9Klaag niet over elkaar, broers, zodat jullie niet geoordeeld worden. Zie, de rechter staat voor de deuren.
μὴ
(me)
niet
στενάζετε
(stenazete)
klaag
ἀδελφοί
(adelphoi)
broers
κατ’
(kat’)
over
ἀλλήλων
(allelon)
elkaar
ἵνα
(hina)
opdat
μὴ
(me)
niet
κριθῆτε
(krithete)
jullie geoordeeld worden
ἰδοὺ
(idou)
zie
ὁ
(ho)
de
κριτὴς
(krites)
rechter
πρὸ
(pro)
voor
τῶν
(ton)
de
θυρῶν
(thyron)
deuren
ἕστηκεν
(hesteken)
staat
Bron: SBLGNT
Uitleg

στενάζω (stenazo), ‘zuchten, kreunen’: hier klagen over elkaar.

‘De rechter staat voor de deuren’: vergelijk Matt. 24:33, ‘nabij, voor de deur’.

Zie ook Matt. 24:33.

Zie ookMat 24:33
10Neem de profeten, die in de naam van Yahweh gesproken hebben, als voorbeeld van lijden en geduld, broers.
ὑπόδειγμα
(hypodeigma)
voorbeeld
λάβετε
(labete)
neem
ἀδελφοί
(adelphoi)
broers
τῆς
(tes)
van het
κακοπαθίας
(kakopathias)
lijden
καὶ
(kai)
en
τῆς
(tes)
van het
μακροθυμίας
(makrothymias)
geduld
τοὺς
(tous)
de
προφήτας
(prophetas)
profeten
οἳ
(hoi)
die
ἐλάλησαν
(elalesan)
spraken
ἐν
(en)
in
τῷ
(to)
de
ὀνόματι
(onomati)
naam
κυρίου
(kyriou)
van Yahweh
Bron: SBLGNT
Uitleg

ὑπόδειγμα (hypodeigma), ‘voorbeeld’. κακοπαθία (kakopathia), ‘lijden’: kwalijke behandeling. κύριος (kyrios): ‘in de naam van Yahweh’ is de gewone formule voor wie namens Elohim spreekt.

11Zie, wij prijzen hen gelukkig die volhard hebben. Jullie hebben van de volharding van Job gehoord en het einde van Yahweh gezien: Yahweh is vol ontferming en barmhartig.
ἰδοὺ
(idou)
zie
μακαρίζομεν
(makarizomen)
prijzen wij gelukkig
τοὺς
(tous)
de
ὑπομείναντας
(hypomeinantas)
volhard hebbenden
τὴν
(ten)
de
ὑπομονὴν
(hypomonen)
volharding
Ἰὼβ
(Iob)
Job
ἠκούσατε
(ekousate)
jullie hebben gehoord
καὶ
(kai)
en
τὸ
(to)
het
τέλος
(telos)
einde
κυρίου
(kyriou)
van Yahweh
εἴδετε
(eidete)
jullie hebben gezien
ὅτι
(hoti)
dat
πολύσπλαγχνός
(polysplanchnos)
vol ontferming
ἐστιν
(estin)
is
ὁ
(ho)
de
κύριος
(kyrios)
Yahweh
καὶ
(kai)
en
οἰκτίρμων
(oiktirmon)
barmhartig
Bron: SBLGNT
Uitleg

μακαρίζω (makarizo), ‘gelukkig prijzen’.

Job: zie Job 1:21–22; 2:10; 42:10–12.

Het woord ὑπομονή (hypomone), ‘volharding’, is hetzelfde als in 1:3–4.

τὸ τέλος κυρίου (to telos kyriou), letterlijk ‘het einde van Yahweh’: de afloop die Yahweh gaf; vergelijk Job 42:10, waar Yahweh Jobs lot keert. πολύσπλαγχνος (polysplanchnos), ‘vol ontferming’: letterlijk ‘rijk aan innerlijk medelijden’. οἰκτίρμων (oiktirmon), ‘barmhartig’: vergelijk Ps. 103:8 en Exod. 34:6, ‘barmhartig en genadig’.

Zie ook Job 1:21–22; Job 2:10; Job 42:10; Ps. 103:8; Exod. 34:6.

Niet zweren

12Maar vóór alles, mijn broers: zweer niet, niet bij de hemel, niet bij de aarde en met geen enkele andere eed. Laat jullie „ja, ja” zijn en jullie „nee, nee”, zodat jullie niet onder het oordeel vallen.
Πρὸ
(Pro)
vóór
πάντων
(panton)
alles
δέ
(de)
maar
ἀδελφοί
(adelphoi)
broers
μου
(mou)
mijn
μὴ
(me)
niet
ὀμνύετε
(omnyete)
zweer
μήτε
(mete)
noch
τὸν
(ton)
de
οὐρανὸν
(ouranon)
hemel
μήτε
(mete)
noch
τὴν
(ten)
de
γῆν
(gen)
aarde
μήτε
(mete)
noch
ἄλλον
(allon)
andere
τινὰ
(tina)
enige
ὅρκον
(horkon)
eed
ἤτω
(eto)
laat zijn
δὲ
(de)
maar
ὑμῶν
(hymon)
jullie
τὸ
(to)
het
Ναὶ
(Nai)
ja
ναὶ
(nai)
ja
καὶ
(kai)
en
τὸ
(to)
het
Οὒ
(Ou)
nee
οὔ
(ou)
nee
ἵνα
(hina)
opdat
μὴ
(me)
niet
ὑπὸ
(hypo)
onder
κρίσιν
(krisin)
oordeel
πέσητε
(pesete)
jullie vallen
Bron: SBLGNT
Uitleg

Yeshua zegt hetzelfde in Matt. 5:34–37. ὀμνύω (omnyo), ‘zweren’, ὅρκος (horkos), ‘eed’. ὑπὸ κρίσιν (hypo krisin), ‘onder het oordeel’: onder oordeel vallen, veroordeeld worden.

Zie ook Matt. 5:34–37.

Lezing

Voor de slotwoorden ‘onder het oordeel’ verschillen sommige oude handschriften; wij volgen de SBLGNT.

Lijden, ziekte en gebed

13Lijdt iemand onder jullie? Laat hij bidden. Is iemand opgewekt? Laat hij een lofzang zingen.
Κακοπαθεῖ
(Kakopathei)
lijdt
τις
(tis)
iemand
ἐν
(en)
onder
ὑμῖν
(hymin)
jullie
προσευχέσθω
(proseuchestho)
laat bidden
εὐθυμεῖ
(euthymei)
is opgewekt
τις
(tis)
iemand
ψαλλέτω
(psalleto)
laat lofzang zingen
Bron: SBLGNT
Uitleg

κακοπαθέω (kakopatheo), ‘lijden’. εὐθυμέω (euthymeo), ‘opgewekt zijn’. ψάλλω (psallo), ‘een lofzang zingen’: letterlijk ‘aan de snaren trekken’, dus zingen met begeleiding.

14Is iemand onder jullie ziek? Laat hij de ouderlingen van de gemeente bij zich roepen. Laten zij over hem bidden en hem met olie zalven in de naam van de Heer.
ἀσθενεῖ
(asthenei)
is ziek
τις
(tis)
iemand
ἐν
(en)
onder
ὑμῖν
(hymin)
jullie
προσκαλεσάσθω
(proskalesastho)
laat roepen
τοὺς
(tous)
de
πρεσβυτέρους
(presbyterous)
ouderlingen
τῆς
(tes)
van de
ἐκκλησίας
(ekklesias)
gemeente
καὶ
(kai)
en
προσευξάσθωσαν
(proseuxasthosan)
laten bidden
ἐπ’
(ep’)
over
αὐτὸν
(auton)
hem
ἀλείψαντες
(aleipsantes)
zalvend
αὐτὸν
(auton)
hem
ἐλαίῳ
(elaio)
met olie
ἐν
(en)
in
τῷ
(to)
de
ὀνόματι
(onomati)
naam
τοῦ
(tou)
van de
κυρίου
(kyriou)
Heer
Bron: SBLGNT
Uitleg

πρεσβύτεροι (presbyteroi), ‘ouderlingen’: zo vertalen wij het ook in Handelingen. ἀσθενέω (astheneo), ‘ziek zijn’: letterlijk ‘zwak zijn’. ἀλείφω (aleifo), ‘zalven’: met olie insmeren; vergelijk Mark. 6:13. ἐκκλησία (ekklesia), ‘gemeente’.

τοῦ κυρίου (tou kyriou), ‘van de Heer’: wij schrijven ‘de Heer’ en bedoelen Yeshua; het Grieks zegt het niet uitdrukkelijk.

Zie ook Mark. 6:13; Hand. 15:2.

15En het gebed van het geloof zal de zieke redden, en de Heer zal hem oprichten. En als hij zonden heeft gedaan, zal het hem vergeven worden.
καὶ
(kai)
en
ἡ
(he)
het
εὐχὴ
(euche)
gebed
τῆς
(tes)
van het
πίστεως
(pisteos)
geloof
σώσει
(sosei)
zal redden
τὸν
(ton)
de
κάμνοντα
(kamnonta)
zieke
καὶ
(kai)
en
ἐγερεῖ
(egerei)
zal oprichten
αὐτὸν
(auton)
hem
ὁ
(ho)
de
κύριος
(kyrios)
Heer
κἂν
(kan)
en als
ἁμαρτίας
(hamartias)
zonden
ᾖ
(e)
hij is
πεποιηκώς
(pepoiekos)
gedaan hebbend
ἀφεθήσεται
(aphethesetai)
zal vergeven worden
αὐτῷ
(auto)
hem
Bron: SBLGNT
Uitleg

σῴζω (sozo), ‘redden’: ook ‘genezen’; hier gaat het om de zieke. ἐγείρω (egeiro), ‘oprichten’: ook ‘opwekken’. κάμνω (kamno), ‘ziek zijn, uitgeput zijn’. εὐχή (euche), ‘gebed’: ook ‘gelofte’.

16Belijd dus elkaar de zonden en bid voor elkaar, zodat jullie genezen worden. Veel vermag het gebed van een rechtvaardige, als het werkzaam is.
ἐξομολογεῖσθε
(exomologeisthe)
belijd
οὖν
(oun)
dus
ἀλλήλοις
(allelois)
aan elkaar
τὰς
(tas)
de
ἁμαρτίας
(hamartias)
zonden
καὶ
(kai)
en
εὔχεσθε
(euchesthe)
bid
ὑπὲρ
(hyper)
voor
ἀλλήλων
(allelon)
elkaar
ὅπως
(hopos)
opdat
ἰαθῆτε
(iathete)
jullie genezen worden
πολὺ
(poly)
veel
ἰσχύει
(ischyei)
vermag
δέησις
(deesis)
gebed
δικαίου
(dikaiou)
van een rechtvaardige
ἐνεργουμένη
(energoumene)
werkzaam
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἐξομολογέω (exomologeo), ‘belijden’: hardop erkennen. ἁμαρτία (hamartia) is ‘zonde’; wij schrijven ‘zonden’.

Lezing

Voor ‘de zonden’ verschillen sommige oude handschriften; wij volgen de SBLGNT.

ἐνεργουμένη (energoumene), ‘werkzaam’: dit deelwoord kan ook ‘krachtig werkend’ betekenen, of ‘wanneer het in werking wordt gezet’.

17Elia was een mens met dezelfde aard als wij. Hij bad vurig dat het niet zou regenen, en het regende drie jaar en zes maanden niet op de aarde.
Ἠλίας
(Elias)
Elia
ἄνθρωπος
(anthropos)
mens
ἦν
(en)
was
ὁμοιοπαθὴς
(homoiopathes)
van dezelfde aard
ἡμῖν
(hemin)
als wij
καὶ
(kai)
en
προσευχῇ
(proseuche)
met gebed
προσηύξατο
(proseyxato)
bad
τοῦ
(tou)
dat
μὴ
(me)
niet
βρέξαι
(brexai)
het zou regenen
καὶ
(kai)
en
οὐκ
(ouk)
niet
ἔβρεξεν
(ebrexen)
het regende
ἐπὶ
(epi)
op
τῆς
(tes)
de
γῆς
(ges)
aarde
ἐνιαυτοὺς
(eniautous)
jaren
τρεῖς
(treis)
drie
καὶ
(kai)
en
μῆνας
(menas)
maanden
ἕξ
(hex)
zes
Bron: SBLGNT
Uitleg

ὁμοιοπαθής (homoiopathes), ‘van dezelfde aard’: zo vertalen wij het ook in Hand. 14:15. προσευχῇ προσηύξατο (proseuche proseuxato), letterlijk ‘bad met gebed’: een Hebreeuwse wending voor ‘bad vurig’.

De droogte kondigt Elia aan in 1 Kon. 17:1; een gebed staat daar niet bij.

De duur van drie jaar en zes maanden noemt ook Luc. 4:25; in 1 Kon. 18:1 komt de regen ‘in het derde jaar’.

Zie ook 1 Kon. 17:1; 1 Kon. 18:1; Luc. 4:25.

18En hij bad opnieuw, en de hemel gaf regen en de aarde bracht haar vrucht voort.
καὶ
(kai)
en
πάλιν
(palin)
opnieuw
προσηύξατο
(proseyxato)
bad hij
καὶ
(kai)
en
ὁ
(ho)
de
οὐρανὸς
(ouranos)
hemel
ὑετὸν
(hyeton)
regen
ἔδωκεν
(edoken)
gaf
καὶ
(kai)
en
ἡ
(he)
de
γῆ
(ge)
aarde
ἐβλάστησεν
(eblastesen)
liet spruiten
τὸν
(ton)
de
καρπὸν
(karpon)
vrucht
αὐτῆς
(autes)
haar
Bron: SBLGNT
Uitleg

Elia bidt op de Karmel en de regen komt: 1 Kon. 18:42–45. ἐβλάστησεν (eblastesen), ‘liet spruiten’: de aarde laat haar gewas uitlopen.

Zie ook 1 Kon. 18:42; 1 Kon. 18:45.

Wie afdwaalt terugbrengen

19Mijn broers, als iemand onder jullie van de waarheid afdwaalt en iemand brengt hem terug,
Ἀδελφοί
(Adelphoi)
broers
μου
(mou)
mijn
ἐάν
(ean)
als
τις
(tis)
iemand
ἐν
(en)
onder
ὑμῖν
(hymin)
jullie
πλανηθῇ
(planethe)
afdwaalt
ἀπὸ
(apo)
van
τῆς
(tes)
de
ἀληθείας
(aletheias)
waarheid
καὶ
(kai)
en
ἐπιστρέψῃ
(epistrepse)
terugbrengt
τις
(tis)
iemand
αὐτόν
(auton)
hem
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἐπιστρέφω (epistrefo), ‘terugbrengen’: ook ‘omkeren, zich bekeren’.

De zin begint in vers 19 met ‘als’ en loopt door in vers 20.

Zie ookJak 5:20
20dan moet hij weten: wie een zondaar terugbrengt van de dwaling van zijn weg, zal zijn ziel van de dood redden. Hij zal een menigte zonden bedekken.
γινωσκέτω
(ginosketo)
laat hij weten
ὅτι
(hoti)
dat
ὁ
(ho)
de
ἐπιστρέψας
(epistrepsas)
teruggebracht hebbende
ἁμαρτωλὸν
(hamartolon)
zondaar
ἐκ
(ek)
van
πλάνης
(planes)
dwaling
ὁδοῦ
(hodou)
weg
αὐτοῦ
(autou)
zijn
σώσει
(sosei)
zal redden
ψυχὴν
(psychen)
ziel
αὐτοῦ
(autou)
zijn
ἐκ
(ek)
van
θανάτου
(thanatou)
dood
καὶ
(kai)
en
καλύψει
(kalypsei)
zal bedekken
πλῆθος
(plethos)
menigte
ἁμαρτιῶν
(hamartion)
van zonden
Bron: SBLGNT
Uitleg

ψυχὴν αὐτοῦ (psychen autou), ‘zijn ziel’: de ziel van de teruggebrachte zondaar, of van degene die hem terugbrengt; het Grieks laat dat open.

Wij houden ‘zijn ziel’.

‘Een menigte zonden bedekken’ is een beeld uit Spr. 10:12, ‘liefde bedekt alle overtredingen’.

De brief eindigt hier zonder slotgroet.

Het ‘dan’ aan het begin is ons toegevoegd om vers 19 en 20 aan elkaar te knopen.

Zie ook Spr. 10:12.