Paulus verdedigt zijn gezag: de wapens van de strijd, de maat van zijn werk en roemen in Yahweh
Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).
Paulus verdedigt zijn gezag
1Ikzelf, Paulus, roep jullie op bij de zachtmoedigheid en vriendelijkheid van de Messias. Ik ben van aangezicht wel nederig onder jullie, maar afwezig ben ik moedig tegenover jullie.
Αὐτὸς
(Autos)
zelf
δὲ
(de)
maar
ἐγὼ
(ego)
ik
Παῦλος
(Paulos)
Paulus
παρακαλῶ
(parakalo)
roep op
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
διὰ
(dia)
door
τῆς
(tes)
de
πραΰτητος
(prautetos)
zachtmoedigheid
καὶ
(kai)
en
ἐπιεικείας
(epieikeias)
vriendelijkheid
τοῦ
(tou)
van de
Χριστοῦ
(Christou)
Messias
ὃς
(hos)
die
κατὰ
(kata)
naar
πρόσωπον
(prosopon)
aangezicht
μὲν
(men)
wel
ταπεινὸς
(tapeinos)
nederig
ἐν
(en)
onder
ὑμῖν
(hymin)
jullie
ἀπὼν
(apon)
afwezig
δὲ
(de)
maar
θαρρῶ
(tharro)
ben ik moedig
εἰς
(eis)
tegenover
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
Bron: SBLGNT
Uitleg
Vanaf dit hoofdstuk verandert de toon van de brief: Paulus spreekt nu vooral in de ik-vorm en verdedigt zich. πραΰτης (prautes), ‘zachtmoedigheid’; ἐπιείκεια (epieikeia), ‘vriendelijkheid’: mildheid. παρακαλέω (parakaleo), hier ‘oproepen’. ταπεινός (tapeinos), ‘nederig’: zie 7:6.
Het Grieks heeft ‘die van aangezicht wel nederig…’; grammaticaal hoort ‘die’ bij de Messias, maar de zin gaat over Paulus, zoals vers 10 laat zien.
2Ik smeek jullie: laat mij, als ik er ben, niet moedig hoeven te zijn met het vertrouwen waarmee ik denk stoutmoedig te zijn tegen sommigen. Zij denken van ons dat wij naar het vlees wandelen.
3Want al wandelen wij in het vlees, wij voeren geen strijd naar het vlees.
ἐν
(en)
in
σαρκὶ
(sarki)
vlees
γὰρ
(gar)
want
περιπατοῦντες
(peripatountes)
wandelend
οὐ
(ou)
niet
κατὰ
(kata)
naar
σάρκα
(sarka)
vlees
στρατευόμεθα
(strateuometha)
voeren wij strijd
Bron: SBLGNT
Uitleg
σάρξ (sarx), ‘vlees’: eerst de gewone mens in zijn aardse leven (‘in het vlees’), daarna de menselijke maatstaf (‘naar het vlees’). στρατεύομαι (strateuomai), ‘strijd voeren’: dienen als soldaat.
4De wapens van onze strijd zijn niet vleselijk, maar krachtig voor Elohim, om vestingen neer te halen. Wij halen redeneringen neer,
5en elke hoogte die zich verheft tegen de kennis van Elohim. Wij nemen elke gedachte gevangen, tot gehoorzaamheid aan de Messias.
καὶ
(kai)
en
πᾶν
(pan)
elke
ὕψωμα
(hypsoma)
hoogte
ἐπαιρόμενον
(epairomenon)
zich verheffend
κατὰ
(kata)
tegen
τῆς
(tes)
de
γνώσεως
(gnoseos)
kennis
τοῦ
(tou)
van de
θεοῦ
(theou)
Elohim
καὶ
(kai)
en
αἰχμαλωτίζοντες
(aichmalotizontes)
gevangen nemend
πᾶν
(pan)
elke
νόημα
(noema)
gedachte
εἰς
(eis)
tot
τὴν
(ten)
de
ὑπακοὴν
(hypakoen)
gehoorzaamheid
τοῦ
(tou)
van de
Χριστοῦ
(Christou)
Messias
Bron: SBLGNT
Uitleg
ὕψωμα (hypsoma), ‘hoogte’: wat zich hoog opwerpt. αἰχμαλωτίζω (aichmalotizo), ‘gevangen nemen’. νόημα (noema), ‘gedachte’.
6Wij staan klaar om elke ongehoorzaamheid te bestraffen, zodra jullie gehoorzaamheid volledig is.
καὶ
(kai)
en
ἐν
(en)
in
ἑτοίμῳ
(hetoimo)
gereedheid
ἔχοντες
(echontes)
hebbend
ἐκδικῆσαι
(ekdikesai)
te bestraffen
πᾶσαν
(pasan)
alle
παρακοήν
(parakoen)
ongehoorzaamheid
ὅταν
(hotan)
wanneer
πληρωθῇ
(plerothe)
vervuld is
ὑμῶν
(hymon)
van jullie
ἡ
(he)
de
ὑπακοή
(hypakoe)
gehoorzaamheid
Bron: SBLGNT
Uitleg
ἐκδικέω (ekdikeo), ‘bestraffen’: zie ἐκδίκησις in 7:11. παρακοή (parakoe), ‘ongehoorzaamheid’.
Gezag tot opbouw
7Jullie kijken naar wat voor ogen ligt. Als iemand erop vertrouwt dat hij van de Messias is, laat hij dit nog eens bij zichzelf overwegen. Zoals hij van de Messias is, zo zijn ook wij van de Messias.
Τὰ
(Ta)
de dingen
κατὰ
(kata)
naar
πρόσωπον
(prosopon)
aangezicht
βλέπετε
(blepete)
zien jullie
εἴ
(ei)
als
τις
(tis)
iemand
πέποιθεν
(pepoithen)
vertrouwt
ἑαυτῷ
(heauto)
in zichzelf
Χριστοῦ
(Christou)
van de Messias
εἶναι
(einai)
te zijn
τοῦτο
(touto)
dit
λογιζέσθω
(logizestho)
laat hij overwegen
πάλιν
(palin)
opnieuw
ἐφ’
(eph’)
bij
ἑαυτοῦ
(heautou)
zichzelf
ὅτι
(hoti)
dat
καθὼς
(kathos)
zoals
αὐτὸς
(autos)
hij
Χριστοῦ
(Christou)
van de Messias
οὕτως
(houtos)
zo
καὶ
(kai)
ook
ἡμεῖς
(hemeis)
wij
Bron: SBLGNT
Uitleg
Het Grieks βλέπετε (blepete) kan een vaststelling, een vraag of een opdracht zijn: ‘jullie kijken’, ‘kijken jullie?’ of ‘kijk!’.
Wij kiezen de vaststelling. τὰ κατὰ πρόσωπον (ta kata prosopon), ‘wat voor het aangezicht ligt’: de buitenkant, wat men ziet.
8Want ook al roem ik wat meer over ons gezag, ik zal niet beschaamd worden. De Heer heeft het gegeven tot opbouw en niet tot het neerhalen van jullie.
10Want „de brieven”, zegt iemand, „zijn wel zwaar en sterk, maar de aanwezigheid van het lichaam is zwak en het woord is veracht.”
ὅτι
(hoti)
omdat
Αἱ
(Hai)
de
ἐπιστολαὶ
(epistolai)
brieven
μέν
(men)
wel
φησίν
(phesin)
zegt hij
βαρεῖαι
(bareiai)
zwaar
καὶ
(kai)
en
ἰσχυραί
(ischyrai)
sterk
ἡ
(he)
de
δὲ
(de)
maar
παρουσία
(parousia)
aanwezigheid
τοῦ
(tou)
van het
σώματος
(somatos)
lichaam
ἀσθενὴς
(asthenes)
zwak
καὶ
(kai)
en
ὁ
(ho)
het
λόγος
(logos)
woord
ἐξουθενημένος
(exouthenemenos)
veracht
Bron: SBLGNT
Uitleg
Paulus haalt hier een verwijt van anderen aan.
Wie het zegt, noemt de tekst niet. βαρύς (barys), ‘zwaar’: gewichtig, streng. ἰσχυρός (ischyros), ‘sterk’. ἐξουθενέω (exoutheneo), ‘verachten’: als niets beschouwen.
11Wie zo spreekt, moet dit overwegen. Zoals wij met het woord zijn in brieven wanneer wij afwezig zijn, zo zijn wij ook met de daad wanneer wij aanwezig zijn.
τοῦτο
(touto)
dit
λογιζέσθω
(logizestho)
laat overwegen
ὁ
(ho)
de
τοιοῦτος
(toioutos)
zodanige
ὅτι
(hoti)
dat
οἷοί
(hoioi)
zoals
ἐσμεν
(esmen)
wij zijn
τῷ
(to)
in het
λόγῳ
(logo)
woord
δι’
(di’)
door
ἐπιστολῶν
(epistolon)
brieven
ἀπόντες
(apontes)
afwezig
τοιοῦτοι
(toioutoi)
zodanig
καὶ
(kai)
ook
παρόντες
(parontes)
aanwezig
τῷ
(to)
in de
ἔργῳ
(ergo)
daad
Bron: SBLGNT
Uitleg
ὁ τοιοῦτος (ho toioutos), ‘zo iemand’: wie dit verwijt maakt.
Roemen binnen de maat
12Want wij durven onszelf niet te rekenen tot of te vergelijken met sommigen die zichzelf aanbevelen. Zijzelf meten zichzelf aan zichzelf en vergelijken zichzelf met zichzelf. Zij begrijpen het niet.
Οὐ
(Ou)
niet
γὰρ
(gar)
want
τολμῶμεν
(tolmomen)
durven wij
ἐγκρῖναι
(enkrinai)
te rekenen tot
ἢ
(e)
of
συγκρῖναι
(synkrinai)
te vergelijken met
ἑαυτούς
(heautous)
onszelf
τισιν
(tisin)
aan sommigen
τῶν
(ton)
van degenen
ἑαυτοὺς
(heautous)
zichzelf
συνιστανόντων
(synistanonton)
aanbevelen
ἀλλὰ
(alla)
maar
αὐτοὶ
(autoi)
zijzelf
ἐν
(en)
onder
ἑαυτοῖς
(heautois)
zichzelf
ἑαυτοὺς
(heautous)
zichzelf
μετροῦντες
(metrountes)
metend
καὶ
(kai)
en
συγκρίνοντες
(synkrinontes)
vergelijkend
ἑαυτοὺς
(heautous)
zichzelf
ἑαυτοῖς
(heautois)
met zichzelf
οὐ
(ou)
niet
συνιᾶσιν
(syniasin)
begrijpen zij
Bron: SBLGNT
Uitleg
ἐγκρίνω (egkrino), ‘rekenen tot’: opnemen onder. συγκρίνω (sygkrino), ‘vergelijken’. συνίστημι (synistemi), ‘aanbevelen’: zie ook 3:1 en 5:12; hier gaat het om wie zichzelf aanbeveelt.
13Wij zullen niet roemen buiten de maat. Wij roemen naar de maat van het gebied dat Elohim ons als maat heeft toebedeeld, een maat die ook tot jullie reikt.
ἡμεῖς
(hemeis)
wij
δὲ
(de)
maar
οὐκ
(ouk)
niet
εἰς
(eis)
tot
τὰ
(ta)
de
ἄμετρα
(ametra)
maatloze dingen
καυχησόμεθα
(kauchesometha)
zullen roemen
ἀλλὰ
(alla)
maar
κατὰ
(kata)
naar
τὸ
(to)
de
μέτρον
(metron)
maat
τοῦ
(tou)
van de
κανόνος
(kanonos)
meetlat
οὗ
(hou)
die
ἐμέρισεν
(emerisen)
deelde toe
ἡμῖν
(hemin)
aan ons
ὁ
(ho)
de
θεὸς
(theos)
Elohim
μέτρου
(metrou)
van maat
ἐφικέσθαι
(ephikesthai)
te reiken
ἄχρι
(achri)
tot
καὶ
(kai)
ook
ὑμῶν
(hymon)
jullie
Bron: SBLGNT
Uitleg
ἄμετρος (ametros), ‘maatloos’: zonder maat. κανών (kanon), ‘meetlat’, ook ‘afgemeten gebied’: het werkterrein dat Elohim Paulus heeft toebedeeld. μερίζω (merizo), ‘toedelen’.
De Griekse zin is moeilijk; wij blijven dicht bij de woorden.
14Want wij rekken onszelf niet te ver uit, alsof wij jullie niet bereikten. Wij zijn immers ook tot jullie gekomen met de goede boodschap van de Messias.
οὐ
(ou)
niet
γὰρ
(gar)
want
ὡς
(hos)
alsof
μὴ
(me)
niet
ἐφικνούμενοι
(ephiknoumenoi)
reikend
εἰς
(eis)
tot
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
ὑπερεκτείνομεν
(hyperekteinomen)
rekken wij uit
ἑαυτούς
(heautous)
onszelf
ἄχρι
(achri)
tot
γὰρ
(gar)
want
καὶ
(kai)
ook
ὑμῶν
(hymon)
jullie
ἐφθάσαμεν
(ephthasamen)
kwamen wij
ἐν
(en)
in
τῷ
(to)
de
εὐαγγελίῳ
(euangelio)
goede boodschap
τοῦ
(tou)
van de
Χριστοῦ
(Christou)
Messias
Bron: SBLGNT
Uitleg
ὑπερεκτείνω (hyperekteino), ‘te ver uitrekken’. φθάνω (fthano), ‘aankomen, bereiken’.
Paulus bedoelt dat hij de goede boodschap als eerste in Korinte bracht.
15Wij roemen niet buiten de maat, in het zwoegen van anderen. Wij hopen dat wij, naarmate jullie geloof groeit, onder jullie groter gemaakt worden naar onze maat, tot overvloed.
οὐκ
(ouk)
niet
εἰς
(eis)
tot
τὰ
(ta)
de
ἄμετρα
(ametra)
maatloze dingen
καυχώμενοι
(kauchomenoi)
roemend
ἐν
(en)
in
ἀλλοτρίοις
(allotriois)
van anderen
κόποις
(kopois)
zwoegen
ἐλπίδα
(elpida)
hoop
δὲ
(de)
maar
ἔχοντες
(echontes)
hebbend
αὐξανομένης
(auxanomenes)
groeiend
τῆς
(tes)
het
πίστεως
(pisteos)
geloof
ὑμῶν
(hymon)
van jullie
ἐν
(en)
onder
ὑμῖν
(hymin)
jullie
μεγαλυνθῆναι
(megalynthenai)
groot gemaakt te worden
κατὰ
(kata)
naar
τὸν
(ton)
de
κανόνα
(kanona)
meetlat
ἡμῶν
(hemon)
onze
εἰς
(eis)
tot
περισσείαν
(perisseian)
overvloed
Bron: SBLGNT
Uitleg
κόπος (kopos), ‘zwoegen’: zware arbeid, zoals in 6:5. αὐξάνω (auxano), ‘groeien’. μεγαλύνω (megalyno), ‘groot maken’. περισσεία (perisseia), ‘overvloed’.
16Zo kunnen wij de goede boodschap brengen in de streken voorbij jullie, en niet roemen in andermans gebied over wat al klaarligt.
εἰς
(eis)
tot
τὰ
(ta)
de
ὑπερέκεινα
(hyperekeina)
gebieden voorbij
ὑμῶν
(hymon)
jullie
εὐαγγελίσασθαι
(euangelisasthai)
de goede boodschap te brengen
οὐκ
(ouk)
niet
ἐν
(en)
in
ἀλλοτρίῳ
(allotrio)
andermans
κανόνι
(kanoni)
meetlat
εἰς
(eis)
tot
τὰ
(ta)
de
ἕτοιμα
(hetoima)
gereed liggende dingen
καυχήσασθαι
(kauchesasthai)
roemen
Bron: SBLGNT
Uitleg
ὑπερέκεινα (hyperekeina), ‘wat verder ligt’: de gebieden voorbij Korinte.
De tekst noemt geen plaats. κανών (kanon): zie vers 13. ἕτοιμα (hetoima), ‘wat klaarligt’: wat al gedaan is.
18Want niet wie zichzelf aanbeveelt, is goedgekeurd, maar degene die de Heer aanbeveelt.
οὐ
(ou)
niet
γὰρ
(gar)
want
ὁ
(ho)
de
ἑαυτὸν
(heauton)
zichzelf
συνιστάνων
(synistanon)
aanbevelend
ἐκεῖνός
(ekeinos)
die
ἐστιν
(estin)
is
δόκιμος
(dokimos)
goedgekeurd
ἀλλὰ
(alla)
maar
ὃν
(hon)
wie
ὁ
(ho)
de
κύριος
(kyrios)
Heer
συνίστησιν
(synistesin)
beveelt aan
Bron: SBLGNT
Uitleg
δόκιμος (dokimos), ‘goedgekeurd’: wie de toets doorstaan heeft; vergelijk 13:5–7.
Verwant: δοκιμή (dokime) in 8:2. συνίστημι (synistemi), ‘aanbevelen’: zie vers 12.
‘De Heer’ is hier het Griekse κύριος (kyrios) van vers 17, waar wij ‘Yahweh’ schreven: wie bedoeld is, Yahweh of Yeshua, zegt de tekst niet uitdrukkelijk.