Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).
Efraïm omringt Mij met leugen
1„Efraïm omringt Mij met leugen, en het huis van Israël met bedrog.” Maar Juda zwerft nog met El en met de heiligen; hij is getrouw.
סְבָבֻ֤נִי
(sevavuni)
hij omringt Mij
בְכַ֨חַשׁ֙
(bekhachash)
met leugen
אֶפְרַ֔יִם
(efrayim)
Efraïm
וּבְמִרְמָ֖ה
(uvemirma)
en met bedrog
בֵּ֣ית
(beit)
huis van
יִשְׂרָאֵ֑ל
(yisrael)
Israël
וִֽיהוּדָ֗ה
(vihuda)
en Juda
עֹ֥ד
(od)
nog
רָד֙
(rad)
zwerft
עִם
(im)
met
אֵ֔ל
(el)
El
וְעִם
(veim)
en met
קְדוֹשִׁ֖ים
(qedoshim)
heiligen
נֶאֱמָֽן
(neeman)
getrouw
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
In de Hebreeuwse telling begint hoofdstuk 12 met wat in Nederlandse bijbels Hos. 11:12 is.
Hebr. 12:2–15 is NL 12:1–14.
רָד (rad), ‘zwerft’: het werkwoord kan ook ‘heersen’ betekenen of ‘ongebonden zijn’. De betekenis is onzeker.
קְדוֹשִׁים (qedoshim), ‘heiligen’: een meervoud. Het kan ook een meervoud van majesteit zijn voor ‘de Heilige’.
נֶאֱמָן (ne’eman), ‘getrouw’: het hoort bij Juda of bij de Heilige.
2Efraïm weidt wind en jaagt de oostenwind na. De hele dag vermeerdert hij leugen en verwoesting. Zij sluiten een verbond met Assyrië, en olie wordt naar Egypte gebracht.
אֶפְרַ֜יִם
(efrayim)
Efraïm
רֹעֶ֥ה
(roe)
weidt
ר֨וּחַ֙
(ruach)
wind
וְרֹדֵ֣ף
(verodef)
en jaagt na
קָדִ֔ים
(qadim)
oostenwind
כָּל
(kal)
heel
הַיּ֕וֹם
(hayom)
de dag
כָּזָ֥ב
(kazav)
leugen
וָשֹׁ֖ד
(vashod)
en verwoesting
יַרְבֶּ֑ה
(yarbe)
hij vermeerdert
וּבְרִית֙
(uverit)
en verbond
עִם
(im)
met
אַשּׁ֣וּר
(ashur)
Assyrië
יִכְרֹ֔תוּ
(yikhrotu)
zij sluiten
וְשֶׁ֖מֶן
(veshemen)
en olie
לְמִצְרַ֥יִם
(lemitsrayim)
naar Egypte
יוּבָֽל
(yuval)
wordt gebracht
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Plaats
Zie Assur: Assur is een stad en een gebied aan de Tigris, in het noorden van het huidige Irak.
Zie Egypte: Egypte ligt rond de Nijl, van de delta aan de Middellandse Zee tot ver naar het zuiden.
Uitleg
קָדִים (qadim), ‘oostenwind’: een hete, droge wind uit de woestijn.
‘Wind weiden’ is een beeld voor nutteloos werk.
Zij zoeken steun bij Assyrië en Egypte; zie ook 2 Kon. 17:3–4.
6Yahweh, Elohim van de legermachten: Yahweh is Zijn gedachtenis.
וַֽיהוָ֖ה
(vaYahweh)
en Yahweh
אֱלֹהֵ֣י
(elohei)
Elohim
הַצְּבָא֑וֹת
(hatsevaot)
van de legermachten
יְהוָ֖ה
(Yahweh)
Yahweh
זִכְרֽוֹ
(zikhro)
Zijn gedachtenis
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
יְהוָה אֱלֹהֵי הַצְּבָאוֹת (Yahweh Elohe hatsevaot), ‘Yahweh, Elohim van de legermachten’: wij schrijven ‘Elohim van de legermachten’ en laten Tsevaot staan.
זִכְרוֹ (zikro), ‘Zijn gedachtenis’: de naam waarmee Hij herinnerd wordt. Zie ook Exod. 3:15.
9Efraïm zei: „Zeker, ik ben rijk geworden. Ik heb mijzelf vermogen verworven. Men zal bij al mijn inspanningen geen ongerechtigheid bij mij vinden die zonde is.”
וַיֹּ֣אמֶר
(vayomer)
en hij zei
אֶפְרַ֔יִם
(efrayim)
Efraïm
אַ֣ךְ
(akh)
zeker
עָשַׁ֔רְתִּי
(asharti)
ik ben rijk geworden
מָצָ֥אתִי
(matsati)
ik heb gevonden
א֖וֹן
(on)
vermogen
לִ֑י
(li)
voor mij
כָּל
(kal)
al
יְגִיעַ֕י
(yegiay)
mijn inspanningen
לֹ֥א
(lo)
niet
יִמְצְאוּ
(yimtseu)
zullen zij vinden
לִ֖י
(li)
bij mij
עָוֺ֥ן
(avon)
ongerechtigheid
אֲשֶׁר
(asher)
die
חֵֽטְא
(chete)
zonde is
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
12Als Gilead onheil is, dan zijn zij zeker leegte geworden. In Gilgal offerden zij stieren. Ook hun altaren zijn als steenhopen op de voren van het veld.
אִם
(im)
als
גִּלְעָ֥ד
(gilad)
Gilead
אָ֨וֶן֙
(aven)
onheil
אַךְ
(akh)
zeker
שָׁ֣וְא
(shave)
leegte
הָי֔וּ
(hayu)
zij zijn geworden
בַּגִּלְגָּ֖ל
(bagilgal)
in Gilgal
שְׁוָרִ֣ים
(shevarim)
stieren
זִבֵּ֑חוּ
(zibechu)
zij offerden
גַּ֤ם
(gam)
ook
מִזְבְּחוֹתָם֙
(mizbechotam)
hun altaren
כְּגַלִּ֔ים
(kegalim)
als steenhopen
עַ֖ל
(al)
op
תַּלְמֵ֥י
(talmei)
voren van
שָׂדָֽי
(saday)
het veld
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Plaats
Zie Gilead: Gilead is het bergland ten oosten van de Jordaan, tussen de Jarmoek en de Dode Zee.
Zie Gilgal (bij Jericho?; ligging onzeker): Het is niet zeker welk Gilgal hier bedoeld is.
Een mogelijkheid is het Gilgal bij Jericho (Jozua 4:19).
Dit is niet zeker.
Zie Gilgal (bij Betel?; ligging onzeker): Een andere mogelijkheid is een Gilgal in het bergland bij Betel, vermoedelijk bij het huidige Jiljilya.
Dit is niet zeker.
Uitleg
אָוֶן (aven), ‘onheil’, en שָׁוְא (shav), ‘leegte’.
גַּלִּים (gallim), ‘steenhopen’: stenen die van het land zijn verzameld. Het klinkt als Gilgal.