Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).
Het opschrift
1De woorden van Amos, een van de schapenhouders uit Tekoa. Hij kreeg ze te zien over Israël, in de dagen van Uzzia, koning van Juda, en in de dagen van Jerobeam, koning van Israël, de zoon van Joas. Dat was twee jaar vóór de aardbeving.
דִּבְרֵ֣י
(divrei)
de woorden van
עָמ֔וֹס
(amos)
Amos
אֲשֶׁר
(asher)
die
הָיָ֥ה
(haya)
was
בַנֹּקְדִ֖ים
(banoqedim)
onder de schapenhouders
מִתְּק֑וֹעַ
(miteqoa)
van Tekoa
אֲשֶׁר֩
(asher)
die
חָזָ֨ה
(chaza)
hij zag
עַל
(al)
over
יִשְׂרָאֵ֜ל
(yisrael)
Israël
בִּימֵ֣י
(bimei)
in de dagen van
עֻזִיָּ֣ה
(uziya)
Uzzia
מֶֽלֶךְ
(melekh)
koning van
יְהוּדָ֗ה
(yehuda)
Juda
וּבִימֵ֞י
(uvimei)
en in de dagen van
יָרָבְעָ֤ם
(yaraveam)
Jerobeam
בֶּן
(ben)
zoon van
יוֹאָשׁ֙
(yoash)
Joas
מֶ֣לֶךְ
(melekh)
koning van
יִשְׂרָאֵ֔ל
(yisrael)
Israël
שְׁנָתַ֖יִם
(shenatayim)
twee jaar
לִפְנֵ֥י
(lifnei)
vóór
הָרָֽעַשׁ
(haraash)
de aardbeving
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Plaats
Zie Tekoa: Tekoa (Khirbet Tuqu') lag ongeveer 17 km ten zuiden van Jeruzalem, in het bergland van Juda.
Uitleg
נֹקֵד (noqed), ‘schapenhouder’: iemand met grote kudden schapen.
Hetzelfde woord staat in 2 Kon. 3:4.
In Amos 7:14 noemt Amos zichzelf herder.
חָזָה (chazah), ‘zien’: Amos ‘zag’ deze woorden. Dit is het werkwoord voor wat een profeet in een visioen ontvangt.
עֻזִיָּה (Uzzia) heet in 2 Kon. 15:1 Azaria; zie ook 2 Kron. 26. Jerobeam, de zoon van Joas, is Jerobeam II (2 Kon. 14:23–29); in 2 Kon. 14:25 wordt ook de profeet Jona uit zijn tijd genoemd.
הָרָעַשׁ (haraash), ‘de aardbeving’: de tekst zegt niet wanneer die was. Zie ook Zach. 14:5.
3Zo zegt Yahweh: „Om drie overtredingen van Damascus, en om vier, zal Ik het niet terugnemen: omdat zij Gilead hebben gedorst met dorssleden van ijzer.
כֹּ֚ה
(ko)
zo
אָמַ֣ר
(amar)
zegt
יְהוָ֔ה
(Yahweh)
Yahweh
עַל
(al)
om
שְׁלֹשָׁה֙
(shelosha)
drie
פִּשְׁעֵ֣י
(pishei)
overtredingen van
דַמֶּ֔שֶׂק
(dameseq)
Damascus
וְעַל
(veal)
en om
אַרְבָּעָ֖ה
(arbaa)
vier
לֹ֣א
(lo)
niet
אֲשִׁיבֶ֑נּוּ
(ashivenu)
zal Ik het terugnemen
עַל
(al)
omdat
דּוּשָׁ֛ם
(dusham)
hun dorsen
בַּחֲרֻצ֥וֹת
(bacharutsot)
met dorssleden van
הַבַּרְזֶ֖ל
(habarzel)
ijzer
אֶת
(et)
(obj.)
הַגִּלְעָֽד
(hagilad)
Gilead
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Plaats
Zie Damascus: Damascus ligt aan de voet van het Antilibanon, in het huidige Syrië.
Zie Gilead: Gilead is het bergland ten oosten van de Jordaan, tussen de Jarmoek en de Dode Zee.
Uitleg
‘Om drie overtredingen … en om vier’ (עַל שְׁלֹשָׁה … וְעַל אַרְבָּעָה): een vast spreekpatroon, eerst een getal en dan het volgende getal.
Het wijst op een volle maat.
Zie ook Spr. 6:16; 30:15.
אֲשִׁיבֶנּוּ (ashivennu), ‘Ik zal het terugnemen’: letterlijk ‘Ik zal het laten terugkeren’. Er staat niet wat ‘het’ is. Wij lezen: het besluit om te straffen.
חֲרֻצּוֹת (charutsot), ‘dorssleden’: zware sleden met scherpe stukken ijzer eronder, waarmee graan gedorst wordt. Hier staat het beeld voor wreed geweld tegen Gilead. Zie ook 2 Kon. 10:32–33; 13:7.
5Ik zal de grendel van Damascus breken. Ik zal de bewoner uitroeien uit het dal van Awen, en hem die de scepter vasthoudt uit Bet-Eden. Het volk van Aram zal in ballingschap gaan naar Kir, zegt Yahweh.”
וְשָֽׁבַרְתִּי֙
(veshavarti)
en Ik zal breken
בְּרִ֣יחַ
(beriach)
de grendel van
דַּמֶּ֔שֶׂק
(dameseq)
Damascus
וְהִכְרַתִּ֤י
(vehikhrati)
en Ik zal uitroeien
יוֹשֵׁב֙
(yoshev)
de bewoner
מִבִּקְעַת
(mibiqat)
uit het dal van
אָ֔וֶן
(aven)
Awen
וְתוֹמֵ֥ךְ
(vetomekh)
en hem die vasthoudt
שֵׁ֖בֶט
(shevet)
de scepter
מִבֵּ֣ית
(mibeit)
uit het huis van
עֶ֑דֶן
(eden)
Eden
וְגָל֧וּ
(vegalu)
en zal in ballingschap gaan
עַם
(am)
het volk van
אֲרָ֛ם
(aram)
Aram
קִ֖ירָה
(qira)
naar Kir
אָמַ֥ר
(amar)
zegt
יְהוָֽה
(Yahweh)
Yahweh
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Plaats
Zie Damascus: Damascus ligt aan de voet van het Antilibanon, in het huidige Syrië.
Zie Bet-Eden (Bit-Adini?; ligging onzeker): Bet-Eden is een Aramese staat, Bit-Adini, aan de Eufraat in het noorden van Syrië, met Til-Barsip (Tell Ahmar) als hoofdstad.
Dit is niet zeker.
Zie Aram: Aram is het gebied van de Arameeërs, in het huidige Syrië.
Uitleg
בְּרִיחַ (beriach), ‘grendel’: de balk waarmee een stadspoort wordt gesloten.
Als de grendel breekt, is de stad onbeschermd.
בִּקְעַת אָוֶן (Biq’at Aven), ‘dal van Awen’: אָוֶן (aven) betekent ‘onheil’. De ligging van dit dal is onzeker.
בֵּית עֶדֶן (Beit Eden), ‘Bet-Eden’, letterlijk ‘huis van Eden’: een Aramese streek of stad. De ligging is onzeker.
תּוֹמֵךְ שֵׁבֶט (tomekh shevet), ‘hij die de scepter vasthoudt’: de heerser.
קִיר (Kir): de ligging is onzeker. Zie ook 2 Kon. 16:9; Amos 9:7.
6Zo zegt Yahweh: „Om drie overtredingen van Gaza, en om vier, zal Ik het niet terugnemen: omdat zij ballingen wegvoerden, een hele groep, om hen uit te leveren aan Edom.
כֹּ֚ה
(ko)
zo
אָמַ֣ר
(amar)
zegt
יְהוָ֔ה
(Yahweh)
Yahweh
עַל
(al)
om
שְׁלֹשָׁה֙
(shelosha)
drie
פִּשְׁעֵ֣י
(pishei)
overtredingen van
עַזָּ֔ה
(aza)
Gaza
וְעַל
(veal)
en om
אַרְבָּעָ֖ה
(arbaa)
vier
לֹ֣א
(lo)
niet
אֲשִׁיבֶ֑נּוּ
(ashivenu)
zal Ik het terugnemen
עַל
(al)
omdat
הַגְלוֹתָ֛ם
(haglotam)
hun wegvoeren
גָּל֥וּת
(galut)
ballingen
שְׁלֵמָ֖ה
(shelema)
hele
לְהַסְגִּ֥יר
(lehasgir)
om uit te leveren
לֶאֱדֽוֹם
(leedom)
aan Edom
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Plaats
Zie Gaza: Gaza ligt aan de kust van de Middellandse Zee, in het zuidwesten van het land.
Zie Edom (Seïr): Edom (Seïr) is het bergland ten zuiden van de Dode Zee, in het zuiden van het huidige Jordanië.
Uitleg
גָּלוּת שְׁלֵמָה (galut shlemah), ‘een hele groep ballingen’: letterlijk ‘een volledige ballingschap’.
Het gaat om hele gemeenschappen die werden weggevoerd en uitgeleverd aan Edom.
De tekst zegt niet met welk doel; waarschijnlijk om hen als slaven te verkopen.
8Ik zal de bewoner uitroeien uit Asdod, en hem die de scepter vasthoudt uit Askelon. Ik zal Mijn hand keren tegen Ekron, en wat overblijft van de Filistijnen zal omkomen, zegt Heer Yahweh.”
וְהִכְרַתִּ֤י
(vehikhrati)
en Ik zal uitroeien
יוֹשֵׁב֙
(yoshev)
de bewoner
מֵֽאַשְׁדּ֔וֹד
(meashdod)
uit Asdod
וְתוֹמֵ֥ךְ
(vetomekh)
en hem die vasthoudt
שֵׁ֖בֶט
(shevet)
de scepter
מֵֽאַשְׁקְל֑וֹן
(meashqelon)
uit Askelon
וַהֲשִׁיב֨וֹתִי
(vahashivoti)
en Ik zal keren
יָדִ֜י
(yadi)
Mijn hand
עַל
(al)
tegen
עֶקְר֗וֹן
(eqron)
Ekron
וְאָֽבְדוּ֙
(veavedu)
en zullen omkomen
שְׁאֵרִ֣ית
(sheerit)
het overblijfsel van
פְּלִשְׁתִּ֔ים
(pelishtim)
de Filistijnen
אָמַ֖ר
(amar)
zegt
אֲדֹנָ֥י
(adonay)
Heer
יְהוִֽה
(Yahweh)
Yahweh
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Plaats
Zie Asdod: Asdod lag aan de kust van de Middellandse Zee, tussen Askelon en Jafo.
Zie Askelon: Askelon lag aan de kust van de Middellandse Zee, ten noorden van Gaza.
Zie Ekron: Ekron wordt gezocht bij Khirbet el-Muqanna, in de kustvlakte.
Zie Filistea: Filistea was de kuststrook in het zuidwesten van het land, rond Gaza en Asdod.
9Zo zegt Yahweh: „Om drie overtredingen van Tyrus, en om vier, zal Ik het niet terugnemen: omdat zij ballingen uitleverden aan Edom, een hele groep. Zij herinnerden zich het verbond van broers niet.
כֹּ֚ה
(ko)
zo
אָמַ֣ר
(amar)
zegt
יְהוָ֔ה
(Yahweh)
Yahweh
עַל
(al)
om
שְׁלֹשָׁה֙
(shelosha)
drie
פִּשְׁעֵי
(pishei)
overtredingen van
צֹ֔ר
(tsor)
Tyrus
וְעַל
(veal)
en om
אַרְבָּעָ֖ה
(arbaa)
vier
לֹ֣א
(lo)
niet
אֲשִׁיבֶ֑נּוּ
(ashivenu)
zal Ik het terugnemen
עַֽל
(al)
omdat
הַסְגִּירָ֞ם
(hasgiram)
hun uitleveren
גָּל֤וּת
(galut)
ballingen
שְׁלֵמָה֙
(shelema)
hele
לֶאֱד֔וֹם
(leedom)
aan Edom
וְלֹ֥א
(velo)
en niet
זָכְר֖וּ
(zakheru)
zij herinnerden zich
בְּרִ֥ית
(berit)
het verbond van
אַחִֽים
(achim)
broers
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Plaats
Zie Tyrus: Tyrus ligt aan de kust van de Middellandse Zee, in het huidige Libanon.
Zie Edom (Seïr): Edom (Seïr) is het bergland ten zuiden van de Dode Zee, in het zuiden van het huidige Jordanië.
Uitleg
בְּרִית אַחִים (berit achim), ‘verbond van broers’: de tekst zegt niet welk verbond.
Het kan gaan om het verdrag tussen Tyrus en Israël uit de tijd van Salomo (1 Kon. 5:26).
11Zo zegt Yahweh: „Om drie overtredingen van Edom, en om vier, zal Ik het niet terugnemen: omdat hij zijn broer met het zwaard achtervolgde en zijn ontferming vernietigde. Zijn toorn bleef voor altijd scheuren, en zijn woede bewaarde hij voorgoed.
כֹּ֚ה
(ko)
zo
אָמַ֣ר
(amar)
zegt
יְהוָ֔ה
(Yahweh)
Yahweh
עַל
(al)
om
שְׁלֹשָׁה֙
(shelosha)
drie
פִּשְׁעֵ֣י
(pishei)
overtredingen van
אֱד֔וֹם
(edom)
Edom
וְעַל
(veal)
en om
אַרְבָּעָ֖ה
(arbaa)
vier
לֹ֣א
(lo)
niet
אֲשִׁיבֶ֑נּוּ
(ashivenu)
zal Ik het terugnemen
עַל
(al)
omdat
רָדְפ֨וֹ
(radefo)
zijn achtervolgen
בַחֶ֤רֶב
(bacherev)
met het zwaard
אָחִיו֙
(achiv)
zijn broer
וְשִׁחֵ֣ת
(veshichet)
en vernietigde
רַחֲמָ֔יו
(rachamav)
zijn ontferming
וַיִּטְרֹ֤ף
(vayitrof)
en scheurde
לָעַד֙
(laad)
voor altijd
אַפּ֔וֹ
(apo)
zijn toorn
וְעֶבְרָת֖וֹ
(veevrato)
en zijn woede
שְׁמָ֥רָה
(shemara)
bewaarde hij
נֶֽצַח
(netsach)
voorgoed
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Plaats
Zie Edom (Seïr): Edom (Seïr) is het bergland ten zuiden van de Dode Zee, in het zuiden van het huidige Jordanië.
Uitleg
Edom is hier de ‘broer’ van Israël: Edom is het volk van Ezau, de broer van Jakob (Israël).
Zie ook Num. 20:14.
רַחֲמָיו (rachamav), ‘zijn ontferming’: het woord hangt samen met het woord voor ‘schoot’ en wijst op de warme band tussen verwanten.
Lezing
De werkwoordsvorm שְׁמָרָה (shamarah) bij ‘zijn woede’ is ongewoon.
13Zo zegt Yahweh: „Om drie overtredingen van de zonen van Ammon, en om vier, zal Ik het niet terugnemen: omdat zij de zwangere vrouwen van Gilead openkliefden om hun gebied groter te maken.
כֹּ֚ה
(ko)
zo
אָמַ֣ר
(amar)
zegt
יְהוָ֔ה
(Yahweh)
Yahweh
עַל
(al)
om
שְׁלֹשָׁה֙
(shelosha)
drie
פִּשְׁעֵ֣י
(pishei)
overtredingen van
בְנֵֽי
(benei)
zonen van
עַמּ֔וֹן
(amon)
Ammon
וְעַל
(veal)
en om
אַרְבָּעָ֖ה
(arbaa)
vier
לֹ֣א
(lo)
niet
אֲשִׁיבֶ֑נּוּ
(ashivenu)
zal Ik het terugnemen
עַל
(al)
omdat
בִּקְעָם֙
(biqam)
hun openklieven
הָר֣וֹת
(harot)
zwangere vrouwen van
הַגִּלְעָ֔ד
(hagilad)
Gilead
לְמַ֖עַן
(lemaan)
om
הַרְחִ֥יב
(harchiv)
groter te maken
אֶת
(et)
(obj.)
גְּבוּלָֽם
(gevulam)
hun gebied
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Plaats
Zie Ammon: Ammon ligt ten oosten van de Jordaan, rond het huidige Amman in Jordanië.
Zie Gilead: Gilead is het bergland ten oosten van de Jordaan, tussen de Jarmoek en de Dode Zee.
14Ik zal vuur aansteken op de muur van Rabba. Het zal haar paleizen verteren, onder krijgsgeschreeuw op de dag van de oorlog, in een storm op de dag van de wervelwind.
וְהִצַּ֤תִּי
(vehitsati)
en Ik zal aansteken
אֵשׁ֙
(esh)
vuur
בְּחוֹמַ֣ת
(bechomat)
op de muur van
רַבָּ֔ה
(raba)
Rabba
וְאָכְלָ֖ה
(veakhela)
en het zal verteren
אַרְמְנוֹתֶ֑יהָ
(armenoteiha)
haar paleizen
בִּתְרוּעָה֙
(bitrua)
met krijgsgeschreeuw
בְּי֣וֹם
(beyom)
op de dag van
מִלְחָמָ֔ה
(milchama)
oorlog
בְּסַ֖עַר
(besaar)
in een storm
בְּי֥וֹם
(beyom)
op de dag van
סוּפָֽה
(sufa)
de wervelwind
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Plaats
Zie Rabba: Rabba van de Ammonieten is het huidige Amman, de hoofdstad van Jordanië.