Bedienden en beheerders; de apostelen als laatsten; Paulus als vader van de gemeente
Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).
Bedienden van de Messias en beheerders van de geheimenissen
1Zo moet een mens ons beschouwen: als bedienden van de Messias en beheerders van de geheimenissen van Elohim.
Οὕτως
(Houtos)
zo
ἡμᾶς
(hemas)
ons
λογιζέσθω
(logizestho)
laat beschouwen
ἄνθρωπος
(anthropos)
mens
ὡς
(hos)
als
ὑπηρέτας
(hyperetas)
bedienden
Χριστοῦ
(Christou)
van de Messias
καὶ
(kai)
en
οἰκονόμους
(oikonomous)
beheerders
μυστηρίων
(mysterion)
van geheimenissen
θεοῦ
(theou)
van Elohim
Bron: SBLGNT
Uitleg
ὑπηρέτης (hyperetes), ‘bediende’: iemand die opdrachten van een ander uitvoert; in 3:5 stond διάκονος (diakonos), ‘dienaar’. οἰκονόμος (oikonomos), ‘beheerder’: de slaaf of vrijgelatene die over het huis van zijn heer gesteld is. μυστήριον (mysterion), ‘geheimenis’: een verborgen plan van Elohim dat bekend wordt gemaakt; zie 2:7.
Paulus en zijn medewerkers zijn de beheerders ervan.
3Voor mij is het van het minste belang dat ik door jullie onderzocht word, of door een menselijke dag. Ik onderzoek zelfs mijzelf niet.
ἐμοὶ
(emoi)
aan mij
δὲ
(de)
maar
εἰς
(eis)
tot
ἐλάχιστόν
(elachiston)
het geringste
ἐστιν
(estin)
is het
ἵνα
(hina)
dat
ὑφ’
(hyph’)
door
ὑμῶν
(hymon)
jullie
ἀνακριθῶ
(anakritho)
ik word onderzocht
ἢ
(e)
of
ὑπὸ
(hypo)
door
ἀνθρωπίνης
(anthropines)
menselijke
ἡμέρας
(hemeras)
dag
ἀλλ’
(all’)
maar
οὐδὲ
(oude)
zelfs niet
ἐμαυτὸν
(emauton)
mijzelf
ἀνακρίνω
(anakrino)
onderzoek ik
Bron: SBLGNT
Uitleg
ἀνακρίνω (anakrino), ‘onderzoeken’: een zaak nagaan en beoordelen, zoals een rechter; zie 2:14–15. ἀνθρωπίνη ἡμέρα (anthropine hemera), ‘menselijke dag’: een dag waarop mensen oordelen, tegenover de dag waarop de Heer oordeelt.
4Want ik ben mij van niets bewust, maar daardoor ben ik nog niet rechtvaardig verklaard. Wie mij onderzoekt, is de Heer.
οὐδὲν
(ouden)
niets
γὰρ
(gar)
want
ἐμαυτῷ
(emauto)
mijzelf
σύνοιδα
(synoida)
ben ik bewust
ἀλλ’
(all’)
maar
οὐκ
(ouk)
niet
ἐν
(en)
in
τούτῳ
(touto)
dit
δεδικαίωμαι
(dedikaiomai)
ben ik rechtvaardig verklaard
ὁ
(ho)
die
δὲ
(de)
maar
ἀνακρίνων
(anakrinon)
onderzoekt
με
(me)
mij
κύριός
(kyrios)
Heer
ἐστιν
(estin)
is
Bron: SBLGNT
Uitleg
δικαιόω (dikaioo), ‘rechtvaardig verklaren’: het Griekse werkwoord is rechterlijk, uitspreken dat iemand gerecht is.
Een zuiver geweten is nog geen vrijspraak; de Heer is de rechter. κύριος is hier Yeshua.
5Oordeel daarom niets vóór de tijd, totdat de Heer komt. Hij zal het verborgene van de duisternis verlichten en de plannen van de harten openbaar maken. Dan zal ieder zijn lof van Elohim ontvangen.
ὥστε
(hoste)
zodat
μὴ
(me)
niet
πρὸ
(pro)
vóór
καιροῦ
(kairou)
de tijd
τι
(ti)
iets
κρίνετε
(krinete)
oordeelt
ἕως
(heos)
totdat
ἂν
(an)
(ooit)
ἔλθῃ
(elthe)
komt
ὁ
(ho)
de
κύριος
(kyrios)
Heer
ὃς
(hos)
die
καὶ
(kai)
ook
φωτίσει
(photisei)
zal verlichten
τὰ
(ta)
het
κρυπτὰ
(krypta)
verborgene
τοῦ
(tou)
van de
σκότους
(skotous)
duisternis
καὶ
(kai)
en
φανερώσει
(phanerosei)
zal openbaar maken
τὰς
(tas)
de
βουλὰς
(boulas)
plannen
τῶν
(ton)
van de
καρδιῶν
(kardion)
harten
καὶ
(kai)
en
τότε
(tote)
dan
ὁ
(ho)
de
ἔπαινος
(epainos)
lof
γενήσεται
(genesetai)
zal komen
ἑκάστῳ
(hekasto)
aan ieder
ἀπὸ
(apo)
van
τοῦ
(tou)
de
θεοῦ
(theou)
Elohim
Bron: SBLGNT
Uitleg
De Heer die komt is Yeshua. φωτίζω (fotizo), ‘verlichten’: aan het licht brengen. τὰ κρυπτὰ τοῦ σκότους (ta krypta tou skotous), ‘het verborgene van de duisternis’. βουλαί (boulai), ‘plannen’: wat men in zijn hart besluit. ἔπαινος (epainos), ‘lof’: de goedkeuring van Elohim.
6Dit, broers, heb ik om jullie wil toegepast op mijzelf en op Apollos. Aan ons moeten jullie het ‘Niet boven wat geschreven staat’ leren. Dan zal niemand van jullie zich opblazen ten gunste van de één tegen de ander.
Ταῦτα
(Tauta)
dit
δέ
(de)
maar
ἀδελφοί
(adelphoi)
broers
μετεσχημάτισα
(meteschematisa)
paste toe
εἰς
(eis)
op
ἐμαυτὸν
(emauton)
mijzelf
καὶ
(kai)
en
Ἀπολλῶν
(Apollon)
Apollos
δι’
(di’)
om
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
ἵνα
(hina)
opdat
ἐν
(en)
aan
ἡμῖν
(hemin)
ons
μάθητε
(mathete)
jullie leren
τό
(to)
het
Μὴ
(Me)
niet
ὑπὲρ
(hyper)
boven
ἃ
(ha)
wat
γέγραπται
(gegraptai)
geschreven staat
ἵνα
(hina)
opdat
μὴ
(me)
niet
εἷς
(heis)
één
ὑπὲρ
(hyper)
ten gunste van
τοῦ
(tou)
de
ἑνὸς
(henos)
één
φυσιοῦσθε
(physiousthe)
jullie opblazen
κατὰ
(kata)
tegen
τοῦ
(tou)
de
ἑτέρου
(heterou)
ander
Bron: SBLGNT
Uitleg
μετασχηματίζω (metaschematizo), ‘een andere vorm geven’: wat Paulus over leraren zegt, past hij toe op zichzelf en Apollos, zodat het niet over bepaalde mensen gaat.
De woorden ‘Niet boven wat geschreven staat’ zijn in het Grieks beknopt en zonder werkwoord, en het Grieks zet er een lidwoord voor (τό, to): Paulus noemt het als een aangehaalde zegswijze, daarom staat het tussen enkele aanhalingstekens.
De tekst noemt niet welke Schrift bedoeld is. φυσιόω (fysioo), ‘opblazen’: trots maken.
De laatste zin is moeilijk; wij volgen de Griekse woordvolgorde.
7Want wie onderscheidt jou? En wat heb je dat je niet ontvangen hebt? Maar als je het ontvangen hebt, waarom roem je alsof je het niet ontvangen had?
τίς
(tis)
wie
γάρ
(gar)
want
σε
(se)
jou
διακρίνει
(diakrinei)
onderscheidt
τί
(ti)
wat
δὲ
(de)
maar
ἔχεις
(echeis)
heb je
ὃ
(ho)
wat
οὐκ
(ouk)
niet
ἔλαβες
(elabes)
ontving je
εἰ
(ei)
als
δὲ
(de)
maar
καὶ
(kai)
ook
ἔλαβες
(elabes)
ontving je
τί
(ti)
wat
καυχᾶσαι
(kauchasai)
roem je
ὡς
(hos)
alsof
μὴ
(me)
niet
λαβών
(labon)
ontvangen hebbend
Bron: SBLGNT
Uitleg
διακρίνω (diakrino), ‘onderscheiden’: een verschil maken tussen mensen.
Alles wat de Korintiërs hebben, hebben zij ontvangen; daarom is er niets om op te roemen. καυχάομαι (kauchaomai), ‘roemen’.
De apostelen als laatsten
8Jullie zijn al verzadigd! Jullie zijn al rijk geworden! Zonder ons zijn jullie koningen geworden! Ach, waren jullie maar koningen geworden, dan zouden ook wij samen met jullie koning zijn.
Ἤδη
(Ede)
al
κεκορεσμένοι
(kekoresmenoi)
verzadigd
ἐστέ
(este)
zijn jullie
ἤδη
(ede)
al
ἐπλουτήσατε
(eploutesate)
werden jullie rijk
χωρὶς
(choris)
zonder
ἡμῶν
(hemon)
ons
ἐβασιλεύσατε
(ebasileusate)
werden jullie koning
καὶ
(kai)
en
ὄφελόν
(ophelon)
was het maar
γε
(ge)
zo
ἐβασιλεύσατε
(ebasileusate)
werden jullie koning
ἵνα
(hina)
opdat
καὶ
(kai)
ook
ἡμεῖς
(hemeis)
wij
ὑμῖν
(hymin)
aan jullie
συμβασιλεύσωμεν
(symbasileusomen)
mee koning zijn
Bron: SBLGNT
Uitleg
De verzen 8–13 zijn ironisch: de Korintiërs doen alsof het koninkrijk al volledig gekomen is. κορέννυμι (korennymi), ‘verzadigen’; βασιλεύω (basileuo), ‘koning zijn’; συμβασιλεύω (symbasileuo), ‘samen koning zijn’.
9Want ik denk dat Elohim ons, de apostelen, als laatsten heeft aangewezen, als ter dood veroordeelden. Wij zijn een schouwspel geworden voor de wereld, voor engelen en voor mensen.
δοκῶ
(doko)
ik denk
γάρ
(gar)
want
ὁ
(ho)
de
θεὸς
(theos)
Elohim
ἡμᾶς
(hemas)
ons
τοὺς
(tous)
de
ἀποστόλους
(apostolous)
apostelen
ἐσχάτους
(eschatous)
als laatsten
ἀπέδειξεν
(apedeixen)
wees aan
ὡς
(hos)
als
ἐπιθανατίους
(epithanatious)
ter dood veroordeelden
ὅτι
(hoti)
want
θέατρον
(theatron)
schouwspel
ἐγενήθημεν
(egenethemen)
werden wij
τῷ
(to)
voor de
κόσμῳ
(kosmo)
wereld
καὶ
(kai)
en
ἀγγέλοις
(angelois)
voor engelen
καὶ
(kai)
en
ἀνθρώποις
(anthropois)
voor mensen
Bron: SBLGNT
Uitleg
ἐπιθανάτιος (epithanatios), ‘ter dood veroordeeld’: iemand die naar zijn dood wordt gebracht. θέατρον (theatron), ‘schouwspel’: het schouwtoneel, waar mensen naar kijken.
‘Engelen en mensen’: de hele schepping kijkt toe.
10Wij zijn dwazen om de Messias, maar jullie zijn verstandig in de Messias. Wij zijn zwak, maar jullie zijn sterk. Jullie zijn eervol, maar wij zijn zonder eer.
ἡμεῖς
(hemeis)
wij
μωροὶ
(moroi)
dwazen
διὰ
(dia)
om
Χριστόν
(Christon)
de Messias
ὑμεῖς
(hymeis)
jullie
δὲ
(de)
maar
φρόνιμοι
(phronimoi)
verstandig
ἐν
(en)
in
Χριστῷ
(Christo)
de Messias
ἡμεῖς
(hemeis)
wij
ἀσθενεῖς
(astheneis)
zwak
ὑμεῖς
(hymeis)
jullie
δὲ
(de)
maar
ἰσχυροί
(ischyroi)
sterk
ὑμεῖς
(hymeis)
jullie
ἔνδοξοι
(endoxoi)
eervol
ἡμεῖς
(hemeis)
wij
δὲ
(de)
maar
ἄτιμοι
(atimoi)
zonder eer
Bron: SBLGNT
Uitleg
Drie tegenstellingen: dwaas en verstandig, zwak en sterk, zonder eer en eervol.
13Als wij gelasterd worden, spreken wij vriendelijk. Wij zijn geworden als het afval van de wereld, het veegsel van allen, tot nu toe.
δυσφημούμενοι
(dysphemoumenoi)
gelasterd
παρακαλοῦμεν
(parakaloumen)
spreken wij vriendelijk
ὡς
(hos)
als
περικαθάρματα
(perikatharmata)
afval
τοῦ
(tou)
van de
κόσμου
(kosmou)
wereld
ἐγενήθημεν
(egenethemen)
werden wij
πάντων
(panton)
van allen
περίψημα
(peripsema)
veegsel
ἕως
(heos)
tot
ἄρτι
(arti)
nu
Bron: SBLGNT
Uitleg
δυσφημέω (dysfemeo), ‘kwaad over iemand spreken’. παρακαλέω (parakaleo), ‘vriendelijk toespreken’: het woord betekent ook ‘aansporen’ of ‘bemoedigen’. περικάθαρμα (perikatharma), ‘afval’: wat bij het schoonmaken wordt weggeveegd; περίψημα (peripsema), ‘veegsel’: wat wordt afgeschraapt.
Beide woorden zijn sterke beelden voor wat mensen weggooien.
Een vader voor de Korintiërs
14Ik schrijf dit niet om jullie te beschamen, maar om jullie te waarschuwen als mijn geliefde kinderen.
Οὐκ
(Ouk)
niet
ἐντρέπων
(entrepon)
beschamend
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
γράφω
(grapho)
schrijf ik
ταῦτα
(tauta)
dit
ἀλλ’
(all’)
maar
ὡς
(hos)
als
τέκνα
(tekna)
kinderen
μου
(mou)
mijn
ἀγαπητὰ
(agapeta)
geliefde
νουθετῶν
(noutheton)
waarschuwend
Bron: SBLGNT
Uitleg
ἐντρέπω (entrepo), ‘beschamen’. νουθετέω (nouthetéo), ‘waarschuwen’: iemand op het hart drukken wat hij moet vermijden.
‘Mijn geliefde kinderen’: Paulus spreekt de gemeente als vader aan (vers 15).
15Want al hebben jullie 10.000 opvoeders in de Messias, vaders hebben jullie niet veel. In Yeshua de Messias heb ik jullie immers door de goede boodschap verwekt.
ἐὰν
(ean)
als
γὰρ
(gar)
want
μυρίους
(myrious)
10.000
παιδαγωγοὺς
(paidagogous)
opvoeders
ἔχητε
(echete)
jullie hebben
ἐν
(en)
in
Χριστῷ
(Christo)
de Messias
ἀλλ’
(all’)
maar
οὐ
(ou)
niet
πολλοὺς
(pollous)
velen
πατέρας
(pateras)
vaders
ἐν
(en)
in
γὰρ
(gar)
want
Χριστῷ
(Christo)
de Messias
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
διὰ
(dia)
door
τοῦ
(tou)
de
εὐαγγελίου
(euangeliou)
goede boodschap
ἐγὼ
(ego)
ik
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
ἐγέννησα
(egennesa)
verwekte
Bron: SBLGNT
Uitleg
παιδαγωγός (paidagogos), ‘opvoeder’: de slaaf die het kind begeleidde, zoals in Gal. 3:24. μυρίοι (myrioi), ‘10.000’: hier een beeld voor ‘ontelbaar veel’. γεννάω (gennao), ‘verwekken’: Paulus is door de goede boodschap de vader van de Korintiërs geworden.
μιμητής (mimetes), ‘navolger’: iemand die een ander nadoet.
17Daarom heb ik Timoteüs naar jullie gestuurd. Hij is mijn geliefde en trouwe kind in de Heer. Hij zal jullie herinneren aan mijn wegen in Yeshua de Messias, zoals ik overal in elke gemeente onderwijs.
διὰ
(dia)
om
τοῦτο
(touto)
dit
ἔπεμψα
(epempsa)
zond ik
ὑμῖν
(hymin)
naar jullie
Τιμόθεον
(Timotheon)
Timoteüs
ὅς
(hos)
die
ἐστίν
(estin)
is
μου
(mou)
mijn
τέκνον
(teknon)
kind
ἀγαπητὸν
(agapeton)
geliefd
καὶ
(kai)
en
πιστὸν
(piston)
trouw
ἐν
(en)
in
κυρίῳ
(kyrio)
de Heer
ὃς
(hos)
die
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
ἀναμνήσει
(anamnesei)
zal herinneren
τὰς
(tas)
aan de
ὁδούς
(hodous)
wegen
μου
(mou)
mijn
τὰς
(tas)
die
ἐν
(en)
in
Χριστῷ
(Christo)
de Messias
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
καθὼς
(kathos)
zoals
πανταχοῦ
(pantachou)
overal
ἐν
(en)
in
πάσῃ
(pase)
elke
ἐκκλησίᾳ
(ekklesia)
gemeente
διδάσκω
(didasko)
onderwijs ik
Bron: SBLGNT
Uitleg
Timoteüs was een leerling uit Lystra (Hand. 16:1–3) en een medewerker van Paulus. τέκνον (teknon), ‘kind’.
‘In de Heer’: Yeshua.
Over ‘mijn wegen in de Messias’ spreekt Paulus van zijn manier van leven en onderwijzen.
19Maar ik zal snel naar jullie komen, als de Heer het wil. Dan zal ik niet het woord leren kennen van hen die zich hebben opgeblazen, maar de kracht.
ἐλεύσομαι
(eleusomai)
ik zal komen
δὲ
(de)
maar
ταχέως
(tacheos)
snel
πρὸς
(pros)
naar
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
ἐὰν
(ean)
als
ὁ
(ho)
de
κύριος
(kyrios)
Heer
θελήσῃ
(thelese)
wil
καὶ
(kai)
en
γνώσομαι
(gnosomai)
ik zal leren kennen
οὐ
(ou)
niet
τὸν
(ton)
het
λόγον
(logon)
woord
τῶν
(ton)
van de
πεφυσιωμένων
(pephysiomenon)
opgeblazenen
ἀλλὰ
(alla)
maar
τὴν
(ten)
de
δύναμιν
(dynamin)
kracht
Bron: SBLGNT
Uitleg
‘Als de Heer het wil’: de Heer is Yeshua. γνώσομαι (gnosomai), ‘ik zal leren kennen’: ik zal nagaan.
Paulus wil niet horen wat zij zeggen, maar zien welke kracht erachter zit.
20Want het koninkrijk van Elohim is niet in woorden, maar in kracht.
οὐ
(ou)
niet
γὰρ
(gar)
want
ἐν
(en)
in
λόγῳ
(logo)
woord
ἡ
(he)
het
βασιλεία
(basileia)
koninkrijk
τοῦ
(tou)
van de
θεοῦ
(theou)
Elohim
ἀλλ’
(all’)
maar
ἐν
(en)
in
δυνάμει
(dynamei)
kracht
Bron: SBLGNT
Uitleg
De βασιλεία τοῦ θεοῦ (basileia tou theou), ‘het koninkrijk van Elohim’, zit niet in woorden maar in kracht. δύναμις (dynamis), ‘kracht’: zoals in 1:18 en 2:4.
21Wat willen jullie? Moet ik met een stok naar jullie komen, of in liefde en in een geest van zachtmoedigheid?
τί
(ti)
wat
θέλετε
(thelete)
willen jullie
ἐν
(en)
in
ῥάβδῳ
(rhabdo)
stok
ἔλθω
(eltho)
kome ik
πρὸς
(pros)
naar
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
ἢ
(e)
of
ἐν
(en)
in
ἀγάπῃ
(agape)
liefde
πνεύματί
(pneumati)
met geest
τε
(te)
en
πραΰτητος
(prautetos)
van zachtmoedigheid
Bron: SBLGNT
Uitleg
ῥάβδος (rhabdos), ‘stok’: een staf, ook als middel tot tuchtiging. πραΰτης (praytes), ‘zachtmoedigheid’: zoals in Gal. 5:23. πνεῦμα (pneuma), ‘geest’, hier met een kleine letter: een houding.