Elohim Bijbel

Romeinen 8

12345678910111213141516

Geen veroordeling, leven door de Geest, de zuchtende schepping en de liefde waarvan niets ons scheidt

Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).

Geen veroordeling meer

1Er is dus nu geen veroordeling voor hen die in de Messias Yeshua zijn.
Οὐδὲν
(Ouden)
geen
ἄρα
(ara)
dus
νῦν
(nyn)
nu
κατάκριμα
(katakrima)
veroordeling
τοῖς
(tois)
voor hen die
ἐν
(en)
in
Χριστῷ
(Christo)
de Messias
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
Bron: SBLGNT
Uitleg

κατάκριμα (katakrima), ‘veroordeling’: het vonnis; zo ook in 5:16 en 5:18.

‘In de Messias Yeshua zijn’: met Hem verbonden zijn.

Het vers antwoordt op het ‘ellendig mens’ van 7:24.

Zie ook Rom. 5:16; Rom. 5:18; Rom. 7:24.

Lezing

De SBLGNT markeert hier een variant bij ‘Yeshua’.

Wij volgen de SBLGNT.

2Want de wet van de Geest van het leven in de Messias Yeshua heeft jou vrijgemaakt van de wet van de zonde en van de dood.
ὁ
(ho)
de
γὰρ
(gar)
want
νόμος
(nomos)
wet
τοῦ
(tou)
van de
πνεύματος
(pneumatos)
Geest
τῆς
(tes)
van het
ζωῆς
(zoes)
leven
ἐν
(en)
in
Χριστῷ
(Christo)
de Messias
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
ἠλευθέρωσέν
(eleutherosen)
heeft vrijgemaakt
σε
(se)
jou
ἀπὸ
(apo)
van
τοῦ
(tou)
de
νόμου
(nomou)
wet
τῆς
(tes)
van de
ἁμαρτίας
(hamartias)
zonde
καὶ
(kai)
en
τοῦ
(tou)
van de
θανάτου
(thanatou)
dood
Bron: SBLGNT
Uitleg

νόμος (nomos), ‘wet’: hier twee keer in één vers, ‘de wet van de Geest van het leven’ en ‘de wet van de zonde en van de dood’.

Het Grieks zegt niet of ‘wet’ hier een regel of een gezag bedoelt; wij vertalen overal ‘wet’ (Hebr. tora, ‘onderwijs, instructie’), zoals in 7:21–25. ἐλευθερόω (eleutheroo), ‘vrijmaken’.

Zie ook Rom. 7:23–25.

Lezing

De SBLGNT markeert bij σε (se), ‘jou’, een variant.

Wij volgen de SBLGNT: ‘jou’, enkelvoud.

3Want het onmogelijke van de wet, waarin zij door het vlees zwak was. Elohim heeft, door Zijn eigen Zoon te sturen in de gelijkenis van het vlees van de zonde en voor de zonde, de zonde veroordeeld in het vlees.
τὸ
(to)
het
γὰρ
(gar)
want
ἀδύνατον
(adynaton)
onmogelijke
τοῦ
(tou)
van de
νόμου
(nomou)
wet
ἐν
(en)
in
ᾧ
(ho)
wat
ἠσθένει
(esthenei)
zij was zwak
διὰ
(dia)
door
τῆς
(tes)
het
σαρκός
(sarkos)
vlees
ὁ
(ho)
de
θεὸς
(theos)
Elohim
τὸν
(ton)
de
ἑαυτοῦ
(heautou)
Zijn eigen
υἱὸν
(huion)
Zoon
πέμψας
(pempsas)
gestuurd hebbend
ἐν
(en)
in
ὁμοιώματι
(homoiomati)
gelijkenis
σαρκὸς
(sarkos)
van vlees
ἁμαρτίας
(hamartias)
van zonde
καὶ
(kai)
en
περὶ
(peri)
voor
ἁμαρτίας
(hamartias)
zonde
κατέκρινε
(katekrine)
veroordeelde
τὴν
(ten)
de
ἁμαρτίαν
(hamartian)
zonde
ἐν
(en)
in
τῇ
(te)
het
σαρκί
(sarki)
vlees
Bron: SBLGNT
Uitleg

Het Grieks begint met ‘het onmogelijke van de wet’ en maakt die zin niet af; wij laten dat zo staan en beginnen een nieuwe zin.

De hoofdzin is ‘Elohim … veroordeelde de zonde’, met het deelwoord πέμψας (pempsas), ‘gestuurd hebbend’.

Wij vertalen: ‘Elohim heeft, door … te sturen, … veroordeeld’. ὁμοίωμα (homoioma), ‘gelijkenis’: zoals in 6:5. περὶ ἁμαρτίας (peri hamartias), ‘voor de zonde’: ook ‘als zondoffer’; het Hebreeuwse חַטָּאת (chatat) betekent zowel ‘zonde’ als ‘zondoffer’ (zie Lev. 4:3). κατακρίνω (katakrino), ‘veroordelen’.

‘In het vlees’ staat achter ‘veroordeeld’; het Grieks zegt niet meer.

Zie ook Lev. 4:3; 2 Kor. 5:21; Gal. 4:4.

4Zo zou het rechtsvereiste van de wet vervuld worden in ons, die niet naar het vlees wandelen, maar naar de Geest.
ἵνα
(hina)
opdat
τὸ
(to)
het
δικαίωμα
(dikaioma)
rechtsvereiste
τοῦ
(tou)
van de
νόμου
(nomou)
wet
πληρωθῇ
(plerothe)
vervuld wordt
ἐν
(en)
in
ἡμῖν
(hemin)
ons
τοῖς
(tois)
die
μὴ
(me)
niet
κατὰ
(kata)
naar
σάρκα
(sarka)
vlees
περιπατοῦσιν
(peripatousin)
wandelen
ἀλλὰ
(alla)
maar
κατὰ
(kata)
naar
πνεῦμα
(pneuma)
Geest
Bron: SBLGNT
Uitleg

δικαίωμα (dikaioma), ‘rechtsvereiste’: wat de wet als recht eist; in 5:16 en 5:18 betekent hetzelfde woord ‘vrijspraak’ en ‘rechtvaardige daad’.

Het staat in het enkelvoud. πληρόω (pleroo), ‘vervullen’. περιπατέω (peripateo), ‘wandelen’: de manier van leven, zoals in 6:4. κατὰ σάρκα (kata sarka), ‘naar het vlees’, en κατὰ πνεῦμα (kata pneuma), ‘naar de Geest’: zie de verzen 5–9.

Zie ook Gal. 5:14; Gal. 5:16.

Het vlees en de Geest

5Want zij die naar het vlees zijn, zetten hun zinnen op wat van het vlees is, maar zij die naar de Geest zijn, op wat van de Geest is.
οἱ
(hoi)
zij die
γὰρ
(gar)
want
κατὰ
(kata)
naar
σάρκα
(sarka)
vlees
ὄντες
(ontes)
zijn
τὰ
(ta)
wat
τῆς
(tes)
van het
σαρκὸς
(sarkos)
vlees
φρονοῦσιν
(phronousin)
zetten hun zinnen op
οἱ
(hoi)
zij die
δὲ
(de)
maar
κατὰ
(kata)
naar
πνεῦμα
(pneuma)
Geest
τὰ
(ta)
wat
τοῦ
(tou)
van de
πνεύματος
(pneumatos)
Geest
Bron: SBLGNT
Uitleg

φρονέω (froneo), ‘zijn zinnen zetten op, zich bezighouden met’. σάρξ (sarx), ‘vlees’: de zwakke menselijke natuur, niet alleen het lichaam (zie 7:5 en Gal. 3:3).

Het Grieks heeft ‘de dingen van het vlees’ en ‘de dingen van de Geest’; wij vertalen ‘wat van het vlees is’ en ‘wat van de Geest is’.

Zie ookGal 3:3
6Want de gezindheid van het vlees is de dood, maar de gezindheid van de Geest is leven en vrede.
τὸ
(to)
de
γὰρ
(gar)
want
φρόνημα
(phronema)
gezindheid
τῆς
(tes)
van het
σαρκὸς
(sarkos)
vlees
θάνατος
(thanatos)
dood
τὸ
(to)
de
δὲ
(de)
maar
φρόνημα
(phronema)
gezindheid
τοῦ
(tou)
van de
πνεύματος
(pneumatos)
Geest
ζωὴ
(zoe)
leven
καὶ
(kai)
en
εἰρήνη
(eirene)
vrede
Bron: SBLGNT
Uitleg

φρόνημα (fronema), ‘gezindheid’: wat men denkt en nastreeft; zo ook in vers 7 en vers 27.

Het Grieks heeft in de verzen 6 en 7 geen werkwoord; wij vullen ‘is’ aan.

7Want de gezindheid van het vlees is vijandschap tegen Elohim. Zij onderwerpt zich immers niet aan de wet van Elohim, want zij kan dat ook niet.
διότι
(dioti)
omdat
τὸ
(to)
de
φρόνημα
(phronema)
gezindheid
τῆς
(tes)
van het
σαρκὸς
(sarkos)
vlees
ἔχθρα
(echthra)
vijandschap
εἰς
(eis)
tegen
θεόν
(theon)
Elohim
τῷ
(to)
aan de
γὰρ
(gar)
immers
νόμῳ
(nomo)
wet
τοῦ
(tou)
van
θεοῦ
(theou)
Elohim
οὐχ
(ouch)
niet
ὑποτάσσεται
(hypotassetai)
onderwerpt zij zich
οὐδὲ
(oude)
ook niet
γὰρ
(gar)
want
δύναται
(dynatai)
kan zij
Bron: SBLGNT
Uitleg

διότι (dioti), ‘omdat’: het geeft de reden voor vers 6; wij beginnen met ‘Want’. ἔχθρα (echthra), ‘vijandschap’. ὑποτάσσω (hypotasso), ‘zich onderwerpen’: zo ook in 8:20 (‘onderwerpen’).

‘De wet van Elohim’ is hier de wet van Mozes, de tora van Elohim.

Zie ookRom 8:6
8En zij die in het vlees zijn, kunnen Elohim niet behagen.
οἱ
(hoi)
zij die
δὲ
(de)
maar
ἐν
(en)
in
σαρκὶ
(sarki)
vlees
ὄντες
(ontes)
zijn
θεῷ
(theo)
Elohim
ἀρέσαι
(aresai)
behagen
οὐ
(ou)
niet
δύνανται
(dynantai)
kunnen
Bron: SBLGNT
9Jullie zijn niet in het vlees, maar in de Geest, als de Geest van Elohim tenminste in jullie woont. Maar wie de Geest van de Messias niet heeft, die is niet van Hem.
Ὑμεῖς
(Hymeis)
jullie
δὲ
(de)
maar
οὐκ
(ouk)
niet
ἐστὲ
(este)
zijn
ἐν
(en)
in
σαρκὶ
(sarki)
vlees
ἀλλὰ
(alla)
maar
ἐν
(en)
in
πνεύματι
(pneumati)
Geest
εἴπερ
(eiper)
als tenminste
πνεῦμα
(pneuma)
Geest
θεοῦ
(theou)
van Elohim
οἰκεῖ
(oikei)
woont
ἐν
(en)
in
ὑμῖν
(hymin)
jullie
εἰ
(ei)
als
δέ
(de)
maar
τις
(tis)
iemand
πνεῦμα
(pneuma)
Geest
Χριστοῦ
(Christou)
van de Messias
οὐκ
(ouk)
niet
ἔχει
(echei)
heeft
οὗτος
(houtos)
die
οὐκ
(ouk)
niet
ἔστιν
(estin)
is
αὐτοῦ
(autou)
van Hem
Bron: SBLGNT
Uitleg

εἴπερ (eiper), ‘als tenminste, aangenomen dat’. οἰκέω (oikeo), ‘wonen’: ook in vers 11.

‘De Geest van Elohim’ en ‘de Geest van de Messias’ staan in één zin; het Grieks spreekt er twee keer van de Geest.

‘Die is niet van Hem’: Hem is de Messias.

Zie ook Rom. 8:11; Gal. 4:6.

10Maar als de Messias in jullie is, is het lichaam wel dood vanwege de zonde, maar de geest is leven vanwege de gerechtigheid.
εἰ
(ei)
als
δὲ
(de)
maar
Χριστὸς
(Christos)
de Messias
ἐν
(en)
in
ὑμῖν
(hymin)
jullie
τὸ
(to)
het
μὲν
(men)
wel
σῶμα
(soma)
lichaam
νεκρὸν
(nekron)
dood
διὰ
(dia)
vanwege
ἁμαρτίαν
(hamartian)
zonde
τὸ
(to)
de
δὲ
(de)
maar
πνεῦμα
(pneuma)
geest
ζωὴ
(zoe)
leven
διὰ
(dia)
vanwege
δικαιοσύνην
(dikaiosynen)
gerechtigheid
Bron: SBLGNT
Uitleg

πνεῦμα (pneuma), ‘geest’: wij schrijven het met een kleine letter, de geest van de mens tegenover het lichaam; het Grieks laat open of de Geest van Elohim bedoeld is, zoals in de verzen 9 en 11. νεκρός (nekros), ‘dood’: ‘het lichaam is dood’ is: het valt onder het vonnis van de dood. διὰ δικαιοσύνην (dia dikaiosynen), ‘vanwege gerechtigheid’.

Het Grieks heeft in dit vers geen werkwoord bij ‘lichaam’ en ‘geest’; wij vullen ‘is’ aan.

11Als de Geest van Hem die Yeshua uit de doden heeft opgewekt in jullie woont, dan zal Hij die de Messias Yeshua uit de doden heeft opgewekt ook jullie sterfelijke lichamen levend maken, vanwege Zijn Geest die in jullie woont.
εἰ
(ei)
als
δὲ
(de)
maar
τὸ
(to)
de
πνεῦμα
(pneuma)
Geest
τοῦ
(tou)
van Hem die
ἐγείραντος
(egeirantos)
heeft opgewekt
τὸν
(ton)
de
Ἰησοῦν
(Iesoun)
Yeshua
ἐκ
(ek)
uit
νεκρῶν
(nekron)
doden
οἰκεῖ
(oikei)
woont
ἐν
(en)
in
ὑμῖν
(hymin)
jullie
ὁ
(ho)
Hij die
ἐγείρας
(egeiras)
heeft opgewekt
ἐκ
(ek)
uit
νεκρῶν
(nekron)
doden
Χριστὸν
(Christon)
de Messias
Ἰησοῦν
(Iesoun)
Yeshua
ζῳοποιήσει
(zoopoiesei)
zal levend maken
καὶ
(kai)
ook
τὰ
(ta)
de
θνητὰ
(thneta)
sterfelijke
σώματα
(somata)
lichamen
ὑμῶν
(hymon)
jullie
διὰ
(dia)
vanwege
τὸ
(to)
de
ἐνοικοῦν
(enoikoun)
wonende
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
πνεῦμα
(pneuma)
Geest
ἐν
(en)
in
ὑμῖν
(hymin)
jullie
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἐγείρω (egeiro), ‘opwekken’. ζῳοποιέω (zoopoieo), ‘levend maken’: zo ook in 1 Kor. 15:22. θνητός (thnetos), ‘sterfelijk’. διὰ τὸ ἐνοικοῦν αὐτοῦ πνεῦμα (dia to enoikoun autou pneuma): διά met de vierde naamval is ‘vanwege’; met de tweede naamval zou het ‘door’ zijn.

Wij volgen de tekst van de SBLGNT: ‘vanwege Zijn Geest die in jullie woont’.

Zie ook Rom. 6:4; 1 Kor. 15:22.

Lezing

De SBLGNT markeert in dit vers meerdere varianten, onder andere bij ‘Yeshua’, ‘de Messias Yeshua’ en ‘Zijn Geest die in jullie woont’.

Wij volgen de SBLGNT.

Kinderen en erfgenamen van Elohim

12Dus, broers, zijn wij schuldenaars, maar niet aan het vlees, om naar het vlees te leven.
Ἄρα
(Ara)
dus
οὖν
(oun)
dan
ἀδελφοί
(adelphoi)
broers
ὀφειλέται
(opheiletai)
schuldenaars
ἐσμέν
(esmen)
zijn wij
οὐ
(ou)
niet
τῇ
(te)
aan het
σαρκὶ
(sarki)
vlees
τοῦ
(tou)
om
κατὰ
(kata)
naar
σάρκα
(sarka)
vlees
ζῆν
(zen)
te leven
Bron: SBLGNT
Uitleg

ὀφειλέτης (ofeiletes), ‘schuldenaar’: wie iets verschuldigd is. ἀδελφοί (adelfoi), ‘broers’: ook zusters, zoals in 7:1.

13Want als jullie naar het vlees leven, zullen jullie sterven. Maar als jullie door de Geest de daden van het lichaam doden, zullen jullie leven.
εἰ
(ei)
als
γὰρ
(gar)
want
κατὰ
(kata)
naar
σάρκα
(sarka)
vlees
ζῆτε
(zete)
leven jullie
μέλλετε
(mellete)
zullen jullie
ἀποθνῄσκειν
(apothneskein)
sterven
εἰ
(ei)
als
δὲ
(de)
maar
πνεύματι
(pneumati)
door de Geest
τὰς
(tas)
de
πράξεις
(praxeis)
daden
τοῦ
(tou)
van het
σώματος
(somatos)
lichaam
θανατοῦτε
(thanatoute)
doden jullie
ζήσεσθε
(zesesthe)
zullen jullie leven
Bron: SBLGNT
Uitleg

μέλλω (mello) met ‘sterven’: ‘staan op het punt te sterven, gaan sterven’; wij vertalen ‘zullen jullie sterven’. θανατόω (thanatoo), ‘doden’. πρᾶξις (praxis), ‘daad, handelwijze’.

‘Door de Geest’ (πνεύματι, pneumati): door de kracht van de Geest.

Zie ook Rom. 6:12–13.

14Want allen die door de Geest van Elohim geleid worden, dezen zijn zonen van Elohim.
ὅσοι
(hosoi)
allen die
γὰρ
(gar)
want
πνεύματι
(pneumati)
door de Geest
θεοῦ
(theou)
van Elohim
ἄγονται
(agontai)
geleid worden
οὗτοι
(houtoi)
dezen
υἱοί
(huioi)
zonen
εἰσιν
(eisin)
zijn
θεοῦ
(theou)
van Elohim
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἄγω (ago), ‘leiden’: ‘worden geleid’. υἱοὶ θεοῦ (huioi theou), ‘zonen van Elohim’: het woord omvat in de gemeente ook de dochters, zoals in Gal. 3:26 en 3:28–29.

Zie ook Gal. 3:26; Gal. 4:6.

Lezing

De SBLGNT markeert bij ‘zonen … van Elohim’ (υἱοί … θεοῦ) een variant.

Wij volgen de SBLGNT.

15Want jullie hebben geen geest van slavernij ontvangen om weer te vrezen, maar jullie hebben de Geest van aanneming als zoon ontvangen, waarin wij roepen: „Abba, Vader!”
οὐ
(ou)
niet
γὰρ
(gar)
want
ἐλάβετε
(elabete)
ontvingen jullie
πνεῦμα
(pneuma)
geest
δουλείας
(douleias)
van slavernij
πάλιν
(palin)
weer
εἰς
(eis)
tot
φόβον
(phobon)
vrees
ἀλλὰ
(alla)
maar
ἐλάβετε
(elabete)
ontvingen jullie
πνεῦμα
(pneuma)
Geest
υἱοθεσίας
(huiothesias)
van aanneming als zoon
ἐν
(en)
in
ᾧ
(ho)
wie
κράζομεν
(krazomen)
roepen wij
Αββα
(Abba)
Abba
ὁ
(ho)
de
πατήρ
(pater)
Vader
Bron: SBLGNT
Uitleg

πνεῦμα δουλείας (pneuma douleias), ‘geest van slavernij’: wij schrijven ‘geest’ met een kleine letter, een gezindheid van knechten. πνεῦμα υἱοθεσίας (pneuma huiothesias), ‘Geest van aanneming als zoon’: wij schrijven ‘Geest’ met een hoofdletter, de Geest van Elohim (vers 16).

Het Grieks heeft beide keren ‘geest’ zonder lidwoord. υἱοθεσία (huiothesia), ‘aanneming als zoon’: een kind als zoon met erfrecht aannemen; zo ook in vers 23 en in Gal. 4:5. Αββα (Abba) is Aramees voor ‘vader’; Paulus voegt het Griekse ὁ πατήρ (ho pater), ‘de Vader’, toe. κράζω (krazo), ‘roepen’.

Zie ook Gal. 4:5–6; Mark. 14:36.

16De Geest zelf getuigt mee met onze geest dat wij kinderen van Elohim zijn.
αὐτὸ
(auto)
zelf
τὸ
(to)
de
πνεῦμα
(pneuma)
Geest
συμμαρτυρεῖ
(symmartyrei)
getuigt mee
τῷ
(to)
met de
πνεύματι
(pneumati)
geest
ἡμῶν
(hemon)
onze
ὅτι
(hoti)
dat
ἐσμὲν
(esmen)
zijn wij
τέκνα
(tekna)
kinderen
θεοῦ
(theou)
van Elohim
Bron: SBLGNT
Uitleg

συμμαρτυρέω (symmartyreo), ‘mee getuigen’: de Geest getuigt samen met onze eigen geest. τέκνα θεοῦ (tekna theou), ‘kinderen van Elohim’.

Zie ook Gal. 4:6.

Zie ookGal 4:6
17Als wij kinderen zijn, zijn wij ook erfgenamen: erfgenamen van Elohim en mede-erfgenamen van de Messias, als wij tenminste met Hem lijden, opdat wij ook met Hem verheerlijkt worden.
εἰ
(ei)
als
δὲ
(de)
maar
τέκνα
(tekna)
kinderen
καὶ
(kai)
ook
κληρονόμοι
(kleronomoi)
erfgenamen
κληρονόμοι
(kleronomoi)
erfgenamen
μὲν
(men)
wel
θεοῦ
(theou)
van Elohim
συγκληρονόμοι
(synkleronomoi)
mede-erfgenamen
δὲ
(de)
maar
Χριστοῦ
(Christou)
van de Messias
εἴπερ
(eiper)
als tenminste
συμπάσχομεν
(sympaschomen)
lijden wij mee
ἵνα
(hina)
opdat
καὶ
(kai)
ook
συνδοξασθῶμεν
(syndoxasthomen)
wij met verheerlijkt worden
Bron: SBLGNT
Uitleg

Het Grieks heeft ‘als nu kinderen, ook erfgenamen’, zonder werkwoord; wij vullen ‘zijn wij’ aan. κληρονόμος (kleronomos), ‘erfgenaam’; συγκληρονόμος (sygkleronomos), ‘mede-erfgenaam’. εἴπερ (eiper), ‘als tenminste’. συμπάσχω (sympascho), ‘met lijden’; συνδοξάζω (syndoxazo), ‘met verheerlijkt worden’.

Zie ook Gal. 4:7.

Zie ookGal 4:7

De schepping zucht en wacht

18Want ik reken dat het lijden van de tegenwoordige tijd niet opweegt tegen de komende heerlijkheid die aan ons onthuld zal worden.
Λογίζομαι
(Logizomai)
ik reken
γὰρ
(gar)
want
ὅτι
(hoti)
dat
οὐκ
(ouk)
niet
ἄξια
(axia)
waardig
τὰ
(ta)
het
παθήματα
(pathemata)
lijden
τοῦ
(tou)
van de
νῦν
(nyn)
nu
καιροῦ
(kairou)
tijd
πρὸς
(pros)
tegen
τὴν
(ten)
de
μέλλουσαν
(mellousan)
komende
δόξαν
(doxan)
heerlijkheid
ἀποκαλυφθῆναι
(apokalyphthenai)
onthuld te worden
εἰς
(eis)
aan
ἡμᾶς
(hemas)
ons
Bron: SBLGNT
Uitleg

λογίζομαι (logizomai), ‘rekenen, tot een slotsom komen’: zoals in 6:11. πάθημα (pathema), ‘lijden’: in 7:5 staat hetzelfde woord, daar ‘hartstochten’; hier gaat het om wat men ondergaat. ἄξιος πρός (axios pros), ‘opwegen tegen’: letterlijk ‘waard tegenover’. εἰς ἡμᾶς (eis hemas), ‘aan ons’: het Grieks kan ook ‘in ons’ of ‘voor ons’ zijn.

Zie ook 2 Kor. 4:17.

Zie ook2 Kor 4:17
19Want het vol verwachting uitzien van de schepping wacht op de onthulling van de zonen van Elohim.
ἡ
(he)
het
γὰρ
(gar)
want
ἀποκαραδοκία
(apokaradokia)
vol verwachting uitzien
τῆς
(tes)
van de
κτίσεως
(ktiseos)
schepping
τὴν
(ten)
de
ἀποκάλυψιν
(apokalypsin)
onthulling
τῶν
(ton)
van de
υἱῶν
(huion)
zonen
τοῦ
(tou)
van
θεοῦ
(theou)
Elohim
ἀπεκδέχεται
(apekdechetai)
wacht af
Bron: SBLGNT
Uitleg

κτίσις (ktisis), ‘schepping’: alles wat Elohim gemaakt heeft; het Grieks zegt niet of de mensen erbij horen.

Het woord staat in de verzen 19–22; in vers 39 vertalen wij het met ‘schepsel’. ἀποκαραδοκία (apokaradokia), ‘vol verwachting uitzien’: een zeldzaam woord voor een gespannen uitkijken. ἀπεκδέχομαι (apekdechomai), ‘verwachtingsvol wachten’: ook in de verzen 23 en 25.

De ‘onthulling van de zonen van Elohim’ is dat zichtbaar wordt wie zij zijn.

Zie ookRom 8:39
20Want de schepping is onderworpen aan de zinloosheid, niet vrijwillig, maar vanwege Hem die haar onderwierp, in hoop
τῇ
(te)
aan de
γὰρ
(gar)
want
ματαιότητι
(mataioteti)
zinloosheid
ἡ
(he)
de
κτίσις
(ktisis)
schepping
ὑπετάγη
(hypetage)
is onderworpen
οὐχ
(ouch)
niet
ἑκοῦσα
(hekousa)
willens
ἀλλὰ
(alla)
maar
διὰ
(dia)
vanwege
τὸν
(ton)
Hem
ὑποτάξαντα
(hypotaxanta)
die onderwierp
ἐφ’
(eph’)
in
ἑλπίδι
(helpidi)
hoop
Bron: SBLGNT
Uitleg

ματαιότης (mataiotes), ‘zinloosheid’: leegte, doelloosheid. ὑποτάσσω (hypotasso), ‘onderwerpen’.

‘Hem die haar onderwierp’: het Grieks noemt Hem niet bij naam; vergelijk de vloek over de grond in Gen. 3:17–19. ἐφ᾽ ἑλπίδι (ef elpidi), ‘in hoop’: de zin loopt door in vers 21, waar ὅτι (hoti) ‘dat’ of ‘omdat’ kan betekenen.

Zie ook Gen. 3:17–19.

Lezing

De SBLGNT markeert bij ἐφ᾽ (ef) een variant.

Wij volgen de SBLGNT.

21dat ook de schepping zelf bevrijd zal worden van de slavernij van de vergankelijkheid tot de vrijheid van de heerlijkheid van de kinderen van Elohim.
ὅτι
(hoti)
dat
καὶ
(kai)
ook
αὐτὴ
(aute)
zelf
ἡ
(he)
de
κτίσις
(ktisis)
schepping
ἐλευθερωθήσεται
(eleutherothesetai)
zal bevrijd worden
ἀπὸ
(apo)
van
τῆς
(tes)
de
δουλείας
(douleias)
slavernij
τῆς
(tes)
van de
φθορᾶς
(phthoras)
vergankelijkheid
εἰς
(eis)
tot
τὴν
(ten)
de
ἐλευθερίαν
(eleutherian)
vrijheid
τῆς
(tes)
van de
δόξης
(doxes)
heerlijkheid
τῶν
(ton)
van de
τέκνων
(teknon)
kinderen
τοῦ
(tou)
van
θεοῦ
(theou)
Elohim
Bron: SBLGNT
Uitleg

ὅτι (hoti), ‘dat’: ook ‘omdat’; zie vers 20. ἐλευθερόω (eleutheroo), ‘bevrijden’. φθορά (fthora), ‘vergankelijkheid’: vergaan, verval; ‘slavernij van de vergankelijkheid’.

‘De vrijheid van de heerlijkheid van de kinderen van Elohim’: de vrijheid die bij hun heerlijkheid hoort.

Zie ookRom 8:20
22Want wij weten dat heel de schepping tot nu toe samen zucht en samen in barensweeën is.
οἴδαμεν
(oidamen)
wij weten
γὰρ
(gar)
want
ὅτι
(hoti)
dat
πᾶσα
(pasa)
heel
ἡ
(he)
de
κτίσις
(ktisis)
schepping
συστενάζει
(systenazei)
zucht samen
καὶ
(kai)
en
συνωδίνει
(synodinei)
is samen in barensweeën
ἄχρι
(achri)
tot
τοῦ
(tou)
het
νῦν
(nyn)
nu
Bron: SBLGNT
Uitleg

συστενάζω (systenazo), ‘samen zuchten’, en συνωδίνω (synodino), ‘samen in barensweeën zijn’: de schepping wordt als een barende vrouw voorgesteld.

‘Tot nu toe’ (ἄχρι τοῦ νῦν): tot dit moment.

23Niet alleen zij, maar ook wijzelf, die de eersteling van de Geest hebben, ook wijzelf zuchten in onszelf. Wij wachten verwachtingsvol op de aanneming als zoon, de loskoping van ons lichaam.
οὐ
(ou)
niet
μόνον
(monon)
alleen
δέ
(de)
maar
ἀλλὰ
(alla)
maar
καὶ
(kai)
ook
αὐτοὶ
(autoi)
zijzelf
τὴν
(ten)
de
ἀπαρχὴν
(aparchen)
eersteling
τοῦ
(tou)
van de
πνεύματος
(pneumatos)
Geest
ἔχοντες
(echontes)
hebbend
ἡμεῖς
(hemeis)
wij
καὶ
(kai)
ook
αὐτοὶ
(autoi)
zelf
ἐν
(en)
in
ἑαυτοῖς
(heautois)
onszelf
στενάζομεν
(stenazomen)
zuchten wij
υἱοθεσίαν
(huiothesian)
aanneming als zoon
ἀπεκδεχόμενοι
(apekdechomenoi)
verwachtingsvol wachtend
τὴν
(ten)
de
ἀπολύτρωσιν
(apolytrosin)
loskoping
τοῦ
(tou)
van het
σώματος
(somatos)
lichaam
ἡμῶν
(hemon)
ons
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἀπαρχή (aparche), ‘eersteling’: de eerste opbrengst van de oogst, die de rest aankondigt.

Het Griekse deelwoord ἀπεκδεχόμενοι (apekdechomenoi), ‘verwachtingsvol wachtend’, maken wij tot een eigen zin.

‘De eersteling van de Geest’: het Grieks laat open of de Geest zelf de eersteling is of een eerste gave van de Geest. υἱοθεσία (huiothesia), ‘aanneming als zoon’: zie vers 15; hier wordt zij nog verwacht. ἀπολύτρωσις (apolytrosis), ‘loskoping’: vrijkoping met een losprijs; ‘de loskoping van ons lichaam’.

Zie ook Rom. 8:15.

Lezing

De SBLGNT markeert in dit vers varianten bij καὶ αὐτοί (‘ook zijzelf’) en bij ἡμεῖς καί (‘wij ook’).

Wij volgen de SBLGNT.

Zie ookRom 8:15
24Want in de hoop zijn wij gered. Maar hoop die gezien wordt, is geen hoop. Want wat iemand ziet, waarop zou hij hopen?
τῇ
(te)
in de
γὰρ
(gar)
want
ἐλπίδι
(elpidi)
hoop
ἐσώθημεν
(esothemen)
zijn wij gered
ἐλπὶς
(elpis)
hoop
δὲ
(de)
maar
βλεπομένη
(blepomene)
gezien wordende
οὐκ
(ouk)
niet
ἔστιν
(estin)
is
ἐλπίς
(elpis)
hoop
ὃ
(ho)
wat
γὰρ
(gar)
want
βλέπει
(blepei)
ziet
τίς
(tis)
iemand
ἐλπίζει
(elpizei)
hoopt hij
Bron: SBLGNT
Uitleg

τῇ ἐλπίδι (te elpidi), ‘in de hoop’: de datief kan ‘in hoop’, ‘door de hoop’ of ‘voor de hoop’ zijn; wij vertalen ‘in de hoop’. ἐσώθημεν (esothemen), ‘wij zijn gered’.

Lezing

De SBLGNT markeert bij τίς (tis), ‘iemand’, een variant.

Wij volgen de SBLGNT.

25Maar als wij hopen op wat wij niet zien, wachten wij er met volharding verwachtingsvol op.
εἰ
(ei)
als
δὲ
(de)
maar
ὃ
(ho)
wat
οὐ
(ou)
niet
βλέπομεν
(blepomen)
zien wij
ἐλπίζομεν
(elpizomen)
hopen wij
δι’
(di’)
door
ὑπομονῆς
(hypomones)
volharding
ἀπεκδεχόμεθα
(apekdechometha)
wachten wij verwachtingsvol
Bron: SBLGNT
Uitleg

ὑπομονή (hypomone), ‘volharding’: zoals in 5:3–4. ἀπεκδέχομαι (apekdechomai), ‘verwachtingsvol wachten’: zie vers 19.

Zie ook Rom. 5:3–4.

De Geest pleit voor ons

26Evenzo komt ook de Geest onze zwakheid te hulp. Want wat wij moeten bidden zoals het hoort, weten wij niet. Maar de Geest zelf pleit voor ons met onuitgesproken zuchten.
Ὡσαύτως
(Hosautos)
evenzo
δὲ
(de)
maar
καὶ
(kai)
ook
τὸ
(to)
de
πνεῦμα
(pneuma)
Geest
συναντιλαμβάνεται
(synantilambanetai)
komt te hulp
τῇ
(te)
aan de
ἀσθενείᾳ
(astheneia)
zwakheid
ἡμῶν
(hemon)
onze
τὸ
(to)
het
γὰρ
(gar)
want
τί
(ti)
wat
προσευξώμεθα
(proseuxometha)
wij zouden bidden
καθὸ
(katho)
zoals
δεῖ
(dei)
nodig is
οὐκ
(ouk)
niet
οἴδαμεν
(oidamen)
weten wij
ἀλλὰ
(alla)
maar
αὐτὸ
(auto)
zelf
τὸ
(to)
de
πνεῦμα
(pneuma)
Geest
ὑπερεντυγχάνει
(hyperentynchanei)
pleit voor ons
στεναγμοῖς
(stenagmois)
met zuchten
ἀλαλήτοις
(alaletois)
onuitgesproken
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἀσθένεια (astheneia), ‘zwakheid’. συναντιλαμβάνομαι (synantilambanomai), ‘te hulp komen, mee aanpakken’. ὑπερεντυγχάνω (hyperentygchano), ‘pleiten voor’: voor iemand opkomen; ἐντυγχάνω staat in de verzen 27 en 34. στεναγμός (stenagmos), ‘zucht’; ἀλάλητος (alaletos), ‘onuitgesproken’: zonder woorden, of te groot voor woorden.

Lezing

De SBLGNT markeert in dit vers varianten bij τῇ ἀσθενείᾳ (‘de zwakheid’), προσευξώμεθα (‘wij moeten bidden’) en ὑπερεντυγχάνει (‘pleit voor ons’).

Wij volgen de SBLGNT.

27Hij die de harten onderzoekt, weet wat de gezindheid van de Geest is, want Hij pleit overeenkomstig Elohim voor heiligen.
ὁ
(ho)
Hij die
δὲ
(de)
maar
ἐραυνῶν
(eraunon)
onderzoekt
τὰς
(tas)
de
καρδίας
(kardias)
harten
οἶδεν
(oiden)
weet
τί
(ti)
wat
τὸ
(to)
de
φρόνημα
(phronema)
gezindheid
τοῦ
(tou)
van de
πνεύματος
(pneumatos)
Geest
ὅτι
(hoti)
dat
κατὰ
(kata)
overeenkomstig
θεὸν
(theon)
Elohim
ἐντυγχάνει
(entynchanei)
pleit Hij
ὑπὲρ
(hyper)
voor
ἁγίων
(hagion)
heiligen
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἐραυνάω (eraunao), ‘onderzoeken, doorzoeken’: ‘Hij die de harten onderzoekt’ is Elohim (vergelijk 1 Sam. 16:7; Jer. 17:10). φρόνημα (fronema), ‘gezindheid’: zoals in vers 6. κατὰ θεόν (kata theon), ‘overeenkomstig Elohim’: naar Zijn wil. ἅγιοι (hagioi), ‘heiligen’: de toegewijden, de leden van de gemeente; het Grieks heeft hier geen lidwoord.

Zie ook 1 Sam. 16:7; Jer. 17:10.

Geroepen, rechtvaardig verklaard, verheerlijkt

28Wij weten dat voor hen die Elohim liefhebben alles meewerkt ten goede, voor hen die volgens het voornemen geroepen zijn.
Οἴδαμεν
(Oidamen)
wij weten
δὲ
(de)
maar
ὅτι
(hoti)
dat
τοῖς
(tois)
voor hen die
ἀγαπῶσι
(agaposi)
liefhebben
τὸν
(ton)
de
θεὸν
(theon)
Elohim
πάντα
(panta)
alles
συνεργεῖ
(synergei)
werkt mee
εἰς
(eis)
tot
ἀγαθόν
(agathon)
goed
τοῖς
(tois)
voor hen die
κατὰ
(kata)
volgens
πρόθεσιν
(prothesin)
voornemen
κλητοῖς
(kletois)
geroepen
οὖσιν
(ousin)
zijn
Bron: SBLGNT
Uitleg

συνεργέω (synergeo), ‘meewerken’. πρόθεσις (prothesis), ‘voornemen’: het plan dat Elohim zich voorgenomen heeft; het Grieks heeft hier geen bezittelijk voornaamwoord. κλητός (kletos), ‘geroepen’.

Lezing

De SBLGNT markeert bij συνεργεῖ (synergei) een variant.

Wij volgen de SBLGNT: ‘alles werkt mee’.

29Want wie Hij tevoren gekend heeft, die heeft Hij ook vooraf bestemd om gelijkvormig te zijn aan het beeld van Zijn Zoon. Zo zou Hij de eerstgeborene zijn onder veel broers.
ὅτι
(hoti)
want
οὓς
(hous)
wie
προέγνω
(proegno)
Hij tevoren kende
καὶ
(kai)
ook
προώρισεν
(proorisen)
bestemde Hij vooraf
συμμόρφους
(symmorphous)
gelijkvormig
τῆς
(tes)
aan het
εἰκόνος
(eikonos)
beeld
τοῦ
(tou)
van de
υἱοῦ
(huiou)
Zoon
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
εἰς
(eis)
opdat
τὸ
(to)
het
εἶναι
(einai)
zijn
αὐτὸν
(auton)
Hij
πρωτότοκον
(prototokon)
eerstgeborene
ἐν
(en)
onder
πολλοῖς
(pollois)
velen
ἀδελφοῖς
(adelphois)
broers
Bron: SBLGNT
Uitleg

Wij splitsen de lange Griekse zin; εἰς τὸ εἶναι (eis to einai) geeft doel of gevolg. προγινώσκω (proginosko), ‘tevoren kennen’. προορίζω (proorizo), ‘vooraf bestemmen’: ook in vers 30. σύμμορφος (symmorfos), ‘gelijkvormig’: dezelfde vorm hebbend. εἰκών (eikon), ‘beeld’. πρωτότοκος (prototokos), ‘eerstgeborene’: de eerste in rang en in tijd; vergelijk Ps. 89:28.

‘Onder veel broers’ (ἐν πολλοῖς ἀδελφοῖς): het Griekse woord omvat ook de zusters.

Zie ook Ps. 89:28.

30En wie Hij vooraf bestemd heeft, die heeft Hij ook geroepen. En wie Hij geroepen heeft, die heeft Hij ook rechtvaardig verklaard. En wie Hij rechtvaardig verklaard heeft, die heeft Hij ook verheerlijkt.
οὓς
(hous)
wie
δὲ
(de)
maar
προώρισεν
(proorisen)
Hij vooraf bestemde
τούτους
(toutous)
dezen
καὶ
(kai)
ook
ἐκάλεσεν
(ekalesen)
riep Hij
καὶ
(kai)
en
οὓς
(hous)
wie
ἐκάλεσεν
(ekalesen)
Hij riep
τούτους
(toutous)
dezen
καὶ
(kai)
ook
ἐδικαίωσεν
(edikaiosen)
verklaarde Hij rechtvaardig
οὓς
(hous)
wie
δὲ
(de)
maar
ἐδικαίωσεν
(edikaiosen)
Hij rechtvaardig verklaarde
τούτους
(toutous)
dezen
καὶ
(kai)
ook
ἐδόξασεν
(edoxasen)
verheerlijkte Hij
Bron: SBLGNT
Uitleg

De vijf werkwoorden (tevoren kennen in vers 29, vooraf bestemmen, roepen, rechtvaardig verklaren, verheerlijken) staan alle in dezelfde verleden tijd, ook ‘verheerlijkt’. καλέω (kaleo), ‘roepen’; δικαιόω (dikaioo), ‘rechtvaardig verklaren’ (zoals in 5:1); δοξάζω (doxazo), ‘verheerlijken’.

Zie ookRom 8:29

Wie zal ons scheiden van de liefde van de Messias?

31Wat zullen wij dan hierop zeggen? Als Elohim voor ons is, wie is dan tegen ons?
Τί
(Ti)
wat
οὖν
(oun)
dan
ἐροῦμεν
(eroumen)
zullen wij zeggen
πρὸς
(pros)
tegenover
ταῦτα
(tauta)
dit
εἰ
(ei)
als
ὁ
(ho)
de
θεὸς
(theos)
Elohim
ὑπὲρ
(hyper)
voor
ἡμῶν
(hemon)
ons
τίς
(tis)
wie
καθ’
(kath’)
tegen
ἡμῶν
(hemon)
ons
Bron: SBLGNT
Uitleg

De verzen 31–39 bestaan uit een reeks vragen.

‘Als Elohim voor ons is, wie is tegen ons?’: vergelijk Ps. 118:6, ‘Yahweh is aan mijn kant, ik zal niet vrezen’.

Zie ook Ps. 118:6.

Zie ookPs 118:6
32Hij die immers Zijn eigen Zoon niet gespaard heeft, maar Hem voor ons allen overgegeven heeft, hoe zal Hij ons met Hem niet ook alles uit genade schenken?
ὅς
(hos)
Hij die
γε
(ge)
immers
τοῦ
(tou)
Zijn
ἰδίου
(idiou)
eigen
υἱοῦ
(huiou)
Zoon
οὐκ
(ouk)
niet
ἐφείσατο
(epheisato)
spaarde
ἀλλὰ
(alla)
maar
ὑπὲρ
(hyper)
voor
ἡμῶν
(hemon)
ons
πάντων
(panton)
allen
παρέδωκεν
(paredoken)
gaf over
αὐτόν
(auton)
Hem
πῶς
(pos)
hoe
οὐχὶ
(ouchi)
niet
καὶ
(kai)
ook
σὺν
(syn)
met
αὐτῷ
(auto)
Hem
τὰ
(ta)
de
πάντα
(panta)
alles
ἡμῖν
(hemin)
aan ons
χαρίσεται
(charisetai)
zal schenken
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἴδιος (idios), ‘eigen’. φείδομαι (feidomai), ‘sparen’. παραδίδωμι (paradidomi), ‘overgeven’: zoals in 4:25. χαρίζομαι (charizomai), ‘uit genade schenken’: zoals in Gal. 3:18.

Vergelijk Abraham, die zijn zoon, zijn enige, niet voor Elohim achterhield (Gen. 22:12, 22:16).

Zie ook Gen. 22:12; Gen. 22:16; Rom. 4:25.

33Wie zal een aanklacht indienen tegen uitverkorenen van Elohim? Elohim is het die rechtvaardig verklaart.
τίς
(tis)
wie
ἐγκαλέσει
(enkalesei)
zal aanklagen
κατὰ
(kata)
tegen
ἐκλεκτῶν
(eklekton)
uitverkorenen
θεοῦ
(theou)
van Elohim
θεὸς
(theos)
Elohim
ὁ
(ho)
die
δικαιῶν
(dikaion)
rechtvaardig verklaart
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἐγκαλέω (enkaleo), ‘een aanklacht indienen’. ἐκλεκτός (eklektos), ‘uitverkorene’: wie Elohim uitgekozen heeft. δικαιόω (dikaioo), ‘rechtvaardig verklaren’.

Het Grieks stelt de vraag en het antwoord kort naast elkaar.

De woorden lijken op Jes. 50:8–9, waar Elohim dichtbij is en rechtvaardig verklaart.

Zie ook Jes. 50:8–9.

34Wie is het die veroordeelt? De Messias, die gestorven is, ja meer, die opgewekt is, die ook aan de rechterhand van Elohim is, die ook voor ons pleit.
τίς
(tis)
wie
ὁ
(ho)
die
κατακρινῶν
(katakrinon)
veroordeelt
Χριστὸς
(Christos)
de Messias
ὁ
(ho)
die
ἀποθανών
(apothanon)
gestorven is
μᾶλλον
(mallon)
meer
δὲ
(de)
maar
ἐγερθείς
(egertheis)
opgewekt is
ὅς
(hos)
die
καί
(kai)
ook
ἐστιν
(estin)
is
ἐν
(en)
aan
δεξιᾷ
(dexia)
rechterhand
τοῦ
(tou)
van
θεοῦ
(theou)
Elohim
ὃς
(hos)
die
καὶ
(kai)
ook
ἐντυγχάνει
(entynchanei)
pleit
ὑπὲρ
(hyper)
voor
ἡμῶν
(hemon)
ons
Bron: SBLGNT
Uitleg

κατακρίνω (katakrino), ‘veroordelen’.

‘Aan de rechterhand van Elohim’: de plaats van eer en gezag, zoals in Ps. 110:1. ἐντυγχάνω (entygchano), ‘pleiten voor’: zoals in vers 27.

Zie ook Ps. 110:1.

Lezing

De SBLGNT markeert in dit vers varianten bij κατακρινῶν (‘veroordeelt’), Χριστός (‘de Messias’), δέ (‘maar’), ἐγερθείς (‘opgewekt’) en καί (‘ook’).

Wij volgen de SBLGNT.

35Wie zal ons scheiden van de liefde van de Messias? Verdrukking of benauwdheid of vervolging of honger of naaktheid of gevaar of zwaard?
τίς
(tis)
wie
ἡμᾶς
(hemas)
ons
χωρίσει
(chorisei)
zal scheiden
ἀπὸ
(apo)
van
τῆς
(tes)
de
ἀγάπης
(agapes)
liefde
τοῦ
(tou)
van de
Χριστοῦ
(Christou)
Messias
θλῖψις
(thlipsis)
verdrukking
ἢ
(e)
of
στενοχωρία
(stenochoria)
benauwdheid
ἢ
(e)
of
διωγμὸς
(diogmos)
vervolging
ἢ
(e)
of
λιμὸς
(limos)
honger
ἢ
(e)
of
γυμνότης
(gymnotes)
naaktheid
ἢ
(e)
of
κίνδυνος
(kindynos)
gevaar
ἢ
(e)
of
μάχαιρα
(machaira)
zwaard
Bron: SBLGNT
Uitleg

χωρίζω (chorizo), ‘scheiden’.

De lijst: θλῖψις (thlipsis), ‘verdrukking’ (zoals in 5:3); στενοχωρία (stenochoria), ‘benauwdheid’, letterlijk ‘een nauwe ruimte’; διωγμός (diogmos), ‘vervolging’; λιμός (limos), ‘honger’; γυμνότης (gymnotes), ‘naaktheid’; κίνδυνος (kindynos), ‘gevaar’; μάχαιρα (machaira), ‘zwaard’.

‘De liefde van de Messias’: Zijn liefde voor ons (vers 37).

Zie ook 2 Kor. 6:4–5; 2 Kor. 11:26–27.

36Zoals geschreven staat: „Om Uwentwil worden wij de hele dag gedood. Wij zijn gerekend als schapen voor de slacht.”
καθὼς
(kathos)
zoals
γέγραπται
(gegraptai)
geschreven staat
ὅτι
(hoti)
dat
Ἕνεκεν
(Heneken)
omwille
σοῦ
(sou)
van U
θανατούμεθα
(thanatoumetha)
worden wij gedood
ὅλην
(holen)
de hele
τὴν
(ten)
de
ἡμέραν
(hemeran)
dag
ἐλογίσθημεν
(elogisthemen)
zijn wij gerekend
ὡς
(hos)
als
πρόβατα
(probata)
schapen
σφαγῆς
(sphages)
van slacht
Bron: SBLGNT
Uitleg

Aanhaling van Ps. 44:23 (NL 44:22).

Ons Hebreeuws heeft: ‘Want om Uwentwil worden wij de hele dag gedood.

Wij worden geacht als schapen voor de slacht.’

Paulus’ aanhaling heeft ‘worden wij gedood’ (tegenwoordige tijd) en ‘wij zijn gerekend’ (ἐλογίσθημεν, elogisthemen; verleden tijd).

Ons Hebreeuws heeft bij beide werkwoorden dezelfde vorm (de voltooide tijd), die wij met een tegenwoordige tijd weergeven.

In de psalm wordt Elohim aangesproken; ook hier is ‘U’ (σοῦ) Elohim.

Het citaat staat zwart: Paulus haalt het aan.

Zie ook Ps. 44:23.

Zie ookPs 44:23
37Maar in dit alles overwinnen wij ruimschoots door Hem die ons heeft liefgehad.
ἀλλ’
(all’)
maar
ἐν
(en)
in
τούτοις
(toutois)
deze dingen
πᾶσιν
(pasin)
allen
ὑπερνικῶμεν
(hypernikomen)
overwinnen wij ruimschoots
διὰ
(dia)
door
τοῦ
(tou)
Hem die
ἀγαπήσαντος
(agapesantos)
liefgehad heeft
ἡμᾶς
(hemas)
ons
Bron: SBLGNT
Uitleg

ὑπερνικάω (hypernikao), ‘ruimschoots overwinnen, meer dan overwinnen’.

‘Hem die ons heeft liefgehad’ (τοῦ ἀγαπήσαντος ἡμᾶς): de Messias (vers 35).

Zie ook Gal. 2:20.

38Want ik ben ervan overtuigd dat noch dood noch leven, noch engelen noch heerschappijen, noch het heden noch het toekomende, noch krachten,
πέπεισμαι
(pepeismai)
ik ben overtuigd
γὰρ
(gar)
want
ὅτι
(hoti)
dat
οὔτε
(oute)
noch
θάνατος
(thanatos)
dood
οὔτε
(oute)
noch
ζωὴ
(zoe)
leven
οὔτε
(oute)
noch
ἄγγελοι
(angeloi)
engelen
οὔτε
(oute)
noch
ἀρχαὶ
(archai)
heerschappijen
οὔτε
(oute)
noch
ἐνεστῶτα
(enestota)
het heden
οὔτε
(oute)
noch
μέλλοντα
(mellonta)
het toekomende
οὔτε
(oute)
noch
δυνάμεις
(dynameis)
krachten
Bron: SBLGNT
Uitleg

πείθω (peitho), ‘overtuigen’: πέπεισμαι is een voltooide tijd, ‘ik ben overtuigd’. ἄγγελοι (angeloi), ‘engelen’. ἀρχαί (archai), ‘heerschappijen’: machten die heersen. ἐνεστῶτα (enestota), ‘wat nu aanwezig is, het heden’; μέλλοντα (mellonta), ‘wat komen gaat, het toekomende’. δυνάμεις (dynameis), ‘krachten’.

Het Grieks zet paren tegenover elkaar: dood en leven, engelen en heerschappijen, heden en toekomst; het verschil tussen ‘engelen’ en ‘heerschappijen’ zegt de tekst niet.

Lezing

De SBLGNT markeert bij ‘het heden … krachten’ (ἐνεστῶτα … δυνάμεις) een variant.

Wij volgen de SBLGNT.

39noch hoogte noch diepte, noch enig ander schepsel zal ons kunnen scheiden van de liefde van Elohim, die in de Messias Yeshua is, onze Heer.
οὔτε
(oute)
noch
ὕψωμα
(hypsoma)
hoogte
οὔτε
(oute)
noch
βάθος
(bathos)
diepte
οὔτε
(oute)
noch
τις
(tis)
enig
κτίσις
(ktisis)
schepsel
ἑτέρα
(hetera)
ander
δυνήσεται
(dynesetai)
zal kunnen
ἡμᾶς
(hemas)
ons
χωρίσαι
(chorisai)
scheiden
ἀπὸ
(apo)
van
τῆς
(tes)
de
ἀγάπης
(agapes)
liefde
τοῦ
(tou)
van
θεοῦ
(theou)
Elohim
τῆς
(tes)
die
ἐν
(en)
in
Χριστῷ
(Christo)
de Messias
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
τῷ
(to)
de
κυρίῳ
(kyrio)
Heer
ἡμῶν
(hemon)
onze
Bron: SBLGNT
Uitleg

ὕψωμα (hypsoma), ‘hoogte’; βάθος (bathos), ‘diepte’. κτίσις ἑτέρα (ktisis hetera), ‘enig ander schepsel’: ook ‘een andere schepping’; zie vers 19.

‘De liefde van Elohim, die in de Messias Yeshua is, onze Heer’: de liefde van Elohim is in de Messias te vinden.

Met dit vers eindigen de verzen 31–39.

Zie ook Rom. 8:35.