Elohim Bijbel

2 Tessalonicenzen 1

123

Aanhef, dank voor het geloof in de verdrukking en de komst van de Heer als rechter

Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).

Aanhef

1Paulus, Silvanus en Timoteüs, aan de gemeente van de Tessalonicenzen in Elohim, onze Vader, en de Heer Yeshua de Messias,
Παῦλος
(Paulos)
Paulus
καὶ
(kai)
en
Σιλουανὸς
(Silouanos)
Silvanus
καὶ
(kai)
en
Τιμόθεος
(Timotheos)
Timoteüs
τῇ
(te)
aan de
ἐκκλησίᾳ
(ekklesia)
gemeente
Θεσσαλονικέων
(Thessalonikeon)
van de Tessalonicenzen
ἐν
(en)
in
θεῷ
(theo)
Elohim
πατρὶ
(patri)
Vader
ἡμῶν
(hemon)
onze
καὶ
(kai)
en
κυρίῳ
(kyrio)
de Heer
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
Χριστῷ
(Christo)
Messias
Bron: SBLGNT
Uitleg

Dezelfde afzenders en dezelfde gemeente als in 1 Tess. 1:1: Σιλουανός (Silouanos), ‘Silvanus’, is de Silas van Handelingen.

Anders dan in de eerste brief staat hier ‘onze Vader’ (θεῷ πατρὶ ἡμῶν).

De aanhef loopt door in vers 2.

Zie ook 1 Tess. 1:1; Hand. 17:1.

2genade voor jullie en vrede van Elohim, de Vader, en de Heer Yeshua de Messias.
χάρις
(charis)
genade
ὑμῖν
(hymin)
aan jullie
καὶ
(kai)
en
εἰρήνη
(eirene)
vrede
ἀπὸ
(apo)
van
θεοῦ
(theou)
Elohim
πατρὸς
(patros)
Vader
καὶ
(kai)
en
κυρίου
(kyriou)
de Heer
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
Χριστοῦ
(Christou)
Messias
Bron: SBLGNT
Uitleg

χάρις (charis), ‘genade’; εἰρήνη (eirene), ‘vrede’: de groet.

Hier staat ‘van Elohim, de Vader, en de Heer Yeshua de Messias’ als bron van genade en vrede.

Dank voor het geloof in de verdrukking

3Wij zijn verplicht Elohim altijd voor jullie te danken, broers, zoals het passend is. Want jullie geloof groeit buitengewoon, en de liefde van ieder van jullie allen voor elkaar neemt toe,
Εὐχαριστεῖν
(Eucharistein)
danken
ὀφείλομεν
(opheilomen)
zijn wij verplicht
τῷ
(to)
aan de
θεῷ
(theo)
Elohim
πάντοτε
(pantote)
altijd
περὶ
(peri)
over
ὑμῶν
(hymon)
jullie
ἀδελφοί
(adelphoi)
broers
καθὼς
(kathos)
zoals
ἄξιόν
(axion)
passend
ἐστιν
(estin)
is
ὅτι
(hoti)
omdat
ὑπεραυξάνει
(hyperauxanei)
groeit buitengewoon
ἡ
(he)
het
πίστις
(pistis)
geloof
ὑμῶν
(hymon)
jullie
καὶ
(kai)
en
πλεονάζει
(pleonazei)
neemt toe
ἡ
(he)
de
ἀγάπη
(agape)
liefde
ἑνὸς
(henos)
van één
ἑκάστου
(hekastou)
ieder
πάντων
(panton)
van allen
ὑμῶν
(hymon)
jullie
εἰς
(eis)
voor
ἀλλήλους
(allelous)
elkaar
Bron: SBLGNT
Uitleg

ὀφείλω (ofeilo), ‘verplicht zijn’: wij staan in de schuld, wij moeten danken. ἀδελφοί (adelfoi), ‘broers’: het Griekse woord omvat in de gemeente ook de zusters, dus ‘broers en zusters’. ὑπεραυξάνω (hyperauxano), ‘buitengewoon groeien’: een zeldzaam woord, ‘boven de maat groeien’. πλεονάζω (pleonazo), ‘toenemen’: zie 1 Tess. 3:12.

4zodat wijzelf ons over jullie beroemen in de gemeenten van Elohim vanwege jullie volharding en geloof, in al jullie vervolgingen en verdrukkingen die jullie verdragen.
ὥστε
(hoste)
zodat
αὐτοὺς
(autous)
zelf
ἡμᾶς
(hemas)
wij
ἐν
(en)
in
ὑμῖν
(hymin)
jullie
ἐγκαυχᾶσθαι
(enkauchasthai)
ons beroemen
ἐν
(en)
in
ταῖς
(tais)
de
ἐκκλησίαις
(ekklesiais)
gemeenten
τοῦ
(tou)
van de
θεοῦ
(theou)
Elohim
ὑπὲρ
(hyper)
vanwege
τῆς
(tes)
de
ὑπομονῆς
(hypomones)
volharding
ὑμῶν
(hymon)
jullie
καὶ
(kai)
en
πίστεως
(pisteos)
geloof
ἐν
(en)
in
πᾶσιν
(pasin)
alle
τοῖς
(tois)
de
διωγμοῖς
(diogmois)
vervolgingen
ὑμῶν
(hymon)
jullie
καὶ
(kai)
en
ταῖς
(tais)
de
θλίψεσιν
(thlipsesin)
verdrukkingen
αἷς
(hais)
die
ἀνέχεσθε
(anechesthe)
jullie verdragen
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἐγκαυχάομαι (enkauchaomai), ‘zich beroemen’: trots zijn op. διωγμός (diogmos), ‘vervolging’; θλῖψις (thlipsis), ‘verdrukking’; ἀνέχομαι (anechomai), ‘verdragen’: uithouden. ὑπομονή (hypomone), ‘volharding’: zie 1 Tess. 1:3.

Zie ook1 Tess 1:3
5Dat is een bewijs van het rechtvaardige oordeel van Elohim, zodat jullie waardig bevonden worden voor het koninkrijk van Elohim, waarvoor jullie ook lijden.
ἔνδειγμα
(endeigma)
bewijs
τῆς
(tes)
van het
δικαίας
(dikaias)
rechtvaardige
κρίσεως
(kriseos)
oordeel
τοῦ
(tou)
van de
θεοῦ
(theou)
Elohim
εἰς
(eis)
tot
τὸ
(to)
het
καταξιωθῆναι
(kataxiothenai)
waardig bevonden worden
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
τῆς
(tes)
van het
βασιλείας
(basileias)
koninkrijk
τοῦ
(tou)
van de
θεοῦ
(theou)
Elohim
ὑπὲρ
(hyper)
voor
ἧς
(hes)
wiens
καὶ
(kai)
ook
πάσχετε
(paschete)
lijden jullie
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἔνδειγμα (endeigma), ‘bewijs’: een aanwijzing of teken.

Het Griekse woord staat los van de vorige zin; wij vullen ‘dat is’ aan. καταξιόω (kataxioo), ‘waardig bevinden’. βασιλεία (basileia), ‘koninkrijk’.

Het lijden van de Tessalonicenzen is dus een teken van Elohims rechtvaardig oordeel.

De Heer wordt onthuld

6Het is immers rechtvaardig bij Elohim om verdrukking te vergelden aan wie jullie verdrukken,
εἴπερ
(eiper)
immers
δίκαιον
(dikaion)
rechtvaardig
παρὰ
(para)
bij
θεῷ
(theo)
Elohim
ἀνταποδοῦναι
(antapodounai)
te vergelden
τοῖς
(tois)
aan de
θλίβουσιν
(thlibousin)
verdrukkenden
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
θλῖψιν
(thlipsin)
verdrukking
Bron: SBLGNT
Uitleg

εἴπερ (eiper), ‘immers’: ‘als het zo is dat’. ἀνταποδίδωμι (antapodidomi), ‘vergelden’: teruggeven wat verdiend is; in 1 Tess. 3:9 vertalen wij hetzelfde woord met ‘teruggeven’ (bij dank).

De zin loopt door in de verzen 7–10.

Zie ook1 Tess 3:9
7en aan jullie die verdrukt worden, samen met ons, verlichting te geven bij de onthulling van de Heer Yeshua uit de hemel, met de engelen van Zijn kracht,
καὶ
(kai)
en
ὑμῖν
(hymin)
aan jullie
τοῖς
(tois)
de
θλιβομένοις
(thlibomenois)
verdrukten
ἄνεσιν
(anesin)
verlichting
μεθ’
(meth’)
met
ἡμῶν
(hemon)
ons
ἐν
(en)
bij
τῇ
(te)
de
ἀποκαλύψει
(apokalypsei)
onthulling
τοῦ
(tou)
van de
κυρίου
(kyriou)
Heer
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
ἀπ’
(ap’)
uit
οὐρανοῦ
(ouranou)
hemel
μετ’
(met’)
met
ἀγγέλων
(angelon)
engelen
δυνάμεως
(dynameos)
van kracht
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἄνεσις (anesis), ‘verlichting’: letterlijk ‘loslaten, ontspannen’, rust na druk. ἀποκάλυψις (apokalypsis), ‘onthulling’: het zichtbaar worden van de Heer.

‘Engelen van Zijn kracht’: de engelen die Zijn kracht dienen.

Zie ook Matt. 25:31; Matt. 16:27.

8in een vlam van vuur. Hij geeft vergelding aan wie Elohim niet kennen en aan wie de goede boodschap van onze Heer Yeshua niet gehoorzamen.
ἐν
(en)
in
φλογὶ
(phlogi)
vlam
πυρός
(pyros)
van vuur
διδόντος
(didontos)
gevende
ἐκδίκησιν
(ekdikesin)
vergelding
τοῖς
(tois)
aan de
μὴ
(me)
niet
εἰδόσι
(eidosi)
kennenden
θεὸν
(theon)
Elohim
καὶ
(kai)
en
τοῖς
(tois)
aan de
μὴ
(me)
niet
ὑπακούουσιν
(hypakouousin)
gehoorzamenden
τῷ
(to)
de
εὐαγγελίῳ
(euangelio)
goede boodschap
τοῦ
(tou)
van de
κυρίου
(kyriou)
Heer
ἡμῶν
(hemon)
onze
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
Bron: SBLGNT
Uitleg

φλὸξ πυρός (flox pyros), ‘vlam van vuur’: vergelijk Jes. 66:15: ‘Yahweh komt met vuur … met vlammen van vuur’, en Exod. 3:2: ‘een vuurvlam’. ἐκδίκησις (ekdikesis), ‘vergelding’: het recht doen aan onrecht.

‘Wie Elohim niet kennen’: vergelijk Ps. 79:6 en Jer. 10:25: ‘de volken die U niet kennen’. ὑπακούω (hypakouo), ‘gehoorzamen’: letterlijk ‘luisteren onder’. εὐαγγέλιον (euangelion), ‘goede boodschap’.

Zie ook Jes. 66:15; Exod. 3:2; Ps. 79:6; Jer. 10:25.

9Zij zullen als straf het eeuwige verderf ondergaan, weg van het aangezicht van de Heer en van de heerlijkheid van Zijn kracht,
οἵτινες
(hoitines)
die
δίκην
(diken)
straf
τίσουσιν
(tisousin)
zullen betalen
ὄλεθρον
(olethron)
verderf
αἰώνιον
(aionion)
eeuwig
ἀπὸ
(apo)
van
προσώπου
(prosopou)
aangezicht
τοῦ
(tou)
van de
κυρίου
(kyriou)
Heer
καὶ
(kai)
en
ἀπὸ
(apo)
van
τῆς
(tes)
de
δόξης
(doxes)
heerlijkheid
τῆς
(tes)
van de
ἰσχύος
(ischyos)
kracht
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
Bron: SBLGNT
Uitleg

δίκη (dike), ‘straf’: eigenlijk ‘recht, uitspraak, vergelding’. τίνω (tino), ‘betalen’: een boete betalen. ὄλεθρος (olethros), ‘verderf’; αἰώνιος (aionios), ‘eeuwig’. ἰσχύς (ischys), ‘kracht’: een ander Grieks woord dan δύναμις (dynamis) in vers 7; wij vertalen beide met ‘kracht’. ἀπὸ προσώπου (apo prosopou), ‘weg van het aangezicht’: het Grieks kan ook ‘uit het aangezicht’ betekenen, dus ‘uitgaande van het aangezicht van de Heer’.

Vergelijk Jes. 2:10, 19 en 21: ‘voor de schrik van Yahweh en voor de luister van Zijn majesteit’.

Zie ook Jes. 2:10; Jes. 2:19; Jes. 2:21.

10wanneer Hij komt om verheerlijkt te worden in Zijn heiligen en bewonderd in allen die geloofd hebben, omdat ons getuigenis aan jullie geloofd is, op die dag.
ὅταν
(hotan)
wanneer
ἔλθῃ
(elthe)
Hij komt
ἐνδοξασθῆναι
(endoxasthenai)
om verheerlijkt te worden
ἐν
(en)
in
τοῖς
(tois)
de
ἁγίοις
(hagiois)
heiligen
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
καὶ
(kai)
en
θαυμασθῆναι
(thaumasthenai)
bewonderd te worden
ἐν
(en)
in
πᾶσιν
(pasin)
allen
τοῖς
(tois)
de
πιστεύσασιν
(pisteusasin)
gelovig geworden
ὅτι
(hoti)
omdat
ἐπιστεύθη
(episteuthe)
werd geloofd
τὸ
(to)
het
μαρτύριον
(martyrion)
getuigenis
ἡμῶν
(hemon)
ons
ἐφ’
(eph’)
bij
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
ἐν
(en)
in
τῇ
(te)
de
ἡμέρᾳ
(hemera)
dag
ἐκείνῃ
(ekeine)
die
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἐνδοξάζω (endoxazo), ‘verheerlijken’: eer bewijzen. θαυμάζω (thaumazo), ‘bewonderen’. οἱ ἅγιοι (hoi hagioi), ‘de heiligen’: zie 1 Tess. 3:13. μαρτύριον (martyrion), ‘getuigenis’: wat wij hebben getuigd.

‘Die dag’ is de dag van de Heer; zie 2:2.

Gebed voor de Tessalonicenzen

11Daartoe bidden wij ook altijd voor jullie. Onze Elohim moge jullie de roeping waardig achten en met kracht elk voornemen van goedheid en elk werk van geloof vervullen,
εἰς
(eis)
tot
ὃ
(ho)
wat
καὶ
(kai)
ook
προσευχόμεθα
(proseuchometha)
bidden wij
πάντοτε
(pantote)
altijd
περὶ
(peri)
over
ὑμῶν
(hymon)
jullie
ἵνα
(hina)
opdat
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
ἀξιώσῃ
(axiose)
waardig acht
τῆς
(tes)
van de
κλήσεως
(kleseos)
roeping
ὁ
(ho)
de
θεὸς
(theos)
Elohim
ἡμῶν
(hemon)
onze
καὶ
(kai)
en
πληρώσῃ
(plerose)
vervult
πᾶσαν
(pasan)
elk
εὐδοκίαν
(eudokian)
voornemen
ἀγαθωσύνης
(agathosynes)
van goedheid
καὶ
(kai)
en
ἔργον
(ergon)
werk
πίστεως
(pisteos)
van geloof
ἐν
(en)
in
δυνάμει
(dynamei)
kracht
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἀξιόω (axioo), ‘waardig achten’. κλῆσις (klesis), ‘roeping’: dat Elohim hen geroepen heeft. εὐδοκία (eudokia), ‘voornemen’: ook ‘welbehagen, goede wil’; εὐδοκίαν ἀγαθωσύνης (eudokian agathosynes) is moeilijk: het kan gaan om het welbehagen van Elohim in goedheid of om het goede voornemen van de gelovigen.

Wij houden de Griekse woorden vast.

De Griekse zin heeft ἵνα (hina), ‘opdat’: ‘wij bidden … opdat Elohim …’; wij hebben er een afzonderlijke zin van gemaakt.

De zin loopt door in vers 12.

12zodat de naam van onze Heer Yeshua in jullie verheerlijkt wordt, en jullie in Hem, naar de genade van onze Elohim en van de Heer Yeshua de Messias.
ὅπως
(hopos)
zodat
ἐνδοξασθῇ
(endoxasthe)
wordt verheerlijkt
τὸ
(to)
de
ὄνομα
(onoma)
naam
τοῦ
(tou)
van de
κυρίου
(kyriou)
Heer
ἡμῶν
(hemon)
onze
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
ἐν
(en)
in
ὑμῖν
(hymin)
jullie
καὶ
(kai)
en
ὑμεῖς
(hymeis)
jullie
ἐν
(en)
in
αὐτῷ
(auto)
Hem
κατὰ
(kata)
naar
τὴν
(ten)
de
χάριν
(charin)
genade
τοῦ
(tou)
van de
θεοῦ
(theou)
Elohim
ἡμῶν
(hemon)
onze
καὶ
(kai)
en
κυρίου
(kyriou)
Heer
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
Χριστοῦ
(Christou)
Messias
Bron: SBLGNT
Uitleg

τὸ ὄνομα τοῦ κυρίου (to onoma tou kyriou), ‘de naam van de Heer’: de naam van Yeshua. κατὰ τὴν χάριν τοῦ θεοῦ ἡμῶν καὶ κυρίου Ἰησοῦ Χριστοῦ: het Grieks kan ‘van onze Elohim en van de Heer Yeshua de Messias’ betekenen (twee personen) of ‘van onze Elohim en Heer, Yeshua de Messias’.

Wij vertalen met twee, zoals in vers 2.

Zie ook2 Tess 1:2