Elohim Bijbel

Jubileeën 4

1234567891011121314151617181920212223242526272829303132333435363738394041424344454647484950

Kaïn en Abel; de geslachten van Adam tot Noach

Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).

De geboorte van Kaïn en Abel

1En in de derde jaarweek, in het tweede jubeljaar, baarde zij Kaïn, en in het vierde baarde zij Abel.
ወበሣልስ
(wäbäsals)
en in de derde
ሱባዔ
(subae)
jaarweek
በካልእ
(bäkal)
in het tweede
ኢዮቤልዉ
(iyobelwu)
jubeljaar
ወለደቶ
(wälädäto)
en zij baarde hem
ለቃየን
(läqayän)
Kaïn
ወበራብዕ
(wäbärab)
en in de vierde
ወለደቶ
(wälädäto)
en zij baarde hem
ለአቤል
(lääbel)
Abel
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Plaats

Zie Gen. 4:1–2.

Lezing

Charles (Engelse vertaling uit 1917) heeft hierna nog ‘en in het vijfde baarde zij haar dochter Awan’; dat staat niet in de Beta-tekst.

2En in het eerste jaar van het derde jubeljaar doodde Kaïn een zoon; in het negende jubeljaar, in de eerste jaarweek, in het derde jaar van zijn jaarweek, en hij gaf hem de naam Mahalalël.
ወበቀዳሚሁ
(wäbäqädamihu)
en in het eerste (jaar) ervan
ለኢዮቤልዉ
(läiyobelwu)
van het jubeljaar
ሣልስ
(sals)
derde
ቀተሎ
(qätälo)
doodde hem
ቃየን
(qayän)
Kaïn
ወልደ
(wäldä)
een zoon
በታስዕ
(bätas)
in het negende
ኢዮቤልዉ
(iyobelwu)
jubeljaar
በሱባዔ
(bäsubae)
in de jaarweek
ቀዳሚ
(qädami)
eerst
በሣልስ
(bäsals)
in de derde
ዓመት
(amät)
jaar
በሱባዔሁ
(bäsubaehu)
in zijn jaarweek
ለዝ
(läz)
van dit
ወጸውዐ
(wätsäwä)
en riep
ስሞ
(semo)
zijn naam
መላልኤል
(mälalel)
Mahalalël
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Plaats

Zie Gen. 4:8.

Lezing

ወልደ (‘een zoon’): de zin is in de Beta-tekst bedorven.

Het tweede deel (‘in het negende jubeljaar … Mahalalël’) komt uit vers 14 en past hier niet.

Charles (Engelse vertaling uit 1917) heeft in plaats daarvan ‘Kaïn doodde Abel, omdat Elohim het offer van Abel aanvaardde en het offer van Kaïn niet aanvaardde’.

Wij volgen de Beta-tekst.

Zie ookGen 4:8

Het bloed van Abel

3En hij doodde hem in het veld, en zijn bloed riep van de aarde naar de hemel, huilend om hem die gedood was.
ወቀተሎ
(wäqätälo)
en hij doodde hem
በገዳም
(bägädam)
in het veld
ወጸርኀ
(wätsärkhä)
en riep
ደሙ
(dämu)
zijn bloed
እምድር
(emdr)
van de aarde
ውስተ
(westä)
in
ሰማይ
(sämay)
hemel
እንዘ
(enzä)
terwijl
ይበኪ
(yebäki)
weenend
በአንተ
(bääntä)
om
ዘተቀትለ
(zätäqätlä)
hem die gedood was
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Plaats

Zie Gen. 4:10.

Zie ookGen 4:10
4En Yahweh berispte Kaïn om Abel, omdat hij hem gedood had, en maakte hem tot een zwerver op de aarde vanwege het bloed van zijn broer, en Hij vervloekte hem op de aarde.
ወዘለፎ
(wäzäläfo)
en Hij berispte hem
እግዚአብሔር
(egziäbher)
Yahweh
ለቃየን
(läqayän)
Kaïn
በእንተ
(bäntä)
over
አቤል
(äbel)
Abel
በእንተ
(bäntä)
omdat
ዘቀተሎ
(zäqätälo)
hij hem gedood had
ወገብረ
(wägäbrä)
en maakte
ሎቱ
(lotu)
hem
ኑኅ
(nukh)
zwerver
ዲበ
(dibä)
op
ምድር
(medr)
de aarde
በእንተ
(bäntä)
over
ደመ
(dämä)
bloed
እፓኑሁ
(epanuhu)
zijn broer
ወረገሞ
(wärägämo)
en Hij vervloekte hem
በዲበ
(bädibä)
op
ምድር
(medr)
de aarde
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Plaats

Zie Gen. 4:11–12.

Lezing

ኑኅ (‘zwerver’): ኑኅ betekent letterlijk ‘lang, hoog’.

Charles (Engelse vertaling uit 1917) vertaalt ‘een vluchteling’, en wij volgen hem.

5Daarom is op de tafelen van de hemel geschreven: Vervloekt is wie zijn naaste slaat met kwaad; en allen die het gezien hebben zullen zeggen: Het zij zo; en de mens die het gezien heeft en het niet verteld heeft, hij moet vervloekt zijn zoals hij.
በእንተ
(bäntä)
over
ዝንቱ
(zentu)
dit
ተጽሕፈ
(tätshfä)
is geschreven
ውስተ
(westä)
in
ጽሳተ
(tsesatä)
tafelen van
ሰማይ
(sämay)
hemel
ርጉም
(regum)
vervloekt
ዘይዘብጥ
(zäyzäbt)
wie slaat
ካልኦ
(kalo)
zijn naaste
በእከይ
(bäkäy)
met kwaad
ወይቤሉ
(wäybelu)
en zij zullen zeggen
ኵሎሙ
(kwlomu)
allen
እለ
(elä)
die
ርእዩ
(reyu)
gezien hebben
ይኩን
(yekun)
het zij zo
ወሰብእ
(wäsäb)
en de mens
ዘርእየ
(zäryä)
die gezien heeft
ወኢነ
(wäinä)
en niet
ገረ
(gärä)
verteld heeft
ይኩን
(yekun)
hij zij
ርጉመ
(regumä)
vervloekt
ከማሁ
(kämahu)
zo
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Plaats

Zie Deut. 27:24.

Uitleg

ጽሳተ ሰማይ (‘tafelen van de hemel’): Zie 3:10.

Zie ookDeut 27:24
6Daarom maken wij, wanneer wij komen voor Yahweh, onze Elohim, alle zonde bekend die wordt gedaan in de hemel en op de aarde en in het licht en in de duisternis en in alles.
በእንተዝ
(bäntäz)
hierom
ንሕነ
(nehnä)
wij
ናየድዕ
(nayäd)
wij maken bekend
መጺአነ
(mätsiänä)
wanneer wij komen
ቅድመ
(qedmä)
voor
እግዚአብሔር
(egziäbher)
Yahweh
አምሳክነ
(ämsaknä)
onze Elohim
ዙሎ
(zulo)
alle
ኃጢአተ
(khatiätä)
zonde
ዘይከውን
(zäykäwn)
die wordt gedaan
ውስተ
(westä)
in
ሰማይ
(sämay)
hemel
ወምድር
(wämdr)
en aarde
ወዘበብርሃን
(wäzäbäbrhan)
en wat in het licht is
ወዘበጽልመት
(wäzäbätslmät)
en wat in de duisternis is
ወዘበዙሉ
(wäzäbäzulu)
en wat in alles is
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.

De geslachten van Adam

7En Adam en zijn vrouw rouwden om Abel, vier jaarweken van jaren.
ወሀለዉ
(wähäläwu)
en zij waren
አዳም
(ädam)
Adam
ወብእሲቱ
(wäbsitu)
en zijn vrouw
እንዘ
(enzä)
terwijl
ይሳሕዉ
(yesahwu)
rouwend
በእንተ
(bäntä)
over
አቤል
(äbel)
Abel
አርባዕተ
(ärbatä)
vier
ሱባዔ
(subae)
jaarweken
ዓመት
(amät)
jaren
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Lezing

Charles (Engelse vertaling uit 1917) heeft hierna nog dat zij in het vierde jaar van de vijfde jaarweek weer blij werden, en dat Adam zijn vrouw weer kende en zij een zoon baarde, die hij Seth noemde, ‘want Elohim heeft ons een tweede nageslacht verwekt op de aarde in plaats van Abel; want Kaïn heeft hem gedood’; dat staat niet in de Beta-tekst.

8In de zesde jaarweek verwekte hij Azura, zijn dochter.
በሱባዔ
(bäsubae)
in de jaarweek
ሳድስ
(sads)
zesde
ወለዳ
(wäläda)
verwekte hij haar
ለአዙራ
(lääzura)
Azura
ወለቱ
(wälätu)
zijn dochter
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
9En Kaïn nam Awan, zijn zuster, tot vrouw voor zich, en zij baarde hem Henoch bij het einde van het vierde jubeljaar.
ወነሥአ
(wänäsä)
en nam
ቃየን
(qayän)
Kaïn
ለአዋን
(lääwan)
Awan
እኅቱ
(ekhtu)
zijn zuster
ሎቱ
(lotu)
voor hem
ብእሲተ
(besitä)
een vrouw
ወወለደት
(wäwälädät)
en zij baarde
ሎቱ
(lotu)
hem
ኡኖኅሃ
(unokhha)
Henoch
በፍጸሚ
(bäftsämi)
bij het einde van
ራብዕ
(rab)
vierde
ኢዮቤልዉ
(iyobelwu)
jubeljaar
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Plaats

Zie Gen. 4:17.

Lezing

Charles (Engelse vertaling uit 1917) heeft hierna nog dat in het eerste jaar van de eerste jaarweek van het vijfde jubeljaar huizen op de aarde werden gebouwd, en dat Kaïn een stad bouwde en die naar zijn zoon Henoch noemde; dat staat niet in de Beta-tekst.

Zie ookGen 4:17
10En Adam kende Eva, zijn vrouw, en zij baarde nog negen zonen.
ወአዳም
(wäädam)
en Adam
አእመራ
(ämära)
kende haar
ለሔዋ
(lähewa)
Eva
ብእሲቱ
(besitu)
zijn vrouw
ወወለደት
(wäwälädät)
en zij baarde
ዓዲ
(adi)
nog
ተስዓተ
(täsatä)
negen
ደቂቀ
(däqiqä)
zonen
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Plaats

Zie Gen. 5:4.

Zie ookGen 5:4
11En in de vijfde jaarweek van het vijfde jubeljaar nam Seth Azura, zijn zuster, tot vrouw voor zich, en in het vierde jaar baarde zij hem Enosh.
ወበሱባዔ
(wäbäsubae)
en in de jaarweek
ኃምስ
(khams)
vijfde
ዘኃምስ
(zäkhams)
van de vijfde
ኢዮቤልዉ
(iyobelwu)
jubeljaar
ነሠአ
(näsää)
nam
ሴት
(set)
Seth
ለአዙራ
(lääzura)
Azura
እኅቱ
(ekhtu)
zijn zuster
ሎቱ
(lotu)
voor hem
ብእሲተ
(besitä)
een vrouw
ወበራብዑ
(wäbärabu)
en in het vierde (jaar)
ሎቱ
(lotu)
voor hem
ወለደት
(wälädät)
baarde
ሎቱ
(lotu)
hem
ሄኖስሃ
(henosha)
Enosh
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Plaats

Zie Gen. 4:25–26.

12Hij was de eerste die de naam van Yahweh aanriep op de aarde.
ውእቱ
(wetu)
hij
ቀዳሚ
(qädami)
de eerste
ጸውዖ
(tsäwo)
riep aan
ስመ
(semä)
de naam
እግዚአብሔር
(egziäbher)
Yahweh
በዲበ
(bädibä)
op
ምድር
(medr)
de aarde
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Plaats

Zie Gen. 4:26.

Zie ookGen 4:26
13En in het zevende jubeljaar, in de derde jaarweek, nam Enosh Noam, zijn zuster, tot vrouw voor zich, en zij baarde hem een zoon in het derde jaar van de vijfde jaarweek, en hij noemde hem Kenan.
ወበሳብዕ
(wäbäsab)
en in het zevende
ኢዮቤልዉ
(iyobelwu)
jubeljaar
በሱባዔ
(bäsubae)
in de jaarweek
ሣልስ
(sals)
derde
ነሥአ
(näsä)
nam
ኡኖስ
(unos)
Enosh
ኖአምሃ
(noämha)
Noam
እኅቶ
(ekhto)
zijn zuster
ሎቱ
(lotu)
voor hem
ብእሲተ
(besitä)
een vrouw
ወወለደት
(wäwälädät)
en zij baarde
ሎቱ
(lotu)
hem
ወልደ
(wäldä)
een zoon
በሣልስ
(bäsals)
in de derde
ዓመት
(amät)
jaar
ዘኃምስ
(zäkhams)
van de vijfde
ሱባዔ
(subae)
jaarweek
ወሰመዮ
(wäsämäyo)
en hij noemde hem
ስሞ
(semo)
zijn naam
ቃይ
(qay)
Kenan
ናን
(nan)
(vervolg van de naam)
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Plaats

Zie Gen. 5:9.

Zie ookGen 5:9
14En aan het einde van het achtste jubeljaar nam Kenan Mualeleth, zijn zuster, tot vrouw voor zich, en zij baarde hem een zoon in het negende jubeljaar, in de eerste jaarweek, in het derde jaar van zijn jaarweek, en hij gaf hem de naam Mahalalël.
ወበፍጸሜ
(wäbäftsäme)
en bij het einde van
ሳምን
(samn)
achtste
ኢዮቤልዉ
(iyobelwu)
jubeljaar
ነሥአ
(näsä)
nam
ሎቱ
(lotu)
voor hem
ቃይናን
(qaynan)
Kenan
ብእሲተ
(besitä)
een vrouw
ሙአሌሊትሃ
(muälelitha)
Mualeleth
እኅቶ
(ekhto)
zijn zuster
ሎቱ
(lotu)
voor hem
ብእሲተ
(besitä)
een vrouw
ወወለደት
(wäwälädät)
en zij baarde
ሎቱ
(lotu)
hem
ወልደ
(wäldä)
een zoon
በታስዕ
(bätas)
in het negende
ኢዮቤልዉ
(iyobelwu)
jubeljaar
በሱባዔ
(bäsubae)
in de jaarweek
ቀዳሚ
(qädami)
eerst
በሣልስ
(bäsals)
in de derde
ዓመት
(amät)
jaar
በሱባዔሁ
(bäsubaehu)
in zijn jaarweek
ለዝ
(läz)
van dit
ወጸውዐ
(wätsäwä)
en riep
ስሞ
(semo)
zijn naam
መሳልኡል
(mäsalul)
Mahalalël
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Plaats

Zie Gen. 5:12.

Zie ookGen 5:12
15En in de tweede jaarweek van het tiende jubeljaar nam Mahalalël tot vrouw voor zich Dina, dochter van Barakiël, dochter van de zuster van zijn vader.
ወበካልእ
(wäbäkal)
en in het tweede
ሱባዔ
(subae)
jaarweek
ዘዓሥር
(zäasr)
van de tiende
ኢዮቤልዉ
(iyobelwu)
jubeljaar
ነሥአ
(näsä)
nam
ሎቱ
(lotu)
voor hem
መላልኤል
(mälalel)
Mahalalël
ብእሲተ
(besitä)
een vrouw
ዲናሃ
(dinaha)
Dina
ወለተ
(wälätä)
dochter van
በራክኤል
(bärakel)
Barakiël
ወለተ
(wälätä)
dochter van
እኅተ
(ekhtä)
de zuster van
አቡሁ
(äbuhu)
zijn vader
ሎቱ
(lotu)
voor hem
ብእሲተ
(besitä)
een vrouw
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Plaats

Zie Gen. 5:15.

Uitleg

ወለተ እኅተ አቡሁ (‘dochter van de zuster van zijn vader’): Charles (Engelse vertaling uit 1917) vertaalt hier telkens ‘dochter van de broer van zijn vader’.

Lezing

Charles heeft hierna nog de geboorte van Jered, ‘want in zijn dagen daalden de engelen van Yahweh op de aarde neer, zij die de Wachters heten, om de kinderen van de mensen te onderwijzen en recht en rechtschapenheid te doen op de aarde’; dat staat niet in de Beta-tekst.

Zie ookGen 5:15
16En in het elfde jubeljaar nam Jered een vrouw voor zich, en haar naam was Baraka, dochter van Rasoeël, dochter van de zuster van zijn vader, in de vierde jaarweek van dit jubeljaar.
ወበዓሥር
(wäbäasr)
en in de tien
ወአሐዱ
(wäähädu)
en één
ኢዮቤልዉ
(iyobelwu)
jubeljaar
ነሥአ
(näsä)
nam
ሎቱ
(lotu)
voor hem
ያሬድ
(yared)
Jered
ብእሲተ
(besitä)
een vrouw
ወስማ
(wäsma)
en haar naam
ባረከ
(baräkä)
Baraka
ወለተ
(wälätä)
dochter van
ራሱእያል
(rasuyal)
Rasoeël
ወለተ
(wälätä)
dochter van
እኅተ
(ekhtä)
zuster van
አቡሁ
(äbuhu)
zijn vader
ሎቱ
(lotu)
voor hem
ብእሲተ
(besitä)
een vrouw
በሱባዔ
(bäsubae)
in de jaarweek
ራብዕ
(rab)
vierde
ዘኢዮቤልዉ
(zäiyobelwu)
van het jubeljaar
ዝንቱ
(zentu)
dit
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Plaats

Zie Gen. 5:18.

Lezing

Charles (Engelse vertaling uit 1917) heeft hierna nog dat zij in de vijfde jaarweek, in het vierde jaar van het jubeljaar, een zoon baarde, die hij Henoch noemde; dat staat niet in de Beta-tekst.

Zie ookGen 5:18

Henoch

17Hij was de eerste die schrift en kennis en wijsheid leerde onder de kinderen van de mensen die op de aarde geboren zijn.
ውእቱ
(wetu)
dat
ቀዳሚ
(qädami)
eerst
ተምህረ
(tämhrä)
leerde
መጽሐፈ
(mätshäfä)
schrift
ወትምህርተ
(wätmhrtä)
en kennis
ወጥበበ
(wätbäbä)
en wijsheid
እምእጓለ
(emgwalä)
onder de kinderen van
እመሕያው
(emähyaw)
de mens
እምእለ
(emlä)
van hen die
ተወልዱ
(täwäldu)
zijn geboren
ዲበ
(dibä)
op
ምድር
(medr)
de aarde
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Uitleg

Volgens Charles (Engelse vertaling uit 1917) veronderstelt het slot over Henoch (vers 17–23) dat de schrijver Henochgeschriften kende, waarschijnlijk Henoch 6–16, Henoch 23–36 en Henoch 72–90.

Het hemelboek met de tekenen van de maanden is vermoedelijk Henoch 72–82.

18Hij was de eerste die een getuigenis schreef, en hij getuigde tegen de kinderen van de mensen in de geslachten van de aarde; en de jaarweken van de jubeljaren verkondigde hij, en de dagen van de jaren maakte hij bekend, en de maanden ordende hij, en de sabbatten van de jaren verkondigde hij, zoals wij hem bekend maakten.
ውእቱ
(wetu)
dat
ቀዳሚ
(qädami)
eerst
ጸሐፈ
(tsähäfä)
schreef
እምዐ
(emä)
getuigenis
ወአስምዐ
(wääsmä)
en getuigde
ለደቂቀ
(lädäqiqä)
de kinderen van
እጓለ
(egwalä)
de kinderen van
እመሕያው
(emähyaw)
de mens
ውስተ
(westä)
in
ትዝምደ
(tezmdä)
de geslachten van
ምድር
(medr)
de aarde
ወሱባዔሆሙ
(wäsubaehomu)
en hun jaarweken
ለኢዮቤልዉሳት
(läiyobelwusat)
van de jubeljaren
ነገረ
(nägärä)
verkondigde
ወመዋዕለ
(wämäwalä)
en de dagen van
ዓመታት
(amätat)
jaren
አይድዐ
(äydä)
maakte bekend
ወአውራኃተ
(wääwrakhatä)
en de maanden
ሠርዐ
(särä)
ordende
ወሰንበታተ
(wäsänbätatä)
en de sabbatten van
ዓመታት
(amätat)
jaren
ነገረ
(nägärä)
verkondigde
በከመ
(bäkämä)
zoals
አይዳዕናሁ
(äydanahu)
wij hem bekend maakten
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Uitleg

ወሱባዔሆሙ ለኢዮቤልዉሳት (‘de jaarweken van de jubeljaren’): volgens Charles (Engelse vertaling uit 1917) staat er in 1 en 2 Henoch niets over jubeljaren; dit komt vermoedelijk van de schrijver van Jubileeën zelf, die de instelling een oeroude oorsprong wilde geven.

19En wat was en wat zijn zal zag hij in het visioen van zijn slaap, hoe het zal zijn met de kinderen van de mensen in hun geslachten tot de dag van het oordeel; alles zag hij en begreep hij.
ወዘኮነ
(wäzäkonä)
en wat was
ወዘይከውን
(wäzäykäwn)
en wat zijn zal
ርእየ
(reyä)
zag
በራእየ
(bärayä)
in het visioen van
ንዋሙ
(newamu)
zijn slaap
ዘከመ
(zäkämä)
hoe
ይከውን
(yekäwn)
zal zijn
ዲበ
(dibä)
op
ደቂቀ
(däqiqä)
de kinderen van
እጓለ
(egwalä)
de kinderen van
እመሕያው
(emähyaw)
de mens
በትውልዶሙ
(bätwldomu)
in hun geslachten
እስከ
(eskä)
tot
አመ
(ämä)
in de dagen van
ዕለተ
(elätä)
de dag van
ደይን
(däyn)
oordeel
ኵሎ
(kwlo)
alles
ርእየ
(reyä)
zag
ወአእመረ
(wäämärä)
en begreep
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Uitleg

በራእየ ንዋሙ (‘in het visioen van zijn slaap’): waarschijnlijk de droomvisioenen Henoch 83–90, volgens Charles (Engelse vertaling uit 1917).

20En in het twaalfde jubeljaar, in zijn zevende jaarweek, nam hij een vrouw voor zich, en haar naam was Edni, dochter van Danël, dochter van de zuster van zijn vader.
ወበዐሠርቱ
(wäbääsärtu)
en in de tien
ወክልኤቱ
(wäkletu)
en twee
ኢዮበቤልዉ
(iyobäbelwu)
jubeljaar
በሳብዕ
(bäsab)
in de zevende
ሱባዔሁ
(subaehu)
zijn jaarweek
ሎቱ
(lotu)
voor hem
ነሥአ
(näsä)
nam
ሎቱ
(lotu)
voor hem
ብእኢተ
(beitä)
een vrouw
ወስማ
(wäsma)
en haar naam
እድኒ
(edni)
Edni
ወለተ
(wälätä)
dochter van
ዳንኤል
(danel)
Danël
ወለተ
(wälätä)
dochter van
እኅተ
(ekhtä)
zuster van
አቡሁ
(äbuhu)
zijn vader
ሎቱ
(lotu)
voor hem
ብእሲተ
(besitä)
een vrouw
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Plaats

Zie Gen. 5:21.

Uitleg

ወስማ እድኒ (‘en haar naam was Edni’): Edna heet de vrouw van Henoch in Henoch 85:3 (zo Charles, Engelse vertaling uit 1917).

21En hij was bovendien bij de engelen van Elohim, zes jubeljaren van jaren.
ወሀሎ
(wähälo)
en hij was
እንከ
(enkä)
voorts
ምስለ
(meslä)
met
መላእክተ
(mälaktä)
de engelen van
አምላክ
(ämlak)
Elohim
ስድስተ
(sedstä)
zes
ዘኢዮቤልዉሳት
(zäiyobelwusat)
van de jubeljaren
ዓመታተ
(amätatä)
jaren
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Uitleg

Volgens Charles (Engelse vertaling uit 1917) slaat dit op Henoch 23–36.

22En hij getuigde tegen de Wachters die gezondigd hadden met de dochters van de mensen.
ወአስምዐ
(wääsmä)
en hij getuigde
ለትጉሃን
(lätguhan)
tegen de Wachters
ለእለ
(lälä)
tegen hen die
አበሱ
(äbäsu)
zondigden
ምስለ
(meslä)
met
አዋልደ
(äwaldä)
de dochters van
ሰብእ
(säb)
mensen
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Plaats

Zie Dan. 4:13.

Uitleg

ትጉሃን (‘de Wachters’): de naam voor engelen in Dan. 4:13; in Henoch geldt hij vooral voor de gevallen engelen, Zie Henoch 1:5 en Henoch 10:9.

23En hij verhief zich uit het midden van de kinderen van de mensen, en wij leidden hem in de hof van Eden, tot grootheid en tot eer.
ወተንሥአ
(wätänsä)
en hij verhief zich
እማእከለ
(emakälä)
uit het midden van
ደቂቀ
(däqiqä)
de kinderen van
እጓለ
(egwalä)
de kinderen van
እመሕያው
(emähyaw)
de mens
ወወሰድናሁ
(wäwäsädnahu)
en wij leidden hem
ውስተ
(westä)
in
ገነተ
(gänätä)
de tuin van
ኤዶም
(edom)
Eden
ለዕበይ
(läbäy)
tot grootheid
ወለክብር
(wäläkbr)
en tot eer
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Plaats

Zie Gen. 5:24.

Zie Eden: Eden wordt in deze uitgave vermoedelijk in het Armeense hoogland gezocht, waar de vier rivieren ontspringen.

Uitleg

ወወሰድናሁ ውስተ ገነተ ኤዶም (‘en wij leidden hem in de hof van Eden’): Zie Henoch 70:1–3.

Lezing

Charles (Engelse vertaling uit 1917) heeft hierna nog ‘en zie, daar schrijft hij de veroordeling en het oordeel van de wereld en alle slechtheid van de kinderen van de mensen op’ (Zie Henoch 12:3–4 en Henoch 14:1); dat staat niet in de Beta-tekst.

24En vanwege hem kwam het water van de zondvloed niet over heel het land van Eden, want daar is hij gegeven tot een teken, en opdat hij getuigt tegen alle kinderen van de mensen, opdat hij alle werken van het geslacht vertelt tot de dag van het oordeel.
ወበእንቲአሁ
(wäbäntiähu)
en om zijnentwil
ኢመጽአ
(imätsä)
kwam niet
ማየ
(mayä)
water
አይኅ
(äykh)
de zondvloed
ዲበ
(dibä)
op
ኵሉ
(kwlu)
heel
ምድረ
(medrä)
de aarde van
ኤዶም
(edom)
Eden
እስመ
(esmä)
omdat
ህየ
(heyä)
daar
ተውህበ
(täwhbä)
is gegeven
ውእቱ
(wetu)
hij
ለትእምርት
(lätmrt)
voor tekenen
ወከመ
(wäkämä)
en opdat
ያስምዕ
(yasm)
opdat hij getuigt
ላዕለ
(lalä)
tegen
ኵሉ
(kwlu)
heel
ደቂቀ
(däqiqä)
de kinderen van
ሰብእ
(säb)
mensen
ከመ
(kämä)
opdat
ይንግር
(yengr)
opdat hij vertelt
ኵሎ
(kwlo)
al
ግብረ
(gebrä)
het werk van
ትውልድ
(tewld)
van het geslacht
እስከ
(eskä)
tot
አመ
(ämä)
in de dagen van
ዕለተ
(elätä)
de dag van
ደይን
(däyn)
oordeel
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Plaats

Zie Eden: Eden wordt in deze uitgave vermoedelijk in het Armeense hoogland gezocht, waar de vier rivieren ontspringen.

De vier plaatsen van Yahweh

25En hij liet wierook opgaan, de avond van het heiligdom, die aangenaam is voor Yahweh, op de berg van het zuiden.
ወውእቱ
(wäwtu)
en hij
ዐጠነ
(ätänä)
hij liet opgaan
ዕጣነ
(etanä)
wierook
ምሴተ
(mesetä)
de avond van
መቅደስ
(mäqdäs)
het heiligdom
ዘይሰጠው
(zäysätäw)
dat aangenaam is
ቅድመ
(qedmä)
voor
እግዚአብሔር
(egziäbher)
Yahweh
በደብረ
(bädäbrä)
op de berg
ቀትር
(qätr)
het zuiden
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Plaats

Zie Ex. 30:7.

Lezing

ምሴተ መቅደስ (‘de avond van het heiligdom’): Charles (Engelse vertaling uit 1917) vertaalt ‘het reukwerk van het heiligdom, specerijen’, en ‘op de berg’ zonder ‘van het zuiden’.

Wij volgen de Beta-tekst.

Zie ookEx 30:7
26Want vier plaatsen zijn er op de aarde van Yahweh: de hof van Eden en de berg van het oosten en deze berg waarop jij vandaag bent, de berg Sinaï, en de berg Sion zal geheiligd worden in de nieuwe schepping tot heiliging van de aarde; daarom zal de aarde geheiligd worden van alle zonde en van haar onreinheid in de geslachten van de wereld.
እስመ
(esmä)
omdat
አርባዕቱ
(ärbatu)
vier
መካን
(mäkan)
plaats
በዲበ
(bädibä)
op
ምድር
(medr)
de aarde
ለእግዚአብሔር
(lägziäbher)
van Yahweh
ገነተ
(gänätä)
de hof van
ኤዶም
(edom)
Eden
ወደብረ
(wädäbrä)
en de berg van
ጽባሕ
(tsebah)
het oosten
ወዝደብር
(wäzdäbr)
en deze berg
ዘሀሎከ
(zähälokä)
waarop jij bent
አንተ
(äntä)
jij
ውስቴቱ
(westetu)
daarin
ደብረ
(däbrä)
de berg
ሲና
(sina)
Sinaï
ዮም
(yom)
vandaag
ወደብረ
(wädäbrä)
en de berg van
ጽዮን
(tseyon)
Sion
ይትቄደስ
(yetqedäs)
zal geheiligd worden
በፍጥረት
(bäfträt)
in de schepping
ሐዳስ
(hädas)
nieuwe
ለቅዳሴ
(läqdase)
tot heiliging
ምድር
(medr)
de aarde
በእንተዝ
(bäntäz)
hierom
ትትቄደስ
(tetqedäs)
zal worden geheiligd
ምድር
(medr)
de aarde
እምኵሉ
(emkwlu)
uit al
አበሳ
(äbäsa)
zonde
ወእምርኵሳ
(wämrkwsa)
en van haar onreinheid
በትውልደ
(bätwldä)
in de geslachten van
ዓለም
(aläm)
de eeuwigheid
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Plaats

Zie 1:29.

Zie Eden: Eden wordt in deze uitgave vermoedelijk in het Armeense hoogland gezocht, waar de vier rivieren ontspringen.

Zie Sinaï: De berg Sinaï wordt van oudsher gezocht bij de Gebel Musa, in het zuiden van het schiereiland Sinaï.

Zie Jeruzalem: Jeruzalem ligt op het bergland van Juda.

Salem wordt gelezen als Jeruzalem, en Moria en Sion worden van oudsher bij Jeruzalem gezocht.

Uitleg

ደብረ ጽባሕ (‘de berg van het oosten’): Charles (Engelse vertaling uit 1917) zegt dat drie van de vier plaatsen met beslissende gebeurtenissen samenhangen: Eden met Adam, Sinaï met Mozes en Sion met David.

De berg van het oosten is niet met zekerheid aan te wijzen; hij denkt mogelijk aan de berg boven Eden waar de Sethieten wonen.

Van Metuselach tot Noach

27En in het veertiende jubeljaar, nam Metuselach Edna, zijn vrouw, dochter van Azriël, dochter van de zuster van zijn vader, voor zich tot vrouw, in de derde jaarweek, in het eerste jaar, dat is dat jaar, en hij verwekte een zoon en noemde hem Lemech.
ወበኢዮቤልዉ
(wäbäiyobelwu)
en in het jubeljaar
ዘውእቱ
(zäwtu)
dat is
ዓሥር
(asr)
tien
ወራብዕ
(wärab)
en vier
ኢዮቤልዉ
(iyobelwu)
jubeljaar
ነሥአ
(näsä)
nam
ማቱሳላ
(matusala)
Metuselach
እድናሃ
(ednaha)
Edna
ብእሲቶ
(besito)
zijn vrouw
ወለተ
(wälätä)
dochter van
እዝራኤል
(ezrael)
Azriël
ወለተ
(wälätä)
dochter van
እኅተ
(ekhtä)
zuster van
አቡሁ
(äbuhu)
zijn vader
ብእሲተ
(besitä)
een vrouw
ሎቱ
(lotu)
voor hem
በሱባዔ
(bäsubae)
in de jaarweek
ሣልስ
(sals)
derde
በዓመት
(bäamät)
in het jaar
አሐዱ
(ähädu)
één
ዘውእቱ
(zäwtu)
die was
ዓመት
(amät)
jaar
ወወለደ
(wäwälädä)
en hij verwekte
ወልደ
(wäldä)
een zoon
ወጸውዐ
(wätsäwä)
en riep
ስሞ
(semo)
zijn naam
ላሜክ
(lamek)
Lemech
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Plaats

Zie Gen. 5:25.

Zie ookGen 5:25
28En in het vijftiende jubeljaar, in de derde jaarweek, nam Lemech een vrouw voor zich, en haar naam was Betenos, dochter van Barakiël, dochter van de zuster van zijn vader, en in deze jaarweek baarde zij hem een zoon, en hij noemde hem Noach, zeggend: Hij zal mij troosten in mijn smart en in al mijn arbeid en over de aarde die Yahweh vervloekt heeft.
ወበዓሥር
(wäbäasr)
en in de tien
ወኃምስ
(wäkhams)
en vijf
ኢዮቤልዉ
(iyobelwu)
jubeljaar
በሱባዔ
(bäsubae)
in de jaarweek
ሣልስ
(sals)
derde
ነሥአ
(näsä)
nam
ላሜክ
(lamek)
Lemech
ብእሲተ
(besitä)
een vrouw
ወስማ
(wäsma)
en haar naam
ቤተኖስ
(betänos)
Betenos
ወለተ
(wälätä)
dochter van
በራክኤል
(bärakel)
Barakiël
ወለተ
(wälätä)
dochter van
እኅተ
(ekhtä)
zuster van
አቡሁ
(äbuhu)
zijn vader
ሎቱ
(lotu)
voor hem
ብእሲተ
(besitä)
een vrouw
ወበዝ
(wäbäz)
en in deze
ሱባዔ
(subae)
jaarweek
ወለደት
(wälädät)
baarde
ሎቱ
(lotu)
voor hem
ወልደ
(wäldä)
een zoon
ወጸውዐ
(wätsäwä)
en riep
ስሞ
(semo)
zijn naam
ኖኅ
(nokh)
Noach
እንዘ
(enzä)
terwijl
ይብል
(yebl)
zeggend
ዘይናዝዘኒ
(zäynazzäni)
die mij zal troosten
እምሐዘንየ
(emhäzänyä)
in mijn smart
ወእምኵሉ
(wämkwlu)
en in al
ግብርየ
(gebryä)
mijn arbeid
ወእምድር
(wämdr)
en van de aarde
እንተ
(entä)
die
ረገማ
(rägäma)
vervloekt heeft
እግዚአብሔር
(egziäbher)
Yahweh
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Plaats

Zie Gen. 5:29.

Uitleg

ወጸውዐ ስሞ (‘en hij noemde hem’): in dit boek geeft meestal de vader het kind zijn naam (zo Charles, Engelse vertaling uit 1917).

Zie ookGen 5:29

De dood van Adam en van Kaïn

29En aan het einde van het negentiende jubeljaar, in de zevende jaarweek, in het zesde jaar ervan, stierf Adam, en al zijn zonen begroeven hem in het land van zijn schepping.
ወበፍጻሜሁ
(wäbäftsamehu)
en aan het einde ervan
ለዓሥር
(läasr)
van tien
ወታስዕ
(wätas)
en negen
ኢዮቤልዉ
(iyobelwu)
jubeljaar
በሱባዔ
(bäsubae)
in de jaarweek
ሳብዕ
(sab)
zevende
በሳድስ
(bäsads)
in het zesde
ዓመቱ
(amätu)
jaar ervan
ሎቱ
(lotu)
van haar
ሞተ
(motä)
stierf
አዳም
(ädam)
Adam
ወቀበርዎ
(wäqäbärwo)
en zij begroeven hem
ኵሎሙ
(kwlomu)
allen
ደቂቁ
(däqiqu)
zijn zonen
ወስተ
(wästä)
in
ምድረ
(medrä)
de aarde van
ፍጥረቱ
(feträtu)
zijn schepping
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Plaats

Zie Gen. 5:5.

Uitleg

ፍጥረቱ (‘zijn schepping’): Zie 3:32.

Lezing

Charles (Engelse vertaling uit 1917) heeft hierna nog ‘en hij was de eerste die in de aarde werd begraven’; dat staat niet in de Beta-tekst.

Zie ookGen 5:5
30En zeventig jaar ontbrak er aan duizend jaar, want duizend jaar is één dag in het getuigenis van de hemelen.
ወሰብዓ
(wäsäba)
en zeventig
ዓመተ
(amätä)
jaren
አሕጸጸ
(ähtsätsä)
ontbrak
እምዐሠርቱ
(emäsärtu)
dan tien
ምእት
(met)
honderd
ዓም
(am)
jaar
እስመ
(esmä)
omdat
ዐሠርቱ
(äsärtu)
tien
ምእት
(met)
honderd
ዓመት
(amät)
jaar
አሐቲ
(ähäti)
één
ዕለተ
(elätä)
dag
ውስተ
(westä)
in
ስምዐ
(semä)
getuigenis
ሰማያት
(sämayat)
de hemelen
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Plaats

Zie Ps. 90:4.

Lezing

Charles (Engelse vertaling uit 1917) heeft hierna nog ‘en daarom is er over de boom van de kennis geschreven: Op de dag dat jullie ervan eten zullen jullie sterven (Zie Gen. 2:17).

Hierom voltooide hij de jaren van deze dag niet, want hij stierf daarin’; dat staat niet in de Beta-tekst.

31Aan het einde van dit jubeljaar werd Kaïn gedood, na hem, in hetzelfde jaar; en zijn huis viel op hem, en hij stierf te midden van zijn huis, en hij werd gedood door zijn stenen.
በተፍጻሜቱ
(bätäftsametu)
aan het einde van
ለዝንቱ
(läzntu)
van dit
ኢዮቤልዉ
(iyobelwu)
jubeljaar
ተቀትለ
(täqätlä)
werd gedood
ቃየን
(qayän)
Kaïn
እምድኅሬሁ
(emdkhrehu)
na hem
በአሐዱ
(bäähädu)
in één
ዓም
(am)
jaar
ወወድቀ
(wäwädqä)
en viel
ቤቱ
(betu)
zijn huis
ላዕሌሁ
(lalehu)
op hem
ወሞተ
(wämotä)
en stierf
በማእከለ
(bämakälä)
te midden van
ቤቱ
(betu)
zijn huis
ወተቀትለ
(wätäqätlä)
en werd gedood
በእበኒሃ
(bäbäniha)
met zijn stenen
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Lezing

Charles (Engelse vertaling uit 1917) heeft hierna nog ‘want met een steen had hij Abel gedood, en door een steen werd hij gedood in rechtvaardig oordeel’; dat staat niet in de Beta-tekst.

32Daarom is op de tafelen van de hemel bepaald: Met het werktuig waarmee een man zijn naaste doodt, daarmee moet hij gedood worden; zoals hij hem verwondde, zo moeten zij aan hem doen.
በእንተዝ
(bäntäz)
hierom
ተሠርዐ
(täsärä)
is bepaald
ውስተ
(westä)
in
ጽላተ
(tselatä)
tafelen van
ሰማይ
(sämay)
hemel
በንዋይ
(bänway)
met het werktuig
ዘቀተለ
(zäqätälä)
waarmee hij doodde
ብእሲ
(besi)
een man
ቢጾ
(bitso)
zijn naaste
ቦቱ
(botu)
daaraan
ይትቀትል
(yetqätl)
moet gedood worden
በከመ
(bäkämä)
zoals
አቍሰሎ
(äqwsälo)
hij hem verwondde
ከማሁ
(kämahu)
zo
ይግበሩ
(yegbäru)
dat zij doen
ሎቱ
(lotu)
aan hem
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Plaats

Zie Lev. 24:19–20.

33En in het vijfentwintigste jubeljaar nam Noach een vrouw voor zich, en haar naam was Emzara, dochter van Rakiël, dochter van de zuster van zijn vader.
ወበዕሥራ
(wäbäsra)
en in de twintig
ወኃምስ
(wäkhams)
en vijf
ኢዮቤልዉ
(iyobelwu)
jubeljaar
ነሥአ
(näsä)
nam
ሎቱ
(lotu)
voor hem
ኖኅ
(nokh)
Noach
ብእሲተ
(besitä)
een vrouw
ወስማ
(wäsma)
en haar naam
ዕምዛራ
(emzara)
Emzara
ወለተ
(wälätä)
dochter van
ራኪኤል
(rakiel)
Rakiël
ወለተ
(wälätä)
dochter van
እኅቱ
(ekhtu)
zijn zuster
ሎቱ
(lotu)
voor hem
ብእሲተ
(besitä)
een vrouw
Bron: Maṣḥafa Kufāle (Ge'ez; Beta Masaheft). Waar de voetnoten Charles noemen, is dat R.H. Charles, The Book of Jubilees, Engelse vertaling uit 1917, waarmee we vergelijken waar de Ge'ez-tekst afwijkt.
Plaats

Zie Gen. 5:32.

Lezing

Charles (Engelse vertaling uit 1917) heeft hierna nog de geboorte van Sem, Cham en Jafeth, in het derde en vijfde jaar van de vijfde jaarweek en het eerste jaar van de zesde jaarweek; dat staat niet in de Beta-tekst.

Zie ookGen 5:32