Elohim Bijbel

Leviticus 12

123456789101112131415161718192021222324252627

De reiniging van een vrouw na de bevalling

Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).

De onreinheid na de geboorte van een kind

1Yahweh sprak tot Mozes:
וַיְדַבֵּ֥ר
(vaydaber)
en Hij sprak
יְהוָ֖ה
(Yahweh)
Yahweh
אֶל
(el)
tot
מֹשֶׁ֥ה
(moshe)
Mozes
לֵּאמֹֽר
(lemor)
zeggende
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
2„Spreek tot de zonen van Israël en zeg: Wanneer een vrouw zwanger wordt en een mannelijk kind baart, is zij zeven dagen onrein. Zoals in de dagen van haar menstruatie, van haar ongesteldheid, is zij onrein.
דַּבֵּ֞ר
(daber)
spreek
אֶל
(el)
tot
בְּנֵ֤י
(benei)
de zonen van
יִשְׂרָאֵל֙
(yisrael)
Israël
לֵאמֹ֔ר
(lemor)
zeggende
אִשָּׁה֙
(isha)
een vrouw
כִּ֣י
(ki)
wanneer
תַזְרִ֔יעַ
(tazria)
zij zwanger wordt
וְיָלְדָ֖ה
(veyaleda)
en zij baart
זָכָ֑ר
(zakhar)
een mannelijk kind
וְטָֽמְאָה֙
(vetamea)
en zij is onrein
שִׁבְעַ֣ת
(shivat)
zeven van
יָמִ֔ים
(yamim)
dagen
כִּימֵ֛י
(kimei)
zoals de dagen van
נִדַּ֥ת
(nidat)
de menstruatie van
דְּוֺתָ֖הּ
(devotah)
haar ongesteldheid
תִּטְמָֽא
(titma)
zij zal onrein zijn
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

טָמֵא (tamé), ‘onrein’: het gaat om rituele onreinheid, niet om zonde.

Wie onrein is, mag niet bij het heiligdom komen en mag niets heiligs aanraken.

תַזְרִיעַ (tazria), ‘zwanger worden’: letterlijk ‘zaad geven’.

נִדָּה (niddah), ‘menstruatie’, en דְּוֺתָהּ (devotah), ‘haar ongesteldheid’: wij geven beide woorden weer.

אִשָּׁה (ishshah), ‘vrouw’.

Aanvullend

Jubileeën 3:10–13 bevestigt de tijden van onreinheid en reiniging.

3Op de achtste dag moet het vlees van zijn voorhuid worden besneden.
וּבַיּ֖וֹם
(uvayom)
en op de dag
הַשְּׁמִינִ֑י
(hashemini)
de achtste
יִמּ֖וֹל
(yimol)
hij zal besneden worden
בְּשַׂ֥ר
(besar)
het vlees van
עָרְלָתֽוֹ
(arelato)
zijn voorhuid
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

De besnijdenis op de achtste dag is ouder dan deze wet (Gen. 17:12).

Zie ook Lukas 2:21.

4Dan moet zij nog 33 dagen blijven in het bloed van reiniging. Zij mag niets heiligs aanraken en het heiligdom niet binnengaan, totdat de dagen van haar reiniging voorbij zijn.
וּשְׁלֹשִׁ֥ים
(usheloshim)
en dertig
יוֹם֙
(yom)
dag
וּשְׁלֹ֣שֶׁת
(usheloshet)
en drie van
יָמִ֔ים
(yamim)
dagen
תֵּשֵׁ֖ב
(teshev)
zij zal blijven
בִּדְמֵ֣י
(bidmei)
in het bloed van
טָהֳרָ֑ה
(tahora)
reiniging
בְּכָל
(bekhal)
in alles wat
קֹ֣דֶשׁ
(qodesh)
heilig is
לֹֽא
(lo)
niet
תִגָּ֗ע
(tiga)
zij zal aanraken
וְאֶל
(veel)
en tot
הַמִּקְדָּשׁ֙
(hamiqdash)
het heiligdom
לֹ֣א
(lo)
niet
תָבֹ֔א
(tavo)
zij zal binnengaan
עַד
(ad)
totdat
מְלֹ֖את
(melot)
de vervulling van
יְמֵ֥י
(yemei)
de dagen van
טָהֳרָֽהּ
(tahorah)
haar reiniging
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

דְּמֵי טָהֳרָה (demei tahorah), ‘bloed van reiniging’: de tijd van reiniging na de eerste onreine dagen.

In die tijd gelden nog twee beperkingen: niets heiligs aanraken en niet naar het heiligdom gaan.

מִקְדָּשׁ (miqdash), ‘heiligdom’: de tabernakel en later de tempel.

5Als zij een vrouwelijk kind baart, is zij twee weken onrein, zoals bij haar menstruatie. Dan moet zij 66 dagen blijven in het bloed van reiniging.
וְאִם
(veim)
en als
נְקֵבָ֣ה
(neqeva)
een vrouwelijk kind
תֵלֵ֔ד
(teled)
zij baart
וְטָמְאָ֥ה
(vetamea)
en zij is onrein
שְׁבֻעַ֖יִם
(shevuayim)
twee weken
כְּנִדָּתָ֑הּ
(kenidatah)
zoals bij haar menstruatie
וְשִׁשִּׁ֥ים
(veshishim)
en zes en zestig
יוֹם֙
(yom)
dag
וְשֵׁ֣שֶׁת
(vesheshet)
en zes van
יָמִ֔ים
(yamim)
dagen
תֵּשֵׁ֖ב
(teshev)
zij zal blijven
עַל
(al)
in
דְּמֵ֥י
(demei)
het bloed van
טָהֳרָֽה
(tahora)
reiniging
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

שְׁבֻעַיִם (shevuayim), ‘twee weken’: letterlijk ‘twee zevens’, dus 14 dagen.

Bij een meisje is de tijd dubbel zo lang: 14 en 66 dagen, samen 80.

Bij een jongen zijn het 7 en 33 dagen, samen 40.

Het offer na de reinigingstijd

6Als de dagen van haar reiniging voorbij zijn, voor een zoon of voor een dochter. Zij moet een lam van een jaar brengen als brandoffer en een jonge duif of een tortelduif als zondoffer. Zij moet dit brengen naar de ingang van de tent van samenkomst, naar de priester.
וּבִמְלֹ֣את
(uvimlot)
en als de vervulling van
יְמֵ֣י
(yemei)
de dagen van
טָהֳרָ֗הּ
(tahorah)
haar reiniging
לְבֵן֮
(leven)
voor een zoon
א֣וֹ
(o)
of
לְבַת֒
(levat)
voor een dochter
תָּבִ֞יא
(tavi)
zij zal brengen
כֶּ֤בֶשׂ
(keves)
een lam
בֶּן
(ben)
zoon van
שְׁנָתוֹ֙
(shenato)
zijn jaar
לְעֹלָ֔ה
(leola)
als brandoffer
וּבֶן
(uven)
en een zoon van
יוֹנָ֥ה
(yona)
duif
אוֹ
(o)
of
תֹ֖ר
(tor)
een tortelduif
לְחַטָּ֑את
(lechatat)
als zondoffer
אֶל
(el)
naar
פֶּ֥תַח
(petach)
de ingang van
אֹֽהֶל
(ohel)
de tent van
מוֹעֵ֖ד
(moed)
samenkomst
אֶל
(el)
naar
הַכֹּהֵֽן
(hakohen)
de priester
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

Een tortelduif (תֹּר, tor) en een jonge duif (בֶּן־יוֹנָה, ben-yonah) zijn ook de vogels van het brandoffer in Lev. 1:14.

Zie ook Lukas 2:22–24.

7De priester moet het voor het aangezicht van Yahweh aanbieden en verzoening voor haar doen. Dan is zij rein van de bron van haar bloed. Dit is de wet voor de vrouw die baart, voor een mannelijk of een vrouwelijk kind.
וְהִקְרִיב֞וֹ
(vehiqrivo)
en hij zal het aanbieden
לִפְנֵ֤י
(lifnei)
voor het aangezicht van
יְהוָה֙
(Yahweh)
Yahweh
וְכִפֶּ֣ר
(vekhiper)
en hij zal verzoening doen
עָלֶ֔יהָ
(aleiha)
voor haar
וְטָהֲרָ֖ה
(vetahara)
en zij is rein
מִמְּקֹ֣ר
(mimeqor)
van de bron van
דָּמֶ֑יהָ
(dameiha)
haar bloed
זֹ֤את
(zot)
dit
תּוֹרַת֙
(torat)
is de wet van
הַיֹּלֶ֔דֶת
(hayoledet)
de vrouw die baart
לַזָּכָ֖ר
(lazakhar)
voor een mannelijk kind
א֥וֹ
(o)
of
לַנְּקֵבָֽה
(laneqeva)
voor een vrouwelijk kind
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

תּוֹרָה (torah), ‘wet’: letterlijk ‘onderwijs’, ‘wijsheid die je de weg wijst’.

Wij vertalen steeds ‘wet’.

Lezing

Het Hebreeuws heeft hier alleen ‘hij’ (en hij brengt het aan).

Dat is de priester uit het vorige vers; wij schrijven ‘de priester’.

Het offer van wie arm is

8Als zij niet genoeg heeft voor een schaap, moet zij twee tortelduiven of twee jonge duiven nemen: één als brandoffer en één als zondoffer. De priester moet verzoening voor haar doen, en zij is rein.”
וְאִם
(veim)
en als
לֹ֨א
(lo)
niet
תִמְצָ֣א
(timtsa)
zij vindt
יָדָהּ֮
(yadah)
haar hand
דֵּ֣י
(dei)
genoeg voor
שֶׂה֒
(se)
een schaap
וְלָקְחָ֣ה
(velaqecha)
en zij zal nemen
שְׁתֵּֽי
(shetei)
twee
תֹרִ֗ים
(torim)
tortelduiven
א֤וֹ
(o)
of
שְׁנֵי֙
(shenei)
twee
בְּנֵ֣י
(benei)
zonen van
יוֹנָ֔ה
(yona)
duif
אֶחָ֥ד
(echad)
de ene
לְעֹלָ֖ה
(leola)
als brandoffer
וְאֶחָ֣ד
(veechad)
en de ene
לְחַטָּ֑את
(lechatat)
als zondoffer
וְכִפֶּ֥ר
(vekhiper)
en hij zal verzoening doen
עָלֶ֛יהָ
(aleiha)
voor haar
הַכֹּהֵ֖ן
(hakohen)
de priester
וְטָהֵֽרָה
(vetahera)
en zij is rein
Bron: Masoretische tekst (Westminster Leningrad Codex, OSHB)
Uitleg

Wie geen lam kan betalen, mag twee vogels brengen.

Zie ook Lev. 5:7 en Lukas 2:24.