Elohim Bijbel

Kolossenzen 1

1234

Aanhef, dank en gebed, de Messias boven alles, de verzoening en Paulus als dienaar van de gemeente

Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).

Paulus en Timoteüs aan de gemeente in Kolosse

1Paulus, apostel van Yeshua de Messias door de wil van Elohim, en Timoteüs, de broer,
Παῦλος
(Paulos)
Paulus
ἀπόστολος
(apostolos)
apostel
Χριστοῦ
(Christou)
van de Messias
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
διὰ
(dia)
door
θελήματος
(thelematos)
wil
θεοῦ
(theou)
van Elohim
καὶ
(kai)
en
Τιμόθεος
(Timotheos)
Timoteüs
ὁ
(ho)
de
ἀδελφὸς
(adelphos)
broer
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἀπόστολος (apostolos), ‘apostel’: letterlijk ‘gezondene’.

Timoteüs wordt ‘de broer’ genoemd (ὁ ἀδελφός, ho adelfos).

De brief heeft de vorm van een Griekse brief: afzender, ontvangers en groet; de verzen 1–2 vormen één aanhef.

Zie ook Filip. 1:1.

Zie ookFil 1:1
2aan de heiligen in Kolosse en gelovige broers in de Messias: genade en vrede voor jullie van Elohim, onze Vader.
τοῖς
(tois)
aan de
ἐν
(en)
in
Κολοσσαῖς
(Kolossais)
Kolosse
ἁγίοις
(hagiois)
heiligen
καὶ
(kai)
en
πιστοῖς
(pistois)
gelovige
ἀδελφοῖς
(adelphois)
broers
ἐν
(en)
in
Χριστῷ
(Christo)
de Messias
χάρις
(charis)
genade
ὑμῖν
(hymin)
aan jullie
καὶ
(kai)
en
εἰρήνη
(eirene)
vrede
ἀπὸ
(apo)
van
θεοῦ
(theou)
Elohim
πατρὸς
(patros)
Vader
ἡμῶν
(hemon)
onze
Bron: SBLGNT
Plaats

Zie Kolosse (ligging ongeveer): Kolosse lag in de vallei van de Lycus in het westen van het huidige Turkije, bij het huidige Honaz, niet ver van Laodicea en Hierapolis.

De ligging is bij benadering.

Uitleg

ἅγιοι (hagioi), ‘heiligen’: de toegewijden, mensen die voor Elohim apart gezet zijn. ἀδελφοί (adelfoi), ‘broers’: het Griekse woord omvat in de gemeente ook de zusters.

Kolosse lag in de Lycusvallei in het westen van het huidige Turkije, dicht bij Laodicea en Hierapolis (zie 4:13). χάρις (charis), ‘genade’, en εἰρήνη (eirene), ‘vrede’: de groet van de brieven van Paulus.

Lezing

Bij de plaatsnaam ‘in Kolosse’ staat in de SBLGNT een variantmarkering: sommige handschriften verschillen.

Wij vertalen de SBLGNT-tekst.

Zie ook Kol. 4:13; Gal. 1:3.

Dank om geloof, liefde en hoop

3Wij danken Elohim, de Vader van onze Heer Yeshua de Messias, altijd wanneer wij voor jullie bidden,
Εὐχαριστοῦμεν
(Eucharistoumen)
wij danken
τῷ
(to)
de
θεῷ
(theo)
Elohim
πατρὶ
(patri)
Vader
τοῦ
(tou)
van de
κυρίου
(kyriou)
Heer
ἡμῶν
(hemon)
onze
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
Χριστοῦ
(Christou)
de Messias
πάντοτε
(pantote)
altijd
περὶ
(peri)
voor
ὑμῶν
(hymon)
jullie
προσευχόμενοι
(proseuchomenoi)
biddend
Bron: SBLGNT
Uitleg

‘Altijd’ (πάντοτε, pantote) kan bij ‘wij danken’ horen of bij ‘bidden’; wij kiezen het laatste, zoals de volgorde van het Grieks, en laten het tweede lezen open.

4omdat wij gehoord hebben van jullie geloof in Yeshua de Messias en van de liefde die jullie hebben voor alle heiligen,
ἀκούσαντες
(akousantes)
gehoord hebbend
τὴν
(ten)
het
πίστιν
(pistin)
geloof
ὑμῶν
(hymon)
jullie
ἐν
(en)
in
Χριστῷ
(Christo)
de Messias
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
καὶ
(kai)
en
τὴν
(ten)
de
ἀγάπην
(agapen)
liefde
ἣν
(hen)
die
ἔχετε
(echete)
jullie hebben
εἰς
(eis)
voor
πάντας
(pantas)
alle
τοὺς
(tous)
de
ἁγίους
(hagious)
heiligen
Bron: SBLGNT
Uitleg

Geloof, liefde en hoop (verzen 4–5) staan hier bij elkaar, zoals in 1 Tess. 1:3 en 1 Kor. 13:13. πίστις (pistis), ‘geloof’; ἀγάπη (agape), ‘liefde’; ἐλπίς (elpis), ‘hoop’.

‘Alle heiligen’: alle gelovigen.

Zie ook 1 Tess. 1:3; 1 Tess. 5:8; 1 Kor. 13:13.

5vanwege de hoop die voor jullie in de hemelen is weggelegd. Daarvan hebben jullie eerder gehoord in het woord van de waarheid van de goede boodschap,
διὰ
(dia)
vanwege
τὴν
(ten)
de
ἐλπίδα
(elpida)
hoop
τὴν
(ten)
die
ἀποκειμένην
(apokeimenen)
weggelegd is
ὑμῖν
(hymin)
voor jullie
ἐν
(en)
in
τοῖς
(tois)
de
οὐρανοῖς
(ouranois)
hemelen
ἣν
(hen)
waarvan
προηκούσατε
(proekousate)
jullie eerder hoorden
ἐν
(en)
in
τῷ
(to)
het
λόγῳ
(logo)
woord
τῆς
(tes)
van de
ἀληθείας
(aletheias)
waarheid
τοῦ
(tou)
van de
εὐαγγελίου
(euangeliou)
goede boodschap
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἀπόκειμαι (apokeimai), ‘weggelegd zijn’: bewaard voor wie het toekomt. προακούω (proakouo), ‘eerder horen’: het woord komt hier alleen voor.

‘Het woord van de waarheid’: de verkondiging van de goede boodschap.

6die bij jullie aanwezig is. Zoals zij ook in de hele wereld vrucht draagt en groeit, zoals ook onder jullie, vanaf de dag dat jullie de genade van Elohim in waarheid hoorden en leerden kennen,
τοῦ
(tou)
die
παρόντος
(parontos)
aanwezig is
εἰς
(eis)
bij
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
καθὼς
(kathos)
zoals
καὶ
(kai)
ook
ἐν
(en)
in
παντὶ
(panti)
heel
τῷ
(to)
de
κόσμῳ
(kosmo)
wereld
ἐστὶν
(estin)
is
καρποφορούμενον
(karpophoroumenon)
vrucht dragend
καὶ
(kai)
en
αὐξανόμενον
(auxanomenon)
groeiend
καθὼς
(kathos)
zoals
καὶ
(kai)
ook
ἐν
(en)
onder
ὑμῖν
(hymin)
jullie
ἀφ’
(aph’)
vanaf
ἧς
(hes)
welke
ἡμέρας
(hemeras)
dag
ἠκούσατε
(ekousate)
jullie hoorden
καὶ
(kai)
en
ἐπέγνωτε
(epegnote)
leerden kennen
τὴν
(ten)
de
χάριν
(charin)
genade
τοῦ
(tou)
van de
θεοῦ
(theou)
Elohim
ἐν
(en)
in
ἀληθείᾳ
(aletheia)
waarheid
Bron: SBLGNT
Uitleg

καρποφορέω (karpoforeo), ‘vrucht dragen’, en αὐξάνω (auxano), ‘groeien’: beelden van een plant. ἐπιγινώσκω (epiginosko), ‘leren kennen’: grondig kennismaken.

De Griekse zin loopt door in vers 7; wij splitsen hem in vers 5–6.

Zie ook Mark. 4:8.

7zoals jullie geleerd hebben van Epafras, onze geliefde medeknecht, die een trouwe dienaar van de Messias is voor ons,
καθὼς
(kathos)
zoals
ἐμάθετε
(emathete)
jullie leerden
ἀπὸ
(apo)
van
Ἐπαφρᾶ
(Epaphra)
Epafras
τοῦ
(tou)
de
ἀγαπητοῦ
(agapetou)
geliefde
συνδούλου
(syndoulou)
medeknecht
ἡμῶν
(hemon)
onze
ὅς
(hos)
die
ἐστιν
(estin)
is
πιστὸς
(pistos)
trouwe
ὑπὲρ
(hyper)
voor
ἡμῶν
(hemon)
ons
διάκονος
(diakonos)
dienaar
τοῦ
(tou)
van de
Χριστοῦ
(Christou)
Messias
Bron: SBLGNT
Uitleg

Epafras (Ἐπαφρᾶς) is een andere man dan Epafroditus uit Filip. 2:25. σύνδουλος (syndoulos), ‘medeknecht’; διάκονος (diakonos), ‘dienaar’.

Bij ‘voor ons’ staat in de SBLGNT een variantmarkering.

Zie ook Kol. 4:12; Filip. 2:25; Filem. 23.

8die ons ook jullie liefde in de Geest bekend heeft gemaakt.
ὁ
(ho)
die
καὶ
(kai)
ook
δηλώσας
(delosas)
bekend gemaakt heeft
ἡμῖν
(hemin)
aan ons
τὴν
(ten)
de
ὑμῶν
(hymon)
jullie
ἀγάπην
(agapen)
liefde
ἐν
(en)
in
πνεύματι
(pneumati)
Geest
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἐν πνεύματι (en pneumati), ‘in de Geest’: de liefde die de Geest werkt; het Grieks heeft geen lidwoord en kan ook ‘in geest’ (geestelijk) betekenen.

Gebed om volle kennis van Zijn wil

9Daarom houden ook wij, vanaf de dag dat wij het hoorden, niet op voor jullie te bidden. Wij vragen dat jullie vervuld worden met de volle kennis van Zijn wil, in alle wijsheid en geestelijk inzicht,
Διὰ
(Dia)
om
τοῦτο
(touto)
dit
καὶ
(kai)
ook
ἡμεῖς
(hemeis)
wij
ἀφ’
(aph’)
vanaf
ἧς
(hes)
welke
ἡμέρας
(hemeras)
dag
ἠκούσαμεν
(ekousamen)
wij hoorden
οὐ
(ou)
niet
παυόμεθα
(pauometha)
houden op
ὑπὲρ
(hyper)
voor
ὑμῶν
(hymon)
jullie
προσευχόμενοι
(proseuchomenoi)
biddend
καὶ
(kai)
en
αἰτούμενοι
(aitoumenoi)
vragend
ἵνα
(hina)
opdat
πληρωθῆτε
(plerothete)
jullie vervuld worden
τὴν
(ten)
de
ἐπίγνωσιν
(epignosin)
volle kennis
τοῦ
(tou)
van de
θελήματος
(thelematos)
wil
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
ἐν
(en)
in
πάσῃ
(pase)
alle
σοφίᾳ
(sophia)
wijsheid
καὶ
(kai)
en
συνέσει
(synesei)
inzicht
πνευματικῇ
(pneumatike)
geestelijk
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἐπίγνωσις (epignosis), ‘volle kennis’: grondige, doorleefde kennis; wij gebruiken deze weergave ook in vers 10. σύνεσις (synesis), ‘inzicht’; πνευματικός (pneumatikos), ‘geestelijk’.

De Griekse zin loopt door tot vers 12; wij splitsen hem bij ‘Wij vragen’.

10om de Heer waardig te wandelen, tot volledig behagen, vrucht dragend in elk goed werk en groeiend in de volle kennis van Elohim,
περιπατῆσαι
(peripatesai)
te wandelen
ἀξίως
(axios)
waardig
τοῦ
(tou)
van de
κυρίου
(kyriou)
Heer
εἰς
(eis)
tot
πᾶσαν
(pasan)
volledig
ἀρεσκείαν
(areskeian)
behagen
ἐν
(en)
in
παντὶ
(panti)
elk
ἔργῳ
(ergo)
werk
ἀγαθῷ
(agatho)
goed
καρποφοροῦντες
(karpophorountes)
vrucht dragend
καὶ
(kai)
en
αὐξανόμενοι
(auxanomenoi)
groeiend
τῇ
(te)
in de
ἐπιγνώσει
(epignosei)
volle kennis
τοῦ
(tou)
van de
θεοῦ
(theou)
Elohim
Bron: SBLGNT
Uitleg

περιπατέω (peripateo), ‘wandelen’: een manier van leven. ἀρεσκεία (areskeia), ‘behagen’. καρποφορέω (karpoforeo), ‘vrucht dragen’: zie vers 6.

Zie ookKol 1:6
11met alle kracht gesterkt naar de macht van Zijn heerlijkheid, tot alle volharding en geduld, met vreugde,
ἐν
(en)
in
πάσῃ
(pase)
alle
δυνάμει
(dynamei)
kracht
δυναμούμενοι
(dynamoumenoi)
gesterkt
κατὰ
(kata)
naar
τὸ
(to)
de
κράτος
(kratos)
macht
τῆς
(tes)
van de
δόξης
(doxes)
heerlijkheid
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
εἰς
(eis)
tot
πᾶσαν
(pasan)
alle
ὑπομονὴν
(hypomonen)
volharding
καὶ
(kai)
en
μακροθυμίαν
(makrothymian)
geduld
μετὰ
(meta)
met
χαρᾶς
(charas)
vreugde
Bron: SBLGNT
Uitleg

δυναμόω (dynamoo), ‘sterken’: verwant aan δύναμις (dynamis), ‘kracht’. κράτος (kratos), ‘macht’. ὑπομονή (hypomone), ‘volharding’; μακροθυμία (makrothymia), ‘geduld’: letterlijk ‘lange adem’.

12dankend aan de Vader die jullie bekwaam gemaakt heeft voor het deel van het erfdeel van de heiligen in het licht,
εὐχαριστοῦντες
(eucharistountes)
dankend
τῷ
(to)
aan de
πατρὶ
(patri)
Vader
τῷ
(to)
die
ἱκανώσαντι
(hikanosanti)
bekwaam gemaakt heeft
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
εἰς
(eis)
tot
τὴν
(ten)
het
μερίδα
(merida)
deel
τοῦ
(tou)
van het
κλήρου
(klerou)
erfdeel
τῶν
(ton)
van de
ἁγίων
(hagion)
heiligen
ἐν
(en)
in
τῷ
(to)
het
φωτί
(photi)
licht
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἱκανόω (hikanoo), ‘bekwaam maken’. μερίς (meris), ‘deel’; κλῆρος (kleros), ‘erfdeel’: wat bij loting of erfenis toegewezen wordt.

‘Dankend’ kan op Paulus en Timoteüs slaan (vers 3) of op de lezers (verzen 10–11); het Grieks laat dit open.

Zie ookKol 1:3
13die ons bevrijd heeft uit het gezag van de duisternis en ons overgebracht heeft naar het koninkrijk van de Zoon van Zijn liefde,
ὃς
(hos)
die
ἐρρύσατο
(errysato)
bevrijdde
ἡμᾶς
(hemas)
ons
ἐκ
(ek)
uit
τῆς
(tes)
het
ἐξουσίας
(exousias)
gezag
τοῦ
(tou)
van de
σκότους
(skotous)
duisternis
καὶ
(kai)
en
μετέστησεν
(metestesen)
bracht over
εἰς
(eis)
naar
τὴν
(ten)
het
βασιλείαν
(basileian)
koninkrijk
τοῦ
(tou)
van de
υἱοῦ
(huiou)
Zoon
τῆς
(tes)
van de
ἀγάπης
(agapes)
liefde
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἐξουσία (exousia), ‘gezag’: hetzelfde Griekse woord staat in vers 16 in het meervoud. σκότος (skotos), ‘duisternis’. μεθίστημι (methistemi), ‘overbrengen’: verhuizen naar een andere plaats.

‘De Zoon van Zijn liefde’: de geliefde Zoon.

Zie ook Matt. 3:17.

14in wie wij de loskoping hebben, de vergeving van de zonden.
ἐν
(en)
in
ᾧ
(ho)
wie
ἔχομεν
(echomen)
wij hebben
τὴν
(ten)
de
ἀπολύτρωσιν
(apolytrosin)
loskoping
τὴν
(ten)
de
ἄφεσιν
(aphesin)
vergeving
τῶν
(ton)
van de
ἁμαρτιῶν
(hamartion)
zonden
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἀπολύτρωσις (apolytrosis), ‘loskoping’: bevrijding door een losprijs. ἄφεσις (afesis), ‘vergeving’: letterlijk ‘loslating’.

De Messias, het beeld van de onzichtbare Elohim

15Hij is het beeld van de onzichtbare Elohim, de eerstgeborene van heel de schepping,
ὅς
(hos)
Hij die
ἐστιν
(estin)
is
εἰκὼν
(eikon)
beeld
τοῦ
(tou)
van de
θεοῦ
(theou)
Elohim
τοῦ
(tou)
de
ἀοράτου
(aoratou)
onzichtbare
πρωτότοκος
(prototokos)
eerstgeborene
πάσης
(pases)
van heel
κτίσεως
(ktiseos)
schepping
Bron: SBLGNT
Uitleg

De verzen 15–20 worden door veel lezers als een lied of hymne gelezen; de tekst zegt dat zelf niet. εἰκών (eikon), ‘beeld’: afbeelding. ἀόρατος (aoratos), ‘onzichtbaar’. πρωτότοκος (prototokos), ‘eerstgeborene’: eerste in rang en tijd; vergelijk Ps. 89:28, waar Yahweh zegt: „Ook zal Ik hem tot eerstgeborene maken, de hoogste bij de koningen van de aarde.” κτίσις (ktisis), ‘schepping’: ook ‘schepsel’.

Het Grieks laat open of ‘eerstgeborene van heel de schepping’ betekent: de eerste in de schepping, of de eerste over de schepping.

Zie ook Filip. 2:6–11; Ps. 89:28; Gen. 1:26–27.

16want in Hem is alles geschapen, in de hemelen en op de aarde, het zichtbare en het onzichtbare, hetzij tronen hetzij oppermachten hetzij heerschappijen hetzij gezagsmachten. Alles is door Hem en voor Hem geschapen.
ὅτι
(hoti)
omdat
ἐν
(en)
in
αὐτῷ
(auto)
Hem
ἐκτίσθη
(ektisthe)
werd geschapen
τὰ
(ta)
het
πάντα
(panta)
alles
ἐν
(en)
in
τοῖς
(tois)
de
οὐρανοῖς
(ouranois)
hemelen
καὶ
(kai)
en
ἐπὶ
(epi)
op
τῆς
(tes)
de
γῆς
(ges)
aarde
τὰ
(ta)
het
ὁρατὰ
(horata)
zichtbare
καὶ
(kai)
en
τὰ
(ta)
het
ἀόρατα
(aorata)
onzichtbare
εἴτε
(eite)
hetzij
θρόνοι
(thronoi)
tronen
εἴτε
(eite)
hetzij
κυριότητες
(kyriotetes)
oppermachten
εἴτε
(eite)
hetzij
ἀρχαὶ
(archai)
heerschappijen
εἴτε
(eite)
hetzij
ἐξουσίαι
(exousiai)
gezagsmachten
τὰ
(ta)
het
πάντα
(panta)
alles
δι’
(di’)
door
αὐτοῦ
(autou)
Hem
καὶ
(kai)
en
εἰς
(eis)
voor
αὐτὸν
(auton)
Hem
ἔκτισται
(ektistai)
is geschapen
Bron: SBLGNT
Uitleg

Vier woorden voor machten: θρόνοι (thronoi), ‘tronen’; κυριότητες (kyriotetes), ‘oppermachten’; ἀρχαί (archai), ‘heerschappijen’; ἐξουσίαι (exousiai), ‘gezagsmachten’.

Wij gebruiken voor elk Grieks woord een eigen Nederlands woord, ook in 2:10, 2:15 en in Efeziërs.

De tekst zegt niet of het om engelen, mensen of ordeningen gaat.

‘In Hem’, ‘door Hem’ en ‘voor Hem’ staan in het Grieks achter elkaar; alles is geschapen in, door en voor de Zoon.

Zie ook Kol. 2:10; Kol. 2:15; Joh. 1:3; Ef. 1:21.

17En Hij is vóór alles, en alles houdt samen in Hem.
καὶ
(kai)
en
αὐτός
(autos)
Hij
ἐστιν
(estin)
is
πρὸ
(pro)
vóór
πάντων
(panton)
alles
καὶ
(kai)
en
τὰ
(ta)
het
πάντα
(panta)
alles
ἐν
(en)
in
αὐτῷ
(auto)
Hem
συνέστηκεν
(synesteken)
houdt samen
Bron: SBLGNT
Uitleg

πρὸ πάντων (pro panton), ‘vóór alles’: in tijd of in rang; het Grieks laat beide toe. συνίστημι (synistemi), ‘samenhouden’: ook ‘bestaan’.

18En Hij is het hoofd van het lichaam, de gemeente. Hij is het begin, de eerstgeborene uit de doden, opdat Hij zelf in alles de eerste wordt.
καὶ
(kai)
en
αὐτός
(autos)
Hij
ἐστιν
(estin)
is
ἡ
(he)
het
κεφαλὴ
(kephale)
hoofd
τοῦ
(tou)
van het
σώματος
(somatos)
lichaam
τῆς
(tes)
van de
ἐκκλησίας
(ekklesias)
gemeente
ὅς
(hos)
die
ἐστιν
(estin)
is
ἀρχή
(arche)
begin
πρωτότοκος
(prototokos)
eerstgeborene
ἐκ
(ek)
uit
τῶν
(ton)
de
νεκρῶν
(nekron)
doden
ἵνα
(hina)
opdat
γένηται
(genetai)
Hij wordt
ἐν
(en)
in
πᾶσιν
(pasin)
alles
αὐτὸς
(autos)
Hij zelf
πρωτεύων
(proteuon)
de eerste zijnde
Bron: SBLGNT
Uitleg

κεφαλή (kefale), ‘hoofd’. ἐκκλησία (ekklesia), ‘gemeente’: de Messias is het hoofd van het lichaam, de gemeente. ἀρχή (arche), ‘begin’: hetzelfde Griekse woord als ‘heerschappij’ in vers 16; hier kiezen wij ‘begin’, omdat het naast ‘eerstgeborene’ staat; het kan ook ‘oorsprong’ betekenen. πρωτεύω (proteuo), ‘de eerste zijn’.

Zie ook 1 Kor. 15:20; 1 Kor. 15:23.

19Want heel de volheid vond het goed in Hem te wonen,
ὅτι
(hoti)
omdat
ἐν
(en)
in
αὐτῷ
(auto)
Hem
εὐδόκησεν
(eudokesen)
vond goed
πᾶν
(pan)
heel
τὸ
(to)
de
πλήρωμα
(pleroma)
volheid
κατοικῆσαι
(katoikesai)
te wonen
Bron: SBLGNT
Uitleg

εὐδοκέω (eudokeo), ‘goedvinden’: verwant aan εὐδοκία (eudokia), ‘goede wil’.

Het onderwerp is in het Grieks ‘heel de volheid’ (πλήρωμα, pleroma); sommigen vullen ‘Elohim’ als onderwerp in.

Wij volgen de woorden zoals zij er staan. κατοικέω (katoikeo), ‘wonen’: blijvend wonen.

Zie ook Kol. 2:9.

Zie ookKol 2:9
20en door Hem alles tot Hem te verzoenen, vrede makend door het bloed van Zijn kruis. [Door Hem] hetzij wat op de aarde hetzij wat in de hemelen is.
καὶ
(kai)
en
δι’
(di’)
door
αὐτοῦ
(autou)
Hem
ἀποκαταλλάξαι
(apokatallaxai)
te verzoenen
τὰ
(ta)
het
πάντα
(panta)
alles
εἰς
(eis)
tot
αὐτόν
(auton)
Hem
εἰρηνοποιήσας
(eirenopoiesas)
vrede makend
διὰ
(dia)
door
τοῦ
(tou)
het
αἵματος
(haimatos)
bloed
τοῦ
(tou)
van het
σταυροῦ
(staurou)
kruis
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
δι’
(di’)
door
αὐτοῦ
(autou)
Hem
εἴτε
(eite)
hetzij
τὰ
(ta)
wat
ἐπὶ
(epi)
op
τῆς
(tes)
de
γῆς
(ges)
aarde
εἴτε
(eite)
hetzij
τὰ
(ta)
wat
ἐν
(en)
in
τοῖς
(tois)
de
οὐρανοῖς
(ouranois)
hemelen
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἀποκαταλλάσσω (apokatallasso), ‘verzoenen’: weer in vrede brengen; zoals in 2 Kor. 5:18–20. εἰρηνοποιέω (eirenopoieo), ‘vrede maken’.

‘Tot Hem’ (εἰς αὐτόν): tot de Zoon of tot Elohim; het Grieks laat dit open.

De woorden [door Hem] staan in de SBLGNT tussen haken.

Zie ook 2 Kor. 5:18–20; Ef. 2:14–16.

Verzoend door Zijn dood

21En ook jullie, die eens vervreemd waren en vijanden in het denken, in de boze werken—
καὶ
(kai)
en
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
ποτε
(pote)
eens
ὄντας
(ontas)
zijnde
ἀπηλλοτριωμένους
(apellotriomenous)
vervreemd
καὶ
(kai)
en
ἐχθροὺς
(echthrous)
vijanden
τῇ
(te)
in het
διανοίᾳ
(dianoia)
denken
ἐν
(en)
in
τοῖς
(tois)
de
ἔργοις
(ergois)
werken
τοῖς
(tois)
de
πονηροῖς
(ponerois)
boze
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἀπαλλοτριόω (apallotrioo), ‘vervreemden’: van iets of iemand losgemaakt zijn. διάνοια (dianoia), ‘denken’: het verstand en de gezindheid.

De zin in vers 21 begint met ‘en ook jullie’ en wordt in vers 22 voortgezet.

Zie ookKol 1:22
22maar nu zijn jullie verzoend in het lichaam van Zijn vlees, door de dood, om jullie heilig, zonder vlek en zonder aanklacht voor Zijn aangezicht te stellen,
νυνὶ
(nyni)
nu
δὲ
(de)
maar
ἀποκατηλλάγητε
(apokatellagete)
jullie zijn verzoend
ἐν
(en)
in
τῷ
(to)
het
σώματι
(somati)
lichaam
τῆς
(tes)
van het
σαρκὸς
(sarkos)
vlees
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
διὰ
(dia)
door
τοῦ
(tou)
de
θανάτου
(thanatou)
dood
παραστῆσαι
(parastesai)
te stellen
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
ἁγίους
(hagious)
heilig
καὶ
(kai)
en
ἀμώμους
(amomous)
zonder vlek
καὶ
(kai)
en
ἀνεγκλήτους
(anenkletous)
zonder aanklacht
κατενώπιον
(katenopion)
voor het aangezicht van
αὐτοῦ
(autou)
Hem
Bron: SBLGNT
Uitleg

σῶμα τῆς σαρκός (soma tes sarkos), ‘het lichaam van Zijn vlees’: het lichamelijke bestaan van de Zoon; hier is ‘vlees’ dus niet de zwakke menselijke natuur van Gal. 3:3. ἄμωμος (amomos), ‘zonder vlek’; ἀνέγκλητος (anenkletos), ‘zonder aanklacht’. παρίστημι (paristemi), ‘voorstellen’.

Zie ookGal 3:3
23als jullie tenminste in het geloof blijven, gefundeerd en vast, en niet verschoven van de hoop van de goede boodschap die jullie gehoord hebben. Zij is verkondigd in heel de schepping onder de hemel. Van haar ben ik, Paulus, dienaar geworden.
εἴ
(ei)
als
γε
(ge)
tenminste
ἐπιμένετε
(epimenete)
jullie blijven
τῇ
(te)
in het
πίστει
(pistei)
geloof
τεθεμελιωμένοι
(tethemeliomenoi)
gefundeerd
καὶ
(kai)
en
ἑδραῖοι
(hedraioi)
vast
καὶ
(kai)
en
μὴ
(me)
niet
μετακινούμενοι
(metakinoumenoi)
verschoven
ἀπὸ
(apo)
van
τῆς
(tes)
de
ἐλπίδος
(elpidos)
hoop
τοῦ
(tou)
van de
εὐαγγελίου
(euangeliou)
goede boodschap
οὗ
(hou)
die
ἠκούσατε
(ekousate)
jullie hoorden
τοῦ
(tou)
die
κηρυχθέντος
(kerychthentos)
verkondigd werd
ἐν
(en)
in
πάσῃ
(pase)
heel
κτίσει
(ktisei)
schepping
τῇ
(te)
die
ὑπὸ
(hypo)
onder
τὸν
(ton)
de
οὐρανόν
(ouranon)
hemel
οὗ
(hou)
van wie
ἐγενόμην
(egenomen)
ik ben geworden
ἐγὼ
(ego)
ik
Παῦλος
(Paulos)
Paulus
διάκονος
(diakonos)
dienaar
Bron: SBLGNT
Uitleg

εἴ γε (ei ge), ‘als tenminste’. τεθεμελιωμένοι (tethemeliomenoi), ‘gefundeerd’: met een fundament gelegd. ἑδραῖος (hedraios), ‘vast’. μετακινέω (metakineo), ‘verschuiven’.

‘In heel de schepping onder de hemel’: Paulus beschrijft hoe wijd de boodschap reikt; vergelijk vers 6. διάκονος (diakonos), ‘dienaar’.

Zie ook Kol. 1:6.

Zie ookKol 1:6

Paulus, dienaar van de gemeente

24Nu verheug ik me in het lijden voor jullie. In mijn vlees vul ik aan wat ontbreekt aan de verdrukkingen van de Messias, ten bate van Zijn lichaam, dat is de gemeente,
Νῦν
(Nyn)
nu
χαίρω
(chairo)
ik verheug mij
ἐν
(en)
in
τοῖς
(tois)
het
παθήμασιν
(pathemasin)
lijden
ὑπὲρ
(hyper)
voor
ὑμῶν
(hymon)
jullie
καὶ
(kai)
en
ἀνταναπληρῶ
(antanaplero)
ik vul aan
τὰ
(ta)
wat
ὑστερήματα
(hysteremata)
ontbreekt aan
τῶν
(ton)
de
θλίψεων
(thlipseon)
verdrukkingen
τοῦ
(tou)
van de
Χριστοῦ
(Christou)
Messias
ἐν
(en)
in
τῇ
(te)
het
σαρκί
(sarki)
vlees
μου
(mou)
mijn
ὑπὲρ
(hyper)
voor
τοῦ
(tou)
het
σώματος
(somatos)
lichaam
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
ὅ
(ho)
dat
ἐστιν
(estin)
is
ἡ
(he)
de
ἐκκλησία
(ekklesia)
gemeente
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἀνταναπληρόω (antanaplero), ‘aanvullen’: van zijn kant aanvullen. ὑστέρημα (hysterema), ‘wat ontbreekt’. θλῖψις (thlipsis), ‘verdrukking’.

De zin wordt verschillend verstaan: bijvoorbeeld als de verdrukkingen die de Messias en Zijn gemeente in deze tijd nog moeten lijden, waarvan Paulus een deel draagt.

Wij kiezen geen uitleg en vertalen zo letterlijk als het Nederlands toelaat.

Het lichaam van de Messias is de gemeente (vers 18).

Zie ook Filip. 2:30; 2 Kor. 1:5.

25waarvan ik een dienaar geworden ben volgens het beheer van Elohim dat mij met het oog op jullie gegeven is, om het woord van Elohim ten volle te brengen,
ἧς
(hes)
waarvan
ἐγενόμην
(egenomen)
ik werd
ἐγὼ
(ego)
ik
διάκονος
(diakonos)
dienaar
κατὰ
(kata)
volgens
τὴν
(ten)
het
οἰκονομίαν
(oikonomian)
beheer
τοῦ
(tou)
van de
θεοῦ
(theou)
Elohim
τὴν
(ten)
dat
δοθεῖσάν
(dotheisan)
gegeven is
μοι
(moi)
aan mij
εἰς
(eis)
voor
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
πληρῶσαι
(plerosai)
ten volle te brengen
τὸν
(ton)
het
λόγον
(logon)
woord
τοῦ
(tou)
van de
θεοῦ
(theou)
Elohim
Bron: SBLGNT
Uitleg

οἰκονομία (oikonomia), ‘beheer’: de huishouding of het beheer van een huis; Paulus ziet zijn taak als beheerder in het huis van Elohim. πληρόω (pleroo), ‘ten volle brengen’: verwant aan πλήρωμα (pleroma), ‘volheid’, in vers 19. εἰς ὑμᾶς (eis humas): ‘met het oog op jullie’ of ‘voor jullie’.

Zie ookKol 1:19
26het geheimenis dat verborgen was van de eeuwen en van de generaties af, maar nu aan Zijn heiligen openbaar gemaakt is,
τὸ
(to)
het
μυστήριον
(mysterion)
geheimenis
τὸ
(to)
het
ἀποκεκρυμμένον
(apokekrymmenon)
verborgen geweest
ἀπὸ
(apo)
van
τῶν
(ton)
de
αἰώνων
(aionon)
eeuwen
καὶ
(kai)
en
ἀπὸ
(apo)
van
τῶν
(ton)
de
γενεῶν
(geneon)
generaties
νῦν
(nyn)
nu
δὲ
(de)
maar
ἐφανερώθη
(ephanerothe)
is openbaar gemaakt
τοῖς
(tois)
aan de
ἁγίοις
(hagiois)
heiligen
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
Bron: SBLGNT
Uitleg

μυστήριον (mysterion), ‘geheimenis’: wat verborgen was en nu bekendgemaakt wordt. φανερόω (fanero-o), ‘openbaar maken’. γενεά (genea), ‘generatie’.

De Griekse zin loopt door in vers 27; wij laten hem daar doorgaan.

Zie ook Rom. 11:25; Ef. 3:3–6.

27aan wie Elohim bekend wilde maken wat de rijkdom is van de heerlijkheid van dit geheimenis onder de volken. Dat is de Messias in jullie, de hoop van de heerlijkheid.
οἷς
(hois)
aan wie
ἠθέλησεν
(ethelesen)
wilde
ὁ
(ho)
de
θεὸς
(theos)
Elohim
γνωρίσαι
(gnorisai)
bekend maken
τί
(ti)
wat
τὸ
(to)
de
πλοῦτος
(ploutos)
rijkdom
τῆς
(tes)
van de
δόξης
(doxes)
heerlijkheid
τοῦ
(tou)
van het
μυστηρίου
(mysteriou)
geheimenis
τούτου
(toutou)
dit
ἐν
(en)
onder
τοῖς
(tois)
de
ἔθνεσιν
(ethnesin)
volken
ὅ
(ho)
wat
ἐστιν
(estin)
is
Χριστὸς
(Christos)
de Messias
ἐν
(en)
in
ὑμῖν
(hymin)
jullie
ἡ
(he)
de
ἐλπὶς
(elpis)
hoop
τῆς
(tes)
van de
δόξης
(doxes)
heerlijkheid
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἔθνη (ethne), ‘volken’: de niet-Joden. ἐν ὑμῖν (en humin), ‘in jullie’: ook ‘onder jullie’.

De Messias in jullie is hier de ‘hoop van de heerlijkheid’.

Zie ook Ef. 3:3–6.

Zie ookEf 3:3–6
28Hem kondigen wij aan, elke mens vermanend en elke mens onderwijzend in alle wijsheid, om elke mens volmaakt in de Messias voor te stellen.
ὃν
(hon)
Hem
ἡμεῖς
(hemeis)
wij
καταγγέλλομεν
(katangellomen)
kondigen aan
νουθετοῦντες
(nouthetountes)
vermanend
πάντα
(panta)
elke
ἄνθρωπον
(anthropon)
mens
καὶ
(kai)
en
διδάσκοντες
(didaskontes)
onderwijzend
πάντα
(panta)
elke
ἄνθρωπον
(anthropon)
mens
ἐν
(en)
in
πάσῃ
(pase)
alle
σοφίᾳ
(sophia)
wijsheid
ἵνα
(hina)
opdat
παραστήσωμεν
(parastesomen)
wij voorstellen
πάντα
(panta)
elke
ἄνθρωπον
(anthropon)
mens
τέλειον
(teleion)
volmaakt
ἐν
(en)
in
Χριστῷ
(Christo)
de Messias
Bron: SBLGNT
Uitleg

νουθετέω (nouthete-o), ‘vermanen’: terechtwijzen met woorden. καταγγέλλω (katangello), ‘aankondigen’. τέλειος (teleios), ‘volmaakt’: ook ‘volwassen, rijp’, zoals in Filip. 3:15.

Zie ook Filip. 3:15.

Zie ookFil 3:15
29Hiervoor arbeid ik ook, strijdend naar Zijn werking die met kracht in mij werkt.
εἰς
(eis)
tot
ὃ
(ho)
wat
καὶ
(kai)
ook
κοπιῶ
(kopio)
ik arbeid
ἀγωνιζόμενος
(agonizomenos)
strijdend
κατὰ
(kata)
naar
τὴν
(ten)
de
ἐνέργειαν
(energeian)
werking
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
τὴν
(ten)
die
ἐνεργουμένην
(energoumenen)
werkt
ἐν
(en)
in
ἐμοὶ
(emoi)
mij
ἐν
(en)
in
δυνάμει
(dynamei)
kracht
Bron: SBLGNT
Uitleg

κοπιάω (kopiao), ‘arbeiden’: zich moe werken. ἀγωνίζομαι (agonizomai), ‘strijden’: als in een wedstrijd. ἐνέργεια (energeia), ‘werking’; ἐνεργέω (energeo), ‘werken’.

Het is de werking van de Messias in Paulus; zie vers 28.

Zie ook Filip. 2:13; Filip. 2:16.