Elohim Bijbel

Jesaja 20

123456789101112131415161718192021222324252627282930313233343536373839404142434445464748495051525354555657585960616263646566

Jesaja gaat drie jaar naakt en barrevoets: een teken voor Egypte en Kush

Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).

De val van Asdod

1In het jaar dat de Tartan naar Asdod kwam, gestuurd door Sargon, de koning van Assyrië, streed hij tegen Asdod en nam het in.
בִּשְׁנַ֨ת
(bishnat)
in het jaar van
בֹּ֤א
(bo)
komen
תַרְתָּן֙
(tartan)
Tartan
אַשְׁדּ֔וֹדָה
(ashdoda)
naar Asdod
בִּשְׁלֹ֣ח
(bishloch)
bij het sturen
אֹת֔וֹ
(oto)
hem
סַֽרְג֖וֹן
(sargon)
Sargon
מֶ֣לֶךְ
(melekh)
koning van
אַשּׁ֑וּר
(ashur)
Assyrië
וַיִּלָּ֥חֶם
(vayilachem)
en hij streed
בְּאַשְׁדּ֖וֹד
(beashdod)
tegen Asdod
וַֽיִּלְכְּדָֽהּ
(vayilkedah)
en hij nam het in
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Plaats

Zie Asdod: Asdod lag aan de kust van de Middellandse Zee, tussen Askelon en Jafo.

Zie Assur: Assur is een stad en een gebied aan de Tigris, in het noorden van het huidige Irak.

Uitleg

תַּרְתָּן (Tartan): geen eigennaam maar de titel van een hoge Assyrische legerleider, zoals in 2 Kon. 18:17.

Hij wordt hier gestuurd door Sargon, de koning van Assyrië.

Deze koning wordt alleen hier in de Bijbel bij naam genoemd.

אַשְׁדּוֹד (Ashdod), ‘Asdod’: een stad van de Filistijnen, aan de kust.

Het vers geeft de tijd aan: het teken van Jesaja valt in de jaren rond de val van Asdod.

Jesaja gaat naakt en barrevoets

2In die tijd sprak Yahweh door Jesaja, de zoon van Amoz. Hij zei: „Ga, maak het rouwkleed van je heupen los en trek de sandalen van je voeten.” Hij deed dat en liep naakt en barrevoets.
בָּעֵ֣ת
(baet)
in de tijd
הַהִ֗יא
(hahi)
die
דִּבֶּ֣ר
(diber)
sprak
יְהוָה֮
(Yahweh)
Yahweh
בְּיַ֣ד
(beyad)
door de hand van
יְשַׁעְיָ֣הוּ
(yeshayahu)
Jesaja
בֶן
(ben)
zoon van
אָמוֹץ֮
(amots)
Amoz
לֵאמֹר֒
(lemor)
zeggende
לֵ֗ךְ
(lekh)
ga
וּפִתַּחְתָּ֤
(ufitachta)
en maak los
הַשַּׂק֙
(hasaq)
het rouwkleed
מֵעַ֣ל
(meal)
van
מָתְנֶ֔יךָ
(mateneikha)
je heupen
וְנַעַלְךָ֥
(venaalkha)
en je sandaal
תַחֲלֹ֖ץ
(tachalots)
trek uit
מֵעַ֣ל
(meal)
van
רַגְלֶ֑יךָ
(ragleikha)
je voeten
וַיַּ֣עַשׂ
(vayaas)
en hij deed
כֵּ֔ן
(ken)
zo
הָלֹ֖ךְ
(halokh)
lopend
עָר֥וֹם
(arom)
naakt
וְיָחֵֽף
(veyachef)
en barrevoets
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

שַׂק (saq), ‘rouwkleed’: een ruw kleed dat men bij rouw en boete droeg; zie Joël 1:8 en Jona 3:5.

Jesaja draagt het al en moet het nu uitdoen.

עָרוֹם (arom), ‘naakt’: dat kan betekenen dat hij geen bovenkleed droeg en alleen een onderkleed. Vergelijk 1 Sam. 19:24, waar Saul zijn kleren uittrekt en ‘naakt’ ligt.

בְּיַד יְשַׁעְיָהוּ (beyad Yesha’yahu), ‘door Jesaja’: letterlijk ‘door de hand van Jesaja’. Dit is een gewone zegswijze voor ‘door middel van’.

Yahweh spreekt hier tot Jesaja; Zijn opdracht staat rood.

3Yahweh zei: „Zoals Mijn knecht Jesaja naakt en barrevoets is gegaan, drie jaar lang, als teken en wonder voor Egypte en Kush,
וַיֹּ֣אמֶר
(vayomer)
en zei
יְהוָ֔ה
(Yahweh)
Yahweh
כַּאֲשֶׁ֥ר
(kaasher)
zoals
הָלַ֛ךְ
(halakh)
is gegaan
עַבְדִּ֥י
(avdi)
Mijn knecht
יְשַׁעְיָ֖הוּ
(yeshayahu)
Jesaja
עָר֣וֹם
(arom)
naakt
וְיָחֵ֑ף
(veyachef)
en barrevoets
שָׁלֹ֤שׁ
(shalosh)
drie
שָׁנִים֙
(shanim)
jaar
א֣וֹת
(ot)
teken
וּמוֹפֵ֔ת
(umofet)
en wonder
עַל
(al)
over
מִצְרַ֖יִם
(mitsrayim)
Egypte
וְעַל
(veal)
en over
כּֽוּשׁ
(kush)
Kush
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Plaats

Zie Egypte: Egypte ligt rond de Nijl, van de delta aan de Middellandse Zee tot ver naar het zuiden.

Zie Kush: Kush was het gebied ten zuiden van Egypte, Nubië, het huidige Noord-Soedan.

Uitleg

עַבְדִּי (avdi), ‘Mijn knecht’: Jesaja heet hier ‘Mijn knecht’, met een kleine letter bij ‘knecht’.

Het is een eretitel voor iemand die Yahweh dient.

Het is niet de ‘Knecht’ van de knechtsliederen verderop in het boek.

שָׁלֹשׁ שָׁנִים (shalosh shanim), ‘drie jaar’: het Hebreeuws laat open of Jesaja drie jaar lang naakt ging, of dat het teken drie jaar lang gold. Wij kiezen het eerste, en zetten de woorden zo dat de tweede lezing mogelijk blijft.

אוֹת וּמוֹפֵת (ot umofet), ‘teken en wonder’: een teken dat een gebeurtenis aankondigt.

כּוּשׁ (Kush) ligt ten zuiden van Egypte, in het gebied van het huidige Soedan; zie ook 2 Kon. 19:9.

4zo zal de koning van Assyrië de gevangenen van Egypte en de ballingen van Kush wegvoeren. Jongens en oude mannen gaan naakt en barrevoets, met ontblote billen, tot schande van Egypte.”
כֵּ֣ן
(ken)
zo
יִנְהַ֣ג
(yinhag)
zal wegvoeren
מֶֽלֶךְ
(melekh)
koning van
אַ֠שּׁוּר
(ashur)
Assyrië
אֶת
(et)
(obj.)
שְׁבִ֨י
(shevi)
gevangenen van
מִצְרַ֜יִם
(mitsrayim)
Egypte
וְאֶת
(veet)
en (obj.)
גָּל֥וּת
(galut)
ballingen van
כּ֛וּשׁ
(kush)
Kush
נְעָרִ֥ים
(nearim)
jongens
וּזְקֵנִ֖ים
(uzeqenim)
en oude mannen
עָר֣וֹם
(arom)
naakt
וְיָחֵ֑ף
(veyachef)
en barrevoets
וַחֲשׂוּפַ֥י
(vachasufay)
en ontbloot van
שֵׁ֖ת
(shet)
billen
עֶרְוַ֥ת
(ervat)
schande van
מִצְרָֽיִם
(mitsrayim)
Egypte
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Plaats

Zie Assur: Assur is een stad en een gebied aan de Tigris, in het noorden van het huidige Irak.

Zie Egypte: Egypte ligt rond de Nijl, van de delta aan de Middellandse Zee tot ver naar het zuiden.

Zie Kush: Kush was het gebied ten zuiden van Egypte, Nubië, het huidige Noord-Soedan.

Uitleg

שְׁבִי (shevi), ‘gevangenen’, en גָּלוּת (galut), ‘ballingen’: mensen die in de oorlog gevangen zijn genomen en worden weggevoerd.

שֵׁת (shet), ‘billen’: het woord komt alleen hier voor. De betekenis ‘billen’ ligt voor de hand.

עֶרְוַת מִצְרָיִם (ervat Mitsrayim), ‘tot schande van Egypte’: letterlijk ‘de naaktheid van Egypte’. Het slot van de zin laat zien dat het hier om schande gaat.

Beschaamd om hun hoop

5Zij zullen ontzet en beschaamd zijn vanwege Kush, hun hoop, en vanwege Egypte, hun trots.
וְחַתּ֖וּ
(vechatu)
en zij worden ontzet
וָבֹ֑שׁוּ
(vavoshu)
en beschaamd
מִכּוּשׁ֙
(mikush)
vanwege Kush
מַבָּטָ֔ם
(mabatam)
hun hoop
וּמִן
(umin)
en vanwege
מִצְרַ֖יִם
(mitsrayim)
Egypte
תִּפְאַרְתָּֽם
(tifartam)
hun trots
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Plaats

Zie Kush: Kush was het gebied ten zuiden van Egypte, Nubië, het huidige Noord-Soedan.

Zie Egypte: Egypte ligt rond de Nijl, van de delta aan de Middellandse Zee tot ver naar het zuiden.

Uitleg

מַבָּט (mabbat), ‘hoop’: letterlijk ‘waar men naar uitkijkt’.

Het gaat om de volken waarop men vertrouwde.

Het Hebreeuws zegt niet wie met ‘zij’ bedoeld wordt; vers 6 wijst op de bewoners van de kust.

De woorden van vers 5 en 6 zijn van de profeet en staan zwart. Het Hebreeuws laat open of vers 5 nog bij de woorden van Yahweh hoort.

6Op die dag zal de bewoner van deze kuststreek zeggen: „Zie, zo is het met onze hoop. Daarheen vluchtten wij om hulp, om bevrijd te worden van de koning van Assyrië. En hoe zullen wij ontkomen?”
וְ֠אָמַר
(veamar)
en zal zeggen
יֹשֵׁ֨ב
(yoshev)
bewoner van
הָאִ֣י
(hai)
de kuststreek
הַזֶּה֮
(haze)
deze
בַּיּ֣וֹם
(bayom)
op de dag
הַהוּא֒
(hahu)
die
הִנֵּה
(hine)
zie
כֹ֣ה
(ko)
zo
מַבָּטֵ֗נוּ
(mabatenu)
onze hoop
אֲשֶׁר
(asher)
waarheen
נַ֤סְנוּ
(nasnu)
wij vluchtten
שָׁם֙
(sham)
daar
לְעֶזְרָ֔ה
(leezra)
om hulp
לְהִ֨נָּצֵ֔ל
(lehinatsel)
om bevrijd te worden
מִפְּנֵ֖י
(mipenei)
van
מֶ֣לֶךְ
(melekh)
de koning van
אַשּׁ֑וּר
(ashur)
Assyrië
וְאֵ֖יךְ
(veeikh)
en hoe
נִמָּלֵ֥ט
(nimalet)
zullen wij ontkomen
אֲנָֽחְנוּ
(anachenu)
wij
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Plaats

Zie Assur: Assur is een stad en een gebied aan de Tigris, in het noorden van het huidige Irak.

Uitleg

אִי (i), ‘kuststreek’: het woord betekent ‘eiland’ of ‘kustland’.

Waarschijnlijk is de kust van het land van de Filistijnen bedoeld, bij Asdod.

Dat is niet zeker.

De spreker is hier een bewoner van de kust. Dit is een woord van mensen en staat dus zwart.