Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).
David zondert de zangers af
1David en de legeroversten zonderden voor de dienst de zonen van Asaf, Heman en Jedutun af. Zij profeteerden met lieren, harpen en bekkens. Dit was het aantal van de mannen die het werk deden, naar hun dienst:
וַיַּבְדֵּ֣ל
(vayavdel)
en zonderde af
דָּוִיד֩
(david)
David
וְשָׂרֵ֨י
(vesarei)
en de oversten van
הַצָּבָ֜א
(hatsava)
het leger
לַעֲבֹדָ֗ה
(laavoda)
voor de dienst
לִבְנֵ֤י
(livnei)
van de zonen van
אָסָף֙
(asaf)
Asaf
וְהֵימָ֣ן
(veheiman)
en Heman
וִֽידוּת֔וּן
(vidutun)
en Jedutun
הַֽנִּבְּאִ֛ים
(hanibeim)
die profeteerden
בְּכִנֹּר֥וֹת
(bekhinorot)
met lieren
בִּנְבָלִ֖ים
(binvalim)
met harpen
וּבִמְצִלְתָּ֑יִם
(uvimtsiltayim)
en met bekkens
וַֽיְהִי֙
(vayhi)
en was
מִסְפָּרָ֔ם
(misparam)
hun aantal
אַנְשֵׁ֥י
(anshei)
mannen van
מְלָאכָ֖ה
(melakha)
werk
לַעֲבֹדָתָֽם
(laavodatam)
naar hun dienst
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
נִבָּא (nibba), ‘profeteren’: hier is het profeteren verbonden met muziek en lofzang, zoals in vers 3.
Vergelijk 1 Sam. 10:5, waar een groep profeten met muziek profeteert.
כִּנּוֹר (kinnor), ‘lier’; נֶבֶל (nevel), ‘harp’; מְצִלְתַּיִם (metsiltayim), ‘bekkens’: dezelfde instrumenten als in 2 Sam. 6:5.
Lezing
Geschreven staat הַנְּבִיאִים (hannevi’im), ‘de profeten’.
Gelezen wordt הַנִּבְּאִים (hannibbe’im), ‘die profeteren’.
2Van de zonen van Asaf: Zakkur, Josef, Netanja en Asarela. Dit zijn zonen van Asaf, onder leiding van Asaf. Hij profeteerde onder leiding van de koning.
לִבְנֵ֣י
(livnei)
van de zonen van
אָסָ֗ף
(asaf)
Asaf
זַכּ֧וּר
(zakur)
Zakkur
וְיוֹסֵ֛ף
(veyosef)
en Josef
וּנְתַנְיָ֥ה
(unetanya)
en Netanja
וַאֲשַׂרְאֵ֖לָה
(vaasarela)
en Asarela
בְּנֵ֣י
(benei)
zonen van
אָסָ֑ף
(asaf)
Asaf
עַ֚ל
(al)
onder
יַד
(yad)
hand van
אָסָ֔ף
(asaf)
Asaf
הַנִּבָּ֖א
(haniba)
die profeteerde
עַל
(al)
onder
יְדֵ֥י
(yedei)
handen van
הַמֶּֽלֶךְ
(hamelekh)
de koning
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
עַל יַד (al yad), ‘onder leiding van’: letterlijk ‘onder de hand van’.
3Van Jedutun, de zonen van Jedutun: Gedalja, Tseri, Jesaja, Chasabja en Mattitja, zes, onder leiding van hun vader Jedutun. Hij profeteerde met de lier om Yahweh te danken en te loven.
לִידוּת֑וּן
(lidutun)
van Jedutun
בְּנֵ֣י
(benei)
zonen van
יְדוּת֡וּן
(yedutun)
Jedutun
גְּדַלְיָ֡הוּ
(gedalyahu)
Gedalja
וּצְרִ֡י
(utseri)
en Tseri
וִֽ֠ישַׁעְיָהוּ
(vishayahu)
en Jesaja
חֲשַׁבְיָ֨הוּ
(chashavyahu)
Chasabja
וּמַתִּתְיָ֜הוּ
(umatityahu)
en Mattitja
שִׁשָּׁ֗ה
(shisha)
zes
עַל֩
(al)
onder
יְדֵ֨י
(yedei)
handen van
אֲבִיהֶ֤ם
(avihem)
hun vader
יְדוּתוּן֙
(yedutun)
Jedutun
בַּכִּנּ֔וֹר
(bakinor)
met de lier
הַנִּבָּ֕א
(haniba)
die profeteerde
עַל
(al)
om
הֹד֥וֹת
(hodot)
te danken
וְהַלֵּ֖ל
(vehalel)
en te loven
לַיהוָֽה
(laYahweh)
Yahweh
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
4Van Heman, de zonen van Heman: Bukkia, Mattanja, Uzziël, Sjebuël, Jerimot, Chananja, Chanani, Eliata, Giddalti, Romamti-Ezer, Josjbekasja, Malloti, Hotir en Machaziot.
לְהֵימָ֑ן
(leheiman)
van Heman
בְּנֵ֣י
(benei)
zonen van
הֵימָ֡ן
(heiman)
Heman
בֻּקִּיָּ֡הוּ
(buqiyahu)
Bukkia
מַתַּנְיָ֡הוּ
(matanyahu)
Mattanja
עֻ֠זִּיאֵל
(uziel)
Uzziël
שְׁבוּאֵ֨ל
(shevuel)
Sjebuël
וִֽירִימ֜וֹת
(virimot)
en Jerimot
חֲנַנְיָ֣ה
(chananya)
Chananja
חֲנָ֗נִי
(chanani)
Chanani
אֱלִיאָ֤תָה
(eliata)
Eliata
גִדַּ֨לְתִּי֙
(gidalti)
Giddalti
וְרֹמַ֣מְתִּי
(veromamti)
en Romamti
עֶ֔זֶר
(ezer)
Ezer
יָשְׁבְּקָ֣שָׁה
(yashbeqasha)
Josjbekasja
מַלּ֔וֹתִי
(maloti)
Malloti
הוֹתִ֖יר
(hotir)
Hotir
מַחֲזִיאֽוֹת
(machaziot)
Machaziot
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
רוֹמַמְתִּי עֵזֶר (romamti ezer), ‘Romamti-Ezer’: één naam van twee woorden.
Letterlijk betekent hij ‘ik heb hulp verheven’.
Heman heeft 14 zonen, zoals vers 5 zegt. Enkele namen staan in vers 9–31 in een iets andere spelling: Uzziël is daar waarschijnlijk Azarel (vers 18) en Sjebuël staat daar als שׁוּבָאֵל (Shuvael, vers 20). Wij schrijven beide keren ‘Sjebuël’.
5Al deze mannen waren zonen van Heman, de ziener van de koning, in de woorden van Elohim, om de hoorn te verheffen. Elohim gaf Heman 14 zonen en drie dochters.
כָּל
(kal)
heel
אֵ֨לֶּה
(ele)
deze
בָנִ֜ים
(banim)
zonen
לְהֵימָ֗ן
(leheiman)
van Heman
חֹזֵ֥ה
(choze)
ziener van
הַמֶּ֛לֶךְ
(hamelekh)
de koning
בְּדִבְרֵ֥י
(bedivrei)
in woorden van
הָאֱלֹהִ֖ים
(haElohim)
Elohim
לְהָרִ֣ים
(leharim)
om te verheffen
קָ֑רֶן
(qaren)
hoorn
וַיִּתֵּ֨ן
(vayiten)
en gaf
הָאֱלֹהִ֜ים
(haElohim)
Elohim
לְהֵימָ֗ן
(leheiman)
aan Heman
בָּנִ֛ים
(banim)
zonen
אַרְבָּעָ֥ה
(arbaa)
vier
עָשָׂ֖ר
(asar)
tien
וּבָנ֥וֹת
(uvanot)
en dochters
שָׁלֽוֹשׁ
(shalosh)
drie
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
חֹזֶה (choze), ‘ziener’: iemand die een visioen ziet.
Gad wordt in 2 Sam. 24:11 ook ‘de ziener van David’ genoemd.
קֶרֶן (qeren), ‘hoorn’: een beeld voor kracht en eer. ‘De hoorn verheffen’ is iemand kracht en eer geven.
6Al deze mannen stonden onder leiding van hun vader. Zij zongen in het huis van Yahweh, met bekkens, harpen en lieren, voor de dienst in het huis van Elohim. Asaf, Jedutun en Heman stonden onder leiding van de koning.
כָּל
(kal)
heel
אֵ֣לֶּה
(ele)
deze
עַל
(al)
onder
יְדֵי֩
(yedei)
handen van
אֲבִיהֶ֨ם
(avihem)
hun vader
בַּשִּׁ֜יר
(bashir)
in het lied van
בֵּ֣ית
(beit)
huis van
יְהוָ֗ה
(Yahweh)
Yahweh
בִּמְצִלְתַּ֨יִם֙
(bimtsiltayim)
met bekkens
נְבָלִ֣ים
(nevalim)
harpen
וְכִנֹּר֔וֹת
(vekhinorot)
en lieren
לַעֲבֹדַ֖ת
(laavodat)
voor de dienst van
בֵּ֣ית
(beit)
huis van
הָאֱלֹהִ֑ים
(haElohim)
Elohim
עַ֚ל
(al)
onder
יְדֵ֣י
(yedei)
handen van
הַמֶּ֔לֶךְ
(hamelekh)
de koning
אָסָ֥ף
(asaf)
Asaf
וִידוּת֖וּן
(vidutun)
en Jedutun
וְהֵימָֽן
(veheiman)
en Heman
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg
בְּשִׁיר בֵּית יְהוָה (beshir bet Yahweh): letterlijk ‘in het lied van het huis van Yahweh’.