Elohim Bijbel

2 Johannes 1

1

Wandelen in waarheid en liefde; hoed jullie voor verleiders

Eigen Nederlandse vertaling uit de grondtekst. Rode tekst = woorden van Yahweh, Elohim of Yeshua zelf. Cursieve tekst = woorden van Melchisedek en de engel van Yahweh (hun identiteit wordt verschillend uitgelegd; zie de voetnoot). Kleine cursieve tekst = woorden van Satan, demonen of de draak. Gele markering in de brontekst = woord uit een andere bron dan de hoofdbron (zie Bron).

Aanhef

1De oudere aan de uitverkoren vrouwe en haar kinderen, die ik liefheb in waarheid—en niet ik alleen, maar ook allen die de waarheid hebben leren kennen—
Ὁ
(Ho)
de
πρεσβύτερος
(presbyteros)
oudere
ἐκλεκτῇ
(eklekte)
uitverkoren
κυρίᾳ
(kyria)
vrouwe
καὶ
(kai)
en
τοῖς
(tois)
aan de
τέκνοις
(teknois)
kinderen
αὐτῆς
(autes)
haar
οὓς
(hous)
die
ἐγὼ
(ego)
ik
ἀγαπῶ
(agapo)
liefheb
ἐν
(en)
in
ἀληθείᾳ
(aletheia)
waarheid
καὶ
(kai)
en
οὐκ
(ouk)
niet
ἐγὼ
(ego)
ik
μόνος
(monos)
alleen
ἀλλὰ
(alla)
maar
καὶ
(kai)
ook
πάντες
(pantes)
allen
οἱ
(hoi)
die
ἐγνωκότες
(egnokotes)
hebben leren kennen
τὴν
(ten)
de
ἀλήθειαν
(aletheian)
waarheid
Bron: SBLGNT
Uitleg

ὁ πρεσβύτερος (ho presbyteros), ‘de oudere’: de schrijver noemt zijn naam niet.

Het woord betekent ‘oudere’ en ook ‘oudste’; in Hand. 15:2 is het de titel van gemeentelijke leiders (‘ouderlingen’).

Wij houden hier ‘de oudere’, zoals ook in 3 Joh. 1.

ἐκλεκτῇ κυρίᾳ (eklekte kyria), ‘uitverkoren vrouwe’: de tekst zegt niet of een gemeente of een persoon wordt aangesproken. In vers 13 heet ‘haar zuster’ ook ‘uitverkoren’. Het woord κυρία is het vrouwelijke van κύριος, ‘heer’. ‘Haar kinderen’ zijn de leden of de kinderen van de vrouwe.

ἐν ἀληθείᾳ (en aletheia), ‘in waarheid’: zonder lidwoord. ἀλήθεια (aletheia), ‘waarheid’, staat in deze korte brief vijf keer.

Zie ook Hand. 15:2.

2omwille van de waarheid die in ons blijft en met ons zal zijn tot in eeuwigheid.
διὰ
(dia)
omwille van
τὴν
(ten)
de
ἀλήθειαν
(aletheian)
waarheid
τὴν
(ten)
die
μένουσαν
(menousan)
blijft
ἐν
(en)
in
ἡμῖν
(hemin)
ons
καὶ
(kai)
en
μεθ’
(meth’)
met
ἡμῶν
(hemon)
ons
ἔσται
(estai)
zal zijn
εἰς
(eis)
tot
τὸν
(ton)
de
αἰῶνα
(aiona)
eeuwigheid
Bron: SBLGNT
Uitleg

‘Omwille van de waarheid’ sluit aan op ‘die ik liefheb’ in vers 1.

De Griekse zin van de verzen 1–3 is één geheel. μένω (meno), ‘blijven’: zie 1 Joh. 2:6.

3Genade, barmhartigheid en vrede zullen met ons zijn van Elohim, de Vader, en van Yeshua de Messias, de Zoon van de Vader, in waarheid en liefde.
ἔσται
(estai)
zal zijn
μεθ’
(meth’)
met
ἡμῶν
(hemon)
ons
χάρις
(charis)
genade
ἔλεος
(eleos)
barmhartigheid
εἰρήνη
(eirene)
vrede
παρὰ
(para)
van
θεοῦ
(theou)
Elohim
πατρός
(patros)
Vader
καὶ
(kai)
en
παρὰ
(para)
van
Ἰησοῦ
(Iesou)
Yeshua
Χριστοῦ
(Christou)
de Messias
τοῦ
(tou)
de
υἱοῦ
(huiou)
Zoon
τοῦ
(tou)
van de
πατρός
(patros)
Vader
ἐν
(en)
in
ἀληθείᾳ
(aletheia)
waarheid
καὶ
(kai)
en
ἀγάπῃ
(agape)
liefde
Bron: SBLGNT
Uitleg

χάρις ἔλεος εἰρήνη (charis eleos eirene), ‘genade, barmhartigheid, vrede’: een groet die in de brieven van Paulus voorkomt als ‘genade en vrede’ (bijv.

Gal. 1:3); met ‘barmhartigheid’ ook in 1 Tim. 1:2 en 2 Tim. 1:2.

‘De Zoon van de Vader’ (ὁ υἱὸς τοῦ πατρός): de Zoon in Zijn verhouding tot de Vader.

‘In waarheid en liefde’ hoort bij de groet.

Lezing

De SBLGNT markeert hier een variant bij het voorzetsel ‘van’ (παρά) voor ‘Yeshua de Messias’; wij volgen de SBLGNT.

Zie ook Gal. 1:3; 1 Tim. 1:2; 2 Tim. 1:2.

Wandelen in waarheid en liefde

4Ik heb mij zeer verheugd dat ik onder jouw kinderen mensen gevonden heb die in waarheid wandelen, zoals wij een gebod van de Vader ontvangen hebben.
Ἐχάρην
(Echaren)
ik heb mij verheugd
λίαν
(lian)
zeer
ὅτι
(hoti)
dat
εὕρηκα
(heureka)
ik heb gevonden
ἐκ
(ek)
onder
τῶν
(ton)
de
τέκνων
(teknon)
kinderen
σου
(sou)
jouw
περιπατοῦντας
(peripatountas)
die wandelen
ἐν
(en)
in
ἀληθείᾳ
(aletheia)
waarheid
καθὼς
(kathos)
zoals
ἐντολὴν
(entolen)
gebod
ἐλάβομεν
(elabomen)
wij hebben ontvangen
παρὰ
(para)
van
τοῦ
(tou)
de
πατρός
(patros)
Vader
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἐχάρην (echaren), ‘ik heb mij verheugd’: vergelijk 3 Joh. 3. ἐκ τῶν τέκνων σου (ek ton teknon sou), ‘onder jouw kinderen’: letterlijk ‘uit jouw kinderen’; sommigen, niet allen. περιπατέω (peripateo), ‘wandelen’: zie 1 Joh. 1:6. ἐντολή (entole), ‘gebod’; ‘een gebod van de Vader’: vergelijk de verzen 5 en 6.

Zie ook1 Joh 1:6
5En nu verzoek ik je, vrouwe—niet alsof ik je een nieuw gebod schrijf, maar het gebod dat wij vanaf het begin hadden—dat wij elkaar liefhebben.
καὶ
(kai)
en
νῦν
(nyn)
nu
ἐρωτῶ
(eroto)
ik verzoek
σε
(se)
je
κυρία
(kyria)
vrouwe
οὐχ
(ouch)
niet
ὡς
(hos)
alsof
ἐντολὴν
(entolen)
gebod
καινὴν
(kainen)
nieuw
γράφων
(graphon)
schrijvend
σοι
(soi)
aan jou
ἀλλὰ
(alla)
maar
ἣν
(hen)
dat
εἴχομεν
(eichomen)
wij hadden
ἀπ’
(ap’)
vanaf
ἀρχῆς
(arches)
begin
ἵνα
(hina)
opdat
ἀγαπῶμεν
(agapomen)
wij liefhebben
ἀλλήλους
(allelous)
elkaar
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἐρωτάω (erotao), ‘verzoeken’: een vriendelijke vraag.

Het ‘oude’ gebod, dat in 1 Joh. 2:7–8 ‘nieuw’ en ‘oud’ heet, is het gebod om elkaar lief te hebben.

Lezing

De SBLGNT markeert hier een variant bij de woorden ‘nieuw … ik schrijf je’; wij volgen de SBLGNT.

Zie ook Joh. 13:34.

6En dit is de liefde: dat wij wandelen volgens Zijn geboden. Dit is het gebod, zoals jullie vanaf het begin gehoord hebben: dat jullie daarin wandelen.
καὶ
(kai)
en
αὕτη
(haute)
dit
ἐστὶν
(estin)
is
ἡ
(he)
de
ἀγάπη
(agape)
liefde
ἵνα
(hina)
opdat
περιπατῶμεν
(peripatomen)
wij wandelen
κατὰ
(kata)
volgens
τὰς
(tas)
de
ἐντολὰς
(entolas)
geboden
αὐτοῦ
(autou)
Zijn
αὕτη
(haute)
dit
ἡ
(he)
het
ἐντολή
(entole)
gebod
ἐστιν
(estin)
is
καθὼς
(kathos)
zoals
ἠκούσατε
(ekousate)
jullie hebben gehoord
ἀπ’
(ap’)
vanaf
ἀρχῆς
(arches)
begin
ἵνα
(hina)
opdat
ἐν
(en)
daarin
αὐτῇ
(aute)
(haar)
περιπατῆτε
(peripatete)
jullie wandelen
Bron: SBLGNT
Uitleg

‘Daarin’ (ἐν αὐτῇ, en aute): het Griekse voornaamwoord is vrouwelijk en kan op ‘de liefde’ (ἀγάπη) of op ‘het gebod’ (ἐντολή) slaan; beide woorden zijn vrouwelijk.

Vergelijk 1 Joh. 5:3.

Lezing

De SBLGNT markeert hier een variant bij de woorden ‘het gebod is’; wij volgen de SBLGNT.

Zie ook1 Joh 5:3

Verleiders

7Want vele verleiders zijn in de wereld uitgegaan, zij die niet belijden dat Yeshua de Messias in het vlees komt. Dit is de verleider en de antichrist.
ὅτι
(hoti)
omdat
πολλοὶ
(polloi)
vele
πλάνοι
(planoi)
verleiders
ἐξῆλθον
(exelthon)
zijn uitgegaan
εἰς
(eis)
in
τὸν
(ton)
de
κόσμον
(kosmon)
wereld
οἱ
(hoi)
zij die
μὴ
(me)
niet
ὁμολογοῦντες
(homologountes)
belijden
Ἰησοῦν
(Iesoun)
Yeshua
Χριστὸν
(Christon)
de Messias
ἐρχόμενον
(erchomenon)
komend
ἐν
(en)
in
σαρκί
(sarki)
vlees
οὗτός
(houtos)
dit
ἐστιν
(estin)
is
ὁ
(ho)
de
πλάνος
(planos)
verleider
καὶ
(kai)
en
ὁ
(ho)
de
ἀντίχριστος
(antichristos)
antichrist
Bron: SBLGNT
Uitleg

πλάνος (planos), ‘verleider’: iemand die laat dwalen; zie πλανάω in 1 Joh. 1:8. ὁμολογέω (homologeo), ‘belijden’: zie 1 Joh. 1:9. Ἰησοῦν Χριστὸν ἐρχόμενον ἐν σαρκί (Iesoun Christon erchomenon en sarki), ‘Yeshua de Messias komend in het vlees’: het Grieks heeft de tegenwoordige tijd (komend), terwijl 1 Joh. 4:2 de voltooide tijd heeft (gekomen). ἀντίχριστος (antichristos), ‘antichrist’: zie 1 Joh. 2:18.

Lezing

De SBLGNT markeert hier een variant bij het werkwoord ‘zijn uitgegaan’ (ἐξῆλθον); wij volgen de SBLGNT.

8Zie toe op jullie zelf, zodat jullie niet verliezen wat wij gewerkt hebben, maar een volledig loon ontvangen.
βλέπετε
(blepete)
zie toe op
ἑαυτούς
(heautous)
jullie zelf
ἵνα
(hina)
opdat
μὴ
(me)
niet
ἀπολέσητε
(apolesete)
jullie verliezen
ἃ
(ha)
wat
εἰργασάμεθα
(eirgasametha)
wij hebben gewerkt
ἀλλὰ
(alla)
maar
μισθὸν
(misthon)
loon
πλήρη
(plere)
volledig
ἀπολάβητε
(apolabete)
jullie ontvangen
Bron: SBLGNT
Uitleg

βλέπω (blepo), ‘zien’, hier ‘toezien’, ‘oppassen’. μισθός (misthos), ‘loon’. πλήρης (pleres), ‘volledig’.

Lezing

De SBLGNT markeert hier varianten bij ‘jullie verliezen’, bij ‘wij hebben gewerkt’ en bij ‘jullie ontvangen’; wij volgen de SBLGNT.

9Ieder die verdergaat en niet blijft in het onderwijs van de Messias, heeft Elohim niet. Wie in het onderwijs blijft, die heeft zowel de Vader als de Zoon.
πᾶς
(pas)
ieder
ὁ
(ho)
die
προάγων
(proagon)
verdergaat
καὶ
(kai)
en
μὴ
(me)
niet
μένων
(menon)
blijft
ἐν
(en)
in
τῇ
(te)
het
διδαχῇ
(didache)
onderwijs
τοῦ
(tou)
van de
Χριστοῦ
(Christou)
Messias
θεὸν
(theon)
Elohim
οὐκ
(ouk)
niet
ἔχει
(echei)
heeft
ὁ
(ho)
wie
μένων
(menon)
blijft
ἐν
(en)
in
τῇ
(te)
het
διδαχῇ
(didache)
onderwijs
οὗτος
(houtos)
deze
καὶ
(kai)
zowel
τὸν
(ton)
de
πατέρα
(patera)
Vader
καὶ
(kai)
als
τὸν
(ton)
de
υἱὸν
(huion)
Zoon
ἔχει
(echei)
heeft
Bron: SBLGNT
Uitleg

διδαχή (didache), ‘onderwijs’: zoals in Hand. 2:42. ἡ διδαχὴ τοῦ Χριστοῦ (he didache tou Christou), ‘het onderwijs van de Messias’: de genitief kan ‘het onderwijs dat de Messias gaf’ of ‘het onderwijs over de Messias’ betekenen. προάγω (proago), ‘vooruitgaan’, ‘verdergaan’: verder gaan dan het onderwijs.

Lezing

De SBLGNT markeert hier varianten bij het werkwoord ‘verdergaat’ (προάγων) en bij het woord ‘onderwijs’ (διδαχῇ); wij volgen de SBLGNT.

Zie ook Hand. 2:42.

Zie ookHand 2:42
10Als iemand naar jullie toe komt en dit onderwijs niet brengt, ontvang hem dan niet in huis en zeg niet „Wees gegroet” tegen hem.
εἴ
(ei)
als
τις
(tis)
iemand
ἔρχεται
(erchetai)
komt
πρὸς
(pros)
naar
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
καὶ
(kai)
en
ταύτην
(tauten)
dit
τὴν
(ten)
het
διδαχὴν
(didachen)
onderwijs
οὐ
(ou)
niet
φέρει
(pherei)
brengt
μὴ
(me)
niet
λαμβάνετε
(lambanete)
ontvang
αὐτὸν
(auton)
hem
εἰς
(eis)
in
οἰκίαν
(oikian)
huis
καὶ
(kai)
en
χαίρειν
(chairein)
wees gegroet
αὐτῷ
(auto)
aan hem
μὴ
(me)
niet
λέγετε
(legete)
zeg
Bron: SBLGNT
Uitleg

χαίρειν (chairein), ‘wees gegroet’: letterlijk ‘verheug u’, de gewone groet in een brief (zie Jak. 1:1).

Wie iemand zo begroet, heet in vers 11 deel te hebben aan zijn werken. οἰκία (oikia), ‘huis’: mogelijk het huis waar de gemeente samenkwam; de tekst zegt het niet.

Zie ook Jak. 1:1.

11Want wie tegen hem „Wees gegroet” zegt, heeft gemeenschap met zijn boze werken.
ὁ
(ho)
wie
λέγων
(legon)
zegt
γὰρ
(gar)
want
αὐτῷ
(auto)
aan hem
χαίρειν
(chairein)
wees gegroet
κοινωνεῖ
(koinonei)
heeft gemeenschap
τοῖς
(tois)
met de
ἔργοις
(ergois)
werken
αὐτοῦ
(autou)
zijn
τοῖς
(tois)
de
πονηροῖς
(ponerois)
boze
Bron: SBLGNT
Uitleg

κοινωνέω (koinoneo), ‘gemeenschap hebben met’, ‘deelhebben aan’: verwant aan κοινωνία, ‘gemeenschap’ (1 Joh. 1:3). πονηρός (poneros), ‘boos’.

Lezing

De SBLGNT markeert hier een variant bij de woorden ‘wie … want’ (λέγων γάρ); wij volgen de SBLGNT.

Zie ook1 Joh 1:3

Slot

12Ik heb jullie veel te schrijven, maar ik wilde het niet doen met papier en inkt. Ik hoop bij jullie te komen en van mond tot mond te spreken, zodat jullie vreugde vervuld is.
Πολλὰ
(Polla)
veel
ἔχων
(echon)
hebbend
ὑμῖν
(hymin)
aan jullie
γράφειν
(graphein)
te schrijven
οὐκ
(ouk)
niet
ἐβουλήθην
(eboulethen)
ik wilde
διὰ
(dia)
door
χάρτου
(chartou)
papier
καὶ
(kai)
en
μέλανος
(melanos)
inkt
ἀλλὰ
(alla)
maar
ἐλπίζω
(elpizo)
ik hoop
γενέσθαι
(genesthai)
te komen
πρὸς
(pros)
naar
ὑμᾶς
(hymas)
jullie
καὶ
(kai)
en
στόμα
(stoma)
mond
πρὸς
(pros)
tot
στόμα
(stoma)
mond
λαλῆσαι
(lalesai)
te spreken
ἵνα
(hina)
opdat
ἡ
(he)
de
χαρὰ
(chara)
vreugde
ὑμῶν
(hymon)
jullie
πεπληρωμένη
(pepleromene)
vervuld
ᾖ
(e)
is
Bron: SBLGNT
Uitleg

χάρτης (chartes), ‘papier’: papyrus. μέλαν (melan), ‘inkt’: letterlijk ‘het zwarte’. στόμα πρὸς στόμα (stoma pros stoma), ‘van mond tot mond’: persoonlijk. χαρά (chara), ‘vreugde’: zie 1 Joh. 1:4.

Lezing

De SBLGNT markeert hier varianten bij ‘te komen’ (γενέσθαι), bij ‘jullie’ (ὑμῶν) en bij ‘vervuld is’; wij volgen de SBLGNT.

Zie ook1 Joh 1:4
13De kinderen van jouw uitverkoren zuster groeten je.
Ἀσπάζεταί
(Aspazetai)
groet
σε
(se)
je
τὰ
(ta)
de
τέκνα
(tekna)
kinderen
τῆς
(tes)
van de
ἀδελφῆς
(adelphes)
zuster
σου
(sou)
jouw
τῆς
(tes)
de
ἐκλεκτῆς
(eklektes)
uitverkoren
Bron: SBLGNT
Uitleg

ἀσπάζομαι (aspazomai), ‘groeten’.

Wie met ‘jouw uitverkoren zuster’ bedoeld wordt, zegt de tekst niet; zie vers 1.

Lezing

De SBLGNT markeert hier een variant bij het woord ‘uitverkoren’ (ἐκλεκτῆς); wij volgen de SBLGNT.

Zie ook2 Joh 1:1